Brief regering : Voortgangsrapportage Uitkomstgerichte Zorg 2025
31 476 Patiënten- en cliëntenrechten
Nr. 43
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 januari 2026
Met deze brief bied ik u de zesde voortgangsrapportage van het programma Uitkomstgerichte
Zorg (UZ) Fase II aan. Het programma loopt van 2018 tot en met 2026. Sinds de start
werkt het Ministerie van VWS intensief samen met partijen in de medisch-specialistische
zorg (MSZ) om uitkomstgericht werken (verder) te implementeren in de praktijk. In
het afgelopen jaar zijn opnieuw belangrijke stappen gezet om samen beslissen, zowel
met als zonder uitkomstinformatie, binnen instellingen te bevorderen.
Zoals mijn ambtsvoorgangers eerder aan uw Kamer hebben toegelicht, is het van groot
belang om beter inzicht te krijgen in zorguitkomsten die voor patiënten van betekenis
zijn. Het programma UZ heeft als doel om binnen de MSZ uitkomstgericht te werken.
Daarbij staan samen beslissen met de patiënt, het continu leren en verbeteren door
zorgprofessionals en ontwikkelen van bruikbare keuze-informatie voor de patiënt centraal.
Uitkomstgericht werken gaat daarbij verder dan alleen klinische resultaten: het gaat
om uitkomsten die er voor de patiënt toe doen en iets zeggen over de kwaliteit van
leven na de behandeling (of misschien juist het afzien van een behandeling).
Inzicht in deze uitkomsten ondersteunt patiënten en zorgverleners bij het maken van
een weloverwogen behandelkeuze. Daarnaast helpt uitkomstinformatie patiënten bij het
kiezen van een zorgverlener en zorgtraject. Zorgverleners gebruiken de data die verzameld
worden voor onderzoek en voor leren en verbeteren. Zorgverzekeraars en zorgaanbieders
kunnen deze informatie benutten voor het maken van afspraken over de kwaliteit van
de geleverde zorg. Deze ontwikkelingen dragen in belangrijke mate bij aan de beweging
naar passende zorg.
Het programma UZ is gestart in 2018, met als een van de belangrijkste doelen het ontwikkelen
van uitkomstensets. Een uitkomstenset bevat per aandoening de belangrijkste uitkomsten
van een behandeling voor de patiënt en zorgverleners.
In Fase I van het programma zijn voor 33 aandoeningen uitkomstensets ontwikkeld. Het
programma UZ heeft een vervolg gekregen met de komst van het Integraal Zorgakkoord
(IZA). In deze Fase II kwam de focus te liggen op de implementatie van datgene wat
in voorgaande jaren ontwikkeld was. In de loop van Fase II is echter gebleken dat
het in gebruik nemen van de ontwikkelde sets complex is. Tussen instellingen is veel
verschil in hoe (zorg)gegevens worden verzameld en worden geregistreerd. Daarnaast
is er een aanzienlijk verschil in hoe ver instellingen zijn met het implementeren
van de afgesproken standaarden, waaronder de Basisgegevensset Zorg (BgZ) en (andere)
Zorginformatiebouwstenen (ZIB’s). Hierdoor is het vaak niet mogelijk om de gegevens,
die nodig zijn voor de uitkomstensets, uit de systemen van alle instellingen te halen.
Omdat het in gebruik nemen van alle uitkomstensets lastig blijkt, is de focus iets
verschoven en richt het programma UZ zich op de volgende pijlers:
• Samen beslissen: met een digitale vragenlijst (WensenScan) is bij instellingen opgehaald
wat de ondersteuningsbehoefte is om de eigen ambities ten aanzien van samen beslissen
en het implementeren van uitkomstensets te realiseren. Het UZ-loket is opgericht om
deze instellingen bij hun ambities te ondersteunen;
• Gefaseerde implementatie van aandoeningsspecifieke uitkomstensets: er wordt gestart
met 3 sets. Chronische nierschade, inflammatoire darmziekten en knie-heupartrose;
• Doorontwikkeling van de ICT met als aandachtspunten dataregistratie en data-governance.
Resultaten 2025
De bijgevoegde voortgangsrapportage geeft een overzicht van de resultaten van het
afgelopen jaar en de status van de lopende acties. Ik noem een aantal ontwikkelingen
op hoofdlijnen:
• Ruim 40% van de MSZ-instellingen heeft de WensenScan ingevuld. Met 73 instellingen
zijn vervolggesprekken geweest. Alle instellingen passen samen beslissen toe (in verschillende
vormen), maar vragen aanvullende ondersteuning. Vanuit het programma worden generieke
producten ontwikkeld die voor alle instellingen beschikbaar worden en toepasbaar zijn.
Een van deze producten is de verdiepende sessie «Samen beslissen in de praktijk»,
die vanaf najaar 2025 wordt aangeboden. Een instelling kan deze sessie naar eigen
wens en inzicht invullen.
• Bij tien voorloper instellingen zijn fit-gap analyses uitgevoerd die inzicht geven
in de huidige digitale situatie, de benodigde stappen voor implementatie van datasets
en het uitwisselen van gegevens. De uitkomsten vormen de basis voor thema’s die tot
eind 2026 worden uitgewerkt in het programma.
• In 2025 is helderheid gecreëerd over het gPROM-beleid (patiënt vragenlijsten). MSZ-instellingen
worstelden met twee beleidslijnen die elkaar tegenspraken. Het programma UZ heeft
een nieuwe stip op de horizon vastgesteld. Dit biedt instellingen duidelijker richting
voor verdere implementatie van uitkomstgericht werken. Met deze stip op de horizon
is een handvat aan de instellingen gegeven bij het maken van keuzes over implementatie
van datasets (generiek of specifiek). Dit sluit aan bij andere ontwikkelingen op het
gebied van het verzamelen van datagegevens voor kwaliteitsverbetering, zoals de Wet
Kwaliteitsregistraties Zorg.
• Het UZ-loket ondersteunt instellingen bij samen beslissen en uitkomstgericht werken.
Ook verzamelt het loket signalen over aanvullende materialen en activiteiten die nog
ontbreken. Vanuit het programma wordt op deze signalen geanticipeerd en (waar mogelijk)
nieuwe producten, handvatten of blauwdrukken ontwikkeld die een antwoord zijn op deze
signalen. Iedere instelling die is aangesloten bij het UZ-loket heeft een implementatieadviseur
die de schakel is tussen de praktijk en het programma.
Samen beslissen betreft een continu proces van leren, verbeteren en aanpassen, waarbij
kwalitatieve inzichten zwaarder wegen dan kwantitatieve scores. Er is door het Bestuurlijk
Overleg Kwaliteit in Fase II van het programma gekozen om geen cijfermatige voortgang
bij te houden van het programma. Dit sluit aan bij de afspraak dat samen beslissen
geen vastomlijnd eindpunt kent waarop succes eenduidig kan worden gemeten. Het is
een bewuste keuze om de focus te leggen op duurzame ontwikkeling in plaats van op
momentopnames.
Volgende fase UZ
Voor het komende jaar staan verschillende activiteiten gepland. Op 29 januari 2026
vindt de conferentie Uitkomstgerichte Zorg en Transparantie plaats. Ik hoop 500 deelnemers
te ontvangen. Tijdens deze conferentie worden praktijkvoorbeelden gedeeld en wordt
de beschikbare ondersteuning voor MSZ-instellingen toegelicht. Ook wordt aandacht
besteed aan het vergroten van de transparantie van zorguitkomsten en het verbeteren
van keuze-informatie voor patiënten. Door dit platform aan te bieden op 29 januari
wil ik zorgprofessionals met elkaar verbinden.
Eind 2026 loopt het programma Uitkomstgerichte Zorg af. Sinds 2018 heeft het programma
zorginstellingen ondersteund bij het toepassen van uitkomstgericht werken. Vanaf 2026
start een nieuwe fase waarin instellingen zelfstandig verdergaan met het borgen en
doorontwikkelen van deze manier van werken die passend is binnen de gemaakte afspraken
in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). In het laatste programmajaar richt
het programma UZ zich daarom op een duurzame verankering van uitkomstgericht werken
binnen instellingen. Dit gebeurt onder meer door:
• Het beschikbaar stellen van trainingsmaterialen na afloop van de leersessies «Samen
beslissen in de praktijk»;
• Het ontwikkelen van blauwdrukken die instellingen concrete handvatten bieden voor
implementatie van bijvoorbeeld PROMs en dashboards;
• Het blijvend online toegankelijk houden van alle producten die tijdens de programmaperiode
zijn ontwikkeld.
In 2026 blijft het UZ-loket instellingen, die daar behoefte aan hebben, ondersteunen
bij het opbouwen van een solide basis aan kennis en ervaring met uitkomstgericht werken.
Met de praktische materialen, blauwdrukken en opgedane inzichten kunnen instellingen
deze aanpak vervolgens zelfstandig (verder) implementeren.
Sinds de start van het programma wordt intensief samengewerkt met de betrokken partijen
in de medisch-specialistische zorg. Ik wil deze partijen bedanken voor hun enthousiasme,
inzet en betrokkenheid het afgelopen jaar. Dankzij hun inspanningen ontstaat steeds
meer inzicht in uitkomsten van zorg die er voor patiënten daadwerkelijk toe doen.
Deze inzichten leiden tot het verbeteren van de zorg en het versterken van samen beslissen
in de praktijk.
Ik kijk ernaar uit om de samenwerking met de betrokken partijen in de komende periode
voort te zetten. Voor het einde van 2026 zal ik u voor de laatste keer informeren
over de afronding van het programma, de resultaten die behaald zijn en de gemaakte
stappen richting de duurzame borging van Uitkomstgerichte Zorg in de praktijk.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
J.A. Bruijn
Ondertekenaars
J.A. Bruijn, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport