Brief regering : Reactie op het advies (MROA) over de inbreukprocedure inzake de bescherming van de grutto onder de Vogelrichtlijn
33 576 Natuurbeleid
Nr. 473
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 december 2025
Op 17 juli 2025 heeft Nederland een «met redenen omkleed advies» (hierna: MROA) ontvangen
van de Europese Commissie in de inbreukprocedure inzake de bescherming van de grutto
onder de Vogelrichtlijn. In het MROA verzoekt de Commissie Nederland om de benodigde
maatregelen te nemen om te voldoen aan de verplichtingen van de Vogelrichtlijn om
de broedpopulatie van de grutto te herstellen. De reactie op het MROA is op 17 december
2025 naar de Europese Commissie verzonden.
De Nederlandse regering zet zich maximaal in voor de bescherming van de grutto, met
als inzet om in 2050 het landelijke doel van 50.000 broedparen te bereiken. Dat gebeurt
door het uitvoeren van de maatregelen die vermeld staan in mijn brief aan de Kamer
van 25 maart 2025 (Kamerstuk 33 576, nr. 441). De Nederlandse regering kiest ervoor om in te zetten op maatregelen die passen
binnen de ruimtelijke beperkingen waar Nederland mee te maken heeft en die recht doen
aan de rol die de agrariër speelt in de bescherming van de grutto. Het pakket van
maatregelen is een combinatie van stimulerende en borgende maatregelen die passen
binnen de Nederlandse context en die effectief bijdragen aan herstel en behoud van
de gruttopopulatie.
Het is aan de Europese Commissie om te beoordelen of de maatregelen voldoende zijn
om aan de verplichtingen van de Vogelrichtlijn te voldoen. Als de Commissie de maatregelen
niet voldoende vindt, kan zij een procedure bij het Hof van Justitie van de Europese
Unie (hierna: het Hof) inleiden. Het Hof zal vervolgens beoordelen of Nederland in
strijd met de Vogelrichtlijn heeft gehandeld.
Voortgang van de maatregelen ter bescherming van de grutto
In samenwerking met provincies, uitvoeringsorganisaties en collectieven worden concrete
stappen gezet om de uitvoering van het agrarisch natuurbeheer te versterken en het
areaal al vanaf 2026 uit te breiden. Hierbij ligt al op de korte termijn prioriteit
bij het uitbreiden en verzwaren van beheer voor weidevogels, met name de grutto. Op
8 december jl. is door het rijk en provincies een gezamenlijke Intentieverklaring
Aanvalsplan Grutto bestuurlijk bekrachtigd. Daarbij is de intentie uitgesproken dat
het Aanvalsplan Grutto volledig zal worden uitgevoerd, zowel in de gebieden waar de
uitvoering al is gestart, als in de resterende gebieden en dat de noodzakelijke maatregelen
voor de grutto in deze Aanvalsplan Grutto-gebieden met voorrang, in samenhang, versneld
en geborgd worden uitgevoerd. Deze gezamenlijke intentieverklaring is een belangrijk
moment in het langjarige proces van uitvoering van het Aanvalsplan Grutto. Het maakt
duidelijk dat zowel de Nederlandse regering als de provincies zich gebonden achten
aan een effectieve uitvoering van het Aanvalsplan Grutto als essentiële bijdrage aan
het herstel van de populatie van de grutto in Nederland. In de intentieverklaring
is vermeld dat het een belangrijke vervolgstap is om een afsprakenkader of convenant
uit te werken met inbegrip van de uitwerking van financiering en instrumentarium en
dat medio 2026 te bekrachtigen. Daarvoor zijn reeds 14 punten genoemd die zo concreet
mogelijk zullen worden uitgewerkt, gericht op volledige uitvoering binnen tien jaar.
Ook werkt het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN)
in samenspraak met provincies en maatschappelijke organisaties aan een nieuw, toekomstbestendig
stelsel voor jacht en faunabeheer. Inzet is om te komen tot een toekomstbestendige
aanpak, waarin jacht en faunabeheer samenhangen met bredere natuurdoelen als actieve
soortenbescherming, duurzame landschapsinrichting en herstel van de natuur. Samen
met de collectieven die zich inzetten voor agrarisch natuurbeheer wordt ook bekeken
hoe de slag van beleid naar praktijk beter kan worden gemaakt.
Tevens start er in 2026 een vijfjarig onderzoek naar kuikenoverleving dat gericht
is op predatie, voedselaanbod en «headstarting» (hierbij worden jonge kuikens in een
beschermde omgeving grootgebracht en vervolgens uitgezet).
Onlangs heb ik ook instandhoudingsdoelstellingen voor de grutto toegevoegd aan de
aanwijzingsbesluiten van 25 bestaande Vogelrichtlijngebieden waar broedende grutto’s
in voldoende mate voorkomen. Dit zorgt voor aanvullende bescherming en inzet op verbetering
van hun leefgebied. Om de doelen te behalen zullen er door de voortouwnemers maatregelen
worden opgenomen in de Natura 2000-beheerplannen. Met de vaststelling van de bovengenoemde
besluiten is ook een landelijk doel voor de grutto als broedvogel vastgesteld op 50.000
broedparen in 2050 en is het landelijk doel voor de grutto als niet-broedvogel geactualiseerd.
MROA vertrouwelijk ter inzage bij het Centraal Informatiepunt (CIP)
De inbreukprocedure is vertrouwelijk en overeenkomstig de vaste praktijk van de Europese
Commissie zijn de stukken die in dat kader worden gewisseld niet openbaar tijdens
een lopende procedure. Ik ben bereid in te gaan op het verzoek van de vaste Kamercommissie
LVVN tot het voeren van een vertrouwelijk gesprek over de inbreukprocedure en mijn
ambtenaren op korte termijn een besloten technische briefing te laten geven, overeenkomstig
de besloten technische briefing die in oktober 2024 heeft plaatsgevonden (Kamerstuk
33 576, nr. 392). Ook zal ik de Nederlandse reactie op het MROA vertrouwelijk ter inzage leggen bij
het Centraal Informatiepunt (CIP)1, naar aanleiding van het verzoek van de vaste commissie voor LVVN (brief d.d. 11 september
2025, kenmerk 2025Z16760/2025D38687). De inhoud van de reactie mag niet worden verspreid en kan niet worden aangehaald
in openbare debatten.
Ik vertrouw hiermee tegemoet te komen aan het informatieverzoek van de Kamer.
De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J.F. Rummenie
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.F. Rummenie, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur