Brief regering : Bibliotheekbrief 2026, inclusief beleidsreactie onderzoek naar bibliotheeklidmaatschappen
33 846 Vaststelling van een geactualiseerd stelsel van openbare bibliotheekvoorzieningen (Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen)
Nr. 75
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 24 april 2026
Openbare bibliotheken zijn van grote maatschappelijke waarde voor de samenleving.
De bibliotheek is een plek om te lezen, leren en ontmoeten. Miljoenen mensen, van
jong tot oud en met verschillende achtergronden, bezoeken jaarlijks de bibliotheek.1
Met deze brief zend ik u het rapport Toegang zonder drempels. Een onderzoek naar gratis en automatisch bibliotheeklidmaatschap, samen met een beleidsreactie. Daarnaast ga ik in deze brief kort in op de stand
van zaken van de wijziging van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob).
Onderzoek naar gratis en automatisch bibliotheeklidmaatschap
Onderzoeksbureau Andersson Elffers Felix (AEF) heeft in opdracht van het Ministerie
van OCW het automatisch bibliotheeklidmaatschap voor kinderen (0–18 jaar) en het gratis
bibliotheeklidmaatschap voor volwassenen (18+) onderzocht.2 Zijn deze lidmaatschapsvormen effectieve instrumenten voor het vergroten van het
gebruik en bereik van lokale bibliotheken, en wat is nodig voor integratie in de sector?
Het onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de motie van Kamerleden Rooderkerk
en Kisteman3 van 26 november 2024 over automatisch lidmaatschap van kinderen, specifiek bij de
geboorteregistratie. Daarnaast komt het onderzoek tegemoet aan Kamervragen uit 2025
over gratis lidmaatschap voor volwassenen van Kamerlid Mohandis.4 Het onderzoek sluit ook aan bij het bibliotheekconvenant 2024–2027. Hierin spraken
overheden en bibliotheekpartijen af het vergroten van het bereik en gebruik van de
bibliotheek te onderzoeken, bijvoorbeeld door gratis lidmaatschap.5
Samenvatting onderzoek
Het onderzoek is verkennend van aard en gebaseerd op een beperkt aantal casussen.
De onderzochte lidmaatschapsvormen zijn veelal recent gestart. Daardoor is de beschikbaarheid,
kwaliteit en vergelijkbaarheid van (kwantitatieve) data beperkt. Daarnaast vonden
de onderzoekers geen voorbeelden van volledig automatisch lidmaatschap. Er is gekeken
naar internationale voorbeelden van semi-automatisch lidmaatschap voor kinderen, met
oudertoestemming.
Op basis van de onderzochte casussen concludeert AEF dat het gratis lidmaatschap leidt
tot meer bereik: het aantal jeugd- en volwassen leden van de bibliotheek neemt toe.
In potentie geldt dit ook voor het semi-automatisch lidmaatschap voor kinderen. Er
zijn echter geen harde conclusies te trekken over effecten op gebruik, zoals het aantal
uitleningen, bezoekers en deelname aan activiteiten. Het vergroten van het gebruik
is bovendien afhankelijk van «aanvullende keuzes en acties in aanbod, communicatie
en inrichting». Het gratis lidmaatschap is volgens AEF «vooral een voorwaardenscheppend
instrument».6 Het effect van semi-automatisch lidmaatschap op actief leesgedrag en kansengelijkheid
bij kinderen is empirisch beperkt aantoonbaar en stuit op privacy- en wetgevingskwesties
en andere drempels.7
AEF ziet gratis en semi-automatisch lidmaatschap in potentie als kansrijke instrumenten,
met de kanttekening dat ze niet vanzelf of hetzelfde effect hebben. De effectiviteit
hangt af van inbedding in een bredere aanpak met een duidelijk omschreven doel en
een daarbij aansluitende vorm. Bij (brede) invoering moet bovendien rekening gehouden
worden met de nodige beleidsmatige, financiële, juridische en operationele randvoorwaarden.
Beleidsreactie
Gratis bibliotheeklidmaatschap
Gratis lidmaatschap van de bibliotheek voor volwassenen is in verschillende vormen
in Nederland aan een opmars bezig. De laatste jaren groeit het aantal lokale initiatieven
snel. Inmiddels kunnen volwassen inwoners in meer dan de helft van de gemeenten gratis
lid worden van de bibliotheek.8 Deze ontwikkelingen volg ik met interesse, omdat een belangrijk doel van mijn bibliotheekbeleid
is dat openbare bibliotheken toegankelijk en bereikbaar zijn voor alle inwoners.
Uit het onderzoek komt naar voren dat gratis lidmaatschap het bereik van de bibliotheek
vergroot. Gratis lidmaatschap kan ook kansen bieden voor bibliotheken om inwoners
te bereiken met brede, maatschappelijke dienstverlening naast het uitlenen van materialen.9 Naast deze bemoedigende bevindingen zie ik echter belangrijke kanttekeningen. Zo
blijkt het ingewikkeld de effecten te meten van het invoeren van het gratis lidmaatschap:
initieel stijgt het aantal leden, maar het is niet te zeggen of het gratis lidmaatschap
ook leidt tot meer gebruik van de bibliotheek, zoals het lenen van boeken of deelname
aan activiteiten. De effecten op de langere termijn zijn onduidelijk. Gratis lidmaatschap
is geen doel op zich, maar een middel dat – om effectief te zijn – niet geïsoleerd
moet worden ingezet, maar in de lokale context ingebed en onderdeel van een bredere
aanpak moet zijn. Het is dan ook goed dat de sector zelf met een handreiking komt
voor het (deels) verruimen van het gratis lidmaatschap. Hierin komen inspirerende
voorbeelden met ervaringen en inzichten voor bibliotheken en gemeenten.10
Ik zie op dit moment onvoldoende bewijs dat een landelijk gratis bibliotheeklidmaatschap
leidt tot meer gebruik en een grotere maatschappelijke impact van de bibliotheek.
Daarnaast vragen de schaarse middelen om het maken van keuzes. De ervaring met de
wetswijziging in 2022 voor gratis jeugdlidmaatschap leert dat gemeenten gecompenseerd
moeten worden wanneer het gratis lidmaatschap uitgebreid zou worden in de Wsob naar
andere leeftijdsgroepen. Hier is geen budget voor. Ik juich lokale initiatieven toe
en blijf de ontwikkelingen met interesse volgen. Daarvoor vraag ik aan de Koninklijke
Bibliotheek om de verschillende varianten van gratis lidmaatschappen op lokaal niveau
te monitoren. Ik zal dit punt meenemen bij de wijziging van de regeling gegevenslevering
Wsob.
Ik merk hierbij nog op dat lokale initiatieven voor het gratis lidmaatschap voor volwassenen
alleen de fysieke bibliotheek kan betreffen. Voor toegang tot de online bibliotheek
moet immers aan een financiële drempelwaarde worden voldaan, zoals vastgelegd in het
Convenant e-lending.11
Tot slot heeft de bibliotheek door de invoering van gratis lidmaatschappen mogelijk
geen recht meer op btw-aftrek volgens de Wet op de omzetbelasting 1968. Zonder betaalde
– en met btw-belaste – lidmaatschappen kunnen bibliotheken de btw die zij betalen,
niet verrekenen met ontvangen btw.12
Automatisch bibliotheeklidmaatschap
In Nederland zetten bibliotheken al jaren en steeds intensiever in op leesbevordering
via onder meer programma’s als BoekStart en de Bibliotheek op School. Met deze bewezen
effectieve programma’s bereiken bibliotheken op dit moment meer dan een miljoen kinderen,
onder andere in de kinderopvang en het onderwijs.13 Via BoekStart kunnen ouders bovendien hun baby (gratis) lid maken van de bibliotheek.
Ook zetten veel bibliotheken via en naast de Bibliotheek op School samen met scholen
in op lidmaatschap van de reguliere openbare bibliotheek, met oudertoestemming. Drempels
voor lidmaatschap worden zo verlaagd, al kan het proces voor sommige doelgroepen nog
wel verbeterd worden. Ik zie hier een rol voor het bibliotheeknetwerk.
De onderzoekers hebben gekeken naar een beperkt aantal regionale semi-automatische
voorbeelden in het buitenland. Het onderzoek wijst niet overtuigend uit dat semi-automatisch
lidmaatschap leidt tot meer kansengelijkheid of actiever leesgedrag. Ook andere belemmeringen
spelen hierbij een rol.14 Daarnaast zijn deze voorbeelden vanwege onder meer juridische en operationele obstakels
niet eenvoudig te vertalen naar de Nederlandse context. Ik zie op basis van de bevindingen
uit het onderzoek op dit moment dan ook geen noodzaak hier verder stappen op te zetten.
Het automatische bibliotheeklidmaatschap, zowel vanaf de geboorte als bij schoolgaande
leeftijd, is op dit moment in Nederland juridisch niet mogelijk. Er is vooraf toestemming
nodig voor registratie van personen. Alleen bij zeer zwaarwegende kwesties, ik denk
bijvoorbeeld aan het orgaandonorschap, kan dit anders zijn. Een wettelijke grondslag
voor het uitwisselen van gegevens tussen bibliotheken en gemeenten ontbreekt en de
administratieve processen van de gemeente zijn niet aan die van externen gekoppeld.
Hierdoor is het verstrekken van een automatisch lidmaatschap bij de geboorteregistratie,
waartoe de motie van Kamerleden Rooderkerk en Kisteman oproept, uitgesloten.
Stand van zaken wetswijziging
De gewijzigde Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen15 is op 20 februari jl. bij uw Kamer ingediend, samen met het blanco advies van de
Raad van State. Centraal staat de invoering van een zorgplicht voor gemeenten en openbare
lichamen, met als doel dat de bibliotheek voor iedereen toegankelijk en bereikbaar
is. Hiervoor ontvangen gemeenten (vanuit het gemeentefonds) en openbare lichamen (vanuit
het gemeentefonds BES) vanaf 2027 jaarlijks een structurele bijdrage.
Ik hoor veel geluiden dat gemeenten en bibliotheken aan de slag gaan met het opstellen
van meerjarenbeleidsplannen – als onderdeel van de zorgplicht. Ik ben verheugd over
dit enthousiasme over de aanstaande wetswijziging, tegelijkertijd moet de wetswijziging
nog door uw Kamer en de Eerste Kamer behandeld worden. Na publicatie van de wet hebben
gemeenten nog een jaar voor het opstellen van hun meerjarenplannen. De volledige zorgplicht
plus het toezicht treedt drie jaar na publicatie in werking. Er is voor gemeenten
dus voldoende voorbereidingstijd om aan de zorgplicht te voldoen.
Tot slot is naar aanleiding van de gewijzigde Wsob momenteel een ministeriële regeling
in voorbereiding voor de inzet van bibliotheken bij leesbevordering in het onderwijs.
U bent op 11 juni 2025 geïnformeerd over de structurele beschikbare middelen vanaf
2027.16 De regeling treedt tegelijk met de gewijzigde Wsob in werking. Voor iedere bibliotheekorganisatie
is jaarlijks een bedrag beschikbaar waarmee bibliotheken samen met scholen invulling
kunnen geven aan de samenwerking. Voor de vormgeving van de regeling wordt vanuit
mijn departement gesproken met de bibliotheekpartijen VOB, SPN en de KB en met Stichting
Lezen.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, J.Z.C.M. Tielen
Indieners
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap