Brief regering : Geannoteerde agenda voor de Raad Algemene Zaken van 26 januari 2026
21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken
Nr. 3315
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 januari 2026
Hierbij bied ik u de geannoteerde agenda aan voor de Raad Algemene Zaken van 26 januari
2026.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
GEANNOTEERDE AGENDA RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 26 JANUARI 2026
Op 26 januari 2026 vindt de Raad Algemene Zaken (RAZ) plaats in Brussel. Op de agenda
staan het European Democracy Shield, de presentatie van het werkprogramma van het Cypriotische voorzitterschap en de
landenspecifieke rechtsstaatsdialogen met Denemarken, Estland, Griekenland en Spanje.
De Minister van Buitenlandse Zaken is voornemens deel te nemen aan deze Raad.
European Democracy Shield
De Raad zal spreken over het in november jl. aangekondigde European Democracy
Shield (EDS). Het EDS is een niet-wetgevend initiatief van de Commissie om de democratische
weerbaarheid te versterken. Het EDS bestaat uit een reeks samenhangende maatregelen
en acties en is gestoeld op drie pijlers: 1) integriteit van de informatieruimte,
2) democratische instellingen, vrije verkiezingen en onafhankelijke media, en 3) maatschappelijke
veerkracht en betrokkenheid van burgers. Ook introduceerde de Commissie het zogeheten
European Centre for Democratic resilience (Centre), dat zich richt op het bijeen brengen van kennis en (respons)capaciteiten.
De Commissie heeft hierbij goed oog voor de bevoegdheidsverdeling tussen de EU en
de lidstaten.
Verschillende initiatieven uit het EDS richten zich ook op (potentiële) kandidaat-lidstaten.
Op deze manier beoogt de Commissie gerichte capaciteitsopbouw te ondersteunen om ook
(potentiële) kandidaat-lidstaten weerbaarder te maken tegen FIMI (Foreign Information Manipulation and Interference) en hybride dreigingen, de democratische rechtsstaat te bestendigen en onder andere
onafhankelijke media en mediavrijheid te versterken.
Het kabinet ziet het beschermen van de democratische rechtsstaat tegen ongewenste
buitenlandse beïnvloeding als een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Het onderschrijft
het doel van gerichte samenwerking en maatregelen om onze democratische rechtsstaat
en fundamentele rechten en waarden beter te beschermen tegen externe en interne dreigingen.
Daarom steunt het kabinet het initiatief van de Commissie. Nederland wil hiernaast
samen met de Commissie en betrokken lidstaten verkennen hoe het Centre effectief vorm
kan krijgen. De Kamer ontvangt op korte termijn het BNC-fiche over het EDS.
Raadsvoorzitterschap Cyprus
De Raad van 26 januari is de eerste Raad Algemene Zaken onder het Cypriotisch EU-voorzitterschap.
Tijdens de Raad zal Cyprus het werkprogramma voor haar raadsvoorzitterschap presenteren.
De prioriteiten van het voorzitterschap bestaan uit vijf pijlers. De eerste pijler
is veiligheid, defensie en paraatheid, waarbij het voorzitterschap zich zal richten
op de implementatie van het Witboek over de toekomst van Europese defensie. De tweede
pijler draait om concurrentievermogen en het verminderen van strategische afhankelijkheden,
onder andere op het gebied van digitalisering en de energievoorziening. De derde pijler
betreft de externe dimensie van de Unie, in het bijzonder de steun aan Oekraïne, uitbreiding,
de trans-Atlantische relatie met de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, en
de relatie met het Midden-Oosten. De vierde pijler richt zich op de Unie als waardengemeenschap
waarbij de bescherming van EU-democratische waarden tegen externe bedreigingen centraal
staat. Tot slot, richt de vijfde pijler zich op het voortzetten van de onderhandelingen
over het Meerjarig Financieel Kader (MFK).
Landenspecifieke rechtsstaatsdialoog
Tijdens de Raad wordt opnieuw een landenspecifieke dialoog gevoerd in het kader van
het rechtsstaatmechanisme waarmee de Raad in 2020 is begonnen. De landenhoofdstukken
uit het rechtsstaatrapport van de Commissie vormen de basis voor deze dialoog. De
Kamer ontving op 29 augustus 2025 de kabinetsreactie op rechtsstaatrapport 2025.1 In algemene zin kan het kabinet zich vinden in de constateringen en aanbevelingen.
Zoals gebruikelijk zal Nederland tijdens de rechtsstaatdialoog in Benelux-verband
optreden. De gezamenlijke interventie zal de positieve stappen benoemen maar ook zorgen
uiten over de onderwerpen waarop onvoldoende vooruitgang is geboekt. Hierop zullen
de betreffende lidstaten worden bevraagd.
Estland
De Commissie stelt in het rechtstaatsrapport vast dat Estland vooruitgang heeft geboekt
bij de hervorming van de rechterlijke macht en bij het bevorderen van een efficiënte
uitvoering van civiele, straf- en handelszaken. Daarnaast heeft Estland de eerdere
aanbeveling om effectieve publieke consultatie in het wetgevingsproces te waarborgen
volledig geïmplementeerd. Ook is enige vooruitgang geboekt bij de implementatie van
het recht op toegang tot informatie, rekening houdend met Europese standaarden.
De Commissie beveelt Estland aan om door te gaan met de hervorming van de Raad voor
de Rechterlijke Organisatie. Daarnaast wordt aanbevolen verdere vooruitgang te boeken
bij de consistente en effectieve toepassing van het recht op toegang tot informatie,
met het oog op transparantie en verantwoording binnen de overheid.
Denemarken
De Commissie constateert vooruitgang ten aanzien van de versterking van mediatoezicht
en enige vooruitgang bij de hervorming van de toegang tot overheidsinformatie. Denemarken
wordt beschouwd als een van de minst corrupte landen ter wereld. Het Deense anti-corruptieprogramma,
dat werd opgezet bij de implementatie van het Herstel-en Veerkrachtplan, blijft toegepast
worden op EU-gefinancierde projecten. Daarnaast zijn er nog geen plannen voor regels
over de draaideurconstructie voor Ministers en lobbyactiviteiten, noch om het toezicht
op vermogensverklaringen van topfunctionarissen te versterken. Verder stelt de Commissie
vast dat het niveau van waargenomen rechterlijke onafhankelijkheid in Denemarken zeer
hoog blijft, ondanks toename van de doorlooptijden van rechtszaken.
De Commissie beveelt Denemarken aan om extra inspanningen te leveren om de herziening
van het stelsel voor rechtsbijstand af te ronden, met inachtneming van Europese standaarden.
Daarnaast wordt aanbevolen om regels in te voeren met betrekking tot de bovengenoemde
draaideurconstructie en om de hervorming van de wet die betrekking heeft op de openbaarheid
van bestuur voort te zetten om de toegang tot overheidsdocumenten te verbeteren.
Griekenland
De Commissie geeft aan dat Griekenland hervormingen van haar rechtsstaat in nauwe
dialoog met de Commissie uitvoert. De duur van rechtszaken blijft een uitdaging, hoewel
de eerste signalen ter verbetering daarvan positief zijn. De Commissie constateert
daarnaast verbetering in de aanpak van corruptie. De Griekse politie heeft organisatorische
wijzigingen doorgevoerd om de integriteit te versterken en georganiseerde misdaad
beter te kunnen bestrijden. Volgens de Commissie is implementatie van regelgeving
met betrekking tot lobbyisten verbeterd, maar zijn aanvullende maatregelen nodig.
De Commissie is positief over de genomen stappen om de veiligheid van journalisten
te vergroten. Daarentegen blijven er zorgen bestaan over de onafhankelijkheid van
de media-autoriteit. De Commissie ziet een positieve trend in het vermijden van versnelde
wetgevingsprocedures. Tegelijkertijd constateert de Commissie dat er beperkte progressie
is geboekt op de eerdere aanbeveling om een structurele dialoog met het maatschappelijk
middenveld te onderhouden. Het registratieproces voor het maatschappelijk middenveld
blijft complex en gefragmenteerd.
De Commissie beveelt Griekenland aan om de aanpak op het gebied van anti-corruptie
en veiligheid van journalisten te continueren en uit te bouwen, de regelgeving rondom
lobbyisten verder te verbeteren en een structurele dialoog met het maatschappelijk
middenveld te onderhouden.
Spanje
De Commissie constateert aanzienlijke vooruitgang bij de vernieuwing van de Spaanse
Raad voor de Rechtspraak en het voortzetten van het proces vanwege de aanpassing van
de benoemingsprocedure van zijn rechterlijke leden. Hierover vond een gestructureerde
dialoog plaats met de Commissie in 2024. Daarnaast constateert de Commissie enige
vooruitgang in wetgeving inzake lobbyen door de invoering van een verplicht openbaar
register van lobbyisten. De Commissie verwelkomt de stappen die Spanje heeft gezet
om het statuut van de procureur-generaal te versterken. De Commissie constateert verder
geen vooruitgang bij het verbeteren van de toegang tot informatie.
De Commissie moedigt Spanje aan zich te blijven inspannen voor de versterking van
het statuut van de procureur-generaal, met name wat betreft de scheiding van de ambtstermijnen
van de procureur-generaal en die van de regering. Ook wordt Spanje aanbevolen om uitdagingen
in verband met de duur van onderzoeken en vervolgingen aan te pakken om de efficiëntie
bij de behandeling van high-level corruptiezaken te vergroten, onder meer door de hervorming van het wetboek van strafvordering
af te ronden. De Commissie adviseert Spanje verder te werken aan de verbetering van
de toegang tot informatie, bijvoorbeeld door herziening van de wet op staatsgeheimen.
Ondertekenaars
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.