Brief regering : Reactie op de brief van Scholengemeenschap Bonaire (SGB) over de position paper 2.0 “Onderwijs binnen het Nederlandse stelsel vraagt om Nederlandse randvoorwaarden"
36 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2026
Nr. 180
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 2 juli 2026
Op verzoek van de vaste Kamercommissie OCW stuur ik u, mede namens de Minister van
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), een reactie op de brief van Scholengemeenschap
Bonaire (SGB) over de position paper 2.0 «Onderwijs binnen het Nederlandse stelsel
vraagt om Nederlandse randvoorwaarden».
Allereerst wil ik mijn dank uitspreken voor de heldere boodschap van de SGB. Caribisch
Nederland (CN) ís Nederland: de achterstanden moeten actief worden aangepakt. Ik zet
mij in voor gelijkwaardigheid, zowel in beleid als in de uitvoering daarvan, inclusief
de bijbehorende randvoorwaarden, samen met de openbare lichamen, schoolbesturen en
andere betrokken partijen. De SGB en het Ministerie van OCW werken nauw samen, ieder
vanuit zijn eigen rol en verantwoordelijkheid.
Hieronder ga ik per punt in op de zorgen en knelpunten die de SGB heeft beschreven
in de position paper.
Huisvesting en infrastructuur
De SGB geeft aan dat gelijke onderwijskwaliteit om gelijke fysieke randvoorwaarden
vraagt. Sinds 2012 werkt OCW samen met het openbaar lichaam Bonaire aan de vervanging
van alle bekostigde scholen. In 2018 is de nieuwbouw voor onderdeel «Liseo Boneriano»
van de SGB opgeleverd en momenteel wordt gebouwd aan een geheel nieuw schoolgebouw
voor het mbo. Het klopt dat er als gevolg van sterke prijsstijgingen momenteel onvoldoende
financiële middelen beschikbaar zijn om ook de overige onderdelen van de SGB op korte
termijn van nieuwbouw te voorzien. Naar aanleiding van het debat over de begrotingsbehandeling
2025 is aan de Eerste Kamer toegezegd hier op terug te komen voor de begroting van
2027.
Arbeidsvoorwaarden en personeelsvoorziening
Goede arbeidsvoorwaarden zijn van belang voor het kunnen aantrekken en behouden van
personeel en dus een randvoorwaarde voor goed onderwijs. De situatie op Bonaire, en
ook op Saba en Sint Eustatius is complex. Arbeidsvoorwaarden, waaronder beloning,
zijn niet eenvoudig te vergelijken tussen Europees en Caribisch Nederland. Daarbij
moet namelijk rekening gehouden worden met contextuele verschillen, waaronder het
afwijkende belastingstelsel voor CN. Het is van belang stappen te blijven zetten voor
het verbeteren van het proces van arbeidsvoorwaardenvorming.
OCW heeft recent een onderzoek laten uitvoeren naar het proces van arbeidsvoorwaardenvorming
voor het onderwijs in CN1. Om te komen tot een toekomstbestendig proces van arbeidsvoorwaardenvorming, en actielijnen
voor de korte en lange termijn, gaat OCW de komende periode, samen met alle stakeholders
op de eilanden, aan de slag met de aanbevelingen uit dit onderzoek: het versterken
van de positie van onderwijswerkgevers en werknemers, en het opbouwen van de benodigde
samenwerking voor cao-overleg, inclusief de bijbehorende ondersteuningsstructuur.
Wetgeving en sociaal stelsel
De SGB benoemt onder meer het arbeidsrecht en de sociale zekerheid als terreinen waarop
op Bonaire nog verouderde en van Europees Nederland afwijkende regelgeving geldt.
Het wettelijk stelsel in CN, gericht op het verzekeren van adequate bescherming in
tal van situaties, loopt inderdaad zichtbaar achter op wat we in Europees Nederland
vanzelfsprekend achten. Dat het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)
hier volop de aandacht voor heeft, blijkt onder meer uit het door SZW geïnitieerde
onderzoek arbeidsrecht CN2. Op het terrein van de sociale zekerheid is een vergelijkende analyse aangekondigd3. Deze is naar ik heb begrepen met de bestuurlijke partijen in CN gedeeld. Op het
sociale stelsel is en wordt er al veel in gang gezet; de brief met prioritaire onderwerpen
op het domein van SZW die eind vorig jaar aan uw Kamer is gezonden4, geeft daar blijk van. Ik meen dat we hiermee serieuze stappen zetten om het arbeidsrecht
en de sociale zekerheid in CN te versterken.
Wijziging van de wet studiefinanciering BES
Momenteel werkt OCW aan een wetsvoorstel dat de Wet studiefinanciering BES (WSF BES)
wijzigt5. Over de voortgang daarvan wordt uw kamer nog in de eerste helft van dit jaar geïnformeerd.
Het wetsvoorstel heeft als doel een zoveel als mogelijk gelijkwaardig voorzieningenniveau
binnen de WSF BES te creëren ten opzichte van de Wet studiefinanciering 2000, met
goed uitvoerbare oplossingen. Hierbij worden onder meer rekening gehouden met de andere
context en andere studentenaantallen.
Wijziging van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet voortgezet onderwijs 2020
en enkele andere wetten, alsmede tot intrekking van de Wet educatie en beroepsonderwijs
BES en de Wet sociale kanstrajecten jongeren BES vanwege de modernisering van de regels
voor beroeps- en volwassenenonderwijs en het voorkomen en bestrijden van voortijdig
schoolverlaten in Caribisch Nederland.
Twee specifieke BES-wetten die we sinds 2010 kennen, worden ingetrokken. Deze wetten
zijn verouderd en de uitvoeringspraktijk is daarmee soms niet meer in lijn te brengen.
Dat is goed nieuws omdat we in het beroepsonderwijs zien dat er in Caribisch Nederland
een flinke verbeterslag is gemaakt en dit onderwijs in de praktijk grotendeels de
Europees Nederlandse regels volgt.
Met dit wetsvoorstel geef ik dan ook gehoor aan het rijksbrede beleid van «comply or explain» ten behoeve van een gelijkwaardig voorzieningenniveau in Caribisch Nederland. Met
name op het gebied van volwasseneneducatie ontbreken de voorzieningen in CN ten opzichte
van die in Europees Nederland nog in de huidige wetgeving. En ook ten aanzien van
het beleid op het gebied van voortijdig schoolverlaten zijn de verschillen niet goed
meer uit te leggen.
Hiermee wordt ook in het mbo een stap gezet die eerder al in het voortgezet onderwijs
werd genomen.
Bekostiging die recht doet aan de opdracht
De SGB vraagt om CN standaard mee te nemen in landelijke subsidieregelingen, want
gelijke wetgeving zonder passende bekostiging ondermijnt gelijkwaardigheid. Dit is
ook het streven: elke subsidieregeling die het funderend onderwijs raakt moet beschikbaar
zijn voor de scholen in CN, tenzij er sterke inhoudelijke redenen zijn om dit niet
te doen. Wanneer een subsidieregeling geschikt wordt gemaakt voor CN gebeurt dat op
een manier die aansluit bij de inrichting en context van de eilanden. Een goed voorbeeld
is de subsidieregeling voor Sterk Techniekonderwijs. De SGB is hiervan penvoerder
voor de techniekluwe regio CN (Bonaire, Sint Eustatius en Saba).
Niet alle subsidieregelingen die voor CN worden opengesteld worden gemakkelijk door
de betrokken scholen gevonden. Op het onderwijsplatform van 23 maart jl. heeft OCW
de scholen daarom inzicht gegeven in de subsidieregelingen waarvan nu al bekend is
dat deze de komende 2 jaar open zullen worden gesteld.
Op het rapport van het Economisch Bureau Amsterdam: «Gelijke kansen, voldoende middelen
– Onderzoek naar de toereikendheid van de bekostiging van het primair- en voortgezet
onderwijs in Caribisch Nederland»6, waar de SGB in haar brief naar verwijst ontvangt uw Kamer voor de zomer mijn reactie.
Tot slot
De Onderwijsraad heeft recent een onderzoek uitgevoerd naar het functioneren van het
onderwijssysteem in CN, vijftien jaar na de staatkundige veranderingen. Hierin is
meer fundamenteel naar het gevoerde beleid gekeken en of dit ook als effect heeft
dat de eilandelijke jeugd goed wordt voorbereid voor het vervolgonderwijs, de arbeidsmarkt
en deelname aan de samenleving.
Dit onderzoek gaat zowel in op de geconstateerde vooruitgang als op een aantal structurele
kwetsbaarheden. In de kabinetsreactie op dit onderzoek zal ik hier, naar verwachting
ook nog voor het zomerreces, inhoudelijk op ingaan.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
J.Z.C.M. Tielen
Indieners
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap