Brief regering : AZWA-afspraken huisartsenzorg
33 578 Eerstelijnszorg
Nr. 172
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 maart 2026
Dit kabinet zet in op het verder versterken van de eerstelijnszorg en de toegankelijkheid
van de huisartsenzorg. Op dit moment zijn er teveel mensen die geen huisarts of geen
vaste huisarts hebben, terwijl een vertrouwd gezicht juist hier zo belangrijk is:
voor de uitkomsten van de zorg én voor het werkplezier van zorgverleners. Het beleid
van dit kabinet zal erop gericht zijn dat iedereen zich kan inschrijven bij een huisartsenpraktijk
in de buurt, met speciale aandacht voor regionale verschillen in problematiek en tekorten.
Het is positief dat het kabinet hierbij kan voortbouwen op het belangrijke werk dat
in de eerstelijnszorg al door de sector is ingezet onder voorgaande kabinetten. In
het Integraal Zorgakkoord (IZA)1, de Visie Eerstelijnszorg 20302 en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA)3 zijn belangrijke stappen gezet om de eerstelijnszorg, met de huisartsenzorg als spil,
te versterken. Zo wordt in elke wijk gewerkt aan hechte wijkverbanden van zorg- en
hulpverleners met minimaal de huisarts, wijkverpleegkundige, apotheker en een professional
vanuit het stevige lokale team van de gemeente, die in samenhang antwoord kunnen geven
op de vragen van inwoners uit hun wijk of buurt. In elke regio werken we aan sterke
regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden om zorgverleners te ondersteunen. En we
investeren in digitalisering, onder meer door de structurele inbedding van thuisarts.nl
in het zorglandschap.
Dit kabinet bouwt met volle kracht verder op deze ingezette beweging en het kabinet
is verheugd de Kamer met deze brief te kunnen informeren over een aantal belangrijke
stappen die zijn gezet bij de uitvoering van de AZWA-afspraken over de huisartsenzorg.
AZWA: brede en sectorspecifieke afspraken voor een sterke eerste lijn
In het AZWA zijn afspraken gemaakt over onder meer de arbeidsmarkt in de zorg, structurele
versterking van de eerstelijnszorg, het verlagen van administratieve lasten en het
gebruik van AI in de zorg. Deze brede afspraken dragen bij aan de toegankelijkheid
van zorg, waaronder de huisartsenzorg. Daarnaast zijn in het AZWA twee specifieke
afspraken gemaakt over de huisartsenzorg om de toegankelijkheid en continuïteit hiervan
duurzaam te borgen. Deze afspraken worden omschreven in hoofdstukken D3 en D4 van
het AZWA.
Afspraak D3 betreft de werkagenda huisartsenzorg, in lijn met de motie Mohandis c.s.4, met als doel dat huisartsen weer standaard gaan werken met een vaste patiëntenpopulatie.
In de werkagenda zijn afspraken gemaakt over:
• Het ontwikkelen van een landelijke functionerend ruil- en inschrijf systeem voor patiënten
in de huisartsenzorg;
• Het versterken van de kernwaarden in de huisartsenzorg;
• Een stevigere aanpak van huisvestingsproblematiek van huisartsen met aandacht voor
de financiële knelpunten die zij kunnen ervaren;
• Het onderzoeken van de mogelijkheden om actiever te sturen op de spreiding van huisartsen
over het land;
• Het gesprek met de NZa voeren over de wijze waarop de bekostiging nog beter kan bijdragen
aan de gezamenlijke beleidsdoelen.
In afspraak D4 zijn afspraken gemaakt over het toepassen van regionaal (financieel)
maatwerk door zorgverzekeraars om de continuïteit en toegankelijkheid van de huisartsenzorg
in elke regio te borgen. Denk hierbij o.a. aan het (oplossen van knelpunten rondom
het) werven, behouden of ondersteunen van praktijk houdend huisartsen, het starten,
overnemen of uitbreiden van praktijken of het introduceren van innovatieve vormen
van werken in de regio.
Met deze brief wordt u geïnformeerd over ontwikkelingen bij een aantal afspraken uit
de werkagenda D3 en over de uitvoering van afspraak D4.
AZWA D4: Leidraad Continuïteit en toegankelijkheid van de huisartsenzorg 2027/2028
Hoewel de huisartsenzorg landelijke uitdagingen kent, kenmerkt deze sector zich ook
door grote regionale verschillen. Het vereist dus ook regionaal en soms zelfs lokaal
maatwerk om knelpunten aan te pakken. In het AZWA hebben we daarin een belangrijke
stap gezet. Er is afgesproken dat zorgverzekeraars regionaal (financieel) maatwerk
gaan leveren op de plekken waar de continuïteit van huisartsenzorg nu of in de toekomst
in gevaar komt. Om ervoor te zorgen dat middelen daar worden ingezet waar deze het
hardst nodig zijn, hebben partijen afgesproken tot een landelijke leidraad te komen
die beschrijft hoe dit maatwerk wordt toegepast. Zorgverzekeraars vertalen deze leidraad
vervolgens naar het inkoopbeleid voor 2027.
Partijen zijn voortvarend met deze afspraak van start gegaan. Eind januari jl. is
de definitieve Leidraad continuïteit en toegankelijkheid van de huisartsenzorg 2027/2028 gepubliceerd. Deze is opgesteld door Zorgverzekeraars Nederland (ZN), in afstemming
met de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV), InEen en het Ministerie van VWS. De
leidraad geeft huisartsen, regionale huisartsenorganisaties (RHO’s) en zorgverzekeraars
een landelijk gedragen kader en stappenplan voor het ontwikkelen van regionale maatwerkafspraken
die helpen om de continuïteit en toegankelijkheid van de huisartsenzorg te borgen.
De RHO’s ontwikkelen vervolgens in samenwerking met de zorgverzekeraars een regionale
analyse van de toegankelijkheidsproblematiek en een daarbij passend maatwerkplan met
interventies die de toegankelijkheid van de huisartsenzorg moeten vergroten.
Om objectief te beoordelen hoe groot de problematiek in een regio is, zijn in de leidraad
indicatoren opgenomen die de komende maanden door partijen worden samengebracht in
een «signaleringsmatrix». Op basis van deze matrix wordt duidelijk waar de (verwachte)
knelpunten in toegankelijkheid en continuïteit het grootst zijn. De matrix is gebaseerd
op feitelijke data, zoals huisartsencapaciteit, uitstroom en mensen zonder huisarts.
Het doel van deze matrix is om objectief duidelijk te maken in welke regio’s de urgentie
voor maatwerkinvesteringen ten behoeve van het borgen van toegankelijke en continue
huisartsenzorg het grootste is.
Met de oplevering van deze leidraad doet het kabinet ook de toezegging af om de Kamer
te informeren over de uitkomsten van de verkenning met zorgverzekeraars om te sturen
op de continuïteit van huisartsenzorg in de regio.5
AZWA D3 werkagenda – onderdeel versterken kernwaarden huisartsenzorg
In het AZWA zijn afspraken gemaakt om te verkennen hoe de kernwaarden van de huisartsenzorg verder kunnen worden versterkt en geconcretiseerd naar
werkbare en toetsbare uitgangspunten of normen. De kernwaarden van de huisartsenzorg
zijn: persoonsgericht, medisch-generalistisch, continu en gezamenlijk. Deze verkenning wordt gedaan met het oog op beter toezicht door de Inspectie Gezondheidszorg
en Jeugd (IGJ) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), en ten behoeve van de contractering
door zorgverzekeraars. Dit moet bijdragen aan het borgen van de kwaliteit, toegankelijkheid
en continuïteit van de huisartsenzorg en het voorkómen van initiatieven die niet voldoen
aan deze kernwaarden. Met deze afspraak wordt opvolging gegeven aan een aanbeveling
van de Inspectie Gezondheidszorg & Jeugd (IGJ) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)
in hun rapport over ketenvorming in de huisartsenzorg om met name de kernwaarden persoonsgericht en continu nader te concretiseren. Eerder is de Kamer uitgebreid over dit rapport en de opvolging
daarvan geïnformeerd6.
Onder onafhankelijke begeleiding van Zorginstituut Nederland en in afstemming met
toezichthouders, zorgverzekeraars en de Patiëntenfederatie Nederland, heeft de beroepsgroep
– vertegenwoordigd door de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) en het Nederlands
Huisartsen Genootschap (NHG) – deze verkenning uitgevoerd. Het concretiseren van de
genoemde kernwaarden is een zorgvuldig afwegingsproces gebleken. Enerzijds is concretisering
nodig om kwalitatief goede huisartsenzorg te borgen en om toezichthouders en zorgverzekeraars
voldoende handvatten te geven om via de zorginkoop en het toezicht onderscheid te
kunnen maken tussen wenselijke en onwenselijke situaties. Anderzijds kan een te vergaande
concretisering huisartsen beknellen in de organisatie van hun werk en leiden tot onnodige
administratieve lasten voor goedwillende huisartsen(praktijken). Ook beperkt vergaande
concretisering de ruimte voor vernieuwing en nieuwe initiatieven.
Deze verkenning van de beroepsgroep heeft geresulteerd in een handreiking waarin de
vier kernwaarden van de huisartsenzorg worden geduid en vertaald naar uitgangspunten
voor de organisatie en borging van huisartsenzorg. De handreiking neemt onder meer
positie in op het gebied van continuïteit van zorg voor alle patiënten, schaalgrootte
en personele bezetting, governance en de grenzen van digitale huisartsenzorg. Deze
handreiking is als bijlage meegezonden met deze brief. Met deze stap doet het kabinet
ook de toezegging af de Kamer te informeren over de uitkomsten van de gesprekken over
het concretiseren van de kernwaarden in de huisartsenzorg.7
De handreiking biedt een gezamenlijk referentiekader voor partijen bij het duiden
van verantwoorde huisartsenzorg in een veranderend zorglandschap en ondersteunt de
toepassing van de kernwaarden in praktijk, toezicht en contractering. Zorgverzekeraars
zullen dit document ook vertalen naar hun inkoopbeleid voor 2027. Tegelijkertijd is
nog niet zeker dat de handreiking toezichthouders en zorgverzekeraars in de praktijk
voldoende houvast geeft. Daarom is met betrokken partijen afgesproken in dezelfde
samenstelling te blijven samen komen om de handreiking aan de praktijk te toetsen.
Op basis van input van zorgverzekeraars en IGJ uit de praktijk zal het document waar
nodig verder worden aangescherpt. Hiertoe blijven partijen de bestaande werkgroep
gebruiken om signalen en casuïstiek gezamenlijk te duiden, zodat hiervan geleerd kan
worden.
Het kabinet is de betrokken partijen dankbaar voor het doorlopen van dit complexe
proces en voor hun bereidheid om gezamenlijk de grenzen op te zoeken van wat mogelijk
en verantwoord is. Het kabinet is ervan overtuigd dat we de komende jaren op deze
manier samen de kernwaarden van de huisartsenzorg kunnen borgen en versterken.
Tot slot wordt de Kamer in dit deel van de brief geïnformeerd over de uitvoering van
de motie van de leden Dijk en Bushoff8 die naar aanleiding van de situatie rond (het faillissement van) Co-Med het kabinet
verzoekt in overleg te treden met zorgverzekeraars om een plan te maken om huisartsenpraktijken
van private-equitybedrijven tijdelijk onder beheer te nemen wanneer deze failliet
gaan zodat patiënten bij hun eigen huisarts kunnen blijven.
Het Ministerie van VWS heeft, samen met de betrokken partijen, het faillissement van
Co-Med laten evalueren. De Kamer is over de uitkomst van deze evaluatie geïnformeerd.9 Toezichthouders, zorgverzekeraars en het Ministerie van VWS werken aan de verdere
uitwerking en implementatie van de leerpunten uit deze evaluatie. Via deze route zal
het kabinet in overleg treden met zorgverzekeraars over de motie van de leden Dijk
en Bushoff.
Het huidige beleid biedt al ruimte voor zorgverzekeraars om praktijken onder tijdelijk
beheer te nemen in geval van faillissement. Om ongecontroleerde faillissementen van
instellingen, waar patiënten en cliënten de dupe van kunnen worden, te voorkomen heeft
VWS het zogenoemde continuïteitsbeleid. Dit beleid beschrijft hoe om te gaan met instellingen
in financiële problemen. Het is er op gericht continuïteit van zorg te borgen en ongecontroleerde
faillissement te voorkomen. Het is dus niet per se gericht op continuïteit van de
instelling. De kern is dat zorgaanbieders verplicht zijn om continuïteitsproblemen
te melden bij hun zorginkopende partijen (zoals zorgkantoren en zorgverzekeraars).
Zorgkantoren en zorgverzekeraars zijn weer verplicht dit te melden bij de NZa. Dit
heet het early warning systeem (EWS). Bij problemen in instellingen, dus ook bij huisartsenpraktijken
van private-equitybedrijven, zijn de zorginkopende partijen op grond van hun zorgplicht
verplicht de continuïteit van zorg te borgen en de NZa ziet hierop toe. Pas in het
uiterste geval wanneer betrokken partijen er zelf niet in slagen om tot een passende
oplossing te komen, dan kan regie vanuit het Ministerie van VWS nodig zijn.
Zorgverzekeraars en betrokken partijen bekijken in geval van dreigend faillissement
wat de mogelijkheden zijn en wat in dat specifieke geval de beste oplossing is om
de continuïteit van zorg voor patiënten te borgen. Eén van die mogelijkheden is het
tijdelijk in beheer nemen van een praktijk. Gebruikelijk is dat zorgverzekeraars samenwerken
met curatoren om op zoek te gaan naar een opvolger die de continuïteit van zorg het
beste kan bieden. Door deze motie te betrekken bij de opvolging van de evaluatie van
Co-Med en omdat het in de praktijk al tot de mogelijkheden behoort om een praktijk
tijdelijk onder beheer te nemen en de verantwoordelijkheden in het kader van EWS helder
zijn beschreven, beschouwt het kabinet deze motie als afgedaan.
AZWA D3 werkagenda – onderdeel bekostiging
In het kader van dit onderdeel van AZWA-afspraak D3 is het kabinet samen met LHV,
InEen, ZN, de Patiëntenfederatie en de NZa in gesprek over de vraag hoe de bekostiging
kan bijdragen aan de gezamenlijke beleidsdoelen in de huisartsenzorg. De bekostiging
van de huisartsenzorg is gebaseerd op jaren van onderzoek en ontwikkeling en vele
jaren van doorontwikkeling, dus het kabinet hecht eraan een zorgvuldig proces te lopen
alvorens te besluiten of aanpassingen noodzakelijk en gewenst zijn. Dit zorgvuldige
proces omvat onder meer een gedegen probleemanalyse van de huidige situatie, waarmee
het kabinet inmiddels is gestart. Dit doet het kabinet in nauwe samenwerking met genoemde
partijen. Deze gesprekken zijn ambtelijk reeds gestart, maar in tegenstelling tot
de toezegging van het vorige kabinet nog niet zo ver dat de Kamer over de uitkomsten
kan worden geïnformeerd in Q1. Het kabinet informeert de Kamer voor de zomer van 2026
over de voortgang van dit proces.
AZWA D3 werkagenda – onderdeel monitoring
In het AZWA is ook afgesproken dat partijen belangrijke ontwikkelingen in de huisartsenzorg
monitoren, zoals het aantal mensen zonder huisarts en het aantal huisartsen dat met
een vaste patiëntenpopulatie werkt. Het Nivel publiceert sinds december 2025 cijfers
over de huisartsenzorg, inclusief personeelssamenstelling, patiëntenstops, werkdruk
en arbeidsmarktknelpunten van huisartsenpraktijken in een dashboard.10 Hierin is in één oogopslag zichtbaar hoe de huisartsenzorg er in verschillende delen
van Nederland voorstaat en is het mogelijk om trends door de jaren heen te vergelijken.
Het kabinet heeft de Kamer in reactie op het schriftelijk overleg inzake huisartsenzorg
de toezegging gedaan dat de Minister met het Nivel in gesprek gaat over de verdere
verdieping op het rapport over patiëntenstops bij huisartsenpraktijken.11 Middels de publicatie van dit dashboard is deze toezegging afgedaan.
De Kamer wordt meerdere keren per jaar middels de IZA/AZWA-monitoring geïnformeerd
over de voortgang op de gemaakte afspraken en de situatie in de huisartsenzorg.
Tot slot
De eerstelijnszorg vormt het fundament van ons zorgstelsel. Het is van groot belang
dat iedere inwoner toegang heeft tot huisartsenzorg in de eigen omgeving die toegankelijk
en toekomstbestendig is. Het kabinet is daarom blij om te zien hoe hard hier door
alle betrokken partijen aan gewerkt wordt. De komende tijd gaan we samen met deze
partijen verder aan de slag om alle afspraken in de praktijk te brengen.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
S.Th.M. Hermans
Ondertekenaars
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport