Brief regering : Voortgang Groenpact, Jong Leren Eten, DuurzaamDoor en Aanpak Sociale Innovatie
36 800 XIV Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV) en het Diergezondheidsfonds (F) voor het jaar 2026
31 532
Voedingsbeleid
Nr. 12
BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 januari 2026
Graag informeer ik uw Kamer hierbij over de voortgang van Groenpact, het voedseleducatieprogramma
Jong Leren Eten en het programma DuurzaamDoor, in vervolg op eerdere brieven daarover1. Ook informeer ik u over de start van een nieuwe Aanpak Sociale Innovatie.
Zorgen voor voldoende mens- en innovatiekracht voor de opgaven in het groene domein
is cruciaal voor een weerbaar Nederlands voedselsysteem, een robuuste natuur, herstel
van biodiversiteit en een aantrekkelijk en vitaal platteland. Innovatie is mensenwerk.
Het versnellen van de doorwerking van technologische innovaties in de beroepspraktijk
hangt sterk af van de manier waarop we leren, werken en innoveren weten te combineren.
Onderwijs, praktijkgericht onderzoek, educatie én sociale innovatie spelen daarbij
een belangrijke rol.
Groenpact
Groenpact is het samenwerkingsverband tussen de onderwijsinstellingen, bedrijven (werkgevers
en werknemers) en maatschappelijke organisaties in het groene domein en het Ministerie
van LVVN. Een groot aantal partijen werkt in Groenpact samen om oplossingen te vinden
voor de uitdagingen van nu en van morgen. De focus ligt op de inhoudelijke vernieuwing
van het groene onderwijs en het stimuleren van innovatie van de beroepspraktijk via
onder meer praktijkgericht onderzoek en Leven Lang Ontwikkelen.
De samenwerking in Groenpact zorgt voor praktische oplossingen die onze boeren en
andere ondernemers en vakmensen in het brede groene domein helpen om vooruit te komen,
met winst voor zowel economie als natuur en milieu. Groenpact brengt mensen samen,
waardoor innovaties en kennis sneller landen in het onderwijs en in het dagelijkse
werk.
Groenpact is onafhankelijk geëvalueerd (periode 2021–2025) door het onderzoeksbureau
CommonEye. Het evaluatierapport en het Groenpact Kompas2 geven een goed beeld van de waarde van dit samenwerkingsverband.
In vervolg op de kabinetsreactie op het SER-advies «Werken aan veranderkracht»3 ben ik verheugd u te kunnen informeren dat ik met betrokken partijen, onderwijsinstellingen
en sociale partners, tot nieuwe afspraken ben gekomen voor een volgende fase van Groenpact
vanaf 2026. Deze zijn vastgelegd in het convenant «Groen van Onschatbare Waarde 2026–2035»4 met bijhorende werkagenda «Groenpact 4e fase 2026–2029». Groenpact legt in de komende periode, via een aanpak van onderop,
focus op arbeidsmarkt en leren, waardecreatie en ondernemerschap, waardevol werk en
technologie en groen leiderschap en toekomstontwerpen. Daarbij komen arbeidsbesparing,
generatievernieuwing en nieuw perspectief voor werkenden in het groene domein ruimschoots
aan bod. Ook is er aandacht voor het verbinden van beleid en praktijk; regionaal en
(inter)nationaal. Groenpact levert hiermee ook een essentiële bijdrage aan voedselzekerheid
en weerbaarheid in tijden van geopolitieke onzekerheid.
De partijen geven met het convenant een krachtig en collectief signaal af, dat samenwerken
en samen investeren noodzakelijk zijn om te zorgen voor een toekomstbestendige landbouw
en een toekomstbestendig landgebruik. De opgaven waar we voor staan vragen om vakmensen
op allerlei terreinen, van techniek tot beleid en van natuurbeheer tot voedselketen,
zoals ook blijkt uit diverse onderzoeken5.
Vanuit Groenpact zal in de komende periode een verbinding worden gelegd met de vernieuwingsimpuls
visserijonderwijs, een landelijk en doorsnijdende onderwijsagenda binnen het Visserij
Ontwikkel Plan6. De focus daarbij ligt op mariene eiwitten en ecologie en duurzaam en innovatief
mariene ondernemerschap.
De Green Deal Natuurinclusieve Landbouw in het Onderwijs is in 2025 afgerond. De opbrengsten
van deze Green Deal zijn beschikbaar via het portaal «natuurinclusief, regeneratief
en biologisch» van Groen Kennisnet7.
Jong Leren Eten
Het voedseleducatieprogramma Jong Leren Eten (JLE) wordt verlengd tot en met 2028.
JLE is onafhankelijk geëvalueerd (periode 2021–2024) door bureau Regioplan8. Deze evaluatie bevestigt voor mij dat Jong Leren Eten van meerwaarde is voor het
stimuleren van voedseleducatie.
JLE heeft als doel om maatschappelijke initiatieven op het terrein van voedseleducatie
te verbinden en te versterken, om op die manier zoveel mogelijk kinderen en jongeren
(0–18 jaar) via kinderopvang en onderwijs in aanraking te laten komen met informatie
over voedsel. Veel kinderen weten niet waar hun eten vandaan komt, hoe het geproduceerd
wordt en wat de pure smaak ervan is.
JLE stimuleert, via de bijdrage aan Gezonde School, scholen tot opname van voedseleducatie
in de lesprogramma’s, hun beleid en in de schoolomgeving. Daarnaast bevordert JLE
de verbetering en ontwikkeling van lesmateriaal, o.a. samen met het Voedingscentrum
en het programma Smaaklessen. JLE stimuleert daarnaast ervaringsgerichte activiteiten
zoals boerderijeducatie, kooklessen en schooltuinen (moestuin) vanuit de Stimuleringsbijdrage
Lekker naar Buiten. Verder ondersteunt JLE landelijk zelfstandig werkende netwerken
voor deze activiteiten, zoals Alliantie Schooltuinen, BoerderijEducatie Nederland
en Boer in de Klas. Door onderzoek en monitoring wordt inzicht verkregen in de effecten
van (verschillende vormen van) voedseleducatie.
Uit de evaluatie komt naar voren dat circa 30% van de scholen in het basisonderwijs
(po) en 50% in het voortgezet onderwijs (vo) tussen 2021–2024 een stimuleringsbijdrage
ontvangen om aan de slag te gaan met de Gezonde Schoolaanpak. In deze periode heeft
17% van de kinderen op de buitenschoolse opvang meegedaan aan de Gezonde Smikkelweek
en hebben circa 19% van de po- en 24% van de vo-scholen een ervaringsgerichte activiteit
kunnen uitvoeren. Momenteel ontvangen ongeveer 340 educatieboeren van diverse bedrijfstaken
kinderen en jongeren op hun bedrijf, zijn er 120 koks die meewerken aan het programma
Kok in de klas en zijn er zo’n 373 moestuincoaches die door IVN en Stichting Velt
opgeleid zijn om scholen te kunnen ondersteunen bij het werken in een moestuin.
Bureau Regioplan concludeert in de evaluatie dat JLE een belangrijke impuls gegeven
heeft aan de aandacht rondom voedseleducatie door het bij elkaar brengen van partijen.
Ook is de kwaliteit van het voedseleducatie-aanbod sterk verbeterd. Activiteiten zijn
beter belegd bij de samenwerkingspartners en zij zijn positief over het bereik van
de activiteiten. De aanjaagrol van JLE blijft evenwel de komende jaren nog noodzakelijk
om de aandacht voor voedseleducatie te behouden bij zowel de onderwijsorganisaties
als de ondersteunende partijen. In lijn met het advies van Bureau Regioplan zet JLE
de komende periode in op structurele borging van voedseleducatie binnen bestaande
netwerken, partners en beleidsterreinen.
DuurzaamDoor
Het programma DuurzaamDoor liep af in 2025. DuurzaamDoor was een programma gericht
op innoveren en leren op het vlak van duurzaamheid in de sectoren voedsel, natuur,
circulaire economie, water, energie en bouw. Het programma richtte zich op het ondersteunen
van samenwerking tussen overheid, onderwijs, het maatschappelijke middenveld en de
praktijk. Het programma startte in 2013 en heeft aan de wieg gestaan van tal van waardevolle
initiatieven zoals Duurzame Dinsdag, de onderwijs coöperatie Leren voor Morgen, de
Green Protein Alliance en het netwerk Klimaatadaptief bouwen met de Natuur (KAN).
De evaluatie over de programmaperiode 2021–2024 is uitgevoerd door TwynstraGudde9. Uit de evaluatie komen onder meer de volgende zaken naar voren:
• Het programma biedt een veilige omgeving voor professionals om samen te werken aan
transities en te leren van elkaar. Deelname aan leertrajecten versterkt de competenties,
professionaliteit en slagkracht van professionals en legitimeert wat ze doen.
• DuurzaamDoor fungeert als springplank voor initiatieven en biedt een platform voor
kennisuitwisseling en netwerkvorming.
• DuurzaamDoor speelt een sleutelrol als onafhankelijke facilitator door partijen samen
te brengen, open gesprekken te starten en kansen te verkennen op allerlei thema’s.
• DuurzaamDoor is via de coöperatie Leren voor Morgen en promotie van de Whole School
Approach één van de koplopers in het onderwijs geworden als het gaat om duurzaamheid.
Het programma heeft veel opgeleverd aan inzichten, netwerken en resultaten. DuurzaamDoor
heeft ook veel kennis, expertise en instrumenten gecreëerd. Die ga ik benutten in
een nieuwe Aanpak Sociale Innovatie.
Aanpak Sociale Innovatie
Dit jaar start ik met deze aanpak. Die is onderdeel van de bredere innovatie-aanpak
van LVVN en richt zich niet alleen op het thema duurzaamheid. De aanpak legt de focus
op de maatschappelijke opgaven in het LVVN-domein (voedsel, natuur en landelijk gebied).
In de Aanpak Sociale Innovatie worden projecten en activiteiten geïnitieerd die bijdragen
aan de LVVN-opgaven en die gekenmerkt worden door nieuwe manieren van samenwerken,
het bij elkaar brengen van nieuwe coalities of het inzetten op verandering van houdingen
en gedragingen van mensen. Hierbij wordt gebruikgemaakt van gedragsinzichten. De focus
op de sociale kant van innovatie is een onmisbaar element in het innovatiesysteem.
Zo kan sociale innovatie ook technologische innovaties versnellen, door bijvoorbeeld
het draagvlak hiervoor te vergroten. Hetzelfde geldt voor het draagvlak voor nieuwe
producten of diensten in de samenleving. Burgers, ondernemers en maatschappelijke
organisaties nemen steeds vaker zelf initiatieven om een bijdrage te leveren aan een
toekomstbestendig voedselsysteem, het herstel van onze natuur of de gestapelde opgaven
in het landelijk gebied. Deze energie in de samenleving willen we faciliteren en benutten.
Tot slot
Ik vind het belangrijk dat ondernemers, werknemers en burgers, van nu en in de toekomst,
de kracht hebben om zich veranderingen eigen te maken en deze zelf mee vorm te geven.
Met mijn inzet op Groenpact, Jong Leren Eten en de Aanpak Sociale Innovatie blijft
het kabinet dat stimuleren.
De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, F.M. Wiersma
Ondertekenaars
F.M. Wiersma, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur