Brief regering : Stand van zaken discriminatie en racisme 2026
30 950 Racisme en Discriminatie
Nr. 510
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 februari 2026
Middels deze Kamerbrief stel ik u op de hoogte van de stand van zaken van enkele moties,
toezeggingen, acties en lopende trajecten binnen de portefeuille discriminatiebestrijding
op het terrein van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Niet alle lopende moties en toezeggingen worden in deze brief behandeld. Op diverse
trajecten moeten besluiten worden genomen alvorens uw Kamer kan worden geïnformeerd.
Die besluiten laat ik aan een volgend kabinet, dat u vervolgens daarover zal informeren
in de eerstvolgende voortgangsbrief over de aanpak van discriminatie en racisme.
1. Institutionele discriminatie en risicoprofilering
Discriminatietoets in het Beleidskompas: aanvullende handreiking Inclusief Beleid
Naar aanleiding van de motie van de leden Ceder (CU) en Azarkan (DENK)1 verkent het kabinet op welke wijze gehoor kan worden gegeven aan het verzoek om een
(expliciete) discriminatietoets op te nemen in het Beleidskompas (voorheen het Integraal
Afwegingskader). Dit wordt via verschillende trajecten opgepakt. Voor wet- en regelgeving
is dit middels de handreiking constitutionele toetsing ondervangen: onderdeel daarvan
is dat voorgenomen wet- en regelgeving wordt getoetst aan het verbod van discriminatie
in artikel 1 van de Grondwet.2 Voor beleid wordt er in samenwerking met VWS, OCW en JenV een aanvullende handreiking
Inclusief Beleid ontworpen. Deze handreiking, bedoeld als living document, gaat verder dan het opnemen van een discriminatietoets. Deze richt zich nadrukkelijk
ook op het actief bewustmaken van ambtenaren van het belang van een inclusieve benadering
en op de vraag hoe beleidsmedewerkers hier concreet invulling aan kunnen geven. Het
streven is om u hierover in de eerstvolgende voortgangsbrief verder te informeren.
2. Bescherming tegen discriminatie op de BES-eilanden
Rechtshulp BES-eilanden
Op 1 januari 2026 is de wet Bescherming tegen discriminatie op de BES in werking getreden.
Een belangrijke stap is de oprichting van een voorziening op elk eiland voor gratis
rechtshulp en hulp bij discriminatie (op Bonaire: Lokèt Hurídiko, op Sint-Eustatius
en Saba: Legal Desk). Het loket, waarvoor momenteel personeel wordt geworven, werkt
er hard aan om zo snel mogelijk met haar dienstverlening te kunnen starten. In april
is een feitelijke opening van het loket voorzien, en later dit jaar een officiële
opening.
3. Moties en toezeggingen
Toezegging Bamenga (D66) gesprek Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) over
de totaalaanpak van het strafrechtelijk traject ten aanzien van hatecrimes gericht
tegen Nederlanders en de rol van politie en justitie hierin3
Zoals toegezegd in het commissiedebat over discriminatie, racisme en mensenrechten
van 11 september 2025 (Kamerstuk 30 950, nr. 502) is er gesproken met JenV over de door het lid Bamenga in het debat genoemde schrijnende
gevallen waarin een actie van politie of OM heeft geleid tot haatmisdrijven tegen
een (voormalige) verdachte en diens familie. In het commissiedebat vroeg het lid Bamenga
om in gesprek te gaan met JenV over de totaalaanpak van het strafrechtelijk traject
en mogelijkheden van inzage in stukken, eerherstel en excuses door de Minister van
JenV.
Daarover kan ik het volgende zeggen. De besluitvorming over aanhoudingen valt onder
het gezag van het Openbaar Ministerie. Aanhoudingen kunnen alleen worden verricht
wanneer er concrete verdenkingen zijn van strafbare feiten. Daarbij hebben het Openbaar
Ministerie en de politie in hun optreden vanzelfsprekend altijd rekening te houden
met geldende rechtsbeginselen, waaronder de beginselen van proportionaliteit, subsidiariteit,
kinderrechten, de onschuldpresumptie en alle andere relevante omstandigheden. Van
een aanhouding enkel om een signaal af te geven mag dan ook nooit sprake zijn.
Bij incidenten die leiden tot maatschappelijke onrust of grote publieke belangstelling
is het gebruikelijk dat de politie, in afstemming met de betrokken partners, zo snel
mogelijk communiceert over ontwikkelingen in een onderzoek, zoals een aanhouding van
een verdachte. Als na de aanhouding van de verdachte uit onderzoek blijkt dat de eerder
als verdachte aangemerkte persoon toch niet de persoon is die de strafbare feiten
heeft gepleegd, dan wordt deze persoon daarover geïnformeerd. Uiteraard is dit niet
de inzet, maar het is nooit helemaal te voorkomen dat ten aanzien van een persoon
die op enig moment als verdachte wordt gezien op basis van nader onderzoek geen verdenking
meer bestaat.
Wanneer sprake is van een, naar achteraf blijkt, onterechte verdenking die heeft geleid
tot schade, materieel of immaterieel, staat het eenieder vrij te proberen de vermeende
schade vergoed te krijgen. De diensten van een advocaat kunnen daarbij behulpzaam
zijn. De kosten van rechtsbijstand kunnen onder bepaalde voorwaarden ook voor vergoeding
in aanmerking komen. Ook kunnen burgers klachten indienen bij de verschillende betrokken
organisaties zoals het Openbaar Ministerie. Eventueel kan de burger vervolgens deze
klachten voorleggen aan de Nationale ombudsman.
Het past noch mij, noch de Minister van JenV om te treden in de besluitvorming van
het Openbaar Ministerie in individuele zaken. Deze bevoegdheid behoort toe aan het
Openbaar Ministerie, en enig ingrijpen van het kabinet zou een inbreuk zijn op de
onafhankelijkheid van het Openbaar Ministerie.
4. Bijeenkomsten en gesprekken
Gesprek met het Collectief Jonge Moslims (CJM) en Moslim Studenten Associatie NL (MSA
NL)
Op 18 december 2025 heb ik gesproken met vertegenwoordigers van de moslimjongerenorganisaties
Collectief Jonge Moslims (CJM) en Muslim Student Association (MSA) NL. We hebben gesproken
over burgerschap, de gedeelde verantwoordelijkheid die daarbij komt kijken, de eigen
kracht van de gemeenschap en hoe het bestrijden van moslimdiscriminatie kan bijdragen
aan volwaardig burgerschap, waarbij taal en nuances van essentieel belang zijn. Het
bijdragen aan een betere beeldvorming van moslims heeft een normerend effect, en taal
is het middel om dat te bewerkstelligen. Zo hebben we gereflecteerd op de vraag hoe
het komt dat er bij beeldvorming over incidenten bij personen met een Arabische achtergrond
vaak direct een link wordt gelegd met het moslim-zijn, terwijl de vraag naar geloofsovertuiging
minder vaak wordt betrokken bij personen met een andere achtergrond. Ik heb gevraagd
om een reflectie vanuit de gemeenschap over hoe men zelf denkt dat dit komt en waar
zien de moslimjongeren zelf kansen om die koppeling te doorbreken. Ik verwacht in
een volgend gesprek terugkoppeling over deze vraagstelling te ontvangen, welke ik
dan met de Kamer zal delen. Het was een kritisch, maar goed gesprek en ik heb beloofd
de gesprekscycli aan de volgende Minister van BZK over te dragen.
Opening kindvriendelijke ADVs
Het VN-kinderrechtencomité heeft Nederland in februari 2022 onder andere de aanbeveling
gedaan om antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s) in Nederland kindvriendelijk te maken.
Op basis van deze aanbeveling heeft het kabinet besloten Discriminatie.nl te ondersteunen
bij het kindervriendelijk maken van ADV’s. Na een pilot zijn inmiddels consulenten
van alle ADV’s in Nederland getraind en opgeleid om hun dienstverlening specifiek
toe te passen op kinderen en jongeren. Tijdens de landelijke lancering van Discriminatie.nl/Jeugd
– zoals de kindvriendelijke ADV’s heten – vandaag, 10 februari 2026, zal ik een keurmerk
lanceren waarmee ADV’s aan de buitenwereld duidelijk kunnen laten zien dat zij kindvriendelijk
zijn. De aanbeveling van het VN-kinderrechtencomité is hiermee overgenomen en uitgevoerd
door het kabinet.
Symposium toekomst gelijkebehandelingswetgeving
Naar aanleiding van de evaluatie van het College voor de Rechten van de Mens van de
gelijkebehandelingswetgeving die ik u bij brief van 26 september 2025 heb toegezonden
met een kabinetsreactie4 en de preadviezenbundel «Samen voor gelijkheid. Een toekomstvisie op het non-discriminatierecht»
van de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme van december 2025 organiseert
het Ministerie van BZK een congres over de toekomst van de gelijke behandelingswetgeving
op 19 maart 2026.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
F. Rijkaart
Ondertekenaars
F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties