Brief regering : Voorhang Besluit Verbetering aansluiting beroepsonderwijs- arbeidsmarkt
36 670 Wijziging van de Wet educatie en beroepsonderwijs en een aantal andere wetten in verband met het verbeteren van de aansluiting van het beroepsonderwijs op de arbeidsmarkt (verbetering aansluiting beroepsonderwijs-arbeidsmarkt)
Nr. 8 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Ontvangen ter Griffie op 13 februari 2026.
De voordracht voor de vast te stellen algemene maatregel van bestuur is aan de Kamer
overgelegd tot en met 23 maart 2026.
De voordracht voor de vast te stellen algemene maatregel van bestuur kan niet eerder
worden gedaan dan op 24 maart 2026.
Bij deze termijn is rekening gehouden met de recesperiode van de Tweede Kamer
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 februari 2026
Hierbij bied ik uw Kamer aan het ontwerpbesluit tot wijziging van diverse besluiten
in verband met de Wet Verbetering aansluiting beroepsonderwijs-arbeidsmarkt. Voor
de inhoud van het ontwerpbesluit verwijs ik de leden naar de ontwerp nota van toelichting.
De voorlegging geschiedt in het kader van de wettelijk voorgeschreven voorhangprocedure,
bedoeld in artikel 25 van de Wet register onderwijsdeelnemers en biedt uw Kamer, voor
zover het betreft artikel I, onderdelen D en E, van het ontwerpbesluit, de mogelijkheid
zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het aan de Afdeling advisering
van de Raad van State zal worden voorgelegd en vervolgens zal worden vastgesteld.
Op grond van de aangehaalde bepalingen geschiedt de voordracht aan de Koning ter verkrijging
van het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over het ontwerpbesluit
niet eerder dan vier weken nadat het ontwerpbesluit aan beide Kamers der Staten-Generaal
is overgelegd. Op grond van aanwijzing 2.38 van de Aanwijzingen voor de regelgeving
wordt deze termijn in verband met het voorjaarsreces van uw Kamer verlengd, zodat
ten minste drievierde deel van de voorhangtermijn buiten het reces valt.
Er wordt gestreefd naar inwerkingtreding van het besluit met ingang van 1 augustus
2026.
Een gelijkluidende brief heb ik heden gezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer
der Staten-Generaal.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, G. Moes
Ondertekenaars
G. Moes, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap