Brief regering : Fiche: Voorstel voor flexibele en snelle defensieinnovatie (AGILE)
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4344
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 mei 2026
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij drie fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche: Voorstel voor flexibele en snelle defensie-innovatie (AGILE)
Fiche: Verordening EU-ruimtevaartagentschap (Kamerstuk 22 112, nr. 4345)
Fiche: Strategie Voor Gendergelijkheid 2026–2030 (Kamerstuk 22 112, nr. 4346)
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
Fiche: Voorstel voor flexibele en snelle defensie-innovatie (AGILE)
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot vaststelling
van het programma voor flexibele en snelle defensie-innovatie (AGILE)
b) Datum ontvangst Commissiedocument
25 maart 2026
c) Nr. Commissiedocument
COM(2026) 135
d) EUR-Lex
https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/ALL/?uri=CELEX:52026PC0135
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie Raad voor Regelgevingstoetsing
Niet opgesteld
f) Behandelingstraject Raad
Raad Buitenlandse Zaken (RBZ)
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Defensie, in samenwerking met het Ministerie van Economische Zaken
en Klimaat
h) Rechtsbasis
Artikel 173 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
i) Besluitvormingsprocedure Raad
Gekwalificeerde meerderheid
j) Rol Europees parlement
Medebeslissing
2. Essentie voorstel
a) Inhoud voorstel
Op 25 maart 2026 publiceerde de Europese Commissie (hierna: Commissie) een wetgevend
voorstel voor een programma voor weerbare en snelle defensie innovatie (hierna: AGILE).
Het voorstel is bedoeld om de Europese Defensie Technologische en Industriële Basis
(hierna: EDTIB) te versterken. De oorlog in Oekraïne toont volgens de Commissie aan
dat het noodzakelijk is om Europese defensiecapaciteiten te versterken en te vernieuwen.
De Commissie acht een innovatieve EDTIB essentieel om dat doel te behalen. Naast het
versterken van het innovatievermogen van de traditionele defensie-industrie acht de
Commissie het essentieel dat innovatieve bedrijven die nog niet actief zijn in de
defensiesector toegang krijgen tot de defensiemarkt. AGILE beoogt de snelle ontwikkeling
van nieuwe en baanbrekende producten en technologieën voor defensie, die inspelen
op de meest recente en snel veranderende uitdagingen waarmee de strijdkrachten van
de lidstaten worden geconfronteerd, met name die voortvloeiend uit de agressieoorlog
van Rusland tegen Oekraïne. Op deze wijze moet het snelle innovatievermogen, de reactiesnelheid
en het concurrentievermogen van de EDTIB worden bevorderd, de defensieparaatheid van
de Unie worden versterkt, en de strategische afhankelijkheid van niet-geassocieerde
derde landen worden verminderd.
Voor het voorstel wordt een totaalbudget van 115 miljoen euro uit de lopende EU-begroting
voorgesteld. Dit budget komt tot stand uit het alloceren van fondsen uit vier bestaande
programma’s, te weten het Europees Defensiefonds (EDF), het Europese Defensie-Industrie
Programma (EDIP), het EU Space Programme en het Secured Connectivity Programme. De
Commissie geeft aan dat de oorspronkelijke doelen van die programma’s ondanks deze
korting gehaald zullen worden. Het voorstel heeft een looptijd van moment van vaststelling
tot en met 31 december 2027. De Commissie geeft in het voorstel aan dat dit beperkte
budget gezien moet worden als een pilot voor snelle innovatie, waarmee lessen en inzichten
worden opgedaan die in het volgende Meerjarig Financieel Kader (MFK, 2028–2034) kunnen
leiden tot een groter AGILE-programma.
AGILE is volgens de Commissie een complementair instrument voor het EDF en het EU
defensie innovatie schema (EUDIS), evenals andere EU-defensieprogramma's, en vervult
een onderscheidende maar versterkende rol. EUDIS is een instrument binnen het EDF,
voor research & development (R&D) subsidies, hackathons, een bedrijfsaccelerator en matchmakingactiviteiten. Voor bedrijven die al hebben
deelgenomen aan EU-defensieprogramma's zoals EUDIS-hackathons of de bedrijfsaccelerator, is deelname aan AGILE een logische volgende stap. Het
biedt snelle en gestroomlijnde ondersteuning om hun oplossingen snel op de markt te
brengen. Het EDF biedt op zijn beurt een traject voor de lange termijn, waarbij deze
bedrijven worden geïntegreerd in bredere samenwerking binnen de defensie-industrie,
pan-Europese toeleveringsketens en duurzame R&D-partnerschappen. Het EDF, EUDIS en
AGILE zijn complementair van aard en richten zich op verschillende, maar elkaar versterkende
fasen in het innovatie- en ontwikkelingstraject van een bedrijf in de defensiesector.
De Commissie constateert structurele lacunes in de bestaande instrumenten voor defensie
gerelateerde innovatie waardoor drempels blijven bestaan voor innovatieve bedrijven
die actief willen worden op de defensiemarkt. De consortia van het EDF richten zich
voornamelijk op samenwerking die gericht is op ontwikkelingen op systeemniveau en
dragen bij aan coöperatieve projecten en de creatie van nieuwe grensoverschrijdende
toeleveringsketens. In de praktijk blijkt het lastig voor bedrijven die nog niet werkzaam
zijn in de defensiesector om zich daarbij aan te sluiten. De European Innovation Council (EIC) Accelerator, die subsidies en aandelenfinanciering verstrekt aan individuele
bedrijven, heeft zijn reikwijdte uitgebreid naar innovatie voor dual use; het toepassingsgebied strekt zich echter niet uit tot puur defensiegerichte toepassingen.
Bovendien is de steun aan defensie onder de EIC momenteel beperkt tot aandelenfinanciering
in het kader van het Strategic Technologies for Europe Platform (STEP)1
Scale-Up Scheme, waardoor een lacune ontstaat voor andere vormen van EU-steun gericht op defensie
specifieke ontwikkeling, waaronder subsidies. AGILE beoogt deze lacune in te vullen.
AGILE heeft twee doelen. Ten eerste beoogt AGILE de innovatiecyclus van opkomende
en baanbrekende producten en technologieën voor defensie, ontwikkeld door het midden-
en kleinbedrijf (mkb) in de hele Unie, (inclusief innovatieve startups en scale-ups) aanzienlijk te versnellen. AGILE houdt daarbij rekening met de capaciteitsbehoeften
van de lidstaten en maakt gebruik van het innovatiepotentieel van de EU-industrie
als geheel. Ten tweede focust AGILE op de toepassing en opschaling van door het mkb
ontwikkelde baanbrekende producten en technologieën door de strijdkrachten van de
lidstaten en de Europese hoofdaannemers van de defensie-industrie te ondersteunen
in heel Europa. Dit versterkt de technologische voorsprong van de strijdkrachten van
de lidstaten en verbetert de veerkracht en leveringszekerheid van defensieproducten
en -technologieën in de hele Unie. AGILE zal zich daarvoor specifiek richten op het
versnellen van innovaties die binnen een termijn van 1–3 jaar tot implementatie kunnen
leiden. Hiermee speelt de Commissie in op de lessen die worden getrokken uit de oorlog
in Oekraïne, met name dat operationele relevantie en kort-cyclische innovatie een
belangrijke rol spelen in een oorlogssituatie.
AGILE zal door middel van challenges, die worden ingericht op basis van capaciteitsbehoeftes van de lidstaten, individuele
mkb-bedrijven (inclusief start-ups en scale-ups) selecteren, die met een subsidie van 100% van de subsidiabele kosten hun oplossing
kunnen ontwikkelen. De projecten onder het programma zullen worden gekenmerkt door
snelle iteratie cycli waarin veldtesten, experimenteren en demonstraties plaatsvinden.
AGILE zal vereenvoudigde methoden en processen hanteren, onder meer op het gebied
van governance, selectie, evaluatie en gunningsprocedure, en geschiktheidsbeoordeling, om snellere
besluitvorming mogelijk te maken en de administratieve lasten te verminderen (zowel
voor aanvragers als voor de Commissie). Deze gestroomlijnde aanpak zal snelle ondersteuning
van innovatieve defensieoplossingen vergemakkelijken. De Commissie streeft ernaar
om de definitieve beoordeling van ingediende voorstellen binnen vier maanden na de
aanvraagtermijn af te ronden. Tenslotte biedt AGILE de juridische basis om producten
die in het programma zijn ontwikkeld rechtstreeks aan te schaffen, hetgeen de implementatie
van resultaten uit het programma zal vergemakkelijken.
Naar verwachting zal AGILE nieuwe wegen aantonen voor efficiëntere ondersteuning van
defensie-innovatie. Deze wegen kunnen richtinggevend zijn voor toekomstige EU-programma's
voor defensie-innovatie in het kader van de voorstellen van de Commissie voor het
MFK vanaf 2028. Het programma zal gestroomlijnde financieringsmechanismen testen voor
innovatieve start-ups, scale-ups en mkb's in de defensiesector, en zo snellere routes naar de markt voor defensie-innovatie
aantonen.
Het zal de defensieparaatheid versterken door innovatieve defensie-oplossingen te
leveren die aansluiten bij de behoeften van de strijdkrachten in de EU-lidstaten en
geassocieerde landen. Tenslotte zal het de haalbaarheid aantonen van een lagere administratieve
last en versnelde procedures voor ondersteunde bedrijven die momenteel onevenredig
zwaar worden getroffen door de lange doorlooptijden van bestaande defensie R&D programma's.
b) Impact assessment Commissie
De Commissie heeft geen impact assessment uitgevoerd vanwege de doelgerichte en evenredige
aard van dit instrument. AGILE is ontworpen als een pilotprogramma dat uitsluitend
binnen het huidige MFK zal worden uitgevoerd. Het primaire doel is het testen van
innovatieve benaderingen met het oog op de volgende MFK-periode. Het uitvoeren van
een volledige impact assessment voor een dergelijke tijdelijke pilot zou volgens de
Commissie onevenredig zijn en vertragingen veroorzaken die niet stroken met het fundamentele
doel ervan. Het kabinet benadrukt het belang een impact assessment omdat daarmee de
gevolgen voor de regeldruk beter kunnen worden ingeschat.
3. Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Het Nederlandse beleid met betrekking tot defensie innovatie is vastgesteld in de
Defensie Strategie voor Industrie en Innovatie (D-SII) 2025–2029 2. De D-SII zet in op sterk, slim en samen; het kabinet streeft naar een sterke en
geïntegreerde Defensie Technologische Industriële Basis (NLDTIB), met name op de 5
+ 1 prioritaire NLD gebieden slimme materialen, sensoren, kwantum, ruimtetechnologie,
intelligente systemen en de maritieme maak-industrie. De maatregelen in de D-SII zijn
er op gericht om deze dual use technologieën te versnellen en militair toepasbaar te maken. Daarbij staat samenwerking
tussen het Ministerie van Defensie, het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat,
de industrie, kennisinstellingen (onder andere aangehaakt via het Ministerie van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap) en financiële partijen centraal, met als doel om van een lineair
innovatieproces naar een proces van co-creatie en snelle toepassing te gaan. Deze
versnelling wordt onder andere bereikt door bedrijven en instituten in staat te stellen
om samen met Defensie te testen en experimenteren. Net als AGILE legt ook de D-SII
de nadruk op capaciteitsgedreven innovatie, zodat de valley of death tussen onderzoek en toepassing makkelijker kan worden overbrugd. Tenslotte wordt
er ook in de D-SII nadrukkelijk naar gestreefd om het innovatieve mkb, inclusief start-ups en scale-ups, te betrekken bij defensie ecosystemen.
De D-SII beziet de versterking van de NLDTIB ook in de context van internationale
samenwerking, waarbij de prioriteit bij de EU, NAVO-bondgenoten en Oekraïne ligt.
Naast het verhogen van de interoperabiliteit met partnerlanden is het versterken van
de productieketens door middel van het integreren van de NLDTIB in grensoverschrijdende
waardeketens daarbij een belangrijk doel.
De Europese samenwerking wordt in het bijzonder belangrijk geacht omdat daarmee de
fragmentatie van de Europese defensiemarkt kan worden tegengegaan en de Europese afhankelijkheid
van derde landen kan worden verminderd. Europese samenwerking is daarnaast een belangrijk
middel voor het kabinet om binnen de Europese defensiemarkt de positie te versterken.
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het voorstel sluit goed aan bij de prioriteiten die het kabinet heeft vastgelegd in
de D-SII en de Industriebrief.3 Het kabinet is positief over het voorstel voor een verordening voor het versnellen
van defensie specifieke innovatie en het vergroten van de toetredingsmogelijkheid
voor het mkb. Het kabinet is in algemene zin voor voldoende openheid voor samenwerking
met bedrijven uit derde landen. Aangezien AGILE zich richt op de ontwikkeling van
nieuwe technologieën steunt het kabinet het voorstel dat AGILE alleen toegankelijk
is voor bedrijven uit de EU en geassocieerde landen (EER-landen en Oekraïne), in lijn
met het EDF.
Het kabinet zal zich in de onderhandelingen hard maken voor de positionering van de
NLDTIB, conform de D-SII. Nederland heeft hoogtechnologische en innovatieve (mkb-)bedrijven;
vaak in eerste instantie georiënteerd op civiele markten, maar met dual use toepassingen. Voor deze bedrijven is het essentieel om een kans te krijgen om toe
te treden tot de toeleveringsketens van grote Europese producenten van militaire eindproducten.
Dit vergt bijzondere aandacht, omdat in Nederland betrekkelijk weinig voorname producenten
van militaire eindsystemen zijn gevestigd, waardoor toegang tot Europese waardeketens
een belangrijke randvoorwaarde is voor Nederlandse (mkb-)bedrijven om ontwikkeling
van militaire toepassingen van technologie economisch rendabel te kunnen laten zijn.
Over het algemeen hebben de ketens nu nog een nationaal en gesloten karakter.
Het kabinet steunt de doelstelling van het voorstel om tot een lagere administratieve
last en een sneller besluitvormingsproces van innovatieprojecten te komen. De administratieve
last en doorlooptijden van de huidige instrumenten voor defensie innovatie werken
vaak afschrikwekkend voor kleine, innovatieve bedrijven die nog niet bekend zijn met
de defensiesector. In die context steunt het kabinet dan ook de positionering van
AGILE naast andere bestaande instrumenten als het EDF. Daar waar het EDF een lang-cyclisch
R&D-programma betreft, zal AGILE de mogelijkheid bieden om nieuwe ontwikkelingen van
start-ups, scale-ups en mkb op kort-cyclische wijze naar een hogere technologische volwassenheid te brengen.
Door de snelle evaluatie- en start tijden vult AGILE het lang-cyclische proces van
het EDF aan. Het AGILE instrument dient mede als testomgeving in aanloop naar het
nieuwe MFK en het voorgestelde Europees Concurrentiefonds (ECF). Dit verwelkomt het
kabinet aangezien dit initiatief van de Commissie om kort-cyclische innovatie te stimuleren
door het verlenen van subsidies aan individuele bedrijven invulling lijkt te kunnen
geven aan de door het kabinet geschetste ambitie om een rol voor het mkb, start-ups en scale-ups in het ECF te borgen.
Dit ter versterking van het concurrentievermogen van de defensie-industrie.4 Bovendien heeft dit duidelijke meerwaarde ten opzichte van de binnen het huidige
MFK bestaande mogelijkheid om steun te verlenen aan individuele bedrijven, die enkel
bestaat uit equity financiering onder de EIC.
Het kabinet steunt de pogingen van de Commissie om het aantrekkelijk(er) te maken
om op te schalen in de EU middels AGILE-financiering. Het kabinet zet zich in voor
een aantrekkelijke interne markt, waar een innovatief verdienvermogen en aantrekkelijk
vestigingsklimaat bij horen. Daarnaast moet het instrument ook bijdragen aan samenwerking
met belangrijke partners buiten de EU. Dit vergt een goede balans in de voorwaarden
die zijn gericht op het versterken van de Europese defensie-industrie. Het kabinet
steunt de mogelijkheid tot deelname door bedrijven uit Oekraïne en EER/EVA5-leden. Hiermee wordt samenwerking met voor het kabinet belangrijke partners verstevigd.
Wel zet het kabinet vraagtekens bij het vragen om vergoeding voor deze deelname en
zal de Commissie oproepen tot hier verduidelijking om geven.
c) Eerste inschatting van krachtenveld
De positie van het EP is op het moment van schrijven nog niet bekend. Ook de positie
van andere lidstaten is nog onbekend, maar interventies in het EDF Programme Committee suggereren dat AGILE op steun van de lidstaten kan rekenen.
4. Beoordeling bevoegdheid, subsidiariteit en proportionaliteit
a) Bevoegdheid
Als onderdeel van de toets of de EU mag optreden conform de EU-verdragen toetst het
kabinet of de EU handelt binnen de grenzen van de bevoegdheden die haar door de lidstaten
in de EU-verdragen zijn toegedeeld om de daarin bepaalde doelstellingen te verwezenlijken.
Het oordeel van het kabinet ten aanzien van de bevoegdheid is positief. Het voorstel
is gebaseerd op artikel 173 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese
Unie (VWEU). Artikel 173 geeft de EU de bevoegdheid maatregelen vast te stellen om
het industriële potentieel van innovatie en technologische ontwikkeling te stimuleren,
en om een gunstig klimaat voor het ontplooien van initiatieven van ondernemingen (met
name van het midden- en kleinbedrijf) te bevorderen. Het kabinet kan zich vinden in
deze rechtsgrondslag. Op het terrein van industriebeleid is sprake van een ondersteunende
of aanvullende bevoegdheid tussen de EU en de lidstaten op grond van artikel 6, onder
b, VWEU.
b) Subsidiariteit
Als onderdeel van de toets of de EU mag optreden conform de EU verdragen toetst het
kabinet de subsidiariteit van het optreden van de Commissie. Dit houdt in dat het
kabinet op de gebieden die niet onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie vallen
of wanneer sprake is van een voorstel dat gezien zijn aard enkel door de EU kan worden
uitgeoefend, toetst of het overwogen optreden niet voldoende door de lidstaten op
centraal, regionaal of lokaal niveau kan worden verwezenlijkt, maar vanwege de omvang
of de gevolgen van het overwogen optreden beter door de Unie kan worden bereikt (het
subsidiariteitsbeginsel).
Het oordeel van het kabinet ten aanzien van de subsidiariteit is positief. Het voorstel
heeft tot doel de innovatiesnelheid van mkb-bedrijven te ondersteunen, zodat zij ontwrichtende
defensietechnologieën kunnen leveren om de actuele uitdagingen van de strijdkrachten
van lidstaten te ondervangen. Alleen door grensoverschrijdende samenwerking tussen
lidstaten kan de volledige innovatiekracht van ondernemingen binnen de Unie op het
gebied van onderzoek en innovatie worden benut. Om die redenen is optreden op het
niveau van de EU gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
Als onderdeel van de toets of de EU mag optreden conform de EU verdragen toetst het
kabinet of de inhoud en vorm van het optreden van de Unie niet verder gaan dan wat
nodig is om de doelstellingen van de EU verdragen te verwezenlijken (het proportionaliteitsbeginsel).
Het oordeel van het kabinet ten aanzien van de proportionaliteit is positief. Het
voorstel heeft tot doel om de innovatiesnelheid van mkb-bedrijven te ondersteunen,
zodat zij ontwrichtende defensietechnologieën kunnen leveren en zo de meest actuele
uitdagingen van de strijdkrachten van de lidstaten kunnen aanpakken. Het voorgestelde
optreden is geschikt om deze doelstelling te bereiken, omdat het gerichte financiële
prikkels geeft voor het mkb om innovatieve producten te ontwikkelen. Bovendien gaat
het voorgestelde optreden niet verder dan noodzakelijk, omdat het voorstel een gerichte
en afgebakende aanpak biedt wat betreft tijd, reikwijdte en budget.
5. Financiële consequenties, gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke
aspecten
a) Consequenties EU-begroting
Voor de EU-begroting als geheel heeft AGILE geen effect, aangezien het budget uit
bestaande programma’s wordt gehaald. Het is echter onduidelijk wat het effect is voor
de programma’s waaruit dit budget wordt gehaald. De Commissie heeft niet toegelicht
welke activiteiten van de toeleverende programma’s gestopt of verminderd zullen worden.
De Commissie geeft in het voorstel aan dat dit beperkte budget gezien moet worden
als een pilot voor snelle innovatie, waarmee lessen en inzichten worden opgedaan die
in het volgende MFK (2028–2034) kunnen leiden tot een groter AGILE-programma. Het
kabinet wil echter niet vooruitlopen op de integrale afweging van middelen na 2027.
Hoewel het kabinet de doelstellingen van AGILE kan ondersteunen, stelt zij wel dat
het korten van de budgetten van andere programma’s niet ten koste mag gaan van de
doelstellingen van die programma’s.
b) Financiële consequenties (incl. personele) voor rijksoverheid en/ of medeoverheden
Het is mogelijk dat AGILE financiële gevolgen heeft voor de rijksoverheid aangezien
het mkb waarschijnlijk ondersteund zal moeten worden door de overheid bij het indienen
en uitvoeren van projectvoorstellen. Deze activiteiten zullen waarschijnlijk een beslag
gaan leggen op de capaciteit van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en
het Ministerie van Defensie.
Zo zou de RVO een rol kunnen spelen binnen dit programma, bijvoorbeeld bij het aanbieden
van adviesgesprekken aan het mkb over meedoen aan AGILE-programma’s.
Eventuele budgettaire gevolgen voor Nederland worden ingepast op de begroting van
het/de beleidsverantwoordelijk(e) departement(en), conform de regels van de budgetdiscipline.
c) Financiële consequenties en gevolgen voor regeldruk voor bedrijfsleven en burger
Het kabinet onderstreept het belang van regeldrukvermindering als een topprioriteit,
zoals neergelegd in het Actieprogramma Minder Druk Met Regels (9 december 2024), en
is van mening dat bij voorstellen met (mogelijke) regeldrukgevolgen altijd een impact
assessment uitgevoerd moet worden. Het ontbreken van een impact assessment bij dit voorstel bemoeilijkt de inschatting van de gevolgen voor regeldruk en administratieve
lasten voor het bedrijfsleven. De Commissie motiveert echter wel voldoende waarom
een dergelijk impact assessment niet is uitgevoerd, omdat het hier gaat om een «highly targeted initiative». Het ziet op een specifiek segment van stakeholders dat zelf kan bepalen wel of geen
beroep te doen op dit financiële instrument. Voor bedrijven die hier gebruik van willen
maken treden er administratieve lasten op, bijvoorbeeld door het opstellen en indienen
van een voorstel en de mogelijkheid onderworpen te worden aan verplichte informatieverzoeken
als er sprake is van een leverings- of veiligheidscrisis.
ATR advies
1. Het adviescollege toetsing regeldruk (ATR) adviseert om voorafgaand aan de definitieve
standpuntbepaling de regeldrukeffecten, uitvoeringslasten en werkbaarheid van AGILE
nader in beeld te brengen, in het bijzonder voor mkb-bedrijven, start-ups en scale-ups. Maak daarbij een inschatting van de Nederlandse bedrijven die hierdoor worden geraakt
en betrek daarbij de uitwerking van de challenges, beoordelingscriteria en voorwaarden rond vestiging, zeggenschap en veiligheid.
2. Het ATR adviseert om inzichtelijk te maken welke gevolgen de herallocatie van € 115
miljoen uit bestaande EU-programma’s heeft voor de uitvoering en doelbereiking van
die programma’s, in het bijzonder het EDF en EDIP, en deze effecten expliciet te betrekken
bij de Nederlandse standpuntbepaling.
Het kabinet onderschrijft de analyse van het ATR en neemt het advies over. Het kabinet
zal een inschatting maken van welke Nederlandse bedrijven met de regeldruk en uitvoeringslasten
van AGILE te maken krijgen en er bij de verdere uitwerking van het programma naar
streven dat deze lasten van voor het Nederlandse bedrijfsleven beheersbaar blijven.
Tevens zal het kabinet aan de Commissie vragen om inzichtelijk te maken wat de gevolgen
zijn van de herallocatie van budget voor de bestaande programma’s.
d) Gevolgen voor concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Maatregelen om de Europese defensie-industrie te versterken passen bij, en dragen
bij aan, de kabinetsinzet en visie voor een sterkere geopolitieke Unie, zoals uiteengezet
in de Kamerbrief Open Strategische Autonomie6. De door de Commissie voorgestelde maatregelen versterken het innovatieve vermogen
van de Unie en lidstaten met betrekking tot militaire capaciteiten en verminderen
daarmee de afhankelijkheid van internationale partners, en dragen dus bij aan het
vermogen van de EU om autonomer te opereren in een geopolitiek fragiele wereld. Dit
is ook in het belang van NAVO-partners, want een sterkere EU betekent een sterkere
NAVO. Daarnaast dragen investeringen in de Europese defensie-industrie bij aan het
langetermijnperspectief van Europese bedrijven en zal dit voordelig zijn voor de bedrijvigheid,
productiviteit en concurrentiepositie van deze bedrijven.
6. Implicaties juridisch
a) Consequenties voor nationale en decentrale regelgeving en/of sanctionering beleid
(inclusief toepassing van de lex silencio positivo)
Er zijn geen gevolgen voor nationale en decentrale regelgeving te verwachten.
b) Gedelegeerde en/of uitvoeringshandelingen, incl. NL-beoordeling daarvan
Het voorstel bevat een bevoegdheid voor de Commissie om uitvoeringshandelingen vast
te stellen in artikel 16, vierde lid, van het voorstel. Dit betreft de bevoegdheid
om een werkprogramma vast te stellen. Het toekennen van deze bevoegdheden is mogelijk,
omdat het niet essentiële onderdelen van de basishandeling betreft. Toekenning van
deze bevoegdheden acht het kabinet wenselijk, om flexibiliteit en snelheid te behouden
in verband met technologische ontwikkelingen en veranderende behoeftes van de lidstaten
op het gebied van defensietechnologieën, zonder dat de wetgevingsprocedure wordt belast.
De keuze voor uitvoering i.p.v. delegatie ligt hier voor de hand omdat het gaat om
uitvoering van de verordening volgens eenvormige voorwaarden. De uitvoeringshandelingen
worden vastgesteld volgens de raadplegingsprocedure als bedoeld in artikel 4 van Verordening
(EU) 182/2011. Toepassing van deze procedure is hier volgens het kabinet niet op zijn
plaats omdat de uitvoeringshandeling betrekking heeft op een programma met aanzienlijke
implicaties (artikel 2, lid 2, sub b, onder i) Verordening 182/2011). De Commissie
heeft onvoldoende gemotiveerd waarom hier de raadplegingsprocedure in plaats van de
onderzoeksprocedure voor vaststelling wordt gebruikt.
c) Voorgestelde implementatietermijn (bij richtlijnen), dan wel voorgestelde datum
inwerkingtreding (bij verordeningen en besluiten) met commentaar t.a.v. haalbaarheid
Volgens het voorstel treedt de verordening in werking op de dag na de bekendmaking
ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het kabinet acht de voorgestelde
datum van inwerkingtreding haalbaar.
d) Wenselijkheid evaluatie-/horizonbepaling
De Commissie zal de effectiviteit, efficiëntie en toegevoegde waarde van de voorgestelde
verordening na de implementatieperiode evalueren.
De resultaten van deze evaluatie zullen worden meegewogen bij toekomstige EU defensie
innovatieprogramma’s in de context van het MFK vanaf 2028. Het kabinet acht dit wenselijk.
e) Constitutionele toets
Niet van toepassing.
7. Implicaties voor uitvoering en/of handhaving
AGILE biedt een uitstekende kans om de Europese defensie-capaciteit te versterken.
Door een gemeenschappelijke financiële pool kunnen lidstaten samenwerken aan onderzoek,
standaardisering en inkoop, waardoor innovatie sneller verloopt en Europese bedrijven
beter kunnen inspelen op zowel civiele als militaire dreigingen.
Om dit succes te waarborgen moet de screening streng worden ingericht: alleen organisaties
met een geldige staatsveiligheids-clearance krijgen toegang tot gevoelige data, en alle informatie die de nationale veiligheid
raakt wordt strikt gescheiden gehouden van commerciële of civiele datasets. Bovendien
moet elk product en elke activiteit voldoen aan de EU-kaders voor digitale weerbaarheid
– NIS2, de Cyber Resilience Act, de Cybersecurity Act, de Data-Governance-Act en GDPR – zodat risicoanalyses, audits en privacy-by-design standaardonderdelen van het proces worden.
8. Implicaties voor ontwikkelingslanden
Geen implicaties voor ontwikkelingslanden.
Indieners
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken