Brief regering : Reactie op het rapport Inzicht in openbare kwaliteitsinformatie in de medisch-specialistische zorg Nulmeting van de huidige staat van transparantie
31 765 Kwaliteit van zorg
Nr. 980
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 26 mei 2026
Op 2 april 2026 heeft het Zorginstituut Nederland samen met de Patiëntenfederatie
Nederland het rapport «Inzicht in openbare kwaliteitsinformatie in de medisch-specialistische zorg. Nulmeting
van de huidige staat van transparantie» gepubliceerd1. In deze brief geeft het kabinet, mede naar aanleiding van het verzoek van de Kamercommissie
voor VWS in de procedurevergadering van 22 april 2026, haar reactie op dit rapport.
Conclusies uit de nulmeting
In dit rapport staat een nulmeting over de transparantie van kwaliteitsinformatie
in de medisch-specialistische zorg. Deze meting volgt uit de afspraken van het Aanvullend
Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). De conclusie hiervan is dat de landelijke ambities
uit het Hoofdlijnenakkoord medisch-specialistische zorg (2018) en het Integraal zorgakkoord
(IZA) (2022) niet gehaald zijn en dat de voortgang van transparantie de laatste jaren
gestagneerd is. Het aantal aandoeningen waarover uitkomsten transparant zijn, neemt
niet toe. Ook het aandeel uitkomstindicatoren neemt niet toe. In 2026 is voor 11,5%
van de ziektelast ten minste één uitkomstindicator transparant voor patiënten. Er
lijkt daarmee nog veel nodig om te komen tot de doelstelling van openbaar inzichtelijke
uitkomstinformatie voor 50% van de ziektelast.
Reactie van het kabinet
Het kabinet vindt de resultaten zoals die blijken uit de nulmeting teleurstellend.
Zoals in het coalitieakkoord en in de VWS beleidsbrief2 aangegeven, wil het kabinet dat alle zorggebruikers op basis van goede informatie
beter zelf kunnen bepalen en mee kunnen beslissen over de zorg die zij ontvangen.
Het kabinet vindt dat openbaar inzichtelijke en begrijpelijke informatie noodzakelijk
is om te kunnen sturen op passende zorg. Daarom maken we passende zorg altijd en overal
de norm en passen wet- en regelgeving waar nodig aan. Patiënten en naasten hebben
inzicht in uitkomstinformatie nodig om beter te kunnen kiezen voor een zorgaanbieder
die past bij de eigen specifieke omstandigheden en wensen. Zij moeten ondersteund
door kwaliteitsinformatie keuzes kunnen maken tussen zorgaanbieders en behandelingen,
zodat zij goed geïnformeerd passende zorg ontvangen op de voor hen meest geschikte
plek. Daarnaast helpt inzicht in kwaliteit en uitkomsten om de zorg te verbeteren
en kwaliteitsverschillen tussen zorgaanbieders te verkleinen, zodat iedere zorggebruiker
toegang heeft tot dezelfde kwaliteit van zorg. De nulmeting laat zien dat, ondanks
de inzet van alle partijen, de doelstelling nog niet wordt gehaald. Het kabinet roept
partijen in de medisch-specialistische zorg op om hier extra op in te zetten en voortgang
op passende zorg te maken.
Vervolgacties
De uitkomsten van de nulmeting zijn in maart besproken met partijen in de medisch-specialistische
zorg in het bestuurlijk overleg AZWA en in het bestuurlijk overleg Kwaliteit. Zorgaanbieders
en zorgprofessionals gaven aan dat transparante uitkomstinformatie hoge prioriteit
heeft. Informatie wordt bijvoorbeeld transparant op eigen websites van zorgaanbieders
of van kwaliteitsregistraties gepubliceerd. De stap naar publicatie via het Openbare
Databestand3 van het Zorginstituut ontbreekt nog. Deze stap is nodig om informatie compleet en
vindbaar te ontsluiten.
Het kabinet ziet de ambitie bij partijen in de medisch-specialistische zorg. Deze
omvatten onder meer de bestuurlijke afspraak om transparantie verder te brengen door
gebruikmaking van al beschikbare data bij bestaande kwaliteitsregistraties. Dat is
informatie die al wel geregistreerd wordt binnen kwaliteitsregistraties, maar nog
niet openbaar gemaakt wordt via het Openbare Databestand van het Zorginstituut. Ook
zijn in het AZWA afspraken gemaakt om kwaliteitsinformatie sneller transparant te
maken. De doelstelling van uitkomstinformatie voor 50% van de ziektelast wordt door
alle partijen nagestreefd. Dat zou moeten betekenen dat er snel een groei te zien
is in het percentage uitkomstinformatie dat beschikbaar is via het Openbare Databestand
van het Zorginstituut en zo bijdraagt aan passende zorg.
Partijen in de medisch-specialistische zorg werken daarnaast op verschillende manieren
aan structurele inbedding van meer transparante uitkomstinformatie. De Kamer is hier
op 30 juni 2025 over geïnformeerd4. Zo gaat het samenvoegen van verschillende kwaliteitsprogramma’s binnen één overkoepelende
governance een grote, zo niet de belangrijkste, bijdrage leveren aan meer inzicht
in kwaliteit voor patiënten. Voor de kwaliteitsprogramma’s Kwaliteitsregistraties,
het Programma Uitkomstgerichte Zorg en de samenwerkingsafspraken Transparantiekalender
vormt de governance van de kwaliteitsregistraties het uitgangspunt. Hiermee wordt
er gelijkgericht gestuurd op kwaliteitsinformatie die voor verschillende doelen beschikbaar
komt. Er wordt toegewerkt naar meervoudig gebruik van informatie voor de drie doelen:
leren en verbeteren, samen beslissen en keuze-informatie. Informatie wordt niet meer
alleen beschikbaar voor leren en verbeteren en samen beslissen, maar ook voor keuze-informatie
voor patiënten. Daarbij wordt door partijen in de medisch-specialistische zorg gestuurd
op openbaar inzichtelijke uitkomstinformatie voor 50% van de ziektelast. Nog dit jaar
wordt de zogeheten «gap-analyse» afgerond die nodig is om tot deze governance van
kwaliteit te komen. Deze analyse maakt duidelijk welke stappen nog gezet moeten worden,
om tot een samengevoegde governance te komen en waar geïntegreerd naartoe wordt gewerkt.
Daarmee wordt inzicht in uitkomstinformatie structureel ingebed in het kwaliteitsregistratielandschap.
De implementatie hiervan is echter wel een proces dat tijd nodig heeft.
Zoals in de beleidsbrief aangegeven, werkt het kabinet een samenhangend pakket aan
wet- en regelgeving dat passende zorg altijd en overal de norm maakt. Het kabinet
verwacht na het zomerreces een advies van het Zorginstituut over het herijken van
de kwaliteitstaken5. Het Zorginstituut is onder andere gevraagd te adviseren over wat het nodig heeft
om de ontwikkeling en aanpassing van meetinstrumenten te stimuleren en openbaarmaking
te bevorderen. Ook is gevraagd of dit binnen het huidige wettelijke instrumentarium
kan, of dat dit herzien moet worden. Mocht uit advies van het Zorginstituut blijken
dat het bevoegdheden mist, dan is het kabinet bereid de wet kwaliteit, klachten en
geschillen (Wkkgz) te herzien, als dat nodig is om inzicht in kwaliteit te bevorderen
en het doel van openbaar inzichtelijke uitkomsten voor 50% van de ziektelast te kunnen
afdwingen. Dit draagt bij aan het doel om passende zorg altijd en overal de norm te
maken. Het kabinet informeert de Kamer dit najaar over het advies van het Zorginstituut
en haar reactie erop.
Met deze inzet van veldpartijen en de voorgenomen wetgeving gaat het kabinet ervan
uit dat de in het AZWA afgesproken jaarlijkse herhaalmetingen een stijging in transparante
uitkomstinformatie laten zien. Hier zal het kabinet de Kamer in het eerste kwartaal
van 2027 weer van op de hoogte stellen.
Het kabinet wil tot slot het Zorginstituut, de Patiëntenfederatie en de andere partijen
in de medisch-specialistische zorg bedanken voor deze nulmeting.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
S.T.M. Hermans
Ondertekenaars
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport