Inbreng verslag schriftelijk overleg : Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over de geannoteerde agenda van de informele Visserijraad 28 en 29 juli 2026
2026D37128 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
Binnen de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur hebben
de onderstaande fracties de behoefte vragen en opmerkingen voor te leggen aan de Minister
van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over zijn brief van 15 juli 2026
over «Geannoteerde agenda van de informele Visserijraad 28 en 29 juli 2026» (Kamerstuk
2026D36839).
De voorzitter van de commissie,
Steen
De adjunct-griffier van de commissie,
Bosman
Inhoudsopgave
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
II
Antwoord/Reactie van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
III
Volledige agenda
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de geannoteerde
agenda van de informele Visserijraad van 28 en 29 juli 2026. Deze leden hebben hierover
nog enkele vragen en opmerkingen.
De leden van de D66-fractie zijn positief over het feit dat generatievernieuwing het
centrale thema is van deze informele Raad. Deze leden delen de opvatting dat jonge
vissers onmisbaar zijn voor een duurzame en toekomstbestendige visserijsector. Zij
vragen de Staatssecretaris om nader toe te lichten hoe hij tijdens de Raad zal bepleiten
dat generatievernieuwing hand in hand gaat met verduurzaming van de vloot, zoals de
energietransitie en verbetering van arbeids- en veiligheidsomstandigheden aan boord.
De leden van de D66-fractie volgen de onderhandelingen over de sectorale verordening
voor visserij, aquacultuur en het Europees Oceaanpact met belangstelling. Deze leden
vragen de Staatssecretaris een actueel beeld te geven van het krachtenveld in de Raad
ten aanzien van het compromisvoorstel van het Iers voorzitterschap. Zij hechten eraan
dat eventuele steun voor nieuwe vissersvaartuigen strikt gekoppeld blijft aan verduurzaming,
veiligheid en generatievernieuwing en niet leidt tot overcapaciteit of extra visserijdruk.
Zij vragen de Staatssecretaris of hij de zorgen deelt die binnen de Raad bestaan over
de uitwerking van het Do No Significant Harm-principe en de volledige omzetting van
de Wereldhandelsorganisatie (WTO)-afspraken over visserijsubsidies en hoe het kabinet
zich hierin gaat opstellen.
De leden van de D66-fractie vragen tot slot hoe de Staatssecretaris tijdens deze informele
Raad de Nederlandse inbreng voor de «Visie 2040 voor Visserij en Aquacultuur» zal
inbrengen en of hij verwacht dat de door Nederland bepleite prioriteiten op voldoende
steun van andere lidstaten en het Iers voorzitterschap kunnen rekenen.
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van de geannoteerde
agenda van de informele Visserijraad van 28 en 29 juli 2026 en de onderliggende stukken.
Deze leden hebben hierover nog enkele vragen.
Generatievernieuwing
De leden van de VVD-fractie onderschrijven het belang van generatievernieuwing voor
een toekomstbestendige Nederlandse visserijsector. Deze leden delen het belang dat
de sector aantrekkelijk blijft voor een nieuwe generatie vissers en lezen dat Nederland
zich hiervoor onder meer inzet via het Koepelplan Onderwijs. Kan de Staatssecretaris
toelichten welke concrete resultaten hij van deze inzet verwacht en hoe deze volgens
hem zal bijdragen aan het aantrekken en behouden van een nieuwe generatie vissers?
De leden van de VVD-fractie ontvangen signalen uit de sector dat de Europese harmonisatie
van opleidingseisen en certificering voor de zeevisserij achterblijft bij die van
de zeevaart. Deze leden begrijpen dat een aantrekkelijk toekomstperspectief voor jonge
vissers ook vraagt om een goed en internationaal herkenbaar opleidings- en certificeringssysteem.
Kan de Staatssecretaris aangeven hoe hij deze signalen beoordeelt? Ziet hij mogelijkheden
om zich in Europees verband in te zetten voor verdere harmonisatie van de STCW-F-standaarden
en de wederzijdse erkenning van vaarbevoegdheden binnen de zeevisserij?
Toekomstperspectief van de visserijsector
De leden van de VVD-fractie onderschrijven de Nederlandse inzet voor de Visie 2040
voor Visserij en Aquacultuur. Deze leden delen het belang van een economisch sterke
en toekomstbestendige visserijsector, met oog voor een gezond verdienvermogen, voedselzekerheid
en ruimte voor innovatie. Kan de Staatssecretaris aangeven op welke onderdelen van
deze inzet Nederland tijdens de informele Visserijraad de nadruk zal leggen?
De leden van de VVD-fractie ontvangen daarnaast signalen uit de sector dat de huidige
Europese capaciteitssystematiek (GT/kW) onvoldoende aansluit bij de investeringen
die noodzakelijk zijn voor moderne, veilige en duurzame vissersschepen. Investeringen
in veiligheid, bemanningsvoorzieningen en alternatieve brandstoffen vragen in de praktijk
om meer ruimte, zonder dat dit automatisch leidt tot een grotere vangstcapaciteit.
Kan de Staatssecretaris aangeven hoe hij deze signalen beoordeelt? Ziet hij mogelijkheden
om in Europees verband te bezien of de huidige capaciteitssystematiek nog voldoende
aansluit bij de doelstellingen van vlootmodernisering en de energietransitie?
Visserijakkoorden met derde landen
De leden van de VVD-fractie lezen in het verslag van de vorige Landbouw- en Visserijraad
dat Nederland de zorgen over de onderhandelingen met Mauritanië heeft onderschreven.
Deze leden vinden dat een sterke Europese visserijsector vraagt om stabiele en duurzame
visserijakkoorden met derde landen, die bijdragen aan voedselzekerheid, een gelijk
speelveld en de concurrentiekracht van de Europese visserij. Kan de Staatssecretaris
aangeven wat de actuele stand van zaken is van deze onderhandelingen? Welke inzet
kiest Nederland om te komen tot een duurzaam en economisch aantrekkelijk akkoord?
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben de geannoteerde agenda van de informele landbouw-
en visserijraad met interesse gelezen en hebben daarover een aantal vragen en opmerkingen.
De leden van de BBB-fractie constateren dat de Europese Commissie (EC) in de evaluatie
van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB) heeft aangegeven dat de doelstellingen
van de aanlandplicht niet zijn gehaald. Tegelijkertijd erkennen veel lidstaten dat
de aanlandplicht in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is en dat uitsluitend inzetten
op meer controle en handhaving geen oplossing biedt. Nederland heeft tijdens de Landbouw-
en Visserijraad aangegeven dat de aanlandplicht effectiever moet worden gemaakt en
werkt aan een AI-systeem voor automatische vangstregistratie. Kan de Staatssecretaris
aangeven of Nederland zich er tijdens de komende Visserijraad actief voor zal inzetten
om de afschaffing van de huidige aanlandplicht tot prioriteit te maken binnen de evaluatie
van het GVB, zodat wordt gekomen tot een uitvoerbaar systeem dat beter aansluit bij
de praktijk van de visserij?
De leden van de BBB-fractie vragen tevens wat de actuele stand van zaken is van het
Nederlandse onderzoek naar de terugkeer van de pulsvisserij. Kan de Staatssecretaris
aangeven of hierover inmiddels gesprekken plaatsvinden met de EC en andere lidstaten?
De leden van de BBB-fractie vragen voorts hoe de onderhandelingen met derde landen
over de vangstmogelijkheden verlopen. Kan de Staatssecretaris aangeven welke inzet
Nederland daarbij kiest, hoe wordt ingezet op behoud van de historische verdeelsleutels
en welke risico’s hij ziet voor de Nederlandse visserij indien tijdig geen evenwichtige
akkoorden worden bereikt?
De leden van de BBB-fractie constateren dat in de onderhandelingen over het nieuwe
Europese fonds voor visserij en aquacultuur (2028–2034) wordt gesproken over het opnieuw
mogelijk maken van steun voor investeringen in vissersvaartuigen, waaronder de bouw
van nieuwe, veiligere en energiezuinigere schepen. Kan de Staatssecretaris aangeven
wat de Nederlandse inzet op dit punt is? Steunt Nederland het voorstel om onder voorwaarden
Europese steun voor nieuwbouw van vissersvaartuigen mogelijk te maken?
De leden van de BBB-fractie constateren dat een groot deel van de Nederlandse vissersvloot
inmiddels sterk is verouderd en dat juist vlootvernieuwing noodzakelijk is om te kunnen
voldoen aan doelstellingen op het gebied van veiligheid, arbeidsomstandigheden, emissiereductie
en brandstofbesparing. Deelt de Staatssecretaris de opvatting dat verduurzaming zonder
de mogelijkheid van vlootvernieuwing nauwelijks haalbaar is? Zo ja, hoe brengt hij
dit actief onder de aandacht in de Europese onderhandelingen?
De leden van de BBB-fractie vragen hoe de Staatssecretaris zich ervoor inzet dat de
financiering van wettelijke taken, zoals visserijcontrole, dataverzameling en wetenschappelijke
monitoring, ook in het nieuwe fonds volledig vanuit de Europese middelen kan worden
bekostigd en niet ten laste komt van de nationale begroting of de visserijsector zelf.
De leden van de BBB-fractie vragen de Staatssecretaris hoe hij ervoor gaat zorgen
dat innovatieve visserijtechnieken, zoals bijvoorbeeld de FloMo-kuil, sneller in de
praktijk kunnen worden toegepast wanneer deze niet binnen de huidige Europese wet-
en regelgeving passen. Is de Staatssecretaris bereid zich er in Europees verband voor
in te zetten dat de regelgeving beter aansluit bij nieuwe, aantoonbaar duurzame en
innovatieve technieken, zodat waardevolle innovaties niet onnodig worden belemmerd
en sneller kunnen worden opgeschaald?
De leden van de BBB-fractie vragen de Staatssecretaris in hoeverre sprake is van predatie
door de grijze zeehond, nu de populatie sterk toeneemt. Kan de Staatssecretaris tevens
aangeven of de grijze zeehond ook de gewone zeehond aanvalt?
De leden van de BBB-fractie danken de Staatssecretaris voor het openstellen van de
subsidieregeling «Steun voor hogere bedrijfskosten visserij». De fractie waardeert
dat hiermee uitvoering is gegeven aan de ondersteuning van de visserijsector, die
de afgelopen periode is geconfronteerd met fors gestegen brandstofkosten als gevolg
van de onrust in het Midden-Oosten.
De leden van de BBB-fractie constateren echter dat er nog een knelpunt bestaat. Ondernemers
die met vissersvaartuigen varen die zijn uitgerust met een benzinemotor, zoals een
aantal kleinschalige buitenvissers, lijken buiten de regeling te vallen. Kan de Staatssecretaris
toelichten waarom ervoor is gekozen deze groep uit te sluiten van de subsidieregeling,
terwijl ook zij zijn geconfronteerd met aanzienlijk hogere brandstofkosten?
De leden van de BBB-fractie vragen daarnaast of de Staatssecretaris bereid is of voor
deze groep alsnog een passende tegemoetkoming kan worden getroffen, bijvoorbeeld in
de vorm van een eenmalige compensatie of per logboek dag, zodat ook deze kleinschalige
vissers op een rechtvaardige wijze worden ondersteund en niet buiten de boot vallen.
II Antwoord/Reactie van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
III Volledige agenda
Geannoteerde agenda van de informele Visserijraad 28 en 29 juli 2026
Kamerstuk 2026Z16239 – Brief Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen
– d.d. 15 juli 2026
Verslag Landbouw- en Visserijraad van 22–23 juni 2026
Kamerstuk 21 501-32-1825 – Brief Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen
– d.d. 3 juli 2026
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
H.S. Steen, voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur -
Mede ondertekenaar
J. Bosman, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.