Brief regering : SCoPAFF-vergadering juni 2026 en ontwikkelingen aangaande Omnibus veiligheid voedsel en diervoeder
27 858 Gewasbeschermingsbeleid
Nr. 768
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 23 juni 2026
Hierbij informeer ik uw Kamer over de Nederlandse standpunten inzake de onderwerpen
die ter stemming worden voorgelegd aan het eerstvolgende Standing Committee on Plants,
Animals, Food and Feed (SCoPAFF) over regelgeving voor gewasbescherming. Het overleg
vindt plaats op 29 en 30 juni 2026. De standpunten zijn ambtelijk voorbereid met de
Ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(SZW) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), op basis van advisering door het
College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).
Daarnaast informeer ik uw Kamer, naar aanleiding van een verzoek vanuit de vaste commissie
voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (2026Z13876), over de laatste ontwikkelingen aangaande de Omnibus veiligheid van voedsel en diervoeder.
SCoPAFF-vergadering gewasbeschermingsmiddelen
De onderstaande punten staan op de agenda ter (mogelijke) stemming (de zogenaamde
B-punten). Op de agenda staan enkele punten die tijdens de vorige SCoPAFF-vergadering
gewasbeschermingsmiddelen in mei niet ter stemming zijn gekomen en nu opnieuw voor
stemming staan geagendeerd.
De stof Pelargonzuur
Deze stof wordt gebruikt als herbicide. In Nederland zijn 43 middelen op basis van
deze werkzame stof toegelaten voor diverse gebruiken waaronder particulier gebruik.
De Europese Commissie (EC) stelt voor om de goedkeuring van deze werkzame stof te
hernieuwen en geeft hierbij aan dat, ondanks dat de stof aan de gevaar criteria voldoet,
de stof niet als laagrisicostof kan worden goedgekeurd, omdat de beoordeelde gebruiken
specifieke risico mitigerende maatregelen vereisen en dat sluit een laagrisicostatus
uit. Het Ctgb adviseert om deze stof wel als laagrisicostof goed te keuren, omdat
het representatieve gebruik voor particulieren zonder dergelijke maatregelen mogelijk
is. Het Ctgb adviseert positief, met de kanttekening dat de benoeming van de laagrisicostatus
nader aandacht vereist. De Nederlandse delegatie is voornemens om in te stemmen met
het voorstel van de EC.
De basisstof Urtica spp (Brandnetel)
Dit betreft een voorstel voor aanpassing van de goedkeuring van deze basisstof waarbij
de toepassing wordt uitgebreid met enkele doelorganismen voor de al goedgekeurde toepassingen.
Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens
om in te stemmen met het voorstel van de EC.
De kandidaat voor vervanging Mecoprop-P
Deze stof wordt gebruikt als herbicide. In Nederland zijn 3 middelen op basis van
deze werkzame stof toegelaten voor gebruik in graanteelt, graszodenteelt, grasvegetatie,
sportvelden, golfterreinen, openbaar groen en particuliere tuinen. De EC stelt voor
om de goedkeuring van deze werkzame stof te hernieuwen als kandidaat voor vervanging
vanwege persistentie in sediment en toxiciteit voor waterplanten. Het Ctgb adviseert
positief op dit voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens om in te stemmen
met het voorstel van de EC.
Wijzigingsvoorstel datavereisten voor werkzame stoffen en gewasbeschermingsmiddelen
De EC stelt voor om de datavereisten, zoals vastgelegd in Verordening (EU) 283/2013
en 284/2023, te wijzigen om huidige wetenschappelijke en technische kennis beter mee
te kunnen nemen bij de beoordeling van werkzame stoffen en gewasbeschermingsmiddelen.
Aanleiding voor de wijzigingen zijn nieuwe versies van de richtsnoeren voor de beoordeling
van risico’s voor vogels en zoogdieren, waterbehandelingsprocessen en het vernieuwde
bijenrichtsnoer (Kamerstuk 27 858, nr. 618) waardoor aangepaste of extra gegevens moeten worden geleverd die nog niet waren
opgenomen in de datavereisten. Met deze wijziging wordt juridisch verankerd dat deze
gegevens onderdeel zijn van de gegevens die geleverd worden bij de aanvraag voor (hernieuwing
van) een werkzame stof of gewasbeschermingsmiddel. Verder worden de vereisten voor
het leveren van gegevens over ontwikkelingsneurotoxiciteit, op verzoek van Nederland,
aangescherpt en in lijn gebracht met nieuwe beschikbare methodieken waardoor het beschermingsniveau
voor ongeboren baby’s verder wordt versterkt. Ook heeft de EC voorstellen gedaan om
ruimte te bieden voor alternatieve, meer passende aanpakken om biologische werkzame
stoffen te kunnen beoordelen. Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel. De Nederlandse
delegatie is voornemens om in te stemmen met het voorstel van de EC.
Wijzigingsvoorstel uniforme beginselen
Dit betreft een voorstel tot wijziging van de uniforme beginselen voor de beoordeling
en toelating van gewasbeschermingsmiddelen zoals vastgelegd in Verordening (EU) 546/2011.
Het is noodzakelijk om de uniforme beginselen aan te passen in het licht van de meest
recente ontwikkelingen op het gebied van wetenschappelijke en technische kennis, met
betrekking tot de specifieke beschermingsdoelen voor beoordeling van risico’s voor
vogels, zoogdieren en bijen. Zo is uw Kamer eerder geïnformeerd over de beschermdoelen
voor honingbijen (Kamerstuk 27 858, nr. 533 en Kamerstuk 21 501-32, nr. 1322) en de beschermdoelen voor hommels en solitaire bijen (Kamerstuk 27 858, nr. 567). Daarnaast worden uniforme beginselen vastgesteld met betrekking tot het richtsnoer
over waterbehandelingsprocessen. Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel. De Nederlandse
delegatie is voornemens om in te stemmen met het voorstel van de EC.
Tijdelijke verlenging van de goedkeuringsperiode van 21 werkzame stoffen
De EC stelt voor om de goedkeuring van 21 werkzame stoffen tijdelijk te verlengen
omdat de besluitvorming buiten de schuld van de aanvrager niet tijdig is afgerond.
Deze procedure is vastgelegd in Verordening EG 1107/2009 (artikel 17). De herbeoordeling
van werkzame stoffen is zeer complex en vraagt grote zorgvuldigheid, waardoor de procedure
soms langer duurt dan voorzien en gewenst. Zonder tijdelijke verlenging zouden al
deze werkzame stoffen van de markt worden gehaald zonder dat een zorgvuldig beoordelings-
en besluitvormingsproces is doorlopen. Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel.
De Nederlandse delegatie is voornemens om in te stemmen met het voorstel van de
EC.
De stof pyraclostrobine
Deze stof wordt gebruikt als fungicide. In Nederland zijn 10 middelen op basis van
deze werkzame stof toegelaten voor gebruik in de teelt van o.a. granen, bloembollen
en bloemisterijgewassen. De EC stelt voor om de goedkeuring van deze werkzame stof
te hernieuwen. Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel. De Nederlandse delegatie
is voornemens om in te stemmen met het voorstel van de EC.
De stof Fosfine
Deze stof wordt gebruikt als gassingsmiddel tegen insecten en plaagdieren in gesloten
opslagruimtes. In Nederland zijn geen middelen toegelaten op basis van deze werkzame
stof. Er zijn wel middelen toegelaten op basis van fosfidezouten die fosfine vormen;
dit zijn echter andere werkzame stoffen. De EC stelt voor om de goedkeuring van deze
werkzame stof te hernieuwen. Het Ctgb adviseert positief op dit voorstel. De Nederlandse
delegatie is voornemens om in te stemmen met het voorstel van de EC.
Omnibus veiligheid van voedsel en diervoeder
Op 16 juni 2026 heb ik uw Kamer geïnformeerd (Kamerstuk 27 858, nr. 767) over de uitkomst van het COREPER (ambassadeurs) overleg op 12 juni 2026 waarbij
de Raad geen mandaat heeft gekregen van de lidstaten om de onderhandelingen met het
Europees parlement (triloog) te starten. Inmiddels heeft het voorzitterschap besloten
om op korte termijn geen nieuw voorstel te agenderen. Dit betekent dat onder een later
voorzitterschap gewerkt kan worden aan een compromisvoorstel dat op voldoende steun
van lidstaten kan rekenen.
Nederland zal actief bijdragen aan verdere onderhandelingen en, in het licht van het
recente proces rondom het compromisvoorstel, daarbij het belang van zorgvuldige procedures
benadrukken. Ik wil dat uw Kamer tijdig kan worden geïnformeerd over een eventueel
nieuw compromisvoorstel vergezeld van een Ctgb advies waarbij tevens de bevindingen
van de wetenschappers betrokken bij de wetenschapstoets (Kamerstuk 27 858, nr. 748) zijn meegenomen.
De Nederlandse inzet bij verdere onderhandelingen geschiedt conform de eerder met
uw Kamer gedeelde Nederlandse inzet (Kamerstuk 22 112, nr. 4261) waarbij ik het van groot belang vind dat het huidige beschermingsniveau voor mens,
dier en milieu minimaal gehandhaafd blijft. Ik zal uw Kamer uiteraard informeren wanneer
het voorzitterschap een nieuw compromisvoorstel aan de lidstaten voorlegt. Met deze
brief voldoe ik aan het verzoek 2026Z13876/2026D31160 van uw Kamer.
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens
Ondertekenaars
S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur