Inbreng verslag schriftelijk overleg : Inbreng verslag schriftelijk overleg over de geannoteerde Agenda van de informele Raad voor Concurrentievermogen 21 juli 2026 te Dublin
2026D36760 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
De vaste commissie voor Economische Zaken heeft een aantal vragen en opmerkingen aan
het kabinet voorgelegd over de Geannoteerde Agenda van de informele Raad voor Concurrentievermogen
van 21 juli 2026 te Dublin (Kamerstuk 21 501-30, nr. 708).
De voorzitter van de commissie,
Van Eijk
Adjunct-griffier van de commissie,
Teske
Inhoudsopgave
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
II
Antwoord/Reactie van de Minister
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen van de leden van de DD6-fractie
De leden van de D66-fractie wijzen erop dat Europa alleen technologisch onafhankelijk
kan blijven als we ook in de ruimte tot de wereldtop blijven behoren. Hoe gaat de
Minister ervoor zorgen dat ruimtevaart en ruimtevaartinnovatie binnen Horizon Europe
en de bredere «One Europe, One Market»-agenda een prominente plaats krijgen? Welke
kansen ziet de Minister om de Europese ruimtevaartsector sneller te laten opschalen?
De leden van de D66-fractie lezen dat de Minister steun uitspreekt voor de zogenoemde
vijfde vrijheid: het vrij verkeer van onderzoek, innovatie en kennis. Maar de invulling
daarvan is nog onduidelijk. Welke concrete Nederlandse prioriteiten gaat de Minister
in Brussel naar voren brengen om van deze vijfde vrijheid meer te maken dan een mooi
principe? Ziet de Minister bijvoorbeeld kansen om belemmeringen voor onderzoekers,
innovatieve bedrijven en startups om grensoverschrijdend samen te werken daadwerkelijk
weg te nemen?
De leden van de D66-fractie merken op dat Europa sterk is in onderzoek, maar te vaak
worden innovaties elders opgeschaald. Hoe gaat het kabinet ervoor zorgen dat Horizon
Europe en de European Innovation Council niet alleen goede wetenschap opleveren, maar
ook meer Europese scale-ups en bedrijven die hier in Europa kunnen doorgroeien? Welke
rol ziet de Minister daarbij voor een echte Europese kapitaalmarkt?
De leden van de D66-fractie willen dat ook het midden- en kleinbedrijf (mkb) profiteert
van één Europese markt voor innovatie. Veel innovatieve mkb-bedrijven lopen echter
vast in versnipperde regels en complexe toegang tot Europese programma’s. Welke concrete
stappen wil de Minister zetten om ervoor te zorgen dat Nederlandse mkb’ers eenvoudiger
toegang krijgen tot Europese onderzoeks-, innovatie- en financieringsinstrumenten,
zodat ook zij kunnen groeien op de Europese interne markt?
Vragen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de geannoteerde agenda voor de
informele Raad voor Concurrentievermogen van 21 juli en hebben daarbij een aantal
vragen.
De leden van de CDA-fractie zijn positief over het feit dat de Raad een deelakkoord
heeft bereikt over Horizon Europe. Kan de Minister een beeld schetsen van het krachtenveld
binnen de Raad dat heeft geleid tot dit deelakkoord? Welke lidstaten hebben zich voor
of tegen de belangrijkste onderdelen van het akkoord uitgesproken?
De leden van de CDA-fractie vinden het positief dat de Raad de samenhang en afstemming
tussen Horizon Europe en het European Competitiveness Fund verder heeft verduidelijkt.
Wel vragen zij of het voorgestelde overlegmechanisme voldoende is om deze afstemming
te waarborgen. Hoe kijkt de Minister hiernaar? Hoe verhoudt deze aanpak zich tot de
inzet van de rapporteur in het Europees Parlement, Christian Ehler?
De leden van de CDA-fractie lezen daarnaast dat de Europese Commissie plafonds heeft
voorgesteld voor de financiering van partnerschappen, defensie-innovatie en de bouw
of modernisering van onderzoeks- en technologie-infrastructuur. Kan de Minister nader
specificeren hoe deze plafonds zijn vormgegeven? Gaat het hierbij om percentages,
absolute bedragen of een combinatie van beide? Indien hierover nog geen duidelijkheid
bestaat, wat is de inzet van het kabinet ten aanzien van de hoogte en vormgeving van
deze plafonds?
II Antwoord/Reactie van de Minister
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
W.P.J. van Eijk, voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken -
Mede ondertekenaar
C.M. Teske, adjunct-griffier
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.