Brief regering : De Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran en de mitigerende maatregelen die de regering neemt tegen de negatieve consequenties van de oorlog voor Nederland en Europa
23 432 De situatie in het Midden-Oosten
Nr. 631
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 maart 2026
Sinds zaterdag 28 februari 2026 hebben Israël en de Verenigde Staten meer dan 1.000
doelen in Iran aangevallen. Tijdens de eerste aanvalsgolf zijn Opperste Leider Khamenei
en naar verluidt 50 hooggeplaatste leden van het regime gedood. De daaropvolgende
aanvallen zijn gericht tegen de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC), raketinstallaties,
nucleaire faciliteiten, luchtmacht- en marine-installaties, communicatiecentra en
andere aan het regime gelieerde doelen. Hierbij zijn reeds meer dan 787 mensen om
het leven gekomen, volgens de Iraanse Rode Halve Maan vereniging.
In reactie op de Israëlische en Amerikaanse aanvallen heeft Iran honderden raketten
en UAV’s afgevuurd op Israël, Jordanië, Irak, Koeweit, Bahrein, Qatar, VAE, Oman en
Saoedi Arabië. Daarnaast is een militaire basis van het Verenigd Koninkrijk op Cyprus
aangevallen. Deze aanvallen hebben niet alleen schade aangericht aan Amerikaanse en
Israëlische militaire faciliteiten, maar ook aan civiele objecten als vliegvelden,
olietankers, havens en woonhuizen. Hierbij zijn tientallen burgerslachtoffers gevallen.
Het kabinet is solidair met de deze landen en veroordeelt met klem de Iraanse aanvallen
op de civiele infrastructuur van landen die niet betrokken waren bij dit conflict.
De veiligheid van Nederlanders heeft voor het kabinet de hoogste prioriteit. Het kabinet
leeft mee met alle Nederlanders in de regio en iedereen die zich zorgen maakt over
familie en naasten in de regio. Zoals u reeds per brief is meegedeeld, heeft het Ministerie
van Buitenlandse Zaken afgelopen zaterdag de crisisstructuur geactiveerd.1 Reisadviezen voor de regio zijn aangepast en Nederlanders worden doorlopend geinformeerd
over de ontwikkelingen en geldende adviezen via de BZ-Informatieservice. Nederlanders
in nood kunnen 24 uur per dag, 7 dagen in de week contact opnemen met het ministerie
via telefoonnummer +31 247 247 247.
Het kabinet brengt de consulaire hulpvraag van gestrande Nederlandse reizigers in
de regio in kaart. Tegelijkertijd worden de mogelijkheden om gestrande Nederlandse
reizigers in de regio consulair te ondersteunen onderzocht. Daarbij zoekt het kabinet
actief de samenwerking op met Europese en andere gelijkgezinde landen, alsmede met
de Nederlandse reisbranche. Verder stuurt het kabinet vandaag twee zgn. SCOT-teams2 naar de regio om consulaire steun te bieden aan gestrande Nederlanders. Deze teams
komen morgenochtend in de regio aan. Het kabinet staat in nauw contact met de Golfstaten
over de gestrande Nederlanders in de regio.
Veel van dit werk wordt gedaan door de medewerkers, uitgezonden en lokaal, werkzaam
op onze diplomatieke vertegenwoordigingen in de regio. Om die werkzaamheden veilig
te kunnen blijven doen, worden noodzakelijke maatregelen genomen om risico’s te mitigeren.
Dat wordt steeds gedaan o.b.v. het actuele dreigingsbeeld.
Het is nog niet duidelijk hoe lang het conflict zal duren. Het kabinet houdt momenteel
rekening met meerdere scenario’s. Het conflict heeft niet alleen gevolgen voor de
Iraanse bevolking en de regio, maar ook voor de rest van de wereld. Het kabinet heeft
oog voor de effecten die het conflict nu al heeft op Nederland en Europa en die bij
voortduring van het conflict sterker merkbaar zullen worden. Naast de consulaire belangen,
zijn voor voor Nederland energiezekerheid en maritieme veiligheid van prioritair belang.
Zo is (verdere) stijging van de energieprijs niet uit te sluiten, aangezien ca. 20%
van de wereldwijde olie en LNG door de Straat van Hormuz wordt vervoerd. Ook zal aanhoudend
conflict verdere gevolgen hebben voor de maritieme veiligheid en voor de luchtvaart.
Het kabinet heeft hierover contact met de relevante sectoren.
Nederland trekt nauw op met Europese partners en met partners in de regio om te zorgen
voor de-escalatie, een diplomatieke oplossing te bevorderen en de gevolgen van het
conflict voor Nederland zoveel als mogelijk te beperken. Tijdens de ingelaste Raad
Buitenlandse Zaken afgelopen zondag heeft Nederland ook daar aandacht gevraagd voor
de-escalatie, secundaire de gevolgen van het conflict voor Europa en solidariteit
met de Golfstaten. Het kabinet blijft alle partijen oproepen zich te houden aan het
internationaal recht.
Het is al lange tijd helder dat Iran een serieuze bedreiging vormt voor de vrede en
veiligheid in de regio. Zo heeft het kabinet al jarenlang grote zorgen over het Iraanse
nucleaire – en raketprogramma. Iran steunt niet alleen regionale terroristische organisaties
zoals Hamas en Hezbollah, maar verleent ook militaire steun aan Rusland voor de Russische
agressieoorlog in Oekraïne, en is verantwoordelijk voor liquidatiepogingen in het
Westen en Nederland. In deze context heeft het kabinet begrip voor het feit dat de
Verenigde Staten en Israël zich genoodzaakt voelden tot deze stap. Daarenboven mag
niet vergeten worden dat het Iraanse regime verantwoordelijk is voor zeer ernstige
mensenrechtenschendingen. Zo hebben handlangers van het regime begin dit jaar duizenden
vreedzame demonstranten om het leven gebracht. Israël zegt preëmptief te hebben gehandeld
om dreigingen tegen de staat Israel weg te nemen en de Verenigde Staten stelt te hebben
gehandeld vanwege een imminente dreiging, naast de aanhoudende nucleaire en ballistische
dreiging die van de Iran uitgaat. Het kabinet beschikt niet over voldoende informatie
om dit vast te stellen.
Het kabinet ziet daarnaast dat het conflict ook leidde tot een aanval van Hezbollah
op Israel en in reactie daarop bombardementen van Israel op Hezbollah in Zuid-Libanon
en Beiroet. De stabiliteit in Libanon komt hiermee verder onder druk te staan. Ook
blijft het kabinet oog houden voor de situatie op de Westelijke Jordaanoever en in
Gaza. Het kabinet verwelkomt de berichten dat Israel de grensovergangen met Gaza heropent
en blijft oproepen tot ongehinderde humanitaire toegang.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
Ondertekenaars
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken