Brief regering : Invulling motie van het lid Klaver c.s. over het budget voor militaire steun aan Oekraïne aanvullen met 2 miljard euro (Kamerstuk 36045-243)
36 045 Situatie in Oekraïne
Nr. 261
BRIEF VAN DE MINISTERS VAN FINANCIËN, VAN DEFENSIE EN VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 december 2025
Op 2 december jl. is door uw Kamer de motie over het budget voor militaire steun aan
Oekraïne1 aangenomen. De motie verzoekt het kabinet het budget voor militaire steun aan Oekraïne
aan te vullen met 2 miljard euro, zodat het budget in het eerste kwartaal van 2026
beschikbaar gesteld kan worden ten behoeve van de defensie-industrie in Oekraïne.
Het kabinet ziet de noodzaak voor onverminderde steun aan Oekraïne en zet een eerste
stap in de opvolging aan de motie van de Kamer.
Het is inmiddels bijna vier jaar geleden dat Rusland de grootschalige invasie van
Oekraïne startte. De oorlog is een ongekende daad van agressie tegen een democratisch
Europees land met vreselijke gevolgen voor alle Oekraïners. Het kabinet blijft Oekraïne
politiek, militair, financieel en moreel actief en onverminderd steunen in tijden
van oorlog, herstel en wederopbouw, zoals ook beschreven in het Regeerprogramma.
Sinds het begin van de militaire invasie van Rusland op 22 februari 2022 heeft Nederland
circa 13,5 miljard euro aan militaire steun en circa 3,5 miljard euro aan uitgaven
voor niet-militaire steun toegezegd aan Oekraïne. Daarnaast verstrekt Nederland garanties
en leningen. Nederland heeft in het verleden Oekraïne gesteund met directe leveringen
uit eigen militaire voorraad, waaronder het beschikbaar stellen van pantserhouwitsers
(PzH 2000) en jachtvliegtuigen (F-16). In latere stadia is deze steun steeds verder
verlegd naar het voorzien in de noodzakelijke bevoorrading en reserveonderdelen om
het doorzettingsvermogen van de Oekraïense krijgsmacht te bevorderen, en het stimuleren
van de Oekraïense defensie-industrie. Hierbij is bijzondere aandacht voor investeringen
in onbemande systemen (drones). Naast militaire steun helpt Nederland ook op andere
manieren, zoals energiesteun, herstel van kritieke infrastructuur en humanitaire hulp.
Het helpt de slachtoffers van de oorlog, zowel in Oekraïne als in buurlanden. Ook
steunt Nederland onderzoek naar schendingen van mensenrechten en humanitair oorlogsrecht.
Het kabinet kijkt naar wat Oekraïne nodig heeft en wat Nederland kan bieden. Nederland
heeft deze zomer 500 miljoen bijgedragen aan het zogeheten Prioritised Ukraine Requirements
List (PURL)-initiatief. Nederland loopt hiermee voorop. Via dit initiatief van het
Navo-bondgenootschap levert Nederland wapens uit Amerikaanse voorraad die Oekraïne
het meest dringend nodig heeft, zoals luchtverdediging en F-16 munitie. Ook andere
Europese landen steunen Oekraïne via dit initiatief. Bij Najaarsnota 2025 heeft dit
kabinet wederom een bijdrage van 250 miljoen euro gedaan aan Oekraïne via PURL. Het
kabinet versnelt met deze bijdrage de steun daar waar Oekraïne het acuut nodig heeft.
Uiteraard benadrukt Nederland ook het belang om op Europees niveau de steun verder
op te schalen. Het kabinet vindt het daarbij van groot belang dat Oekraïne in hun
noden wordt voorzien en dat de lasten eerlijk worden verdeeld onder EU-lidstaten.
In EU-verband wordt gesproken over financiële steun voor Oekraïne, waar het gaat om
substantiële bedragen. Het kabinet vindt het belangrijk om op korte termijn internationale
financiering voor Oekraïne te mobiliseren, onder de juiste voorwaarden. Daarbij heeft
het kabinet de voorkeur voor herstelleningen op basis van geïmmobiliseerde Russische
centrale banktegoeden. Hierover wordt de Kamer op korte termijn nader geïnformeerd.
Het kabinet erkent de wens van de Kamer om snel extra militaire steun aan Oekraïne
te leveren. Op het Defensiematerieelbegrotingsfonds is in 2025 momenteel zicht op
500 miljoen euro verwachte onderuitputting. Hierbij gaat het om meevallers als het
gevolg van een gunstige dollarkoers en daarnaast om meerdere reguliere defensieprojecten
die als gevolg van externe factoren vertraging op hebben gelopen in de uitvoering.
De extra militaire steun aan Oekraïne leidt zelf niet tot vertraging of het niet doorgaan
van deze projecten. Ook is sprake van 200 miljoen euro onderuitputting op de begroting
van Buitenlandse Zaken. Dit komt doordat het grootste deel van de gereserveerde middelen
voor het Nederlandse aandeel in de Europese Vredesfaciliteit in 2025 niet tot besteding
komt, als gevolg van het veto van Hongarije sinds 2023. Als eerste stap in de opvolging
van de motie is het kabinet voornemens deze onderuitputting van in totaal 700 miljoen
aan te wenden ten behoeve van steun aan Oekraïne. De onderuitputting loopt via de
reguliere eindejaarsmargesystematiek. Het aanwenden van de onderuitputting betekent
wel dat deze onderuitputting niet beschikbaar is voor het invullen van de in=uittaakstelling,
waardoor in de toekomst tegenvallers kunnen ontstaan.
Door het versneld vrijmaken van middelen voor steun aan Oekraïne zorgt het kabinet
dat in het eerste kwartaal van 2026 militaire leveringen aan Oekraïne gecontinueerd
kunnen worden. Het kabinet realiseert zich dat daardoor de financiering in de toekomst
nog een uitdaging is. Begin volgend jaar zal het kabinet bezien hoe verdere opvolging
aan de motie wordt gegeven.
De budgettaire verwerking van de 700 miljoen euro in 2025 vindt plaats middels een
nota van wijziging op de onlangs ingediende 2e suppletoire begrotingen 2025 van Defensie. Vanwege het spoedeisende karakter van
de toevoeging van de extra middelen voor Oekraïne aan de Defensiebegroting, doet de
Minister van Defensie een beroep op artikel 2.27, tweede lid van de Comptabiliteitswet
2016. Het kabinet heeft de ambitie om het gebruik van dit artikel terughoudend toe
te passen. Deze uitgaven kunnen echter niet wachten op de vaststelling van de 2e suppletoire begroting, omdat autorisatie van deze middelen dan niet op tijd plaats
vindt voor zo spoedig mogelijke levering. De contracten voor Oekraïne dienen donderdag
11 december te worden getekend om nog in 2025 de betalingen te kunnen verrichten.
Middels deze brief verzoekt het kabinet uw Kamer om vóór die datum aan te geven of
u zich voldoende geïnformeerd voelt zodat de Minister van Defensie uitvoering van
de nota van wijziging ter hand kan nemen.
De financiële realiteit is ook dat we volgend jaar tegen de grenzen aanlopen. Onlangs
is uw Kamer geïnformeerd over de gevolgen van de aangenomen amendementen op het Belastingplan.
In 2026 leiden deze amendementen tot een derving van ongeveer 1 miljard euro. Het
is onvermijdelijk te onderkennen dat middelen slechts één keer kunnen worden besteed.
Dit vraagt om afwegingen binnen de beschikbare ruimte, zodat de Nederlandse steun
op een verantwoorde wijze kan worden voortgezet en ingepast. Hierbij is veiligheid
vanzelfsprekend een prioriteit. Het kabinet blijft inzetten op zowel militaire als
niet-militaire steun aan Oekraïne en zal de motie van uw Kamer begin komend jaar verder
zorgvuldig invullen. Daarnaast is het aan een volgend kabinet om te bezien hoe de
steun aan Oekraïne meerjarig en structureel kan worden ingepast.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
De Minister van Defensie,
R.P. Brekelmans
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Indieners
-
Indiener
E. Heinen, minister van Financiën -
Medeindiener
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken -
Medeindiener
R.P. Brekelmans, minister van Defensie