Brief regering : Stand van zaken Defensie Innovatie Opschaling Autoriteit
33 009 Innovatiebeleid
27 830
Materieelprojecten
Nr. 178
BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 2 juni 2026
In de procedurevergadering van de vaste commissie voor Defensie van 21 mei 2026 heeft
uw Kamer verzocht om een nadere uiteenzetting over de DARPA-defensieplannen en NADI
(het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie) uit het coalitieakkoord.
Zoals in het coalitieakkoord aangekondigd, ontwikkelt het Ministerie van Defensie
een Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit geïnspireerd door het Amerikaanse
DARPA. Doel is het borgen van de technologische voorsprong, onder andere door nieuwe
technologieën te ontwikkelen en op te schalen. Ook doet de autoriteit medefinanciering
van gezamenlijke onderzoeksprojecten met kennisinstellingen die voor Defensie van
toegevoegde militaire waarde zijn.
Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat werkt tegelijkertijd aan het Nationaal
Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI): een nieuw op te zetten publieke organisatie
die disruptieve innovaties met hoog risico en hoog potentieel kan financieren, coördineren
en versneld van ontwikkeling naar eerste toepassing kan brengen. De verantwoordelijkheid
voor het opzetten van NADI ligt bij de Minister van Economische Zaken en Klimaat,
die u hier voor de zomer nader over zal informeren.
Doelstellingen van de Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit
De Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit (werktitel) heeft drie doelstellingen,
die verschillend zijn dan de doelstellingen van NADI. Ten eerste is het doel om met
industriële capaciteit de slagkracht, technologische voorsprong en het voortzettingsvermogen
van de krijgsmacht te vergroten. Ten tweede zal de Defensie autoriteit de strategische
autonomie vergroten door hoogtechnologisch defensiematerieel en innovaties in Nederland
te ontwikkelen. Ten derde kunnen de Defensie-investeringen vanuit de autoriteit in
Nederlands hoogtechnologisch onderzoek, innovatief bedrijfsleven en de maakindustrie
positieve economische en maatschappelijke neveneffecten teweeg brengen.
Ontwikkeling via twee sporen: 1) Snelle ingebruikname en 2) baanbrekende innovatie
De Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit zal militaire en dual-use innovaties ontwikkelen ten opzichte van (toekomstige) uitdagingen van de Nederlandse
krijgsmacht («pull») en innovaties uit het civiele kennislandschap en bedrijfsleven («push»). Een (toekomstige) operationele behoefte van de krijgsmacht zal het uitgangspunt
zijn voor ieder innovatietraject binnen de Defensie innovatie en opschalingsautoriteit.
Daartoe zal Defensie de autoriteit langs twee sporen uitwerken. Spoor 1 is gericht
op het ontwikkelen en opschalen van rijpere toepassingen die Defensie op korte termijn
(0–5 jaar) in gebruik kan nemen. Doel van spoor 1 is dat de krijgsmacht capaciteiten
test, ontwikkelt en produceert in Nederland die aansluiten op strategische en operationele
concepten en behoeftes. Spoor 2 is voor midden- en lange termijn innovaties, met trajecten
die starten met een kansrijk idee en afhankelijk van succes kunnen doorlopen tot implementatie
en aanschaf. Van deze high risk high gain trajecten zal een hoger gedeelte niet altijd leiden tot militaire capaciteiten, maar
de resultaten die er uit voortkomen zullen gericht zijn op het ontwikkelen van baanbrekende
innovaties voor de krijgsmacht binnen 5–15 jaar1. Samenwerking met NADI ligt het meest voor de hand vanuit spoor 2. Zo kunnen er bepaalde
thema’s gekozen worden zowel vanuit Defensie als vanuit NADI, waar de krachten gebundeld
worden. Ook NADI richt zich immers op baanbrekende innovaties en technologieontwikkeling.
Ook zullen beide organisaties samenwerken met deels dezelfde partijen, zoals innovatief
bedrijfsleven, kennisinstellingen van wereldniveau, internationale partners en investeerders.
Uitwerking binnen unieke omstandigheden van het Defensiedomein
Tegelijkertijd kent de defensie markt zijn eigen dynamiek. Het aantal afnemers is
beperkt, er zijn strakke regelgeving en kaders en hoge toetredingsdrempels voor nieuwe
spelers. Een eigen Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit biedt toegevoegde
waarde in de unieke omstandigheden van het defensiedomein. Zo speelt veiligheid van
kennis en informatie een grotere rol in het defensiedomein. Denk bijvoorbeeld aan
ontwikkeling van gevoelige technologieën die gekoesterd moet worden. Defensie werkt
samen met industrie en kennisinstellingen aan innovatieve oplossingen die in de toekomst
direct kunnen worden toegepast in militaire operaties. Er is hierdoor ook een Defensie-specifieke
opdracht en een nauwe relatie met behoeftestelling en materieelverwerving binnen Defensie.
Het wordt een organisatie die gepositioneerd zal zijn om slagvaardig en autonoom te
opereren, snel te kunnen leren en door te ontwikkelen wat een voorsprong oplevert
in gevecht. Defensie geeft hiermee invulling aan de ambities om hetgeen wat Defensie
nodig heeft vaker zelf te ontwikkelen met bedrijven en kennisinstellingen, zoals uiteengezet
in de Defensie Strategie voor Industrie en Innovatie (D-SII 2025–2029)2.
De Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit is verschillend t.o.v. NADI en zal
nauw samenwerken met NADI waar dit kan en waar dit voor de hand ligt. Ook in de oprichtingstrajecten
van beide autoriteiten zal zo veel mogelijk worden gezocht naar samenwerkingsmogelijkheden
en synergie. Dit wordt nog nader uitgewerkt.
Kamer nader informeren met Defensienota (Q2) en herziening D-SII (Q3)
In 2026 werkt Defensie de kaders voor de autoriteit uit; pilots testen de beoogde
werkwijze en aanpak. Dit zorgt voor versnelling, en biedt de krijgsmacht kans om zowel
de aanpak te beproeven als lessen te trekken voor de toekomstige inrichting. Vóór
het zomerreces sturen wij uw Kamer de Defensienota 2026 waarin de plannen voor innovatie,
industriële opschaling en de Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit verder uiteen
worden gezet. In Q3 wordt u ook geïnformeerd over de uitwerking van de motie van Lanschot
(motie 36 800-X-48) over de herziening van de D-SII. Onderdeel van deze herziening is de uitwerking
van de plannen voor de defensie innovatie en opschalingsautoriteit. Wij zijn voornemens
om volgens de motie-Dassen/De Groot (motie 36 800-X-22) relevante partijen zoals kennisinstellingen en startups actief te betrekken. Zodat
zij deel kunnen nemen aan defensie innovatie projecten.
De Minister van Defensie,
D. Yeşilgöz-Zegerius
De Staatssecretaris van Defensie,
D.G. Boswijk
Indieners
-
Indiener
D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie -
Medeindiener
D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie