Brief regering : Appreciatie gewijzigd amendement van het lid Bikker over het slechts laten plaatvinden van digitaal vergaderen wanneer bijzondere omstandigheden in ernstige mate verhinderen dat kan worden bijeengekomen in een fysieke vergadering en de vergadering vanwege een zwaarwegend openbaar belang niet kan worden uitgesteld (Kamerstuk 36558-11)
36 558 Wijziging van de Gemeentewet, Provinciewet, Waterschapswet, Wet gemeenschappelijke regelingen en Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verband met een permanente regeling die beraadslagen en besluiten langs de elektronische weg voor decentrale volksvertegenwoordigingen mogelijk maakt (Wet digitaal vergaderen decentrale overheden)
Nr. 12
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 april 2026
In reactie op het gewijzigde amendement-Bikker (Kamerstukken II 2025–2026, 36 558, nr. 11) deel ik hierbij mede dat ik het amendement in gewijzigde vorm oordeel Kamer kan
laten. Gelet op hetgeen hierover tijdens de plenaire behandeling is gewisseld, blijf
ik van oordeel dat van decentrale overheden ook zonder dit amendement mag worden verwacht
dat zij prudent omgaan met de mogelijkheid die het wetsvoorstel in ongewijzigde vorm
biedt. Mocht de Kamer echter besluiten de wet aan te scherpen, dan zou het amendement
naar mijn oordeel tegemoetkomen aan de criteria zoals deze ook in de memorie van toelichting
en de nota naar aanleiding van het verslag zijn te vinden. Een fysieke vergadering
moet daadwerkelijk redelijkerwijs geen doorgang kunnen vinden en het uitstellen van
de vergadering moet geen reëel alternatief zijn. Dit komt tot uitdrukking in het feit
dat het amendement bepaalt dat digitaal vergaderen is toegestaan wanneer bijzondere
omstandigheden in ernstige mate verhinderen dat kan worden bijeengekomen in een fysieke
vergadering en de vergadering vanwege een zwaarwegend openbaar belang niet kan worden
uitgesteld.
Daarnaast bied ik u hierbij een nota van wijziging aan om de considerans bij het voorstel
in lijn te brengen met de inhoud van het voorstel. Abusievelijk is eerder verzuimd
ook in de considerans niet langer melding te maken van een mogelijkheid tot experimenteren
met hybride vergaderingen.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
P.E. Heerma
Indieners
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties