Nota van wijziging : Nota van wijziging
36 759 Wijziging van de Wet medische hulpmiddelen in verband met de uitvoering van Verordening (EU) 2024/1860 betreffende de verplichting tot informeren in geval van onderbreking of stopzetting van de levering
Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING
Ontvangen 6 november 2025
Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel I wordt na onderdeel A een onderdeel ingevoegd, luidende:
Aa
Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt «wijst» vervangen door «wordt aangewezen als», vervalt
«aan» en vervalt «De voor de aangemelde instanties verantwoordelijke autoriteit neemt
die verordeningen in acht.».
2. In het tweede lid wordt «De voor de aangemelde instanties aangewezen verantwoordelijke
autoriteit» vervangen door «Onze Minister».
3. In het vierde lid wordt «in artikel 54» vervangen door «artikel 54» en vervalt
«De aangewezen autoriteit neemt die verordeningen in acht».
4. Het vijfde lid vervalt.
B
Artikel I, onderdeel B, wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef van onderdeel B wordt «wordt een artikel» vervangen door «worden twee
artikelen».
2. Na het voorgestelde artikel 9b wordt toegevoegd:
Artikel 9c. Ontheffing
1. Een ontheffing als bedoeld in artikel 59, eerste lid, van Verordening (EU) 2017/745
of artikel 54, eerste lid, van Verordening (EU) 2017/746, kan onder beperkingen worden
verleend. Voorts kunnen er voorschriften aan worden verbonden. De gestelde beperkingen
of voorschriften kunnen worden gewijzigd.
2. Van de toepassing van artikel 59, eerste lid, van Verordening (EU) 2017/745, of
artikel 54, eerste lid, van Verordening (EU) 2017/746, doet Onze Minister zo spoedig
mogelijk mededeling in de Staatscourant.
3. Een verleende ontheffing kan door de bevoegde autoriteit die deze heeft verleend
worden ingetrokken:
a. indien een of meerdere redenen waarom zij is verleend is of zijn vervallen;
b. indien niet meer wordt voldaan aan de vereisten voor de verlening daarvan;
c. bij niet inachtneming van een daaraan verbonden beperking of voorschrift; of
d. indien zich na de verlening zodanige feiten of omstandigheden voordoen dat, indien
deze ten tijde van de verlening bekend waren geweest, de ontheffing niet of niet in
die vorm zou zijn verleend.
C
In artikel I wordt na onderdeel B een onderdeel ingevoegd, luidende:
Ba
In artikel 12, onderdeel c, wordt na «9a» ingevoegd «, 9c, eerste lid,».
Toelichting
Deze nota van wijziging voegt aan artikel I van het voorstel van wet tot wijziging
van de Wet medische hulpmiddelen in verband met de uitvoering van Verordening (EU)
2024/1860 betreffende de verplichting tot informeren in geval van onderbreking of
stopzetting van de levering (hierna: wetsvoorstel) twee onderdelen toe (onderdelen
Aa en Ba). Daarnaast wijzigt deze nota van wijziging artikel I, onderdeel B, van het
wetsvoorstel, onder meer door een nieuw artikel 9c aan de Wet medische hulpmiddelen
(hierna: Wmh) toe te voegen.
Op grond van artikel 59, eerste lid, van Verordening (EU) 2017/745, en artikel 54,
eerste lid, van Verordening (EU) 2017/746 kan een bevoegde autoriteit, in afwijking
van artikel 52 respectievelijk 48, op een naar behoren gemotiveerd verzoek, toestaan
dat op het grondgebied van de betrokken lidstaat een specifiek hulpmiddel in de handel
wordt gebracht of in gebruik wordt genomen waarvoor de in die artikelen bedoelde procedures
niet zijn uitgevoerd. Dit kan alleen indien het gebruik van een specifiek hulpmiddel
in het belang van de volksgezondheid, of de veiligheid of gezondheid van de patiënten
is. Om misverstanden te voorkomen wordt geëxpliciteerd dat een ontheffing onder beperkingen,
onder meer in tijd en plaats, kan worden verleend en dat hieraan voorschriften kunnen
worden verbonden. Voorts wordt geregeld dat de gestelde beperkingen of voorschriften
gewijzigd kunnen worden. Dit is opgenomen in het nieuwe artikel 9c, eerste lid, Wmh
(onderdeel B).
Voorts wordt in het nieuwe artikel 9c, derde lid, Wmh expliciet gemaakt dat een ontheffing
ingetrokken kan worden. In de onderdelen a tot en met d van dit lid zijn de intrekkingsgronden
opgenomen. Ten eerste kan een ontheffing worden ingetrokken indien een of meerdere
redenen waarom zij is verleend is of zijn vervallen, zoals een verminderd risico van
een ziekte waarvoor het hulpmiddel bedoeld is (onderdeel a). Ten tweede kan een ontheffing
worden ingetrokken indien niet meer wordt voldaan aan de vereisten voor de verlening
daarvan, bijvoorbeeld ingeval een gelijkwaardig alternatief met CE-markering op de
markt wordt aangeboden (onderdeel b). Ten derde kan een ontheffing worden ingetrokken
bij niet inachtneming van een daaraan verbonden beperking of voorschrift. Gedacht
kan worden aan het niet nakomen van rapportageverplichtingen of het niet naleven van
beperkingen omtrent afnemers (onderdeel c). Tot slot kan een ontheffing worden ingetrokken
indien zich na de verlening zodanige feiten of omstandigheden voordoen dat, indien
deze ten tijde van de verlening bekend waren geweest, de ontheffing niet of niet in
die vorm zou zijn verleend. Bijvoorbeeld een niet eerder gemeld incident met het hulpmiddel,
waardoor onvolledige informatie is verstrekt (onderdeel d).
Deze nota van wijziging voorziet tevens in de bevoegdheid tot het opleggen van een
last onder dwangsom indien niet aan de beperkingen of voorschriften van een verleende
ontheffing wordt voldaan. Deze bevoegdheid is geregeld in de voorgestelde wijziging
van artikel 12 Wmh (onderdeel C). Met deze wijziging wordt de Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport (hierna: Minister) bevoegd tot oplegging van een last onder dwangsom
ter handhaving van artikel 9c, eerste lid, Wmh.
Gelet op de leesbaarheid van het huidige artikel 8 Wmh, is ervoor gekozen om een aantal
technische wijzigingen door te voeren. Zo wordt de Minister voortaan bij wet aangewezen
als de voor de aangemelde instanties verantwoordelijke autoriteit. Niet langer wordt
ervoor gekozen om de Minister bij regeling aan te wijzen, nu niet de verwachting is
dat een ander dan de Minister moet worden aangewezen. Ook wordt de zin over het in
acht nemen van de verordeningen door de Minister overbodig geacht. Met het oog op
een logische opbouw is voorts ervoor gekozen om de bepalingen omtrent de ontheffing
in een apart artikel onder te brengen. De inhoud van het huidige artikel 8, vijfde
lid, Wmh wordt daarom verplaatst naar het nieuwe artikel 9c, tweede lid, Wmh. Aan
het huidige artikel 8, vijfde lid, Wmh wordt inhoudelijk dus niks gewijzigd. Onderdeel A
van deze nota van wijziging voorziet in de hiervoor genoemde wijzigingen van artikel 8
Wmh.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, J.A. Bruijn
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.A. Bruijn, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.