Brief regering : Vervoerplan NS 2026 en Beheerplan ProRail 2026-2027
29 984 Spoor: vervoer- en beheerplan
Nr. 1269
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 december 2025
Bij deze brief vindt u het Vervoerplan 2026 van NS en het Beheerplan 2026–2027 van
ProRail. Deze documenten beschrijven hoe NS en ProRail uitvoering geven aan de afspraken
vastgelegd in de vervoer- en beheerconcessie en aan de beleidsprioriteiten voor 2026
en 2026–2027. Verder wordt met deze Kamerbrief een toelichting gegeven op het verlengen
van de ProRail-specifieke prestatie-indicatoren tot 1 januari 2029.
Vervoerplan NS 2026
Het Vervoerplan 2026 van NS beschrijft hoe NS volgend jaar invulling geeft aan de
HRN-concessie 2025–2033. Het plan licht de belangrijkste nieuwe maatregelen en acties
toe en geeft inzicht in de ontwikkelingen en verwachtingen ten opzichte van vorig
jaar. Zoals ieder jaar heeft NS van het Ministerie van IenW beleidsprioriteiten meegekregen,
gericht op de actuele prestaties en nieuwe ontwikkelingen in het ov en op het spoor.
De beleidsprioriteiten die NS in 20261 moet invullen zijn:
1. Van a naar b bij werkzaamheden.
2. Weerbaarheid, waaronder het bevorderen van fysieke en digitale veiligheid.
Van a naar b bij werkzaamheden
NS laat zien dat zij in een periode met veel werkzaamheden maatregelen neemt om hinder
voor reizigers te beperken. Door de afwegingskaders uit het verbeterprogramma Betrouwbaar
Beter toe te passen bij grootschalige werkzaamheden en tijdelijke snelheidsbeperkingen
(TSB’s), maakt NS – samen met ProRail – bewuste keuzes in de dienstregeling. Dit resulteert
in een meer robuuste dienstregeling en, waar mogelijk, langere treinen. De maatregelen
zorgen voor een meer betrouwbare dienstregeling voor reizigers. Het Ministerie van
IenW waardeert dat NS actief zoekt naar een balans tussen kosten, punctualiteit en
capaciteit. Tegelijkertijd verwacht het ministerie dat NS in overleg blijft met ProRail
om de impact van werkzaamheden voor reizigers te beperken.
Daarnaast neemt NS verschillende praktische en communicatieve maatregelen om reizigers
te ondersteunen bij werkzaamheden. De communicatie via reisplanner, persberichten,
social media en gerichte campagnes gebeurt regelmatig en wordt afgestemd op de situatie.
NS zorgt daarnaast voor duidelijke omreisroutes en voldoende treinvervangend vervoer.
Deze inzet past bij de grote hoeveelheid werkzaamheden in 2026. Het Ministerie van
IenW verwacht dat NS deze werkwijze ook bij toekomstige werkzaamheden blijft toepassen
om de impact voor reizigers zo veel mogelijk te beperken.
Weerbaarheid, waaronder het bevorderen van fysieke en digitale veiligheid
NS werkt actief aan de fysieke en digitale weerbaarheid van de organisatie om de continuïteit
van haar dienstverlening te waarborgen. Dit doet zij niet alleen vanwege wettelijke
verplichtingen, maar ook vanuit de overtuiging van haar maatschappelijke rol als vitale
aanbieder en aanbieder van essentiële diensten. NS heeft de afgelopen jaren haar inspanningen
aanzienlijk versterkt, bijvoorbeeld door het opzetten van een aangepaste organisatie
voor cybersecurity, de invoering van een Information Security Management System (ISMS)
en de versterking van technische infrastructuur. Daarnaast onderhoudt NS een sterke
cyber-informatiepositie via samenwerking met politie, NCSC, AIVD, MIVD, NCTV en internationale
netwerken zoals Rail-ISAC en het CISO Forum for Rail.
Ook op het gebied van fysieke veiligheid neemt NS uitgebreide maatregelen. In samenwerking
met partijen als ProRail, IenW, politie en Defensie werkt NS aan de voorbereiding
op actuele dreigingen, waaronder hybride en gecombineerde fysieke en digitale scenario’s.
Scenario’s en risicoanalyses worden gebruikt om de crisismanagement-oefeningen te
verbeteren en de organisatie en werknemers beter voor te bereiden op extremere situaties.
Het Ministerie van IenW is positief over deze brede en gestructureerde aanpak en verwacht
dat deze inzet wordt voortgezet en verder ontwikkeld in nauwe afstemming met ketenpartners.
Beheerplan ProRail 2026–2027
Vanaf 2025 is, na een pilot, gekozen voor een tweejarig beheerplan met een jaarlijks
addendum. Het voorliggende beheerplan heeft betrekking op de jaren 2026 en 2027. Voor
deze periode heeft het Ministerie van IenW drie beleidsprioriteiten aan ProRail meegegeven
via de Jaarbrief 2025. In deze Kamerbrief wordt toegelicht hoe ProRail hieraan invulling
geeft in het beheerplan. Het gaat om de volgende beleidsprioriteiten:
1. Implementatie BKN en onderzoeken instandhouding lange termijn.
2. Versterking van de veiligheid op het spoor.
3. Weerbaarheid.
Implementatie BKN en onderzoeken instandhouding lange termijn
De eerste beleidsprioriteit betreft de implementatie van het basiskwaliteitsniveau
(BKN) spoor en de onderzoeken naar een doelmatiger instandhouding vanaf 2030. In 2024
is gezamenlijk met ProRail het BKN Spoor vastgesteld. Dit niveau borgt vanaf 2026
een veilig, betrouwbaar en duurzaam basisniveau van onderhoud binnen de beschikbare
financiële middelen. Om deze doelstelling te realiseren voert ProRail in de komende
jaren efficiency- en versoberingsmaatregelen door. Daarnaast onderzoeken het Ministerie
van IenW en ProRail hoe de doelmatigheid van de instandhouding op langere termijn
(vanaf 2030) verder verbeterd kan worden.
ProRail geeft in het beheerplan aan dat het vanaf 2026 de afgesproken efficiëntie-
en versoberingsmaatregelen doorvoert om binnen de beschikbare financiële middelen
te blijven. Het gaat onder meer om een structurele verlaging van apparaatskosten,
een doelmatiger inrichting van het onderhoud, bijvoorbeeld door toepassing van verlengde
levensduren van assets en het afschalen van wisselverwarming, en om gerichte keuzes
binnen maatschappelijke ambities zoals klimaatneutrale en circulaire infrastructuur
en schoon en emissieloos bouwen.
Daarnaast voeren ProRail en het Ministerie van IenW in 2026 en 2027 gezamenlijke onderzoeken
uit naar de instandhouding op langere termijn. Deze richten zich op gebruiksgerichte
functionaliteit, digitalisering, standaardisatie van stations en alternatieve onderhoudsaanpakken.
Versterking van de veiligheid op het spoor
ProRail zet zich in voor een voortdurende verbetering van de veiligheidscultuur en
het verminderen van veiligheidsrisico’s op het spoor. De tweede beleidsprioriteit
is aanvullend daarop en vraagt (extra) aandacht voor de opvolging van aanbevelingen
uit het onderzoeksrapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) over het treinongeval
in Voorschoten en de bevindingen uit de rapportage van de Inspectie Leefomgeving en
Techniek (ILT) over de Nederlandse railinfrastructuur.
In het beheerplan beschrijft ProRail dat in 2026 en 2027 de uitvoering en borging
van de maatregelen naar aanleiding van het OvV-rapport over het treinongeval in Voorschoten
worden vervolgd. Daarbij ligt de focus op betere registratie en sectorbreed leren
van (bijna-)ongevallen, het vergroten van de veiligheid bij werkzaamheden en het versterken
van de interne regierol op veiligheid. Ook onderzoekt ProRail innovaties die fysieke
aanwezigheid in het spoor verminderen. Ten aanzien van de opvolging van de ILT-rapportage
wordt gewerkt aan verduidelijking van instandhoudingsnormen en betere monitoring van
normoverschrijdingen.
Weerbaarheid
De derde beleidsprioriteit ziet toe op het verhogen van de weerbaarheid van het spoornetwerk.
Een robuust en veerkrachtig spoorwegnet is noodzakelijk om storingen en eventuele
bewuste (digitale) sabotage het hoofd te kunnen bieden. Bovenop de reguliere dreigingen
is de internationale veiligheidssituatie de afgelopen jaren flink verslechterd en
dit raakt ook Nederland. Gezien deze ontwikkelingen is aan ProRail gevraagd om een
extra impuls te geven aan de inspanningen op bepaalde onderdelen. Daarbij zijn de
volgende onderwerpen benoemd: continuïteit van het spoornetwerk en cyberveiligheid
en digitale weerbaarheid.
ProRail beschrijft in het beheerplan dat het de digitale weerbaarheid verder versterkt,
onder meer door uitvoering te geven aan de cybersecuritystrategie en door de vereisten
van de NIS II-richtlijn te implementeren. Tevens worden, in samenwerking met het Ministerie
van IenW en Defensie, plannen opgesteld om de hersteltijd na grote fysieke verstoringen
te verbeteren. ProRail sluit daarbij aan op de conclusies van het Overlegorgaan Fysieke
Leefomgeving dat heeft vastgesteld dat het Nederlandse spoorsysteem in zijn huidige
vorm onvoldoende weerbaar is tegen toenemende dreigingen en onvoldoende capaciteit
heeft voor militair transport. Het rapport adviseert een startpakket van maatregelen
met een omvang van minimaal € 600 miljoen. ProRail geeft aan binnen de huidige kaders
te werken aan de weerbaarheidsopgave en besluitvorming over het voorgestelde startpakket
aan een volgend kabinet te laten.
Vanwege de gevoeligheid zijn hierover geen nadere details in het beheerplan opgenomen.
ProRail is gevraagd om actief te blijven informeren over de uitvoering van de cybersecuritystrategie
en over de stappen die worden gezet om de digitale en fysieke weerbaarheid te versterken.
Verlenging ProRail specifieke prestatie-indicatoren
Via de beheerconcessie met ProRail zijn naast de twee gezamenlijke prestatie-indicatoren
met NS, vier ProRail-specifieke prestatie-indicatoren met bijbehorende bodem- en streefwaarden
vastgelegd. De huidige concessieperiode liep van 2015 tot 2025 en is verlengd tot
1 januari 2029. Eerder is besloten om de bestaande bodem- en streefwaarden van de
ProRail-specifieke prestatie-indicatoren te handhaven tot 1 januari 2026. Nu is besloten
de prestatie-indicatoren, inclusief bijbehorende bodem- en streefwaarden tot 1 januari
2029 door te laten lopen. Dit besluit is gebaseerd op de prestaties van de huidige
indicatoren, een analyse van de mogelijke verbeteringen en de ontwikkelingen in de
spoorsector.
Voor impactvolle storingen geldt dat ProRail de bodemwaarde recent niet heeft gehaald
en de toename van het aantal storingen vooral van technische aard zijn. Hiervan worden
de oorzaken nog onderzocht. Het aanpassen van de norm is daarom niet passend. Voor
de betrouwbaarheid van regionale series blijft de huidige norm gehandhaafd, omdat
de recente lagere prestaties voornamelijk worden veroorzaakt door enkele specifieke
treinseries, met name de drielandentrein, waarop ProRail beperkt invloed heeft.
Voor zowel het klantoordeel reizigersvervoerders als het klantoordeel goederenvervoerders
geldt dat de resultaten de afgelopen jaren onder de streefwaarde liggen. Verlaging
van de bodemwaarde zou tot een vijf als bodemwaarde leiden, wat onwenselijk is, terwijl
verhoging onrealistisch is gezien de prestaties en de beperkte beïnvloedbaarheid van
onderdelen van het oordeel door ProRail. De verlenging van de bestaande normen geeft
daarmee stabiliteit tot de nieuwe beheerconcessie in 2029.
Sociale veiligheid
Naast de lopende activiteiten uit het Vervoerplan van NS en het beheerplan van ProRail
blijft sociale veiligheid in het openbaar vervoer onverminderd een topprioriteit.
Daarom is ter versterking van de aanpak het programma «Een veilig station, altijd
voor iedereen» ingericht, met als doel om structurele verbeteringen te realiseren
op en rond stations.
Binnen dit programma werken NS, ProRail en het Ministerie van IenW in nauwe samenwerking
met regionale en lokale partners aan het vergroten van de sociale veiligheid. De inzet
richt zich onder meer op het voortbouwen van bestaande initiatieven. Er wordt daarbij
op stationsniveau gekeken naar de specifieke problematiek en doelgroepen, zodat maatregelen
effectief kunnen worden afgestemd op de lokale context. De Kamer wordt in de eerste
helft van 2026 geïnformeerd over de concrete maatregelen die bij de eerste stations
worden getroffen. Hiervoor is € 20 mln. gereserveerd.
Naast dit programma werk ik samen met het Ministerie van JenV aan het realiseren van
toegang tot het rijbewijsregister voor OV-boa’s vanaf medio 2026. Dit maakt een snellere
en efficiëntere identificatie van zwartrijders mogelijk. Ook onderzoek ik met het
Ministerie van AenM de mogelijkheden voor OV-boa’s om gegevens van asielzoekers die
zwartrijden te kunnen inzien. De boete voor zwartrijden is per 1 oktober met 40% verhoogd
en er zijn middelen beschikbaar gesteld om hoofdconducteurs van NS met bodycams uit
te rusten. Daarnaast heeft het Ministerie van JenV ingestemd met een pilot waarbij
NS-boa’s een wapenstok mogen dragen.
Tot slot
In het vervoer- en beheerplan hebben NS en ProRail beschreven wat de ambities en uitdagingen
zijn voor 2026 en – in het geval van ProRail – ook voor 2027. Van NS en ProRail wordt
verwacht dat zij de komende periode de nodige inspanningen leveren om de plannen en
ambities uit te voeren. Zoals gebruikelijk wordt de Kamer via de (half)jaarverantwoordingen
geïnformeerd over de voortgang van de uitvoering van het vervoer- en beheerplan. Het
eerstvolgende moment is het voorjaar van 2026, wanneer de jaarverantwoordingen van
NS en ProRail worden gedeeld.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,
A.A. Aartsen
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
A.A. Aartsen, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat