Brief regering : Reactie op de notitie van de Commissie Meijers over 'werkdocument en transparantie van wetgevingsproces in de Raad van de EU'
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4234
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 januari 2026
Het kabinet heeft met belangstelling kennisgenomen van de notitie van de Commissie
Meijers over «werkdocumenten en transparantie van wetgevingsproces in de Raad van
de EU».1 Het kabinet acht het van groot belang dat ook in Europees verband de transparantie
van besluitvorming onder meer door middel van toegang tot documenten verder wordt
vergroot. In deze brief beantwoordt het kabinet het verzoek van de vaste commissie
voor Europese Zaken van de Tweede Kamer om een reactie te geven op deze notitie en
om in te gaan op de mogelijkheden om het parlement toegang tot werkdocumenten (hierna:
WK-documenten) te verlenen.
Aanbevelingen Commissie
De eerste aanbeveling van de notitie van de Commissie Meijers ziet op het opnemen
van informatie over WK-documenten in het jaarverslag van de Raad over de toepassing
van Verordening (EG) nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten
van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (ook wel «Eurowob»). Het kabinet
ziet meerwaarde in het transparanter communiceren over WK-documenten en zal dit binnen
de Raad bepleiten.
Ten tweede beveelt de Commissie Meijers aan om WK-documenten individueel op te nemen
in het documentenregister van de Raad. Uit het jaarverslag van de Raad over de toepassing
van de Eurowob2 blijkt dat sinds 1 januari 2025 WK-documenten direct zichtbaar zijn in het documentenregister.
Ook nummert het Raadssecretariaat WK-documenten afzonderlijk waardoor deze makkelijker
zijn op te vragen. Nederland heeft zich hiervoor actief ingezet. Het kabinet beschouwt
deze aanbeveling als voldaan.
De derde en vierde aanbeveling zien op het beter motiveren van classificatie van WK-documenten
in relatie tot ST-documenten (standard documents). Als algemene regel geldt dat documenten die worden ingediend bij de Europese Raad,
de Raad of diens voorbereidende organen als ST-document worden uitgegeven. ST-documenten
zijn in principe openbaar, tenzij ze als gerubriceerd zijn aangemerkt. WK-documenten
zijn bedoeld voor documenten met een verkennend karakter, die niet zijn bestemd voor
bespreking tijdens een vergadering van een voorbereidend orgaan, of die persoonsgegevens
bevatten. Om die reden zijn deze documenten limité wanneer ze worden uitgebracht (of
maximaal restraint). Het secretariaat-generaal van de Raad hanteert interne instructies voor het gebruik
van ST- en WK-documenten. De instructies omvatten bovendien indicatieve lijsten met
voorbeelden van beide documenttypen, wat bijdraagt aan een consistente toepassing.
Sinds 1 januari 2025 is het bestaan van deze documenten zichtbaar in het openbare
documentenregister van de Raad, zodat voor WK- en ST-documenten hetzelfde transparantieniveau
geldt wat betreft de zichtbaarheid van deze documenten.
Na uitgifte zijn de regels met betrekking tot de toegang tot WK-limité- en ST-limité-documenten
identiek. Beide documenten worden onmiddellijk opgenomen in het openbare register
en kunnen door het publiek worden opgevraagd op grond van de Eurowob. De beoordeling
van verzoeken om toegang vindt voor WK- en ST-documenten op dezelfde wijze plaats.
Het belangrijkste verschil tussen ST en WK zit dus in de distributie, niet in de regels
voor openbaarmaking. Daarnaast geldt voor zowel WK- als ST-limité-documenten dat de
in de Raad overeengekomen richtsnoeren voor de omgang met dergelijke documenten van
toepassing zijn. Deze richtsnoeren voor de behandeling van interne Raadsdocumenten
zijn te vinden in het openbare documentenregister van de Raad3. Voor wetgevingsdocumenten geldt dat ze in beginsel openbaar worden na vaststelling
van de wetgevingshandeling.
Nederland pleit al langer voor een herziening van de richtsnoeren, zodat minder Raadsdocumenten
de limité-markering krijgen en de limité-markering van documenten tijdig wordt opgeheven.
Momenteel is hier helaas nog geen draagvlak voor onder de lidstaten in de Raad. Wel
herziet het Raadssecretariaat momenteel de interne handleiding voor medewerkers waarin het oproept om terughoudend te zijn met het gebruik en handhaven van
de limité-markering en dit te beperken tot waar dit nodig is. Documenten zonder limité-markering
zijn openbaar en voor het publiek toegankelijk.
De vijfde aanbeveling pleit voor systematische implementatieverslagen over verzoeken
tot toegang tot Raadsdocumenten. Op dit moment bespreekt de Raad (Working Party on Information) ieder jaar het jaarverslag over de toepassing van de Eurowob. Dit jaarverslag beschrijft
trends in de verzoeken om toegang tot Raadsdocumenten en biedt een evaluatie van de
klachten bij de Ombudsman en de uitspraken van de Europese rechterlijke instanties
in zaken betreffende de uitvoering van de verordening door de instellingen. Het kabinet
beschouwt deze aanbeveling dan ook als voldaan.
Naast de hierboven geschetste inzet blijft Nederland zich ook op andere manieren inzetten
binnen de Raad om transparantie van EU-besluitvorming te bevorderen. Zo blijft Nederland voorstander van een modernisering die de
Eurowob in lijn brengt met het verdrag van Lissabon en rechtspraak van het Hof van
Justitie.4 In de tussentijd pleit Nederland voor een ruime uitleg van de Eurowob. Ook zet Nederland
zich in voor opvolging van de aanbevelingen van de Europese Ombudsman uit 2024 over
het verbeteren van de werking van het EU-transparantieregister. Tot slot is het belangrijk
dat stemmingen in het beroepscomité bij comitologie transparant zijn. In 2025 is mede
dankzij de inzet van Nederland de EU Law Tracker gelanceerd. Dit is een interinstitutionele database om het EU-wetgevingsproces beter
te kunnen volgen.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Ondertekenaars
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken