Brief regering : Fiche: Mededeling herziening actieplan Europese Unie voor de Alpenregio
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4262
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 6 februari 2026
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij 7 fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche – Pakket EU-netwerken (Kamerstuk 22 112, nr. 4260).
Fiche – Omnibuspakket veiligheid van voedsel en diervoeder (Kamerstuk 22 112, nr. 4261).
Fiche – Mededeling herziening actieplan Europese Unie voor de Alpenregio.
Fiche – Mededeling Routekaart voor kwaliteitsbanen (Kamerstuk 22 112, nr. 4263).
Fiche – Herziening precursorenwetgeving (Kamerstuk 22 112, nr. 4264).
Fiche – Aanbeveling voor het openen van onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk
(VK) over deelname aan de interne elektriciteitsmarkt en een bijdrage van het VK aan
cohesiefondsen (Kamerstuk 22 112, nr. 4265).
Fiche – Pakket Militaire Mobiliteit (Kamerstuk 22 112, nr. 4266).
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Fiche: Mededeling herziening actieplan Europese Unie voor de Alpenregio
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch
en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s over het herziene actieplan van de
macroregionale strategie van de EU voor het Alpengebied.
b) Datum ontvangst Commissiedocument
11 december 2025
c) Nr. Commissiedocument
COM(2025) 750
d) EUR-Lex
EUR-Lex – 52025DC0750 – EN – EUR-Lex
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie Raad voor Regelgevingstoetsing
SWD(2025) 403 final
f) Behandelingstraject Raad
Bespreking in Raad Algemene Zaken
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Buitenlandse Zaken
2. Essentie voorstel
De EU-strategie voor het Alpengebied (EUSALP) en het bijbehorende actieplan is in
2015 vastgesteld door de Europese Commissie (hierna: Commissie) en op 28 juni 2016
goedgekeurd door de Europese Raad. Deze EU-strategie heeft tot doel een kader tot
stand te brengen voor gouvernementele en niet-gouvernementele samenwerking tussen
verschillende belanghebbenden, ter bevordering van grensoverschrijdende strategische
benaderingen, projecten, netwerken en samenwerking op gebieden die van belang zijn
voor het Alpengebied als geheel.1 Nieuwe externe omstandigheden in de Alpenregio, zoals de socio-economische gevolgen
van de Covid-pandemie, versterkte effecten van klimaatverandering en snelle technologische
vooruitgang gecombineerd met nieuwe en geüpdatete EU-initiatieven, zoals de Clean
Industrial Deal, maken een update van deze strategie noodzakelijk. Met deze update
beoogt de Commissie de strategie en het bijbehorend actieplan te laten aansluiten
op de huidige geopolitieke en beleidsuitdagingen. Daarnaast hebben, na tien jaar implementatie,
de interne structuren en processen van de strategie zich verder ontwikkeld en zijn
nieuwe organen en bestuursmechanismen tot stand gekomen.
Nieuw aan dit herziene actieplan is ten eerste een op missies gebaseerde aanpak. De
missies zijn bedoeld om sterkere verbanden tussen de acties en projecten op een specifiek
gebied te creëren. Het aanwijzen van een missierapporteur, een door de algemene vergadering
benoemde gekozen politicus, zorgt voor nauwere politieke betrokkenheid. De algemene
vergadering is het hoogste politieke besluitvormingsorgaan voor de strategie en stelt
de strategische prioriteiten en doelstellingen vast. Ten tweede hebben er wijzigingen
plaatsgevonden in het bestuurssysteem van de strategie. De afgelopen jaren zijn de
procedures en het bestuur aanzienlijk geëvolueerd. Het herziene actieplan bevat een
overzicht van alle bestaande structuren, namelijk: de raad van leiders van de actiegroepen,
het voorzitterschapstrio, een jongerenraad en technische ondersteuning van het secretariaat.
Net als het huidige actieplan focust het herziene actieplan op drie thematische beleidspijlers:
1) economische groei en innovatie; 2) mobiliteit en connectiviteit; en 3) milieu en
energie.
De eerste pijler heeft tot doel een concurrerende en innovatieve economie in het Alpengebied
op te bouwen die zowel circulair als klimaatneutraal is. De Commissie zet hierbij
in op versterking van een doeltreffend onderzoeks- en innovatie-ecosysteem door het
scheppen van een gunstig klimaat voor onderzoek en innovatie waarmee groei wordt gestimuleerd.
Ook zet de Commissie in op vergroting van het economisch potentieel van strategische
sectoren door de waarde van die sectoren in kaart te brengen en beter te benutten,
en door meer in te zetten op arbeidsmarktbeleid en onderwijs en opleiding voor strategische
sectoren. Doel is om de arbeidsmarkt af te stemmen op de behoeftes van het bedrijfsleven.
De tweede pijler werkt toe naar een beter toegankelijk Alpengebied met goede onderlinge
verbindingen. Dit wil men bereiken door bij te dragen aan duurzame vervoers- en mobiliteitsoplossingen
en daarbij gebruik te maken van digitalisering en nieuwe technologieën.
De laatste pijler stuurt aan op een hoog niveau van ecologische connectiviteit en
een ecologisch duurzame regio, die in staat is zich aan te passen aan klimaatverandering
en de gevolgen daarvan te beperken. De acties die de Commissie in dit kader voorstelt
zijn gericht op het behouden en benutten van de waarde van natuurlijke en culturele
hulpbronnen door nadrukkelijk te streven naar een zorgvuldig evenwicht tussen behoud
en duurzaam gebruik, het ontwikkelen van de ecologische connectiviteit in het hele
Alpengebied door de biodiversiteit en ecosysteemdiensten in stand te houden, te verbeteren
en te herstellen, het ontwikkelen van blauwe en groene infrastructuur, het verbeteren
van het beheer van milieurisico’s en klimaatverandering door een beter begrip en beheersing
van de risico’s van milieuschade en klimaatverandering, en het maken van een model
voor energie-efficiëntie en hernieuwbare energie.
Deze drie thematische pijlers zijn geëvolueerd ten opzichte van de strategie uit 2015.
Ook dragen de actiegroepen bij aan een sterk gevoel van verantwoordelijkheid bij de
deelnemers in de hele regio door gebruik te maken van uitgebreide netwerken en de
samenwerking af te stemmen op politieke doelstellingen. Implementatie van de strategie
wordt bepaald door het actieplan, dat als referentiekader dient voor de algemene vergadering,
de raad van bestuur en de actiegroepen. Het actieplan helpt hen bij het opstellen
van hun werkplannen op basis van de door de algemene vergadering goedgekeurde missies.
De werkplannen zijn driejaarlijkse programma’s om de doelstellingen van het actieplan
en de missies te vertalen in concrete resultaten.
3. Nederlandse positie ten aanzien van de mededeling/aanbeveling
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Nederland heeft belang bij initiatieven die het functioneren van de interne markt
versterken. Concurrerende partners, stabiele economische groei en de juiste infrastructuur
in de Alpenregio zijn belangrijk voor Nederlandse ondernemers in de transport- en
watersector, maar ook voor de vele Nederlandse toeristen die jaarlijks in deze regio
verblijven. Daarnaast vinden bijna alle grote Europese rivieren, waaronder de Rijn,
hun oorsprong in de Alpen. Adequate bescherming van onze watervoorziening is daarom
van groot belang. Daarnaast zorgen smeltende gletsjers, als gevolg van klimaatverandering,
voor een verhoogd overstromingsrisico in stroomafwaarts gelegen landen, zoals Nederland.
Daarnaast bestaat het risico van een verlaagd waterpeil door aanhoudende droogte en
hoge temperaturen, wat negatieve gevolgen heeft voor het transport over het water
van en naar Nederland.
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het betreft een strategie die op verzoek van de betrokken landen2 is opgemaakt en ook alleen op hen van toepassing is. Om bovengenoemde redenen ziet
het kabinet niet alleen meerwaarde voor de Alpenregio, maar ook voor Nederland zelf.
Het kabinet staat daarom positief tegenover deze mededeling.
Het herziene actieplan onderscheidt zich met name door op een nieuwe, op missies gebaseerde
aanpak en nieuwe organen in de bestuursstructuur. Deze wijzigingen verbeteren het
functioneren van de strategie en dragen zo verder bij aan de aantrekkelijkheid, weerbaarheid
en het concurrentievermogen van de Alpenregio. Nederlandse bedrijven, de transportsector
en toeristen hebben baat bij een aantrekkelijke Alpenregio met concurrerende bedrijven
en een goede infrastructuur. Het kabinet vindt het van belang hierbij continu het
klimaat te betrekken, zowel vanwege de mogelijke gevolgen van klimaatverandering voor
de regio zelf als ook voor stroomafwaarts gelegen landen, zoals ook Nederland. Om
deze redenen kan het kabinet zich vinden in alle acties die in de strategie voorgesteld
worden.
Zo is het kabinet positief over de inzet om het onderzoeks- en innovatie-ecosysteem
te verbeteren. Versterking van het onderzoeks- en innovatievermogen van de EU zal
een positief effect hebben op de Europese economie. Ditzelfde geldt voor het economisch
potentieel door het in kaart brengen en benutten van strategische sectoren in de Alpenregio.
De arbeidsmarkt in de Alpenregio moet hier wel goed op afgestemd zijn, zodoende is
het kabinet positief over het plan om deze goed aan te laten sluiten op de behoeftes
van het bedrijfsleven en het onderwijs in de Alpenregio.
Het bevorderen van intermodaliteit en interoperabiliteit in het personen- en goederenvervoer
en het verbeteren van de digitale connectiviteit en toegankelijkheid zal een positief
effect hebben op de sociaaleconomische ontwikkeling in de regio. Het kabinet is daarom
voorstander van deze inzet op de tweede pijler.
Het kabinet is positief over de inzet op het behouden en ontwikkelen van natuurlijke
en culturele hulpbronnen, het verbeteren van het beheer van milieurisico’s en klimaatverandering,
en van de energie-efficiëntie en hernieuwbare energie in de Alpenregio. Dit zal ook
de waterweerbaarheid van Nederland verbeteren en een positief effect hebben op de
ecologie in Europa.
c) Eerste inschatting van krachtenveld
Aangezien het herziene actieplan van de EUSALP zich inhoudelijk niet significant onderscheidt
van de huidige versie, is de verwachting dat zowel deelnemende landen als ook overige
EU-lidstaten positief zullen reageren op deze mededeling.
De positie van het Europees Parlement is vooralsnog onduidelijk.
4. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële
gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
a) Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet is positief. De Mededeling heeft betrekking op de
versterking van de economische, sociale en territoriale samenhang binnen de Unie,
als bedoeld in artikel 174 VWEU. Op dit terrein is sprake van een gedeelde bevoegdheid
tussen de EU en de lidstaten (zie artikel 4, lid 2, onder c VWEU.
b) Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De strategie beoogt een kader tot stand
te brengen voor gouvernementele en niet-gouvernementele samenwerking tussen verschillende belanghebbenden, ter bevordering van grensoverschrijdende
strategische benaderingen, projecten, netwerken en samenwerking op gebieden die van
belang zijn voor het Alpengebied als geheel. Gelet op het grensoverschrijdende karakter
ervan, kunnen deze doelstellingen onvoldoende op nationaal niveau worden verwezenlijkt.
Optreden op EU-niveau is dan ook gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet is eveneens positief. De strategie beoogt een kader
tot stand te brengen voor gouvernementele en niet-gouvernementele samenwerking tussen
verschillende belanghebbenden, ter bevordering van grensoverschrijdende strategische
benaderingen, projecten, netwerken en samenwerking op gebieden die van belang zijn
voor het Alpengebied als geheel. Meer specifiek gaat het om het bevorderen van de
economische groei, innovatie, connectiviteit, het milieu en de energievoorziening
in de Alpenregio.
De strategie is een geschikt middel om sturing te geven aan het bereiken van deze
doelstellingen. Het voorgestelde optreden gaat niet verder dan noodzakelijk is. Zo
stelt de Commissie geen bindende EU-wetgeving voor. Bovendien wordt bij de invulling
van de strategie ruimte gelaten aan de Alpenlanden zelf.
d) Financiële gevolgen
Het voorstel voorziet geen additionele kosten. Er zijn zodoende ook geen gevolgen
voor de Europese of Nederlandse begroting. (Eventuele) toekomstige budgettaire gevolgen
worden ingepast op de begroting van het/de beleidsverantwoordelijk(e) departement(en),
conform de regels van de budgetdiscipline.
e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
De mededeling heeft geen gevolgen voor de regeldruk. De voorgestelde acties op het
gebied van economie, connectiviteit, onderwijs, arbeidsmarkt, klimaat, energie en
duurzaamheid kunnen een positief effect hebben op het EU-concurrentievermogen. Door
de beperkte uitwerking in de mededeling is het exacte effect echter onzeker. De mededeling
heeft geen directe geopolitieke effecten.
Indieners
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken