Brief regering : Verslag van de Raad Algemene Zaken van 17 maart 2026
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 3367
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 21 maart 2026
Hierbij bied ik u het verslag aan voor de Raad Algemene Zaken van 17 maart 2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
VERSLAG RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 17 MAART 2026
Op 17 maart 2026 vond de Raad Algemene Zaken (RAZ) plaats in Brussel. De Minister
van Buitenlandse Zaken heeft deelgenomen aan deze Raad. Op de agenda stonden het Meerjarig
Financieel Kader (MFK), de voorbereiding van de Europese Raad (ER) van 19 maart, de
European Electoral act, en het Europees Semester 2026. Ook werd onder overige zaken gesproken over digital age verification en over nieuwe eigen middelen. Tevens wordt uw Kamer met dit verslag geïnformeerd
over de informele bijeenkomsten die plaatsvonden met Oekraïne en Moldavië in het kader
van hun EU-toetredingsproces, en over de Intergouvernementele Conferentie (IGC) met
Montenegro. Tot slot bevat dit verslag een weergave van de uitvoering van enkele moties
op het terrein van de rechtsstaat.
Meerjarig Financieel Kader
De Raad sprak in het kader van de onderhandelingen over het nieuwe Meerjarig Financieel
Kader (2028–2034) over governance. Er is brede overeenstemming tussen de lidstaten dat de toename van flexibiliteit
onder een nieuw MFK gepaard moet gaan met versterkte zeggenschap van de Raad en de
lidstaten, zowel via strategische sturing van de Raad ex ante als door betrokkenheid van de lidstaten via comitologie. De Commissie waarschuwde
voor een toename van administratieve lasten en vertraging door bovenmatige toepassing
van comitologieprocedures. Ook het kabinet is van oordeel dat administratieve processen
niet onnodig zwaar moeten worden. Naast governance benadrukte Nederland onder meer het belang van modernisering van het MFK, een realistisch
EU-budget met behoud van het correctiemechanisme op de bni-afdracht en het belang
van een sterke rechtsstaatconditionaliteit. Tijdens de Raad vond er een informele
lunch plaatst met de twee MFK co-rapporteurs van het Europees Parlement en de Voorzitter
van het Budgetcomité.
Voorbereiding Europese Raad, 19 maart
De Raad stond stil bij de nog altijd voortdurende Russische agressieoorlog in Oekraïne.
Lidstaten onderstreepten het belang om de aandacht voor Oekraïne niet te laten verslappen.
In dit licht riep een brede groep lidstaten, waaronder Nederland, op tot spoedig akkoord
op de steunlening voor Oekraïne en aanname van het twintigste sanctiepakket om de
druk op Rusland op te voeren. Daarnaast stond de Raad stil bij de situatie in het
Midden-Oosten. Een brede groep lidstaten, waaronder Nederland, benadrukte het belang
van een gecoördineerde EU-aanpak om te zorgen voor de-escalatie, het bevorderen van
een diplomatieke oplossing en het zoveel mogelijk beperken van de gevolgen van het
gewapend conflict voor de EU. Ook benadrukte Nederland dat de ontwikkelingen in het
Midden-Oosten niet los van elkaar kunnen worden gezien. Het gewapend conflict tussen
Israël, de Verenigde Staten en Iran zet de situatie in de Gazastrook, de Westelijke
Jordaanoever en Libanon verder onder druk.
De Raad wisselde tevens van gedachten over concurrentievermogen en de interne markt,
voortbouwend op de uitkomsten van de informele ER van 12 februari jl. Onderwerpen
die in dit kader aan bod kwamen waren o.a. de versterking van de interne markt, inclusief
de aangekondigde Roadmap, het verminderen van onnodige regeldruk, de inkadering van het Europees voorkeursprincipe
als onderdeel van het Commissievoorstel voor een Industrial Accelerator Act1, Europees technologisch leiderschap, het verminderen van risicovolle afhankelijkheden
en de verdieping van de kapitaalmarktunie. Ook stond de Raad stil bij de zorgen van
lidstaten over de betaalbaarheid van energie. Enkele lidstaten bepleitten uitstel
of afzwakking van bestaande klimaatregelgeving, waaronder het EU-emissiehandelssysteem
(ETS), en stelden marktingrijpen in het ontwerp van de elektriciteitsmarkt voor als
oplossingsrichting. Nederland heeft gewezen op het belang van het huidige energiemarktontwerp
voor leveringszekerheid en betaalbaarheid. Daarnaast onderstreepte Nederland dat het
ETS een kerninstrument is voor kostenefficiënte decarbonisatie.
De Raad stond tot slot kort stil bij de agendering van het Meerjarig Financieel Kader,
Europese defensie en veiligheid, migratie, multilateralisme, democratische weerbaarheid
en het beschermen van jongeren online tijdens de Europese Raad.
European Electoral act
De Raad ging zonder verdere discussie akkoord met het voorstel tot wijziging van de
Kiesakte, op initiatief van het Europees parlement. Daarin wordt geregeld dat stemoverdracht
(proxy voting) mogelijk wordt voor leden van het Europees parlement tijdens zwangerschap en na
geboorte.
Wat het kabinet betreft, moet het voorstel voor stemoverdracht gezien worden als opmaat
naar een tijdelijke vervangingsregeling en/of een uitbreiding voor vaderschapsverlof
en ziekteverlof.2 Nu binnen de Raad en het Europees parlement geen draagvlak lijkt te bestaan voor
een dergelijke maatregel van tijdelijke vervanging, meent het kabinet dat het verantwoord
is om te opteren voor het alternatief van stemoverdracht. In lijn met het kabinetsstandpunt,
legde Nederland een verklaring af, waarin wordt aangegeven dat het voorstel voor stemoverdracht
wat Nederland betreft gezien moet worden als opmaat naar een tijdelijke vervangingsregeling
en/of een uitbreiding voor vaderschapsverlof en ziekteverlof, alsmede dat het beginsel
van stemmen zonder last moet worden gewaarborgd.
Europees Semester 2026
Het Cypriotisch voorzitterschap introduceerde het zogenaamde Synthese rapport over
het Europees Semester. In het document zijn de onderwerpen weergegeven waarover in
verschillende Raadsformaties is gesproken in het kader van de eerste fase van het
Europees Semester 2026. Verder werd een update gegeven ten aanzien van de tijdslijn
van de 2026 cyclus van het Europees Semester. Ten slotte zijn de Eurozoneaanbevelingen
doorgeleid naar de Europese Raad. Het lentepakket met o.a. de Commissievoorstellen
voor landspecifieke aanbevelingen wordt begin juni verwacht.
Overige zaken
Digital age verification
Spanje vroeg aandacht voor het Europese pilot project voor een oplossing voor leeftijdsverificatie om minderjarigen online te beschermen
en vroeg de Commissie om met vervolgstappen te komen.3
Nieuwe eigen middelen
Onder AOB benadrukte Frankrijk het belang van nieuwe eigen middelen voor de EU. Nieuwe
eigen middelen zijn volgens Frankrijk noodzakelijk om de ambities van de EU te realiseren
en de druk van EU-afdrachten op nationale begrotingen te verminderen. Frankrijk suggereert
onder meer een digitale dienstenbelasting en vliegbelasting als nieuwe eigen middelen.
Informele bijeenkomsten met Oekraïne en Moldavië
Voorafgaand aan de RAZ is in twee afzonderlijke informele bijeenkomsten stilgestaan
bij de EU toetredingstrajecten van Oekraïne en Moldavië. Volgens de Commissie kunnen
met zowel Oekraïne als Moldavië alle onderhandelingsclusters worden geopend, te beginnen
met cluster 1, wanneer het formele besluitvormingsproces aanvangt en Hongarije zijn
blokkade op de opening van onderhandelingsclusters met Oekraïne opheft. Het kabinet
onderschrijft dit oordeel en is voornemens in te stemmen met het openen van Cluster
1 wanneer het besluit hierover voorligt, de Raad concludeert dat aan de opening benchmarks
is voldaan, en overeenstemming bereikt is over gepaste interim benchmarks. Nadat Cluster
1 geopend is, is het kabinet eveneens voornemens in te stemmen met het openen van
de vijf andere onderhandelingsclusters, wederom wanneer deze besluiten formeel voorliggen
en Nederlandse aandachtspunten in voldoende mate verankerd zijn.
Intergouvernementele conferentie (IGC) met Montenegro
Na afloop van de Raad vond een IGC met Montenegro plaats, waarbij het onderhandelingshoofdstuk
over trans-Europese netwerken (hoofdstuk 21) onder voorbehoud werd gesloten. Tijdens
de bijeenkomst werd aandacht besteed aan het belang van brede parlementaire steun
in Montenegro voor verdere hervormingen, en nadruk gelegd op de implementatie van
reeds aangenomen wetgeving en voortgang op het gebied van de rechtsstaat. In een Benelux-interventie
benadrukte Luxemburg dit eveneens, alsook het belang van het versterken van administratieve
en institutionele capaciteit. Een aantal lidstaten verwees naar de oprichting van
een Ad Hoc Werkgroep voor een toetredingsverdrag met Montenegro, dat naar verwachting
onder het Cypriotisch voorzitterschap zal plaatsvinden.
EU-Zwitserland
Op 24 februari jl. stemde de Raad in met de ondertekening van het brede pakket van
akkoorden tussen de EU en Zwitserland4. Vervolgens werd op 2 maart jl. het pakket ondertekend door de Zwitserse bondspresident
Guy Parmelin en de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen. Het
pakket zal naar verwachting deze zomer in het Europees parlement voorliggen ter goedkeuring.
Daarna zal een besluit tot sluiting aan de Raad voorgelegd worden. Ook aan Zwitserse
zijde dient besluitvorming plaats te vinden. Pas na het doorlopen van deze stappen
treedt het pakket van akkoorden in werking.
Moties
Op 4 maart jl. sprak de Minister van Buitenlandse Zaken met Eurocommissaris McGrath
voor Democratie, Justitie, Rechtsstaat en Consumentenbescherming over ontwikkelingen
op het terrein van de rechtsstaat. Mede ter uitvoering van de motie van het lid Klaver
c.s.5, riep de Minister de Commissie in dit gesprek op om het financiële rechtsstaatinstrumentarium
zo volledig mogelijk in te zetten tegen Hongarije vanwege de zorgen over de rechtsstaat.
Ook sprak de Minister, indachtig de motie van het lid Erkens c.s.6, zorgen uit over de aanvraag van Hongarije voor een lening onder het SAFE-instrument.
Deze aanvraag ligt momenteel nog ter beoordeling bij de Commissie voor.
Indieners
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken