Stenogram : Verklaring van de minister-president
3 Verklaring van de minister-president
Vergaderjaar 2024-2025
Vergaderingnummer 107
Te raadplegen sinds
2025-09-29Inhoudsopgave
Gerelateerde informatie
Toon alle items in vergaderingHandelingen TK 2024-2025, 107
Verklaring van de minister-president
Aan de orde is de verklaring van de minister-president.
De voorzitter:
Ik heropen. Een hartelijk woord van welkom aan de minister-president. Een hartelijk woord van welkom aan de minister van Defensie. Ik geef graag het woord aan de minister-president voor het afleggen van een verklaring. Het woord is aan hem.
Minister Schoof:
Meneer de voorzitter. Ik besef dat uw Kamer een groot deel van de middag en avond heeft gewacht op de voortzetting van het debat met de minister van Buitenlandse Zaken en dat dit nu niet met minister Veldkamp kan plaatsvinden. De minister van Buitenlandse Zaken heeft aangekondigd de Koning te verzoeken hem met onmiddellijke ingang ontslag te verlenen. Daarna hebben ook de overige NSC-bewindspersonen in de ministerraad gemeld hun ontslag per direct te verzoeken. We hebben deze besluiten te respecteren, maar betreuren ze zeer, zeker in het licht van de verantwoordelijkheid die het kabinet heeft in deze demissionaire fase.
Het kabinet heeft zich vandaag intensief gebogen over de actuele ontwikkelingen in Gaza. Laat ik vooropstellen dat de alsmaar verslechterende situatie in Gaza dramatisch is. Daar is iedereen van doordrongen. We zien allemaal het enorme leed en willen allemaal dat de humanitaire situatie liever gisteren dan vandaag verbetert. Die constatering heeft vandaag echter niet geleid tot een gezamenlijke conclusie tussen de drie partijen.
Het vertrek van de bewindslieden van NSC maakt nader beraad over de ontstane politieke situatie noodzakelijk. Hierover zal het kabinet uw Kamer zo spoedig mogelijk informeren. Wij blijven onderwijl alles doen wat noodzakelijk is in het landsbelang.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer Timmermans.
De heer Timmermans (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Dit is wel een extreem magere verklaring van de minister-president. Ik denk dat onze Kamer behoefte heeft om hier zo snel mogelijk een uitvoerig debat over te voeren, want deze staatsrechtelijke situatie is wat mij betreft uniek; ik heb hem nog niet eerder gezien. Ik zou u willen verzoeken, voorzitter, om zo snel mogelijk een debat in te plannen — als het aan ons ligt kan het maandag al — zodat we dit kunnen ophelderen. De wereld staat in brand. We kunnen ons niet permitteren dat Nederland stuurloos wordt.
De voorzitter:
Helder. Dat is een voorstel. Ik ga kijken of daar een meerderheid voor bestaat.
De heer Wilders (PVV):
Voorzitter. Ik kan dat voorstel ondersteunen. Voor mij hoeft het niet maandag. Als het kabinet tot maandag nodig heeft om een brief te schrijven, dan mag het ook dinsdag. Maar in ieder geval lijkt me in het begin van volgende week een debat zeer geschikt.
De heer Paternotte (D66):
Voorzitter. Voor de tweede keer in drie maanden tijd is een kabinet gevallen. Ik vind de verklaring die de minister-president erover geeft wel heel erg summier, als we een minister van Buitenlandse Zaken hebben die is afgetreden en zegt dat dat komt omdat hij geen steun kreeg voor maatregelen. Dus ja, er moet een debat komen. Ik zou u willen vragen om ook de beide vicepremiers nadrukkelijk uit te nodigen bij dat debat, dus de beide overgebleven vicepremiers. Het lijkt me verstandig om dat debat wel degelijk op maandag in te plannen.
De heer Diederik van Dijk (SGP):
Er is duidelijk sprake van een zeer complexe situatie. Ik denk dat het allereerst van belang is dat we allemaal, zowel Kamer als kabinet, even kalmte en rust bewaren. Dus ik steun absoluut een debat over de ontstane situatie. Het is logisch om het volgende week te doen, maar het hoeft niet per se op maandag. Laten we ook eventjes elkaar enigszins de tijd gunnen, ook het kabinet, tot het stof iets is neergedaald.
De heer Boswijk (CDA):
Voorzitter. Ik sluit me aan bij de collega van de SGP. Ik denk dat ons land nu inderdaad rust nodig heeft. Laten we er niet te lang mee wachten, maar als het dinsdag zou kunnen, is dat wat ons betreft ook goed. Voor de rest heel veel wijsheid toegewenst.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter. Wat mij betreft is het feit dat dit kabinet het niet eens is geworden over aanvullende maatregelen tegen Israël een teken aan de wand dat ze allemaal weg moeten. Want niks doen tegen een genocide is een schandalige misdaad. Wat mij betreft kunnen we daar vanavond nog over debatteren. Als de Kamer zegt dat dat volgende week moet: oké. Maar wat mij betreft doen we het vanavond nog met deze minister-president. Ik wil verantwoording over het feit dat dit kabinet wegkijkt en niks doet tegen een genocide.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Voorzitter. De situatie die ontstaan is, is zeer te betreuren. Het is slecht voor ons land dat het schip van staat steeds langzamer vaart en dat er steeds minder bewindspersonen in vak K zitten. Ik vind het heel belangrijk dat hier goed over gesproken wordt, maar ook dat vooruit wordt gekeken naar wat dit voor de komende tijd betekent. Ik vraag het kabinet om dat nader uiteen te zetten, zodat we daar een geordend debat over kunnen voeren. Volgens mij zegt het Reglement van Orde in artikel 11.1, uit mijn hoofd, dat er in tijden van crisis ook even gekeken moet worden op welke manier het kabinet vorm krijgt. Dit is namelijk een wel heel uitzonderlijke situatie. Dat het kabinet het hier niet over eens kan worden, terwijl de wereld in brand staat, is uiterst zorgwekkend. Maar steun voor het voorstel van collega Timmermans.
De voorzitter:
Dat wilde ik even horen.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Ik vond de verklaring van de minister-president heel summier. Je zou verwachten dat er meteen duidelijkheid wordt gegeven over hoe dat gegaan is. Wie hebben maatregelen tegen deze genocide geblokkeerd? Ik kan dat wel raden, hoor. Daar zit er een. Ik vraag me ook af waar mevrouw Yeşilgöz is. Het is haar kabinet dat voor de tweede keer valt. Ik vind het eigenlijk beschamend. Dus steun voor het debat. Maar we moeten ons kapot schamen, hoor.
De voorzitter:
Heeft u nog een voorkeur voor een dag? Daar zeggen sommige mensen ook iets over.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Bij voorkeur vanavond al, of zo snel mogelijk volgende week.
Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):
Voorzitter. Er is heel veel gebeurd. Ik denk dat het goed is om daar met elkaar op te kauwen. Ik ben ook blij dat we dat hier in het openbaar met elkaar kunnen doen. Gezien alles wat er gebeurd is, denk ik dat het goed is als de beide vicepremiers er ook bij zitten. Wat ons betreft het liefst een debat begin volgende week. Dinsdag is prima.
De heer Van der Burg (VVD):
Verbijsterend, voorzitter, wat er vanavond is gebeurd. Verbijsterend hoe NSC zich terugtrekt en daarmee het landsbestuur in een grote puinhoop achterlaat. Dat gezegd hebbend is het volgens mij goed, voorzitter, op een moment daarover te gaan praten. Laten we dat begin volgende week doen. Geen voorkeur voor de maandag of de dinsdag.
De heer Vermeer (BBB):
Voorzitter. Wij moeten door. Dit kabinet moet door voor Nederland. Er is genoeg om op te lossen. Prima om een debat te voeren, maar we moeten echt de rust bewaren en de zittende bewindspersonen wat tijd geven om te bepalen op welke manier zij verder willen en verder kunnen. Wat mij betreft dus niet voor dinsdag.
De voorzitter:
Niet vóór dinsdag dus. De heer Dijk.
De heer Dijk (SP):
Voorzitter. Dat de VVD hier nu al een zwartepietspelletje aan het spelen is, is echt schandalig. Het is echt schandalig dat dit nu al gebeurt. De NSC-fractie roffelt op de bankjes, maar dit was niet per se als compliment voor NSC bedoeld. Dit is de zoveelste kabinetscrisis opeen die afleidt van de problemen die opgelost moeten worden. Ik zei het een uur geleden ook al: ik vind het prima om begin volgende week een debat te hebben over de ontstane situatie in het kabinet, maar ik vind het daadwerkelijk schandalig dat over iets existentieels als een genocide in Gaza op dit moment weer moeilijk een debat gevoerd kan worden. Dat gaan we zo wel doen, maar ik vind dit beschamend. De minister-president zou zich dit veel meer moeten aantrekken dan drie zinnen te zeggen over waarom zijn kabinet voor de zoveelste keer is gevallen. Nu gebeurt dat nog een keer over zoiets existentieels als een genocide in Gaza, waar geen maatregelen tegen komen. Dat moet u zich echt gaan aantrekken.
De heer Van Houwelingen (FVD):
Steun. Laten we het vooral eens hebben over de problemen in ons eigen land. Die hebben we namelijk genoeg.
De voorzitter:
Er is nog geen specifieke meerderheid voor maandag of dinsdag. In ieder geval is duidelijk dat er begin volgende week een debat is. De heer Paternotte nog.
De heer Paternotte (D66):
Voorzitter. We hebben net geconstateerd dat er een chaos is ontstaan. Er wordt hier al met modder gesmeten over wie daar de oorzaak van is. Dat moet niet langer duren dan nodig. Maandag is dus wat ons betreft wel echt het laatste moment.
De voorzitter:
Helder.
De heer Paternotte (D66):
Maar ik wil een ander verzoek aan u doen. We hopen dat u zo meteen kunt constateren dat er een debat gaat komen. We hebben zo meteen nog een tweeminutendebat waarin er van het kabinet oordelen moeten komen over allerlei voorstellen die gedaan zijn over de situatie in Gaza. Ik zou willen vragen om de minister-president daarbij wel aanwezig te laten zijn, ook al wordt daarbij door een andere minister de beantwoording geleverd. En ik wil u vragen om even vijf minuten te schorsen voordat we overgaan op het tweeminutendebat.
De voorzitter:
De beslissing is dat de minister-president niet aanwezig zal zijn bij het restant van het tweeminutendebat. Dat is wat het is. Maar als u vijf minuten wil schorsen, schorsen wij bij dezen vijf minuten.
De heer Paternotte (D66):
Als de beslissing is dat de minister-president niet aanwezig is, zou ik u willen vragen, ook richting de minister-president, of hij wel aanwezig kan blijven.
De voorzitter:
Kijk, eerder is besloten dat de minister-president hier niet bij aanwezig zou zijn. Als de minister-president bij dit debat wordt uitgenodigd, is de volgende stap dat hij vragen moet beantwoorden. Dan wordt het toch een ander debat.
De heer Timmermans (GroenLinks-PvdA):
Zoals u terecht zegt, voorzitter, gaat het kabinet zelf over zijn afvaardiging. Er is een verzoek vanuit deze Kamer aan de minister-president om aanwezig te blijven. Ik denk dat hij de Kamer daarin tegemoet zou kunnen komen.
De voorzitter:
Ik stel wel vast dat we maandag of dinsdag een uitgebreid debat hebben en dat we dan uitgebreid gaan praten over de gerezen situatie. Het is een verzoek vanuit de Kamer, dus het staat de minister-president vrij om daarmee te doen wat hij wil.
Dan schors ik op verzoek van de heer Paternotte een paar minuten. Daarna gaan we beginnen aan het restant van het tweeminutendebat.
De vergadering wordt van 22.15 uur tot 22.23 uur geschorst.