Brief regering : Appreciaties moties van het lid el Abassi ingediend tijdens tweeminutendebat Verkeersveiligheid (Kamerstuk 29398-1213 en 1213)
29 398 Maatregelen verkeersveiligheid
Nr. 1219
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 april 2026
Zoals door de Minister van IenW toegezegd tijdens het tweeminutendebat Verkeersveiligheid
op 8 april, stuur ik u hierbij schriftelijk de appreciaties op de twee moties van
het lid El Abassi (DENK).
De eerste motie die verzoekt te waarborgen dat de verkeersboetes primair worden ingezet
als instrument voor verkeersveiligheid en niet als begrotingsmiddel, geef ik oordeel
Kamer (Kamerstuk 29 398, nr. 1213). De motie is in lijn met eerdere mondelinge en schriftelijke toezeggingen aan uw
Kamer, namelijk dat ik de verkeerboetes niet bovenop de jaarlijkse indexering beleidsmatig
verhogen.
De tweede motie, die oproept om te verkennen hoe de verkeersboetes kunnen worden verlaagd
om zo de druk op de koopkracht te verlichten (Kamerstuk 29 398, nr. 1214), moet ik ontraden. In het kader van de kabinetsreactie op het rapport «Boetestelsels
in balans» is al uitvoerig gekeken naar mogelijkheden om de boetes te verlagen en
hiervoor de benodigde dekking te vinden. Dit is helaas niet mogelijk gebleken, en
er is nog steeds geen dekking om de verkeersboetes te verlagen. De motie bevat, net
als eerdere moties hierover, ook geen dekkingsvoorstel.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
D.M. van Weel
Indieners
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid