Brief regering : Appreciatie motie van het lid Vermeer over gelijktijdig met een Woo-publicatie een inhoudelijke reactie naar de Kamer sturen (Kamerstuk 36708-72)
36 708 Toeslagen
32 802
Toepassing van de Wet open overheid
Nr. 98
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 april 2026
Op woensdag 4 maart 2026 vond plenair een debat plaats in uw Kamer over het verstrekken
van op de zaak betrekking hebbende stukken bij opzet/grove schuld. Tijdens dit debat
heeft het lid Vermeer een motie ingediend1 over het gelijktijdig informeren van de Kamer met de Woo-publicatie. Ik heb toegezegd
schriftelijk een appreciatie te geven. Dat doe ik met deze brief.
De motie verzoekt het kabinet een protocol te ontwikkelen waarbij het kabinet proactief
en gelijktijdig met een Woo-publicatie, gerelateerd aan de hersteloperatie kinderopvangtoeslag,
een inhoudelijke reactie naar de Kamer stuurt, zodat de Kamer tijdig geïnformeerd
is over publiekelijk beschikbare informatie.
De motie heeft betrekking op het reeds bestaande Rijksbrede beleid2 dat bij Woo-verzoeken over onderwerpen waarvoor vanuit de Tweede Kamer aandacht bestaat,
de Tweede Kamer hierover als eerste of gelijktijdig met verzoeker wordt geïnformeerd.
Of de Tweede Kamer geïnformeerd moet worden over documenten die onder de Woo worden
verstrekt vereist een zorgvuldige afweging van geval tot geval. Het Ministerie van
Financiën past dit Rijksbrede beleid toe.
De aandacht voor dit betreffende memo geeft wel aanleiding voor het ministerie om
de interne Woo-processen ten aanzien van de hersteloperatie en de nasleep daarvan
verder aan te scherpen om te borgen dat de afweging om de Tweede Kamer te informeren
bij ieder Woo-verzoek expliciet plaatsvindt. De afweging om de Tweede Kamer te informeren
wordt daarmee een verplichte processtap in het Woo-proces. Het protocol waar de motie
om verzoekt krijgt op deze wijze vorm.
Het standaard informeren van de Tweede Kamer over alle Woo-besluiten leidt tot een
grote stukkenstroom, een toename van de doorlooptijd voor de behandeling van Woo-verzoeken
en daarmee een afname van het aantal Woo-verzoeken dat binnen de wettelijke termijn
kan worden afgedaan. Daarnaast bevat niet ieder Woo-besluit informatie waarvoor aandacht
bestaat vanuit uw Kamer. Dit blijft uiteindelijk dan ook altijd een afweging van geval
tot geval.
Met het reeds staande Rijksbrede beleid dat hierin voorziet en de toezegging dat het
ministerie het gevraagde protocol op deze wijze vormgeeft, acht ik de motie overbodig.
De Staatssecretaris van Financiën,
S.Th.P.H. Palmen
Ondertekenaars
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën