Memorie van toelichting : Memorie van toelichting
36 820 V Wijziging van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken voor het jaar 2025 (suppletoire begroting september)
Nr. 2
MEMORIE VAN TOELICHTING
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikelen 1 tot en met 3
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van
artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld
en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar
2025 wijzigingen aan te brengen in de departementale begrotingsstaat van het Ministerie
van Buitenlandse Zaken.
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van
deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).
De Minister van Buitenlandse Zaken, D.M.van Weel
B. BEGROTINGSTOELICHTING
1. Leeswijzer
De voorliggende suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte
van de Eerste suppletoire begroting 2025 van hoofdstuk V van de begroting van het
Rijk.
Hoofdstuk 2 bevat per beleidsartikel een tabel budgettaire gevolgen van beleid. Na
de tabel «budgettaire gevolgen van beleid» wordt een toelichting op de mutaties gegeven.
Hierbij worden per artikel de mutaties die groter of gelijk zijn aan de ondergrenzen
in onderstaande staffel (tabel 1) conform de Rijksbegrotingsvoorschriften toegelicht.
De wijzigingen van de verplichtingen worden alleen toegelicht wanneer ze groter zijn
dan 10% ten opzichte van de vorige stand op artikelniveau.
Tabel 1 Ondergrenzen conform RBV
Omvang begrotingsartikel (stand ontwerpbegroting) in € miljoen
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)
Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)
< 50
1
2
=> 50 en < 200
2
4
=> 200 en < 1.000
5
10
=> 1.000
10
20
CW3.1 kader
In de Voorjaarsnota is aangekondigd dat een CW3.1 kader over huisvesting aan de Kamer
zou worden gestuurd op Prinsjesdag. De budgettaire consequenties zijn nog niet volledig
duidelijk waardoor het niet haalbaar is om dit kader mee te sturen met de Miljoenennota.
BZ streeft ernaar om het kader met de stukken voor de Voorjaarsnota 2026 te sturen.
2. Beleidsartikelen
2.1. Artikel 1 Versterkte Internationale Rechtsorde
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 2 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 Versterkte Internationale Rechtsorde
(bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
127.901
4.036
131.937
Uitgaven
125.119
3.372
128.491
1.1
Goed functionerende internationale instellingen met een breed draagvlak
59.613
0
59.613
Subsidies (regelingen)
1.550
0
1.550
Internationaal recht
1.550
0
1.550
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
58.063
0
58.063
Verenigde Naties
40.150
0
40.150
OESO
9.673
0
9.673
Internationaal Strafhof
5.240
0
5.240
Internationaal recht
3.000
0
3.000
1.2
Bescherming en bevordering van mensenrechten
51.911
0
51.911
Subsidies (regelingen)
16.722
0
16.722
Mensenrechtenfonds
16.722
0
16.722
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
35.189
0
35.189
Mensenrechtenfonds
27.689
0
27.689
Mensenrechten multilateraal
7.500
0
7.500
1.3
Gastandbeleid internationale organisaties
13.595
3.372
16.967
Subsidies (regelingen)
11.680
3.372
15.052
Carnegiestichting
7.130
0
7.130
Vredespaleis
4.550
3.372
7.922
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
1.915
0
1.915
Internationaal Strafhof
725
0
725
Nederland Gastland
1.190
0
1.190
Ontvangsten
0
0
0
Toelichting
Artikel 1.3
Doordat de kosten van het noodzakelijke onderhoud van het Vredespaleis de komende
jaren hoger zijn dan initieel was geraamd zijn er budget tekorten in 2025 t/m 2028.
Om de tekorten in 2025 en 2026 op te lossen zijn er kasschuiven vanuit de eigen begroting
gemaakt vanuit 2029 en 2030.
2.2. Artikel 2 Veiligheid en Stabiliteit
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 3 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 2 Veiligheid en Stabiliteit (bedragen
x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
365.803
– 31.976
333.827
Uitgaven
404.148
– 31.401
372.747
2.1
Goede internationale samenwerking ter bevordering van de eigen en bondgenootschappelijke
veiligheid
62.565
535
63.100
Subsidies (regelingen)
964
0
964
Atlantische Commissie
964
0
964
Opdrachten
38.900
0
38.900
NAVO-top Nederland 2025
38.900
0
38.900
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
22.701
535
23.236
NAVO
15.593
0
15.593
WEU
830
0
830
Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid
2.428
0
2.428
Veiligheidsfonds
3.850
535
4.385
2.2
Bestrijding internationale criminaliteit en terrorisme
7.581
– 150
7.431
Subsidies (regelingen)
5.929
– 150
5.779
Anti-terrorisme instituut
500
0
500
Contra-terrorisme
2.147
– 150
1.997
Cyber security
3.032
0
3.032
Global Forum on Cyber Expertise
250
0
250
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
1.652
0
1.652
Contra-terrorisme
180
0
180
Cyber security
1.472
0
1.472
2.3
Wapenbeheersing
11.775
0
11.775
Opdrachten
623
0
623
OPCW en andere ontwapeningsorganisaties
547
0
547
Conferentie REAIM en follow up
76
0
76
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
11.152
0
11.152
IAEA
7.592
0
7.592
OPCW en andere ontwapeningsorganisaties
1.560
0
1.560
CTBTO
2.000
0
2.000
2.4
Bevordering van veiligheid, stabiliteit en rechtsorde in internationaal verband
152.205
1.114
153.319
Subsidies (regelingen)
28.353
0
28.353
Nederland Helsinki Comité
28
0
28
Stabiliteitsfonds
25.000
0
25.000
Training buitenlandse diplomaten
3.325
0
3.325
Opdrachten
4.083
0
4.083
Makandra
4.083
0
4.083
Bijdrage aan agentschappen
162
0
162
Makandra
162
0
162
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
119.607
0
119.607
OVSE
6.250
0
6.250
Stabiliteitsfonds
40.173
0
40.173
VN-contributie voor crisisbeheersingsoperaties
72.553
0
72.553
Tegengaan internationale georganiseerde criminaliteit
631
0
631
Nog te verdelen
0
1.114
1.114
Nog te verdelen
0
1.114
1.114
2.5
Bevordering van transitie in prioritaire gebieden
29.622
0
29.622
Subsidies (regelingen)
17.042
0
17.042
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen MATRA
13.040
0
13.040
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen Shiraka
4.002
0
4.002
Opdrachten
4.305
0
4.305
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen Shiraka
4.305
0
4.305
Bijdrage aan agentschappen
1.055
0
1.055
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen Shiraka
681
0
681
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen MATRA
374
0
374
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
7.220
0
7.220
Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen Shiraka
7.220
0
7.220
2.6
Oekraine (V)
140.400
– 32.900
107.500
Subsidies (regelingen)
34.964
– 32.900
2.064
Nederland gastlandzaken t.b.v. Oekraine
33.900
– 32.900
1.000
Accountability Oekraïne
1.064
0
1.064
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
105.436
0
105.436
Accountability Oekraine
10.436
0
10.436
Humanitaire ontmijning
10.000
0
10.000
NAVO Ukraine Comprehensive Assistance Package (UCAP) TF
75.000
0
75.000
Versterken cyberweerbaarheid Oekraïne
10.000
0
10.000
Nog te verdelen
0
0
0
Ontvangsten
1.000
0
1.000
Tabel 4 Budgettaire gevolgen van beleid – uitsplitsing ontvangsten artikel 2 Veiligheid
en Stabiliteit (bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Ontvangsten
1.000
0
1.000
2.40
Restituties programma's
1.000
0
1.000
Restituties programma's
1.000
0
1.000
Restituties programma's
1.000
0
1.000
Toelichting
Artikel 2.6
Het budget van artikel 2.5 Oekraïne daalt in 2025 en 2026 en stijgt in 2027 als gevolg
van een kasschuif van het budget voor de verbouwing van het in Nederland te vestigen
agressietribunaal voor Oekraïne. Dit heeft ook effect op het verplichtingenbudget
van artikel 2.
2.3. Artikel 3 Effectieve Europese Samenwerking
Budgettaire gevolgen van beleid
Tabel 5 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 3 Effectieve Europese Samenwerking
(bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
11.134.654
357.611
11.492.265
Uitgaven
11.406.084
357.611
11.763.695
3.1
Afdrachten aan de Europese Unie
6.505.182
239.150
6.744.332
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
6.505.182
239.150
6.744.332
BNI-afdrachten
4.719.942
289.088
5.009.030
BTW-afdrachten
1.527.720
– 28.427
1.499.293
Plastic-grondslag
257.520
– 21.511
236.009
3.2
Europees Ontwikkelingsfonds
38.644
0
38.644
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
38.644
0
38.644
Europees Ontwikkelingsfonds
38.644
0
38.644
3.3
Een hechtere Europese waardengemeenschap
23.984
0
23.984
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
23.984
0
23.984
Raad van Europa
16.723
0
16.723
Kapitaalaanvullingen bij regionale ontwikkelingsbank
7.261
0
7.261
3.4
Versterkte Nederlandse positie in de Unie
7.023
0
7.023
Subsidies (regelingen)
348
0
348
EIPA
348
0
348
Opdrachten
1.625
0
1.625
Europa College beurzenprogramma
190
0
190
EU-sanctiebeleid
1.435
0
1.435
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
5.050
0
5.050
Benelux bijdrage
5.050
0
5.050
3.5
Europese Vredesfaciliteit
267.046
0
267.046
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
267.046
0
267.046
Europese Vredesfaciliteit
267.046
0
267.046
3.6
Invoerrechten aan de Europese Unie
4.564.205
118.461
4.682.666
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
4.564.205
118.461
4.682.666
Invoerrechten
4.564.205
118.461
4.682.666
Ontvangsten
2.326.392
63.788
2.390.180
Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid – uitsplitsing ontvangsten artikel 3 Effectieve
Europese Samenwerking (bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Ontvangsten
2.326.392
63.788
2.390.180
3.10
Diverse ontvangsten EU
1.141.041
63.788
1.204.829
Diverse ontvangsten EU
1.141.041
63.788
1.204.829
Invoerrechten
1.141.041
29.330
1.170.371
Overige ontvangsten EU
0
34.458
34.458
3.11
Europees herstelfonds
1.185.101
0
1.185.101
Europees herstelfonds
1.185.101
0
1.185.101
Europees herstelfonds
1.185.101
0
1.185.101
3.30
Restitutie Raad van Europa
250
0
250
Restitutie Raad van Europa
250
0
250
Restitutie Raad van Europa
250
0
250
Toelichting
Uitgaven
Artikelonderdeel 3.1
Technische aanpassingen
Ieder jaar doet de Commissie, conform artikel 4 van de MFK-verordening, een aantal
technische aanpassingen aan het MFK die gevolgen hebben voor de MFK-plafonds en de
inzet van speciale instrumenten.
De raming van de Nederlandse EU-afdrachten is gebaseerd op het maximale MFK-betalingenplafond
en de maximale inzet van de speciale instrumenten bij het MFK. In het voorstel voor
de EU-jaarbegroting voor 2026 wordt net als 2025 het verwachte betalingenniveau onder
het MFK-betalingenplafond voorgesteld. De Commissie raamt de betalingen op EU-niveau
ca. EUR 21,8 miljard onder het maximale MFK-betalingenplafond zoals opgenomen in de
raming van de Nederlandse afdrachten aan de EU-begroting. Om een realistisch beeld
te schetsen van de te verwachten Nederlandse afdracht aan de Unie wordt de raming
hierop aangepast. Dit leidt vooruitlopend op het uiteindelijke akkoord over de EU-begroting
voor 2026 tot een lagere Nederlandse raming van EUR 0,9 miljard euro in 2026.
Ook worden in de technische aanpassing ook de speciale instrumenten en de boete-opbrengsten
geactualiseerd. Deze aanpassingen hebben gevolgen voor het MFK-betalingenplafond.
Deze aanpassing heeft een opwaarts effect op de raming van de Nederlandse bni-afdracht
van EUR 29 miljoen in 2025 en een neerwaarts effect van EUR 57 miljoen in 2026 en
EUR 71 miljoen in 2027.
Ten slotte vindt een kasschuif plaats voor de Oekraïne reserve van EUR 58 miljoen
vanuit 2025 naar 2027.
DAB 22025 (lenteraming)
In de DAB2 2025 actualiseert de Commissie de begroting onder meer op basis van de
meest recente economische ramingen voor de eigen middelen, die zijn vastgesteld in
het Advisory Committee on Own Resources (ACOR). Dit heeft een effect op de raming
van de invoerrechten en de plastic-, btw- en bni-afdracht.
De raming van de bni-afdracht stijgt met EUR 126 miljoen in 2025. Het Nederlandse
bni-aandeel wordt geraamd op 6,4%. Dit leidt tot een stijging van de bni-afdracht.
Als gevolg van ACOR liggen de Nederlandse grondslagen voor de btw- en plastic-afdracht
lager dan eerder verwacht, wat leidt tot een neerwaartse bijstelling. Ook op EU-niveau
liggen de grondslagen voor btw en plastic lager, dit leidt tot een hogere bni-afdracht.
De Commissie raamt ook lagere invoerrechten als gevolg van ontwikkelingen in de handel.
Dit leidt tot een stijging in de bni-afdracht omdat de bni-afdracht de sluitpost van
de Europese begroting is.
In de DAB2 2025 actualiseert de Commissie ook de verwachte Nederlandse VK-bijdrage
uit hoofde van het Terugtrekkingsakkoord en de overige ontvangsten (boete-inkomsten).
Deze bijdrage valt voor 2025 lager uit dan waar in de raming van de Nederlandse EU-afdrachten
rekening mee werd gehouden. Dit leidt tot een hogere bni-afdracht (EUR 1,6 miljoen
in 2025).
Verwerking Europese ontwerpbegroting 2026
De Commissie actualiseert in de jaarbegroting voor 2026 ook de cijfers voor de bni-kortingen
die Nederland en enkele andere lidstaten ontvangen op de bni-afdracht op basis van
de meest recente deflator voor het bbp, zoals vastgelegd in het Eigenmiddelenbesluit.
Dit leidt tot een verlaging van de raming van de bni-afdracht van circa EUR 16 miljoen
per jaar van 2026 t/m 2030.
Artikelonderdeel 3.6
Als gevolg van een bijstelling van de raming van de invoerrechten op basis van de MEV-cijfers
is de raming voor de EU-invoerrechten met EUR 108 miljoen naar boven bijgesteld voor
2025. Deze bijstelling heeft ook een meerjarig effect dat verwerkt is in de begroting.
Daarnaast zijn er nabetalingen gedaan over de Traditionele Eigen Middelen (TEM). Dit
leidt tot een opwaartse bijstelling van de raming met EUR 10,4 miljoen in 2025.
Ontvangsten
Artikelonderdeel 3.10
Als gevolg van een bijstelling van de raming van de invoerrechten op basis van de MEV-cijfers
stijgt de perceptiekostenvergoeding en daarmee de ontvangsten met EUR 27 miljoen in
2025. De bijstelling van de raming heeft ook een meerjarig effect dat verwerkt is in
de begroting.
Daarnaast krijgt Nederland EUR 34,2 miljoen terug als gevolg van de verrekening van
het onder voorbehoud betaalde voorschot op invoerrechten van de Lage Waarde Textiel
en Schoenen casus. Ook heeft Nederland op nog twee kleinere casussen ongeveer EUR
0,2 miljoen terugontvangen. Deze bedragen worden in mindering gebracht op de maandelijkse
afdrachten.
2.4. Artikel 4 Consulaire dienstverlening en uitdragen Nederlandse waarden
Tabel 7 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 Consulaire dienstverlening en uitdragen
Nederlandse waarden (bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
54.666
– 3.785
50.881
Uitgaven
51.806
1.050
52.856
4.1
Consulaire dienstverlening Nederlanders in het buitenland
13.767
– 173
13.594
Subsidies (regelingen)
1.550
0
1.550
Gedetineerdenbegeleiding
1.550
0
1.550
Inkomensoverdrachten
540
0
540
Gedetineerdenbegeleiding
540
0
540
Opdrachten
11.677
– 173
11.504
Consulaire bijstand
384
0
384
Reisdocumenten en verkiezingen
4.802
– 173
4.629
Consulaire opleidingen
400
0
400
Consulaire informatiesystemen
6.091
0
6.091
4.2
Samen met (keten)partners het personenverkeer reguleren
11.918
0
11.918
Opdrachten
10.218
0
10.218
Ambtsberichtenonderzoek
150
0
150
Visumverlening
1.850
0
1.850
Legalisatie en verificatie
80
0
80
Consulaire informatiesystemen
8.138
0
8.138
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
1.700
0
1.700
Bijdragen asiel en migratie
1.700
0
1.700
4.3
Grotere buitenlandse bekendheid met de Nederlandse cultuur
6.069
0
6.069
Subsidies (regelingen)
3.002
0
3.002
Internationaal cultuurbeleid
3.002
0
3.002
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
3.067
0
3.067
Internationaal cultuurbeleid
3.067
0
3.067
4.4
Uitdragen Nederlandse waarden en belangen
20.052
1.223
21.275
Subsidies (regelingen)
5.860
– 27
5.833
Instituut Clingendael
250
0
250
Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid
2.958
87
3.045
Internationale manifestaties en diverse bijdragen
71
0
71
Publieksdiplomatie
2.147
0
2.147
Onderzoeksprogramma
100
0
100
Academische Leerstoel Anton de Kom
220
0
220
Opvolging excuses Slavernijverleden
114
– 114
0
Opdrachten
12.014
1.250
13.264
Adviesraad Internationale Vraagstukken
628
0
628
Instituut Clingendael
2.250
0
2.250
Bezoeken VIPS en uitgaven CD en Internationale organisaties
1.000
0
1.000
Algemene voorlichting
2.790
0
2.790
Koninklijk Huis ¿ inkomende en uitgaande bezoeken, officiële ontvangsten
2.500
0
2.500
Onderzoeksprogramma
2.671
1.250
3.921
Kennisplatform Oost-Europa
175
0
175
Bijdrage aan agentschappen
400
0
400
Verkeersnotificaties
400
0
400
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties
1.778
0
1.778
Europese bewustwording
250
0
250
Publieksdiplomatie
1.528
0
1.528
Ontvangsten
91.465
0
91.465
Toelichting
Artikel 4.4t
Onder artikel 4.4 Uitdragen Nederlandse waarden en belangen vindt de overheveling jaarlijkse bijdrage van EUR 1,25 miljoen van DEF naar BZ plaats.
Dit betreft de gezamenlijke uitgaven aan Clingendael/HCSS in het project Progress
3.0 die loopt van 2025 t/m 2028.
3. Niet-beleidsartikelen
3.1. Artikel 6 HGIS onverdeeld
Tabel 8 HGIS onverdeeld (Bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties suppletoire begroting september (2)
Stand suppletoire begroting september (3) = (1) + (2)
Art.
Verplichtingen
4.734
6.268
11.002
Uitgaven
4.734
6.268
11.002
6.1
Nog onverdeeld (HGIS)
4.734
6.268
11.002
Nog onverdeeld (HGIS)
4.734
6.268
11.002
Nog onverdeeld (HGIS)
4.734
6.268
11.002
Ontvangsten
0
0
0
Toelichting
Op dit artikel worden uitgaven verantwoord die samenhangen met de HGIS-indexering
en HGIS-besluitvorming bij Voorjaarsnota. Op basis van de prijsontwikkeling van het
Bruto Binnenlands Product (BBP) wordt het HGIS non-ODA budget geïndexeerd. De indexatie
wordt verwerkt op dit artikel. Het geraamde budget op dit artikel is met name bedoeld
voor het uitkeren van loon- en prijsbijstelling binnen de HGIS en voor incidentele initiatieven
of tegenvallers binnen de HGIS.
3.2. Apparaat
Tabel 9 Apparaat (Bedragen x € 1.000)
Stand eerste suppletoire begroting (incl. amendementen en NvW) (1)
Mutaties ISBs na 1ste supp (2)
Mutaties Suppletoire begroting september (3)
Stand suppletoire begroting september (4) = (1) + (2) + (3)
2025
2025
2025
2025
Verplichtingen
1.078.785
–
– 11.164
1.067.621
Uitgaven
1.078.785
–
– 11.164
1.067.621
7.1.13
Personele uitgaven
740.271
–
38
740.309
Eigen personeel
596.888
– 5.891
590.997
Inhuur externen
55.900
4.100
60.000
Overige personele uitgaven
87.483
1.829
89.312
7.1.14
Materiele uitgaven
338.514
–
– 11.202
327.312
ICT
72.877
– 70
72.807
Bijdrage aan SSO's
64.661
–
64.661
Overige materiële uitgaven
200.976
– 11.132
189.844
7.2
Koersverschillen
–
–
–
–
Ontvangsten
88.371
0
–
88.371
7.11
Koersverschillen
–
–
–
–
Toelichting
De uitgaven op apparaat dalen in 2025 met EUR 11 miljoen door vertragingen op investeringen
in huisvesting in het buitenland.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.