Brief regering : Reactie op o.a. verzoek van het lid Piri gedaan tijdens de Regeling van Werkzaamheden van 24 maart 2026 over kasschuif militaire steun Oekraïne
36 045 Situatie in Oekraïne
Nr. 289
BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 24 maart 2026
Met deze brief reageert het kabinet op twee verzoeken van uw Kamer om voorafgaand
aan het debat over vier jaar oorlog in Oekraïne geïnformeerd te worden over het beschikbare
budget voor militaire steun aan Oekraïne.
In de meest recente leveringsbrief1 over de steun aan Oekraïne werd uw Kamer geïnformeerd dat Defensie tot 2 februari
jl. ruim € 11,7 miljard aan militaire steun heeft gerealiseerd. Opeenvolgende kabinetten
hebben in totaal € 14,3 miljard toegekend aan militaire steun. Dit kabinet zet in
het Coalitieakkoord de militaire steun voort en stelt in de periode 2027 tot en met
2029 middelen ter beschikking om de militaire steun op circa € 3 miljard per jaar
te houden. Deze middelen zijn gereserveerd op de Aanvullende Post.
De begrote militaire steun aan Oekraïne voor 2026 bedraagt circa € 2,6 miljard. Het
kabinet bekijkt hoe de militaire steun voor Oekraïne verhoogd kan worden naar circa
€ 3 miljard in 2026. Hierover is uw Kamer eerder deze maand bij de begrotingsbehandeling
van Defensie geïnformeerd. Het kabinet werkt momenteel aan de Startnota waarmee het
Coalitieakkoord budgettair wordt verwerkt op de Rijksbegroting.
Uw Kamer heeft tevens verzocht een uitgebreid overzicht te ontvangen van de hierboven
genoemde bedragen. Een gedetailleerde brief hiervan vergt zorgvuldige uitwerking.
Uw Kamer zal deze op korte termijn ontvangen.
De Minister van Defensie,
D. Yeşilgöz-Zegerius
Ondertekenaars
D. Yesilgöz-Zegerius, minister van Defensie