Brief regering : Informeren brede spaarcampagne en voortgang onderzoek spaargedrag
36 800 IX Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Financiën (IXB) en de begrotingsstaat van Nationale Schuld (IXA) voor het jaar 2026
Nr. 46
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 23 april 2026
Vandaag, 23 april 2026 is het startschot van een brede spaarcampagne, die het initiatief
is van de Stichting Financieel Gezond Nederland1 en het platform Wijzer in geldzaken2. Hierbij informeer ik u over deze campagne, de voortgang van het onderzoek naar spaargedrag
en de relatie tot eerdere toezeggingen.
Een gezonde spaarbuffer vergroot de weerbaarheid van huishoudens, doordat ze beter
kunnen omgaan met onverwachte uitgaven. Nederlandse huishoudens beschikken volgens
De Nederlandsche Bank (DNB) gezamenlijk over ruim € 640 miljard op betaal- en spaarrekeningen.3 Sparen is bovendien een gewoonte die diepgeworteld is; voor velen is de spaarzin
van huis uit meegegeven. Toch vertellen gemiddelden niet het hele verhaal. Zo leeft
27% van de huishoudens van loonstrook naar loonstrook omdat deze groep minder dan
één maandsalaris achter de hand heeft om tegenvallers op te vangen.4 Eén op de vijf huishoudens beschikt zelfs over minder dan € 1.000 aan spaargeld.5 Deze huishoudens zijn financieel kwetsbaar: een onverwachte uitgave, zoals een hogere
energierekening en/of een kapotte telefoon, kan al grote gevolgen hebben. Dergelijke
situaties kunnen het begin vormen van schulden.
Het is daarom in het belang van zowel huishoudens zelf als de samenleving als geheel
dat huishoudens beschikken over een financiële buffer. Door het Ministerie van Financiën,
de financiële sector en maatschappelijke partners worden daarom initiatieven ontplooid
om sparen en het aanleggen van financiële buffers te stimuleren. Hieronder ga ik nader
in op twee van deze initiatieven: een spaarcampagne en het onderzoek naar spaargedrag.
1. Brede spaarcampagne van Stichting Financieel Gezond Nederland en Wijzer in geldzaken
Op initiatief van Stichting Financieel Gezond Nederland en het platform Wijzer in
geldzaken werken publieke en private partijen samen aan een brede aanpak die sparen
normaliseert en toegankelijk maakt, juist voor huishoudens zonder financiële buffer.
Er is daarbij een centrale rol voor spaarinstrumenten waarvan eerder is gebleken dat
ze effectief zijn, zoals automatisch sparen wanneer het inkomen binnenkomt en het
stellen van spaardoelen. De grootste Nederlandse banken zullen deze instrumenten de
komende periode actief onder de aandacht brengen bij hun klanten. Het is de bedoeling
dat ook verschillende werkgevers een rol krijgen bij het stimuleren van spaargedrag.
Ik waardeer de wijze waarop de financiële sector zich onder andere met dit initiatief
inzet voor het financieel weerbaarder maken van Nederlandse huishoudens.
Op 19 december 2025 informeerde ik u over de opvolging van de ACM-aanbevelingen en
aangenomen moties over de spaarmarkt.6 Ik ging daarbij onder andere in op de door de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB)
en individuele banken toegezegde verbeteringen die moeten leiden tot meer transparantie
over spaarproducten en die aansluiten bij de behoeften van consumenten. Een van die
toezeggingen is dat banken doorgaan met uiteenlopende initiatieven voor het versterken
van financieel bewustzijn rondom vermogensopbouw. Ik vind deze spaarcampagne een goed
voorbeeld van de invulling die banken geven aan deze toezegging.
2. Gedragsonderzoek spaargedrag
Naar aanleiding van de door uw Kamer aangenomen motie Van Dijk c.s.7 en een motie Van Dijk en Stoffer8 is op 1 juli 2024 een gedragsonderzoek toegezegd naar het spaargedrag van huishoudens
met midden- en hoge inkomens met onvoldoende financiële buffers. Deze huishoudens
hebben in theorie de financiële ruimte om te kunnen sparen, maar maken in hun uitgavepatroon
een andere afweging. Volgens de Nationale Monitor Geldzorgen heeft 23% van de huishoudens
met een middeninkomen en 15% van de huishoudens met een hoog inkomen geen buffer ter
grootte van een maandsalaris.9 Dit maakt hen financieel kwetsbaarder dan nodig.
Het onderzoek richt zich specifiek op de vraag waarom deze groep, ondanks de potentiële
ruimte, toch geen buffer opbouwt. Het doel is om effectieve interventies voor het
stimuleren van spaargedrag te ontwikkelen, zodat deze kunnen worden overgenomen en
opgeschaald. De uitkomsten zullen breed worden gedeeld en op een toegankelijke manier
gepresenteerd, zodat de hele sector ervan kan profiteren.
Uit het onderzoek tot nu toe blijkt dat grofweg drie groepen zijn te onderscheiden.
Een eerste groep («het lukt me niet») ervaart belemmeringen om te sparen, enerzijds
door beperkte ervaren financiële ruimte, anderzijds door een gebrek aan spaargewoonte
en vertrouwen in eigen kunnen om het sparen vol te houden. Een tweede groep («ik wil
meedoen») ziet wel het belang van een spaarbuffer, maar ervaart relatief veel sociale
druk om te consumeren en heeft weinig inzicht in inkomsten en uitgaven. Een derde
groep («ik leef nu») maakt een bewustere keuze om niet te sparen en geeft de voorkeur
aan directe bestedingen, vaak in de verwachting dat eventuele financiële tegenvallers
later wel opgelost worden.
De eerste resultaten van het onderzoek zijn bemoedigend. Zo laat een panel-experiment
zien dat interventies effectiever zijn wanneer zij aansluiten bij deze gedragsinzichten.
Door rekening te houden met de psychologie van sparen kunnen mensen worden geholpen
om hun goede spaarvoornemens te starten én vol te houden. De eerste resultaten zijn
zodanig positief dat ING bereid is deze inzichten in de praktijk te toetsen binnen
de eigen bankomgeving. Ik waardeer de bijdrage die ING hiermee levert. Het onderzoek
zal hierna worden afgerond, waarna ik het later dit jaar aan uw Kamer zal toesturen.
Tot slot
Uit onderzoek blijkt dat investeren in preventie van financiële problemen niet alleen
huishoudens ten goede komt, maar ook bijdraagt aan het verminderen van maatschappelijke
kosten. 10 Ik zal mij daarom blijven inzetten voor het stimuleren van financiële weerbaarheid
en uw Kamer blijven informeren over verdere ontwikkelingen.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Indieners
E. Heinen, minister van Financiën