Brief regering : Halfjaarbrief ondermijnende criminaliteit
29 911 Bestrijding georganiseerde criminaliteit
Nr. 492
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 december 2025
Ondermijning door georganiseerde criminaliteit is een groot gevaar voor onze samenleving,
bedreigt onze nationale veiligheid en ontwricht de democratische rechtsstaat. Criminele
netwerken zijn wendbaar en misbruiken kwetsbaarheden. De aanhoudende geopolitieke
onrust vergroot en versterkt deze kwetsbaarheden. Criminelen misbruiken deze kwetsbaarheden
om hun macht te vergroten en winst uit criminele activiteiten te verhogen.
Dit zorgt voor directe schade en gevaar in de persoonlijke omgeving van burgers en
bedrijven, want drugs gaan gepaard met geweldstoename, zijn schadelijk voor de gezondheid
en drugsafval beschadigt het milieu. Drugscriminelen deinzen er niet voor terug om
onze jongeren in een kwetsbare positie te ronselen voor criminele activiteiten. Ook
agrariërs en transportbedrijven worden bedreigd en geïntimideerd om hun diensten beschikbaar
te stellen. Het is daarom van groot belang om met prioriteit gezamenlijk criminelen
en hun verdienmodellen langs alle fronten terug te dringen. In de werkbezoeken die
ik heb afgelegd – bijvoorbeeld aan Schiphol en de Financial Intelligence Unit Nederland
(FIU-NL), maar ook in mijn gesprekken met de partners in het Strategisch Beraad Ondermijning
(SBO), zie en hoor ik de grote inspanning die de partners leveren. Gezamenlijk met
partners blijft het kabinet krachtig investeren in de brede ondermijningsaanpak langs
de lijnen voorkomen, doorbreken, bestraffen en beschermen. We doen hierbij steeds
wat nodig is om criminaliteit te bestrijden.
Zo heeft uw Kamer begin oktober ingestemd met het wetsvoorstel Versterking strafrechtelijke
aanpak ondermijnende criminaliteit II. Daarmee wordt bijvoorbeeld het opzettelijk
inbouwen van verborgen ruimtes in voertuigen strafbaar. Dit wetsvoorstel is op 29 oktober
jl. in de Eerste Kamer aangenomen1 en zal voor een groot aantal onderdelen al op 1 januari 2026 in werking kunnen treden.
Ook wordt hard gewerkt aan het doorbreken van criminele verdienmodellen, zodat criminelen
geen geld hebben om criminele bedrijven in stand te houden. Er zijn de afgelopen jaren
succesvolle pilots uitgevoerd die laten zien dat het nieuwe beleid over maatschappelijk
herbestemmen binnen de huidige wettelijke kaders kan worden uitgevoerd. Op dit moment
wordt beleid geïmplementeerd om dit structureel mogelijk te maken.
In deze brief ga ik in op de door mijn ambtsvoorganger eerder aan u gecommuniceerde
prioriteiten: internationale samenwerking, het tegengaan van corruptie en maatschappelijke
weerbaarheid en zet ik uiteen welke resultaten daarin de afgelopen tijd zijn bereikt.
Ik sluit mijn brief af met verdere punten uit de integrale aanpak ondermijning, zoals
het drugsbeleid en gegevensdeling. In de bijlage vindt u een overzicht met daarin
de voortgang van moties en toezeggingen die raken aan de aanpak van ondermijning door
georganiseerde criminaliteit.
Internationale aanpak
Het gemak waarmee de georganiseerde criminaliteit internationaal acteert blijft zorgwekkend.
Ons land is al geruime tijd een aantrekkelijke uitvalbasis voor de internationale
drugshandel en een financieel knooppunt voor het verplaatsen en verhullen van criminele
geldstromen via de onder- en de bovenwereld. Dit ondermijnt onze samenleving en maakt
inbreuk op onze veiligheid. Om dit tegen te gaan heeft mijn ambtsvoorganger met betrokken
ministeries, het Openbaar Ministerie (OM) en operationele partners een internationaal
offensief gelanceerd waarover uw Kamer eerder geïnformeerd is.2
Nederland boekt veel successen bij het weerbaarder maken van onze (lucht)havens via
publiek-private samenwerking. Dat wat werkt wordt gedeeld met onze internationale
partners in Latijns-Amerika, zodat met die kennis ook hun (lucht)havens veiliger kunnen
worden gemaakt tegen drugssmokkel en geweld. Enkele werkbezoeken die over en weer
hebben plaatsgevonden hebben geresulteerd in concrete afspraken en resultaten. Zo
is aan douane- en politieambtenaren uit Ecuador training gegeven in Nederland door
de Douane. Ook heeft de Zeehavenpolitie met vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven
in Colombia deelgenomen aan een werkbezoek, waarbij de politie van Colombia toegezegd
heeft om onderdelen van onze publiek-private samenwerking in hun havens te implementeren.
Sinds 2023 heeft de politie in de haven van Cartagena een haven-liaison gestationeerd
die zich hier dagelijks voor inspant.
Het kabinet blijft zich op alle fronten inzetten voor internationale samenwerking.
Om daar voldoende slagkracht voor te hebben wordt vanaf begin 2026 structureel vier
miljoen euro per jaar extra geïnvesteerd in internationale, regionale en bilaterale
samenwerkingsprojecten. Hiermee wordt de internationale samenwerking versterkt en
plaatsen we bijvoorbeeld liaisons in Latijns-Amerika en West-Afrika. De West-Afrikaanse
regio heeft dat ook nodig, omdat zij in toenemende mate een transithub is voor cocaïne
richting Europa. Op 28 november jl. heb ik aan een ministeriële conferentie over de
drugsproblematiek deelgenomen, die Nederland mede heeft georganiseerd in Accra, Ghana.
In Ghana heb ik vertegenwoordigers van verschillende West-Afrikaanse landen gesproken
om te luisteren naar de problematiek die zij ervaren en met hen gesproken over onze
ambitie om samen te werken om de internationale ondermijning door georganiseerde criminaliteit
te bestrijden.
Sinds 2025 wordt jaarlijks een half miljoen euro beschikbaar gesteld aan onze ketenpartners
in het Caribisch deel van ons Koninkrijk. Deze financiering draagt onder andere bij
aan het in stand houden van een actueel en noodzakelijk beeld over de aard en omvang
van transnationale criminaliteit en criminele geldstromen in de regio. Verder blijf
ik mij inspannen voor nauwere samenwerking met landen waar crimineel vermogen naartoe
verdwijnt. In dat kader bezocht de Minister van Justitie van de Verenigde Arabische
Emiraten (VAE) op 22 oktober jl. ons land voor intensieve gesprekken over onder andere
onze aanpak van ondermijnende criminaliteit, waarbij de rechtshulprelatie van groot
belang is. Ik heb kort daarop zelf de VAE bezocht om de ministeriële conferentie van
de International Security Alliance bij te wonen, waarbij ik ook sprak met de Minister
van Justitie en Binnenlandse Zaken van de VAE om onze samenwerking verder te verdiepen.
In het Vizier tegen georganiseerde misdaad 2025, dat tegelijkertijd met deze halfjaarbrief
verschijnt, wordt via praktijkverhalen aandacht besteed aan de internationale aanpak.
Aan de hand van negen interviews wordt een beeld gegeven van enkele resultaten die
met de grensoverschrijdende samenwerking in de ondermijningsaanpak zijn bereikt.3
Tegengaan van corruptie en criminele inmenging
Corruptie en criminele inmenging zijn niet alleen schadelijk voor onze samenleving,
maar tasten ook het vertrouwen van de burger in de overheid en de rechtsstaat aan.
De georganiseerde criminaliteit kan niet functioneren zonder corrupte contacten in
de bovenwereld. Zowel in de publieke als in de private sector worden mensen onder
druk gezet of omgekocht met als doel te beschikken over informatie of beïnvloeding
van processen.4 Om dit te voorkomen intensiveert het kabinet op de aanpak van corruptie en criminele
inmenging. Het kabinet sluit daarbij aan en bouwt voort op wat er al is.5 Dit doet het kabinet via de vier lijnen van de op 20 juni jl. gepresenteerde corruptieaanpak.6 Samen met de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voer ik
de coördinatie op deze aanpak.
1. We zetten in op de grootste kwetsbaarheden: er wordt gefocust op de grootste corruptierisico’s
om zo snel mogelijk impact te maken. De onderzoeken en analyses die het WODC en het
Strategisch Kenniscentrum Ondermijnende Criminaliteit uitvoeren, worden gebruikt om
de aanpak verder aan te vullen.
2. We vergroten de weerbaarheid van de belangrijkste overheidsprocessen en systemen:
dit is van groot belang om misbruik door criminelen te voorkomen. Dit belang wordt
interdepartementaal gedeeld en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
is het Programma Weerbaarheid Rijksoverheid tegen Ondermijning gestart. Dit programma
ziet op het weerbaarder maken van de bedrijfsvoering. Een onderdeel hiervan is de
ontwikkeling van een toolkit waarmee overheidsorganisaties hun eigen corruptie- en ondermijningsrisico’s in kaart
brengen en mitigeren. Ook de Auditdienst Rijk geeft handvatten voor het verbeteren
van de beheersing van corruptierisico’s door departementen.7 Met het Strategisch Beraad Ondermijning (SBO) is een handelingskader ontwikkeld en
uitgerold om het concrete risico op «jobhoppen» tussen overheidsorganisaties door
corrupte ambtenaren te voorkomen. Met het gebruik van drie nieuwe handreikingen, zoals
de handreiking referentie- en sociale mediacheck, verhogen alle SBO-organisaties gezamenlijk de barrières tegen dit jobhoppen. De
Regionale Informatie- en Expertise Centrums (RIEC’s) en provincies helpen gemeenten
bij het vergroten van hun weerbaarheid tegen criminele inmenging.
3. We vergroten de weerbaarheid van de private sector: bewustzijn bij bedrijven over
hun kwetsbaarheid is van essentieel belang. Zij moeten personeel weerbaar maken tegen
omkoping, intimidatie en hun processen zo inrichten dat een «klusje doen» voor of
door een crimineel onmogelijk wordt. Er wordt gestart bij de transport- en logistieke
sector, want deze sector is een onmisbare schakel in de internationale doorvoer van
illegale goederen zoals drugs. Met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, de
brancheverenigingen en opsporingspartners wordt gewerkt aan het opwerpen van barrières
en verbeteren van de weerbaarheid van bedrijven en personeel.
4. We willen effectief strafrechtelijk interveniëren. Het blijft noodzakelijk om corruptie
en criminele inmenging op te sporen en te bestraffen. Daarom is eerder dit jaar door
het kabinet structureel vier miljoen euro extra geïnvesteerd in de Rijksrecherche,
de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD), het OM en de Rechtspraak. Vooruitlopend
op de Europese anti-corruptierichtlijn onderzoek ik met de Politie, de FIOD, het OM
en de Raad voor de Rechtspraak of er mogelijkheden voor een meer eenduidige registratie
van corruptiedelicten bestaan. De EU anti-corruptierichtlijn zal lidstaten verplichten
om jaarlijks anti-corruptiecijfers te publiceren, zoals het jaarlijkse aantal vervolgingen,
sepots en veroordelingen.
Maatschappelijke weerbaarheid tegen ondermijning door georganiseerde criminaliteit
De georganiseerde criminaliteit probeert zich te nestelen in onze samenleving en zoekt
naar zwakke plekken in onze samenleving. Daarom is het van essentieel belang om de
weerbaarheid van onze samenleving te verhogen. Het verhogen van de weerbaarheid wordt
in 2026 extra kracht bijgezet als het Dreigingsbeeld Ondermijning Nederland verschijnt
en we nog beter zicht krijgen op de dreiging die uitgaat van ondermijning door georganiseerde
criminaliteit en de maatschappij-brede kwetsbaarheden die hiermee gepaard gaan. Maar
ook nu neemt het kabinet al specifieke maatregelen die de weerbaarheid van groepen,
private partijen en burgers verhogen.
Weerbare groepen
Met het programma Preventie met Gezag (PmG) neemt het kabinet samen met gemeenten
en justitiepartners preventieve en repressieve maatregelen, om te voorkomen dat jongeren
en jongvolwassenen in aanraking komen met criminaliteit, erin afglijden, ingezet worden
door de georganiseerde criminaliteit en hierin verder doorgroeien. De zevenentwintig
structureel gefinancierde gemeenten hebben afgelopen zomer hun hernieuwde plannen
ingediend voor de komende periode (juni 2026 tot en met 2029). In samenwerking met
strafrechtketenpartners, zoals het OM en de jeugdreclassering hebben zij hun lokale
aanpakken doorontwikkeld. In de nieuwe plannen is de doelgroep beter in beeld gebracht
en zijn op basis van nieuwe wetenschappelijke inzichten scherpe keuzes gemaakt. Daardoor
kan er gerichter ingezet worden op het bieden van kansen en voorkomen dat jongeren
afglijden, verder doorgroeien of nieuwe krachten ronselen. Zo worden bijvoorbeeld
meer jongeren naar school of werk begeleid met de inzet van de IPTA-coach8. Daarnaast richt het OM zich op personen en netwerken met negatieve invloed op jongeren.
Bijvoorbeeld via de aanpak co-creatie waarin het OM met politie en andere partners
werkt aan verstoringsinterventies. De lessen die in de zevenentwintig gemeenten worden
geleerd, worden gedeeld met andere gemeenten via het Samenwerkingsplatform Preventie
met Gezag. Ook vergroten we het effect van de aanpak van Preventie met Gezag door
de samenwerking met het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) te versterken.
Want juist wanneer de leefomgeving van gezinnen op orde is, verkleint dit de kans
op criminele uitbuiting. Zo blijven we investeren in kansen bieden en grenzen stellen
om te voorkomen dat jongeren met criminaliteit in aanraking komen, daarin afglijden
of doorgroeien in de (georganiseerde ondermijnende) criminaliteit.
Weerbare economie
De Nederlandse economie is heel belangrijk voor de welvaart van ons land. Daarom moet
de economie beschermd worden tegen criminele inmenging en infiltratie. We voorkomen
dat criminelen misbruik maken van kwetsbaarheden in onze systemen, infrastructuren
en onze bedrijven infiltreren. Het kabinet doet dit door samen met die bedrijven,
ondernemers en werknemers de weerbaarheid te verhogen. Justitiepartners, maar ook
brancheorganisaties en andere overheden trekken hierbij gezamenlijk op. Hier hebben
we specifiek aandacht voor criminelen die nieuwe kansen zoeken voor hun activiteiten,
om hen de pas af te snijden en verdienmodellen te doorbreken. Een voorbeeld daarvan
is ondermijning in de zorg, waarover uw Kamer op 3 oktober jl. is geïnformeerd over
de concrete maatregelen die op dit moment worden genomen.9 Om deze vorm van ondermijning tegen te gaan wordt nauw samengewerkt met de Ministeries
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)
en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).
Met subsidie van mijn ministerie versterken we met het project Weerbare Branches –
dat door VNO-NCW, MKB-Nederland, Platform Veilig Ondernemen (PVO-NL) en Avans-Hogeschool
getrokken wordt – branches die kwetsbaar zijn voor criminele inmenging. Dit project
biedt bedrijven en ondernemers concrete handvatten voor het vergroten van hun weerbaarheid.
Daarmee kunnen brancheorganisaties10 ook zelf hun rol pakken en kwetsbaarheden in hun branche identificeren, waarmee de
weerbaarheid vergroot wordt op die plekken die ertoe doen. Ook wordt hard gewerkt
aan het beschermen van de integriteit van het financiële stelstel. Een voorbeeld is
het aangenomen wetsvoorstel Versterking strafrechtelijke aanpak ondermijnende criminaliteit II.
Deze wet introduceert voor de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU-NL) een grondslag
om een spoedbevriezing te verzoeken aan banken en overige poortwachters tegen witwassen,
indien er aanwijzingen zijn voor witwassen of terrorismefinanciering.
Mainportaanpak
Met de landelijke Mainportaanpak wordt sinds 2022 fors ingezet op publiek-private
samenwerking om drugssmokkel tegen te gaan bij vijf grote logistieke knooppunten.11 Hiermee worden de logistieke routes die criminelen nodig hebben om hun criminele
activiteiten te verrichten verstoord. Het kabinet verhoogt daarnaast de barrières
in de keten zodat criminelen geen misbruik meer kunnen maken van onze infrastructuren.
In juli 2025 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) het in mainport Rotterdam ontwikkelde
Gatekeeper-protocol goedgekeurd. Aangesloten bedrijven kunnen onder strenge voorwaarden
incidenten melden bij Stichting Gatekeeper.12 Op basis van die melding worden andere deelnemende bedrijven geïnformeerd. Zij kunnen
dan passende maatregelen nemen, zoals het tijdelijk of permanent deactiveren van de
toegangspas. Het Gatekeeper-protocol is ook toepasbaar bij andere hoog-risicolocaties
in onze zee- en luchthavens, waarvoor de gesprekken met andere Mainports inmiddels
zijn aangevangen. Een ander belangrijk resultaat is dat de in 2023/2024 ingevoerde
Vertrouwensketen in de Rotterdamse haven het ophalen van containers door pincodefraude
onmogelijk lijkt te hebben gemaakt. Het effect laat zich al zien: de pincodefraude
neemt af en drugsvangsten (kilo’s) in de Rotterdamse haven dalen fors. Tegelijkertijd
zijn we er nog niet. Er worden in Rotterdam nog altijd kleinere hoeveelheden gesmokkeld
op verschillende manieren. Daarnaast blijft het kabinet scherp op het verplaatsen
van de drugssmokkel naar andere lokale of (inter)nationale havens. Op mijn verzoek
komt het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) in het derde kwartaal van
2026 met een evaluatie van de Mainportaanpak, waardoor scherper zicht gekregen wordt
op de effecten van de aanpak.
Weerbaarheid burgers: Publiekscampagne «Vreemd of verdacht»
De effecten van ondermijning worden in de wijken gevoeld. De hulp van de samenleving
is daarom nodig om de georganiseerde misdaad terug te dringen en onze buurten veiliger
te maken. De koepelcampagne «Houd misdaad uit je buurt» zet hierop in en maakt mensen
alert op signalen van ondermijnende criminaliteit, zodat ze deze kunnen herkennen
en weten wat ze vervolgens kunnen doen. Conform de toezegging om uw Kamer voor het
einde van 2025 te informeren over de resultaten van de campagne Vreemd of Verdacht13 zet ik hierbij uiteen wat de resultaten zijn en doe daarmee de toezegging af. In
januari en september 2025 hebben de eerste rondes van de campagne «Vreemd of Verdacht»
gedraaid. Effectmetingen laten zien dat de campagne door het publiek beoordeeld wordt
met een 8 (de benchmark is 7,2). Een ruime meerderheid vindt de campagne duidelijk,
makkelijk te begrijpen, geloofwaardig en aansprekend. De campagne heeft positieve
effecten op het herkennen van signalen en het vergroten van de actiebereidheid van
burgers, zoals het bespreken van signalen met buren of het melden bij politie of woningcorporaties.
Om de effecten van een campagne te behouden is het belangrijk om de boodschap gedurende
een langere periode te herhalen. Na de eerste ronde van de campagne ontving Meld Misdaad
Anoniem substantieel meer meldingen die te maken hadden met «onverklaarbare ondermijnende
activiteiten». Sindsdien ligt het aantal meldingen in deze categorie stabiel op een
hoger niveau ten opzichte van een jaar eerder in dezelfde periode.
Verdere punten uit de integrale aanpak
Drugsbeleid
Dit kabinet werkt eraan om zowel de vraag naar drugs als het aanbod van drugs zoveel
mogelijk terug te dringen. Recent heeft dit geresulteerd in een doelgroepgerichte
campagne over de negatieve gevolgen van drugsgebruik voor de gezondheid, de maatschappij
en het milieu. Om beter zicht te krijgen op de mechanismen van gebruik, handel en
preventie start de Nederlandse Wetenschapsorganisatie, op verzoek van de Ministeries
van JenV en VWS, een meerjarig, diepgaand en multidisciplinair onderzoek. Verder is
recent uit het eindrapport van de pilot rioolwatermetingen gebleken dat dit instrument,
samen met al bestaande (bevolkings)onderzoeken, voor een beter beeld kan zorgen van
de omvang van het drugsgebruik in Nederland. De Staatssecretaris Jeugd, Preventie
en Sport (JPS) en ik zullen in het eerste kwartaal van 2026 bepalen of en zo-ja welk
vervolg hieraan geven wordt en uw Kamer hierover informeren.
Daarnaast wordt onverkort ingezet op het terugdringen van het aanbod van drugs in
Nederland. Zo zijn in 2024 wederom een recordaantal (167) productielocaties door de
politie ontmanteld waar synthetische drugs, heroïne en/of cocaïne werden geproduceerd.
Tegelijkertijd is ook het instrumentarium versterkt waarmee politie en justitie dit
aan kunnen pakken. Geregeld verschijnen er nieuwe synthetische drugs op de markt.
Met wijziging van de Opiumwet per 1 juli 2025 zijn de drie stofgroepen verboden waartoe
de middelen behoren die het meest door de opsporingsdiensten worden aangetroffen.
De wet voorziet er ook in om nieuwe stofgroepen onder het verbod van de Opiumwet te
brengen. Dat is helaas nu al nodig. Samen met de Staatssecretaris JPS werk ik aan
een verbod op nitazenen. Dit betreft een wijziging van het Opiumwetbesluit. Nitazenen
zijn synthetische opioïden waarvan de schadelijke werking vergelijkbaar is met morfine
en heroïne. Op dit moment worden af en toe nitazenen aangetroffen in Nederland. Nitazenen
zorgen in landen als de Verenigde Staten en Canada voor grote problemen door hun verslavende
werking en effecten op de gezondheid. Nitazenen zijn daar de zorgwekkende «opvolger»
van fentanyl-achtige drugs. De voorgestelde wijziging van het Opiumwetsbesluit, waarmee
de stofgroep nitazenen worden toegevoegd aan Lijst IA van de Opiumwet is op 1 oktober
in consultatie gegeven. Ik streef er met de Staatssecretaris JPS naar dit verbod op
1 juli 2026 in werking te laten treden.
Als drugsafval wordt gedumpt is in de meeste gevallen het lokale bevoegde gezag verplicht
dit op te ruimen. Het Rijk heeft hierbij geen formele rol, maar is wel bereid decentrale
overheden hierin een helpende hand te bieden. Hiervoor is in 2021 via de provincies
een subsidieregeling opgezet van 1 miljoen per jaar voor de duur van drie jaar. Deze
subsidieregeling is in 2024 met een jaar verlengd en loopt af op 31 december 2025.
Op verzoek van de provincies doe ik deze maand nog een extra bijdrage om de laatste
subsidieaanvragen over 2025 af te kunnen handelen. Hiermee komt de totale bijdrage
in 2025 op 2,25 miljoen euro. Samen met de Staatssecretaris van Infrastructuur en
Waterstaat (IenW) heb ik afgelopen periode gewerkt aan een nieuwe regeling ter vervanging
van de huidige subsidieregeling.14 Mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) kan ik uw
Kamer melden dat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) bereid is gevonden
om als loket te fungeren om de beschikbare middelen te verdelen onder de decentrale
overheden. Daarmee wordt het lokale bevoegde gezag, dat ook namens particuliere grondeigenaren
kosten maakt bij de opruiming van drugsafval, ook vanaf 2026 financieel ondersteund.
Om decentrale overheden met kennis te ondersteunen heb ik het Centrum voor Criminaliteitspreventie
en Veiligheid (CCV) de opdracht gegeven voor de inrichting van een webdossier waar
decentrale overheden terecht kunnen om kennis op te halen en vragen te stellen over
drugsafval. Dit webdossier is voor het einde van 2025 gereed.
Gegevensdeling
De veiligheid van Nederland is pas geborgd als de bestrijding van de georganiseerde
criminaliteit effectief kan plaatsvinden. Dit lukt alleen als er tussen partners bij
de preventie, opsporing en vervolging van georganiseerde criminaliteit goed wordt
samengewerkt. Informatie-uitwisseling is hierbij een noodzakelijke randvoorwaarde.
De motie Michon-Derkzen verzoekt het kabinet om in 2025 via de halfjaarrapportage
in te gaan op de resultaten die de Taskforce gegevensdeling heeft behaald.15 Deze Taskforce houdt zich onder andere bezig met het formuleren van oplossingsrichtingen
bij gegevensdelingproblematiek. Ik zet hierbij uiteen wat de resultaten zijn en doe
daarmee de motie Michon-Derkzen af. In vorige Kamerbrieven informeerde ik uw Kamer
over de knelpunten die partners ervaren bij het delen van gegevens, in de door het
SBO geprioriteerde thema’s Mainports en Preventie met Gezag. Binnen deze thema’s heeft
de taskforce samen met partners concrete knelpunten opgepakt en worden stappen gezet
in het vinden van oplossingen.
De Taskforce gegevensdeling heeft na een grondige analyse van casuïstiek en door specifieke
casuïstiek naast elkaar te leggen, goed in beeld gekregen waar het daadwerkelijk knelt
bij het delen van gegevens. De Taskforce concludeert dat er een gebrek is aan implementatieondersteuning,
vakmanschap, vakgemeenschap en verankering van gegevensdelingaspecten in beleid. Dit
laat onverlet dat in voorkomende gevallen ook sprake kan zijn van complexe wetgeving
en/of een gebrek aan juridische mogelijkheden. De Taskforce heeft met partners een
pakket aan oplossingsrichtingen geformuleerd waaraan zij in nauwe samenwerking de
komende periode nadere uitwerking geven. Met deze oplossingsrichtingen kunnen de hiervoor
genoemde grondoorzaken in gezamenlijkheid worden aangepakt. De Taskforce blijft de
komende twee jaar concrete casuïstiek samen met de partners ontrafelen. Met deze wijze
van werken wordt bovendien concreet duidelijk waar noodzaak bestaat voor nieuwe of
aangepaste wet- en regelgeving om gegevens (eenvoudiger) te kunnen delen. Het kabinet
hecht veel belang aan continuïteit en slagkracht van de Taskforce en daarom verleng
ik de opdracht van de Taskforce, waardoor ook knelpunten op andere ondermijningsthema’s
zoals criminele geldstromen en internationale samenwerking kunnen worden opgelost.
Tot slot
De wereld om ons heen is continu in beweging, criminelen zijn wendbaar en de dreiging
die uitgaat van de georganiseerde misdaad ontwikkelt zich in hoog tempo. Deze dreiging
en de ernstige maatschappelijke schade kunnen alleen het hoofd worden geboden als
overheden, bedrijven en burgers de handen ineenslaan en een front hiertegen vormen.
Het is van groot belang dat daarom fors blijft worden ingezet op de brede aanpak van
ondermijning en het zicht hierop zal komend jaar worden versterkt door het Dreigingsbeeld
Ondermijning Nederland. Dit beeld zal verscherpen waar de ondermijnende effecten op
de maatschappij het grootst zijn en op welke plekken de aanpak zich verder moet focussen.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
F. van Oosten
Ondertekenaars
F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid