Brief regering : Uitvoering van de motie van het lid Flach c.s. over de versobering van de KIA niet door laten gaan en het tarief van de vrachtwagenheffing zo snel mogelijk verlagen (Kamerstuk 36933-30) en de motie van de leden Eerdmans en Wilders over de vrachtwagenheffing uitstellen tot 1 januari 2027 (Kamerstuk 36933-4)
36 933 Noodpakket energie, mobiliteit en economie
Nr. 37
BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 mei 2026
Op 23 april jl. heeft de Kamer twee moties aangenomen die betrekking hebben op de
vrachtwagenheffing, die per 1 juli a.s. van start gaat. Het betreft de motie-Flach
c.s.1 en de motie-Eerdmans/Wilders2. De motie-Flach c.s. verzoekt de regering de tarieven van de vrachtwagenheffing zo
snel mogelijk te verlagen. De motie-Eerdmans/Wilders verzoekt de regering de start
van de vrachtwagenheffing uit te stellen tot 1 januari 2027. Bij de appreciatie van
deze laatste motie is met de indieners afgestemd dat deze motie door het kabinet wordt
geïnterpreteerd als de motie-Flach c.s., namelijk als een verzoek tot een zo snel
mogelijke verlaging van de tarieven van de vrachtwagenheffing tot aan 2027. Met deze
brief wordt de Kamer geïnformeerd over een tijdelijke tariefverlaging van de vrachtwagenheffing
ter grootte van 22,3%, die geldt van 1 september 2026 tot en met 31 december 2026.
Hiermee worden de moties als afgedaan beschouwd.
Goedkeurend beleidsbesluit
De vrachtwagenheffing is een heffing als bedoeld in artikel 104 van de Grondwet. Deze
heffing dient in een wet in formele zin te worden vastgelegd. Gelet op de acute omstandigheden
en het belang om de maatregel op korte termijn effect te laten hebben, is gekozen
voor het vaststellen van een zogeheten goedkeurend beleidsbesluit. Met dit besluit
wordt, vooruitlopend op een wijziging van de wet en in afwijking van de in de wet
vastgestelde tarieven, goedkeuring verleend om tijdelijk lagere tarieven toe te passen
voor de vrachtwagenheffing. De wijziging van de tarieven, die terugwerkende kracht
zal krijgen tot 1 september 2026, wordt opgenomen in het Belastingplan 2027 en doorloopt
daarmee het reguliere wetgevingstraject.
Voor de afweging of het aanvaardbaar is om een goedkeurend beleidsbesluit te nemen,
wordt uitgegaan van het daarvoor door de Staatssecretaris van Financiën vastgestelde
afwegingskader.3 In het bijgevoegde besluit is dit nader gemotiveerd.
Ingangsdatum tariefverlaging
Gelet op voornoemde moties wordt de tariefverlaging van de vrachtwagenheffing zo snel
mogelijk ingevoerd. De snelst mogelijke inwerkingtreding van de tariefverlaging is
1 september 2026. Dit omdat een tariefverlaging moet worden verwerkt in de (ICT-)systemen
van zowel vervoerders als toldienstaanbieders (die een cruciale rol vervullen bij
de uitvoering van de vrachtwagenheffing). Dat vergt zorgvuldige voorbereiding en is
aan termijnen gebonden. Voor toldienstaanbieders is deze termijn contractueel vastgesteld
op drie maanden. Verder is het gewenst om een tariefwijziging op de eerste dag van
een maand te laten plaatsvinden. De tijdelijke tariefverlaging geldt daarmee voor
een periode van vier maanden (1 september 2026 tot en met 31 december 2026). Vanaf
de start van de vrachtwagenheffing op 1 juli tot aan 1 september gelden de tarieven
zoals opgenomen in de Wet vrachtwagenheffing.
Toelichting tariefverlaging
Het tarief van de vrachtwagenheffing bestaat uit drie (wettelijk vastgelegde) componenten,
die afhankelijk zijn van het gewicht (maximummassa van de combinatie), de CO2-emissieklasse en de euro-emissieklasse van de vrachtwagen. Bij het verlagen van de tarieven is gekozen voor een eenvoudige
en uitlegbare aanpassing, die ook kan rekenen op draagvlak van vervoerspartijen TLN,
evofenedex en VERN. Met het besluit wordt geregeld dat alle tariefcomponenten met
22,3% worden verlaagd. Naar verwachting betalen alle houders van een vrachtwagen door
de tariefverlaging gezamenlijk € 80 mln. minder vrachtwagenheffing. Op basis van de
verwachte samenstelling van het wagenpark bedraagt het huidige gemiddelde tarief van
de vrachtwagenheffing € 0,191 per gereden kilometer. Het gemiddelde tijdelijke totaaltarief
in de periode 1 september tot en met 31 december 2026 bedraagt € 0,148 per gereden
kilometer.
De dekking van de tijdelijke tariefverlaging komt uit een in voornoemde motie-Flach
c.s. genoemde ondoelmatige regeling binnen de werkkostenregeling. In de Miljoenennota
zal dit worden toegelicht. De verlaging van de tarieven heeft geen gevolgen voor de
hoogte van de terugsluis en de bijbehorende subsidies voor de aanschaf van elektrische
vrachtwagens en laadinfrastructuur. Dit vanwege het breed gedeelde belang van de elektrificatie
van het wagenpark om de uitstoot van het wegvervoer te verminderen en de weerbaarheid
van de vervoerssector te vergroten.
Tot slot
De Kamer wordt twee keer per jaar middels een voortgangsbrief geïnformeerd over de
invoering van de vrachtwagenheffing. In de volgende voortgangsbrief, die naar verwachting
begin juni wordt verstuurd, wordt verder ingegaan op de realisatie van de vrachtwagenheffing.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
V.P.G. Karremans
Ondertekenaars
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat