Brief regering : Openstaande toezegging uit het commissiedebat Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 27 mei 2026
36 800 IV Vaststelling van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026
Nr. 62
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 juni 2026
Tijdens het Commissiedebat Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 27 mei jl. heb ik twee
toezeggingen gedaan aan uw Kamer. Graag kom ik met deze brief terug op deze toezeggingen.
UNICEF
Tijdens het Commissiedebat Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 27 mei jl. heb ik lid
Heera Dijk (D66) toegezegd om schriftelijk terug te komen op de wensen van UNICEF.1 Allereerst is het goed te vermelden dat de vakdepartementen hun verantwoordelijkheden
wat betreft kinderrechten en jeugd de laatste jaren stevig hebben opgepakt (comply
or explain). In de beleidsbrief van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport2 die op 24 april 2026 met uw Kamer is gedeeld, staat vermeld dat het kabinet zich
inzet om voorzieningen voor jeugd gelijkwaardig te maken waarbij o.a. wordt ingezet
op preventie, kansrijke start en schoolmaaltijden. Ook is er een Bestuursakkoord huiselijk
geweld en kindermishandeling gesloten met de drie eilanden om in gezamenlijkheid een
volwaardige en duurzame aanpak te realiseren.
In het gesprek dat ik met UNICEF heb gevoerd hebben ze aangegeven dat ze graag door
willen gaan met de «Child friendly cities»; de kindvriendelijke gemeenten. Het doel
van de kindvriendelijke gemeenten is ervoor te zorgen dat kinderen volwaardig kunnen
opgroeien in een stad waar hun rechten, behoeften en ontwikkeling centraal staan.
Dit programma wordt gedragen door de lokale besturen van Saba, Bonaire en Sint Eustatius
en is ontwikkeld op basis van lokale wensen. Sint Eustatius is als eerste gestart
in 2023, Saba volgde in 2024 en Bonaire is eind vorig jaar aangesloten bij dit programma.
Naast de ondersteuning van dit programma bij het maken van een situatieanalyse, actieplan
en monitoring, ondersteunt UNICEF ook bij de uitvoering van het actieplan.
Ik kijk terug op het belangrijke werk dat door UNICEF is gedaan en ben hoopvol dat
de vakdepartementen ervoor zullen zorgdragen dat de jeugd in Caribisch Nederland gelijke
kansen krijgt. Gezien de versterkte inzet van het kabinet en de nodige budgettaire
afweging neem ik in mijn besluitvorming over verlenging van het project graag de opvattingen
van uw Kamer mee.
Vestigingsvereiste Saba en Sint Eustatius
Tijdens bovengenoemd debat heeft lid Tijs van den Brink (CDA) gevraagd of ik bereid
ben om te onderzoeken of er meer vestigingsvereisten zijn die marktfalen op de Bonaire,
Sint Eustatius en Saba in de hand werken.3 Ik zie uw vraag als tweeledig: enerzijds vraagt u naar de vestigingsvereisten voor
financiële instellingen en anderzijds vraagt u naar marktfalen in het algemeen. Wat
betreft het vestigingsvereiste heeft de Minister van Financiën in 2025 het zetelvereiste
voor Europees Nederlandse financiële instellingen, wat betreft de aanbieding van bancaire
dienstverlening op de Sint Eustatius en Saba, geschrapt. Dit omdat uit onderzoek bleek
dat er sprake is van marktfalen op het gebied van bancaire dienstverlening voor deze
twee eilanden. Op dit moment ziet de Minister van Financiën geen verdere overbodige
vereisten die marktfalen op het gebied van bancaire dienstverlening in de hand werken.
Reeds heb ik u toegezegd dat ik u dit najaar informeer over de voortgang op economische
ontwikkeling voor de Caribische delen van het Koninkrijk. In deze brief wordt de voortgang
op het verbeteren van bancaire dienstverlening ook meegenomen.
Ten slotte is de Minister van Economische Zaken en Klimaat stelselverantwoordelijk
voor een goede marktwerking op Bonaire, Saba en Sint Eustatius. Op dit moment wordt
er een onderzoek uitgevoerd door het Economisch Bureau Amsterdam (EBA) naar welk beleid
en welke beleidsinstrumenten kunnen bijdragen aan het aanpakken van marktverstoring
en het verbeteren van marktresultaten in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het Ministerie
van EZK zal uw Kamer na afronding van dit onderzoek informeren over de resultaten
van het onderzoek.
Ik vertrouw erop uw Kamer hiermee voldoende geïnformeerd te hebben over deze openstaande
toezeggingen.
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
E. van der Burg
Ondertekenaars
E. van der Burg, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties