Brief regering : Resultaten 500-regels-aanpak en vervolg aanpak regeldruk
29 515 Aanpak regeldruk en administratieve lasten
Nr. 501
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 juni 2026
Ondernemers noemen regeldruk vaak als één van de grootste knelpunten in hun dagelijkse
bedrijfsvoering. Hoewel de bedoelingen achter regels goed zijn – vaak ter bescherming
van een gerechtvaardigd belang – kunnen ze in de praktijk te veel worden, ingewikkeld
zijn of niet goed op elkaar aansluiten. Dit kost ondernemers tijd en geld, leidt tot
frustraties en vermindert het plezier in het ondernemen.
Regelgeving is door de jaren heen opgebouwd tot een ingewikkeld bouwwerk. De onderzochte
bedrijven uit de eerste twee sets MKB-indicatorbedrijvenonderzoeken1 moeten gemiddeld voldoen aan 64 tot 93 wettelijke verplichtingen. Het merendeel hiervan
is structureel van aard. De regeldrukkosten voor deze bedrijven variëren, afhankelijk
van de omvang van het bedrijf en het type activiteiten, van € 38.000 tot € 494.000
per jaar.2 Wat ondernemers aan regeldrukkosten kwijt zijn, kunnen zij niet besteden aan investeringen
die nodig zijn voor de innovatie en groei van hun onderneming, terwijl juist dat belangrijk
is voor een sterke en toekomstbestendige economie. Dit onderstreept de noodzaak om
onnodige regeldruk te verminderen, zodat ondernemers zich weer kunnen richten op waar
zij goed in zijn: ondernemen. Het kabinet zal zich gedurende de gehele regeerperiode
met kracht inzetten om onnodige regeldruk te voorkomen en te verminderen. Met het
oog op deze inzet heeft het kabinet de ministeriële Taskforce Slagvaardige Overheid
ingericht die de noodzakelijke verandering aanjaagt en aanstuurt om met het gehele
kabinet te werken aan het fundamenteel vereenvoudigen van beleid en regelgeving.
Voorkomen is beter dan genezen. Daarom toetsen we nieuwe wet- en regelgeving standaard
vooraf op de gevolgen voor ondernemers. Hierbij nemen we in ogenschouw dat de gevolgen
extra zwaar kunnen zijn voor het midden- en kleinbedrijf (mkb). Het Adviescollege
Toetsing Regeldruk (ATR) speelt hierin een vaste rol en heeft recent een permanente
status en een versterkt mandaat gekregen.3 Zo adviseert het ATR nu bijvoorbeeld ook over de Nederlandse beoordeling door het
kabinet van nieuwe voorstellen van de Europese Commissie, want een groot deel van
de regels heeft een Europese oorsprong.
Tegelijkertijd pakt dit kabinet de bestaande regeldruk voor ondernemers aan. In dit
kader heeft het vorige kabinet zichzelf tot doel gesteld om vóór de zomer van 2026
500 regels te schrappen of te vereenvoudigen.4 Er is bewust gekozen voor een hoog ambitieniveau om álle departementen met regels
voor ondernemers te activeren om een bijdrage te leveren.
In deze brief informeer ik uw Kamer, mede namens de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties
en Slagvaardige Overheid, over de resultaten die het kabinet tot dusver heeft gerealiseerd.
Resultaat: concrete opbrengsten en een blijvende beweging
De regeldrukaanpak die sinds september vorig jaar is gestart, heeft tot dusver geleid
tot een lijst van 403 geïnventariseerde regels van verschillende ministeries die reeds
zijn aangepakt of waar momenteel aan wordt gewerkt. Bij 97 van deze regels is de regeldruk
al verminderd. De complete lijst van 403 regels is opgenomen in de bijlage bij deze
brief.
Dat betekent dat we in minder dan een jaar tijd ruim 80% van deze ambitieuze doelstelling
waar hebben kunnen maken. Vanzelfsprekend is dat niet voldoende. Tegelijkertijd merk
ik op dat het stellen van het doel om 500 regels te schrappen of te vereenvoudigen
een bredere beweging op gang heeft gebracht. Het is een bekende reflex van de politiek
en de overheid om risico’s, vaak tot ver achter de komma, met regelgeving te trachten
weg te mitigeren. Dat gaan we anders doen. Binnen het kabinet is een sterke wil de
regeldruk voor ondernemers te verminderen en knelpunten aan te pakken. Het kabinet
is niet alleen actief op zoek naar mogelijkheden om de lasten voor het bedrijfsleven
als gevolg van bestaande wet- en regelgeving te verminderen, maar is zich ook bewuster
van de gevolgen van nieuwe (zowel nationale als Europese) wet- en regelgeving. Het
verminderen van regeldruk aan de achterkant heeft immers weinig effect als er aan
de voorkant weer minstens zoveel regeldruk bijkomt. Daarnaast zullen alle bewindspersonen
en hun departementen zich committeren aan concrete reductiedoelstellingen. Hiermee
zetten we belangrijke stappen in het verlagen van administratieve lasten en het vergroten
van de ruimte voor ondernemerschap. Ik verwacht dat we voor het einde van het jaar
meer dan 500 regels aanpakken om de regeldruk voor ondernemers effectief te verminderen.
Hiermee beschouw ik de motie-Kisteman (VVD)5 als afgedaan.
Onderstaand overzicht geeft de bijdrage per ministerie weer.
Departement
# regels geïnventariseerd
# regels reeds geschrapt of vereenvoudigd
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (incl. het voormalige Ministerie van Klimaat
en Groene Groei1)
85
12
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
84
43
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
72
12
Ministerie van Financiën2
51
6
Ministerie van Justitie en Veiligheid
40
3
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
28
12
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
25
6
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (incl. het voormalige Ministerie
van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening3)
154
3
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
2
0
Ministerie van Buitenlandse Zaken
1
0
Totaal
403
97
X Noot
1
Bij het aantreden van het kabinet-Jetten op 23 februari 2026 werd het ministerie formeel
opgeheven en weer samengevoegd met het Ministerie van Economische Zaken tot het Ministerie
van Economische Zaken en Klimaat.
X Noot
2
Financiën: een aantal regels valt aan te merken als een verzameling van regels, aangezien
in die gevallen gehele wetsvoorstellen als één regel zijn opgenomen. Het aantal regels
betreft daarom nadrukkelijk een minimum inschatting. Fiscale regelingen zijn opgenomen
bij het beleidsverantwoordelijke departement en vallen dus niet onder de telling van
Financiën. Dat laat onverlet dat Financiën stelselverantwoordelijk is.
X Noot
3
Bij het aantreden van het kabinet-Jetten op 23 februari 2026 werd het ministerie formeel
opgeheven en weer samengevoegd met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
X Noot
4
De regels die door VRO worden vereenvoudigd of geschrapt overlappen deels met de voortgang
van het programma STOER en de aankomende Vereenvoudigingsaanpak Fysieke Leefomgeving.
De Minister van VRO zal uw Kamer hier in een separate brief over informeren.
Regels zijn verplichtingen, verboden of normen waaraan ondernemingen moeten voldoen.
Daaronder vallen zowel concrete eisen – zoals het verstrekken van gegevens of het
uitvoeren van metingen – als open normen die vragen om naleving en verantwoording.
Deze regels kunnen onderdeel zijn van een wet, een algemene maatregel van bestuur,
een ministeriële regeling, Europese verordeningen en (wet- en regelgeving ter implementatie
van) richtlijnen of gaan om beleidsregels (ook van onder meer toezichthouders).
Een regel staat op de lijst als het kabinet vóór de zomer van 2026 voor deze regel
stappen heeft gezet om regeldruk te verminderen (vanaf 1 januari 2025).6 Regelgeving is namelijk niet zomaar aangepast. Bij het schrappen of aanpassen van
regels moet hetzelfde wetgevingsproces worden doorlopen als voor het maken van regels.
Voor een aanzienlijk deel van de regels is de regeldrukvermindering inmiddels wel
al gerealiseerd. Via de regeldrukteller op de Regeldrukmonitor7 wordt de voortgang hiervan weergegeven, zodat voor ondernemers inzichtelijk is waar
zij al effect kunnen merken. Voor de regels waarvoor de regeldrukvermindering nog
niet is gerealiseerd, zetten de verschillende departementen zich volop in om de lasten
voor ondernemers ook op deze terreinen zo snel mogelijk terug te dringen.
Bij de selectie van regels die geschrapt of vereenvoudigd worden, is steeds een zorgvuldige
afweging gemaakt tussen enerzijds het doel en het effect van een regel en anderzijds
de regeldruk die daarmee gepaard gaat. De bedoeling is immers niet dat de vermindering
van regeldruk ten koste gaat van wezenlijke beleidsdoelen, zoals de bescherming van
mens en milieu, de bescherming van werknemers en de veiligheid. Dit betekent echter
niet dat regelgeving die belangrijke beleidsdoelen dient, per definitie niet minder
belastend kan worden ingericht. Uitgangspunt is daarom dat dezelfde beleidsdoelen
die aan deze regels ten grondslag liggen worden gerealiseerd, maar dan met minder
regeldruk.
Concrete voorbeelden van regeldrukvermindering
Een regel staat niet zomaar op de lijst; een regel staat alleen op de lijst als de
regeldruk daadwerkelijk af zal gaan nemen. Regeldrukvermindering wordt niet alleen
gerealiseerd door middel van het schrappen van regels, maar ook door regels te vereenvoudigen,
lastenluwer uitvoerbaar te maken, te digitaliseren en door bestaande verplichtingen
beter op elkaar af te stemmen.
De eerder genoemde aantallen geven een belangrijke indicatie dat er stappen worden
gezet. Uiteindelijk gaat het er echter om dat ondernemers daadwerkelijk merken dat
de regeldruk vermindert. Hieronder geef ik daarom graag enkele voorbeelden van regels
op de lijst waarvan de regeldruk voor ondernemers al merkbaar is verminderd, of waarvan
zij de effecten in de nabije toekomst kunnen gaan merken:
– De Minister van Klimaat en Groene Groei is voornemens het verbod op het gebruik van
wegwerpbekers en -bakjes die plastic bevatten specifiek voor consumptie ter plaatse
op tankstations, vliegvelden en treinstations te schrappen. Voor deze locaties gelden
voortaan de regels voor consumptie voor onderweg.
– De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werkt aan de vereenvoudiging van
het verlofstelsel door het begrijpelijker en eenvoudiger te maken.
– De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zondert organisaties tot 250
werknemers uit van het jaarlijks rapporteren over zakelijke en woon-werk mobiliteit
van hun werknemers.
– Zelf werk ik aan een wetsvoorstel voor het indexeren en verhogen van de omzetdrempels
voor concentratiemeldingen, wat naar verwachting zal leiden tot een aanzienlijke afname
van het aantal verplichte meldingen.
– De Minister van Financiën en de Minister van Justitie en Veiligheid zijn in het kader
van de nieuwe antiwitwasaanpak, samen met de poortwachters, bezig om de toepassing
en uitvoering van de antiwitwasregels meer risicogebaseerd vorm te geven. De regelgeving
zelf biedt voldoende ruimte voor een risicogebaseerde toepassing, daar dient alleen
gebruik van gemaakt te worden.
– De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur werkt aan het
schrappen van de verplichting voor dierenpensions en dierenasielen om kopieën van
vaccinatiebewijzen van dieren gedurende twee jaar na het vertrek van de dieren te
bewaren.
– Het CBS verkleint de selectie van bedrijven voor de statistiek Internationale Handel
in Goederen Import met een kwart, waardoor 1800 bedrijven voor deze statistiek geen
formulier meer hoeven in te vullen.
– De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft de grens voor de OOB-status
verhoogd van 5.000 naar 20.000 verhuureenheden (vhe), waardoor circa 124 woningcorporaties
hun OOB-status verliezen. Zij hebben hierdoor flink minder administratieve lasten
en accountantskosten.
– Verder is het goed om te vermelden dat verschillende departementen werken aan het
vereenvoudigen van de aanvraagprocedures voor diverse subsidieregelingen, waaronder
de WBSO. De Minister van Financiën is tegelijkertijd bezig met de aanpassing van het
Uniform Subsidiekader. Door de grensbedragen voor het vaststellen van subsidies op
te hogen, zal er minder vaak een accountantscontrole nodig zijn.
Daarnaast werken verschillende departementen aan vereenvoudigingen die niet direct
zichtbaar zijn in deze lijst met 403 regels. Zo onderzoeken de Ministeries van VWS
en JenV bijvoorbeeld of het mogelijk is de bijschrijfplicht lastenluwer in te richten.
Van knelpunten naar concrete oplossingen
De uitkomsten van de negen MKB-indicatorbedrijvenonderzoeken zijn een belangrijke
bron van informatie voor potentieel aan te passen regels. Deze onderzoeken geven inzicht
in de regelgeving die ondernemers in de praktijk als meest knellend ervaren. De uitkomsten
van deze onderzoeken zijn zorgvuldig geanalyseerd, waarna de verantwoordelijke departementen
hebben verkend welke van deze regels op dit moment binnen deze aanpak konden worden
meegenomen.
Dit heeft geleid tot concrete stappen of, in het geval van Europese wet- en regelgeving,
tot Nederlandse inzet voor regeldrukvermindering in Europa op uiteenlopende terreinen,
waaronder de energiebesparingsplicht; anti-witwasregels; informatieverstrekking over
duurzaamheid in de financiële sector; re-integratie van een zieke werknemer; meldingen
omtrent ziekte van werknemers aan het UWV; verplichtingen voor het werken met gefluoreerde
broeikasgassen (F-gassen); het indelen en etiketteren van chemische mengsels; het
identificeren, beheersen en monitoren van voedselveiligheidsrisico’s; het voldoen
aan regels omtrent online verkoop; het ter beschikking stellen van informatie en etikettering
over het energiegebruik van personenauto's afkomstig van de leverancier, en uitvragen
door het CBS.
De MKB-indicatorbedrijvenonderzoeken zijn echter niet de enige bron geweest op basis
waarvan de lijst van 403 regels tot stand is gekomen. Ook heeft het kabinet hiervoor
geluisterd naar andere signalen uit de praktijk, middels:
– directe input van brancheorganisaties en ondernemers;
– signalen van het ATR, waaronder negatieve adviezen bij voorstellen voor wet- en regelgeving
van de afgelopen acht jaar;
– evaluaties van bestaande wet- en regelgeving.
Inzet in Europa
Veel regelgeving voor ondernemers komt uit Europa. Het kabinet zet zich ervoor in
dat nieuwe Europese wet- en regelgeving zo lastenluw mogelijk wordt geïmplementeerd.
Zo werkt de Minister van Financiën bijvoorbeeld samen met de Minister van Justitie
en Veiligheid aan een lastenluwe implementatie van het EU AML-pakket. Op 24 maart
2025 is de Bedrijfseffectentoets onder andere op dit punt aangepast.8 De Bedrijfseffectentoets is een verplichte kwaliteitseis binnen het Beleidskompas
die de gevolgen van voorgenomen regelgeving voor bedrijven in kaart brengt. Het doel
is om waar mogelijk regeldruk te beperken, effecten op marktwerking en innovatie inzichtelijk
te maken en te zoeken naar minder belastende alternatieven. In de toelichting bij
de Bedrijfseffectentoets (en in Aanwijzing 9.5 uit de Aanwijzingen voor de regelgeving9) is uitgelegd dat de overheid het uitgangspunt hanteert dat Europese regelgeving
die ruimte laat voor nationale beleidsruimte «lastenluw» moet worden geïmplementeerd,
dat wil zeggen met zo min mogelijk lasten voor bedrijven. Lastenluwe implementatie
betekent dat Nederland geen strengere eisen stelt dan strikt noodzakelijk op grond
van de Europese afspraken, niet vooruitloopt op Europese regelgeving die nog in voorbereiding
is en eventuele verlichtende vrijstellingsopties (lidstaatopties) die een richtlijn
of verordening biedt maximaal benut. Verder is het de ambitie van het kabinet om bestaande,
onnodige nationale koppen op Europese regels te schrappen.10
Hiernaast zet het kabinet zich ook op Europees niveau actief in voor het voorkomen
van onnodige regeldruk in nieuwe regelgeving en voor het verminderen van bestaande
onnodige regeldruk via de ambitieuze vereenvoudigingsagenda van de Europese Commissie,
bestaande uit onder andere de EU-omnibussen. Daarbovenop doet het kabinet zelf voorstellen
voor regeldrukvermindering en trekt het hierbij op met andere lidstaten, bijvoorbeeld
via non-papers.
Niet voor alle regels op de lijst die voortkomen uit de EU konden vóór de zomer van
2026 zichtbare resultaten worden gerealiseerd, aangezien deze trajecten vaak meer
tijd vergen. De regels waarvoor het kabinet al heeft besloten dat Nederland zich inzet
tijdens EU-onderhandelingen op schrappen of vereenvoudigen, zijn opgenomen in de lijst.
De Nederlandse inzet is gebruikelijk vastgelegd in een BNC-fiche.
Hoe verder?
De inzet van het kabinet op het voorkomen van nieuwe regeldruk en het reduceren van
bestaande regeldruk heeft ertoe geleid dat de regeldrukkosten als gevolg van nationale
wet- en regelgeving in de afgelopen twee jaar met ruim 28 miljoen euro zijn afgenomen.11 Dit is een belangrijke stap, maar we moeten meer doen voor ondernemers. Veel regels
maken deel uit van complexe (Europese) systemen en kunnen niet eenvoudig afzonderlijk
worden aangepast of geschrapt. Het aanpakken van dergelijke regelgeving vraagt daarom
meer tijd. Met de resultaten die het kabinet tot nu toe heeft bereikt, is een belangrijke
basis gelegd. Het kabinet is vastbesloten deze koers voort te zetten en hierop door
te bouwen.
In dat kader heeft het kabinet zichzelf het ambitieuze doel gesteld om jaarlijks minimaal
500 regels te schrappen of te vereenvoudigen.12 Alle bewindspersonen en hun departementen krijgen hiervoor concrete reductiedoelstellingen,
gecoördineerd door de Taskforce Slagvaardige Overheid, die vóór 1 oktober zullen worden
vastgesteld. Medeoverheden, toezichthouders, uitvoeringsorganisaties, en andere betrokken
partijen krijgen ook een rol in de vereenvoudigingsopgave op hun werkterrein. Tot
op heden richtte deze aanpak zich uitsluitend op regels voor het bedrijfsleven. Er
moet echter een forse slag worden geslagen in het vereenvoudigen of schrappen van
onnodig ingewikkelde regels voor zowel bedrijven als mensen en professionals. Minstens
de helft van de regels zal nog altijd gericht zijn op het schrappen of vereenvoudigen
van regels voor bedrijven. De verantwoordelijkheid voor de coördinatie van de vereenvoudigingsopgave
en daarmee ook voor de coördinatie van deze jaarlijkse doelstelling gaat over naar
de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Slagvaardige Overheid. Hij zal uw Kamer
voortaan informeren over de voortgang van deze aanpak.
Ook via andere wegen wordt gewerkt aan het fundamenteel vereenvoudigen van beleid
en regelgeving. Zo komt het kabinet met een jaarlijkse Vereenvoudigingswet. Via deze
wet kunnen vereenvoudigingen, waaronder regeldrukvermindering, versneld worden gerealiseerd.
Het schrappen of vereenvoudigen van regels om de regeldruk te verminderen, kan daarmee
ook onderdeel zijn van de Vereenvoudigingswet, voor zover deze vereenvoudigingen wijziging
op wetsniveau vergen. Uw Kamer wordt via een separate brief geïnformeerd over deze
wet.
Vereenvoudiging en regeldrukreductie moeten een substantiële taak van alle bewindspersonen
en hun departementen worden. De Staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Slagvaardige
Overheid zal uw Kamer in een separate brief informeren over de bredere vereenvoudigingsaanpak.
Regeldrukvermindering voor ondernemers: een blijvende opgave
Als Minister van EZK blijf ik verantwoordelijk voor het verminderen van de regeldruk
voor het bedrijfsleven. Ik zal mij samen met de Staatssecretaris Koninkrijksrelaties
en Slagvaardige Overheid blijven inzetten om knelpunten die ondernemers ervaren weg
te nemen, zodat zij in de praktijk merken dat de regeldruk afneemt en zij meer tijd
overhouden om te ondernemen. Ik roep ook uw Kamer op om ons in deze aanpak te steunen
en om hier in al uw commissies aandacht voor te hebben.
De doelstelling om jaarlijks 500 regels te schrappen of te vereenvoudigen is geen
doel op zich. Het gaat ons om het resultaat: minder regeldruk voor ondernemers in
de praktijk. Het is goed om te zien dat de aanpak die het vorige kabinet in september
heeft ingezet echt een beweging op gang heeft gebracht. In dit proces is ook kennis
opgedaan over hoe regeldruk structureel aangepakt kan worden. Die lessen nemen we
mee naar de volgende fase. Want we willen niet alleen minder regels, maar vooral regels
die minder belastend zijn voor ondernemers. Daarom hebben we twee weken geleden met
werkgeversorganisaties afgesproken dat we in de komende maanden samen met hen een
traject vormgeven om nog intensiever samen te werken aan het reduceren van regeldruk,
op een wijze die voor hun achterban het meest impactvol is. We richten ons daarmee
niet alleen op aantallen, maar richten ons samen met de werkgeversorganisaties op
impact.
ATR ondersteunt deze samenwerking aan de hand van het meldpunt regeldruksignalen.
Hier is het mogelijk voor ondernemers (en mensen en professionals) om samen met de
werkgever- of brancheorganisatie een melding te doen over onnodig belastende regels
en verplichtingen van de overheid. Gaat het om nationale regelgeving die meer ondernemers
raakt, dan kan het ATR het kabinet adviseren over hoe de regelgeving vereenvoudigd
kan worden. Daarnaast kan via het contactformulier op de Regeldrukmonitor rechtstreeks
contact worden opgenomen met mijn departement. Verder voer ik nieuwe MKB-indicatorbedrijvenonderzoeken
uit om knelpunten beter in beeld te brengen en gerichter aan te pakken. Zo komen op
korte termijn de uitkomsten beschikbaar van de onderzoeken naar de sectoren Groene
en Circulaire bedrijvigheid, Maritiem en Schoonmaak. Hiermee blijf ik het overzicht
houden over signalen van knellende regels en worden signalen uit de praktijk actief
betrokken bij de verdere vermindering van regeldruk.
De eerste belangrijke stappen zijn gezet om regeldruk te verminderen. Het kabinet
blijft zich inzetten om knelpunten die ondernemers ervaren aan te pakken en zoveel
mogelijk regels te vereenvoudigen of te schrappen, zodat ondernemers in de praktijk
merken dat regeldruk afneemt en ze minder tijd kwijt zijn aan de verplichtingen.
De Minister van Economische Zaken en Klimaat,
H.G. Herbert
Ondertekenaars
H.G. Herbert, minister van Economische Zaken en Klimaat