Brief regering : Kabinetsreactie op het rapport 'Gerichte Groei' van de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen Caribisch Nederland 2050
36 800 IV Vaststelling van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026
Nr. 28
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 5 december 2025
Op 4 juli 2024 is het rapport «Gerichte Groei» door de Staatscommissie Demografische
Ontwikkelingen Caribisch Nederland 2050 (hierna: de Staatscommissie) overhandigd aan
het kabinet, de Tweede Kamer en de gezaghebbers van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Het rapport komt tot de conclusie dat zowel op Rijksniveau als op lokaal niveau stevige
keuzes nodig zijn over onder andere de gewenste inrichting van de economie, de omvang
van migratie en manieren om met vergrijzing om te gaan, om brede welvaart op de eilanden
richting 2050 te behouden. Recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek
(CBS) onderstrepen de in het rapport geschetste demografische ontwikkelingen, wat
de urgentie van een proactieve en structurele aanpak benadrukt.1 Deze brief schetst de problematiek, geeft een beeld van het lopende beleid op de
verschillende thema’s en kondigt de eerste voorbereidende acties aan die nog door
het huidige kabinet in gang worden gezet.
Bij het inbedden van demografie in beleid is de samenhang tussen het Rijk en het lokaal
bestuur essentieel omdat dit op beide niveaus moet worden ingebed. Daarom heeft het
kabinet de bestuurscolleges van Bonaire, Sint Eustatius en Saba gevraagd om hun visie
op het rapport en demografie te geven. In de bijlage zijn de reacties van de Bestuurscolleges
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba opgenomen. Het algemeen beeld is dat de eilanden
de implicaties uit het rapport voor de groei- en vergrijzingsopgaven erkennen en dit
tevens zien als startpunt voor het duurzaam opnemen van demografische data in hun
beleidsvorming en de samenwerking op het gebied van demografische ontwikkeling.
Het nieuwe kabinet wordt gevraagd om in 2026 uw Kamer te informeren over de stand
van zaken en een nadere uitwerking van de in deze kabinetsreactie geschetste aanpak.
Deze kabinetsreactie is opgebouwd in twee delen: 1) Acute vraagstukken; en 2) Integraal
demografisch beleid. Ook is in de bijlage een samenvatting van het rapport «Gerichte
Groei» toegevoegd.
1. Acute vraagstukken in het licht van demografische ontwikkelingen
De Staatscommissie heeft in haar rapport vooruitgekeken naar 2050 en de mogelijke
gevolgen van de demografische ontwikkelingen op termijn in kaart gebracht. Tegelijkertijd
worden zowel het kabinet als de eilandbesturen op dit moment al geconfronteerd met
de gevolgen van demografische ontwikkelingen van de afgelopen periode. Een voorbeeld
hiervan is het achterstallige onderhoud van de infrastructuur die onder druk staat
door snelle groei, in het bijzonder de energie- en brandstofvoorziening en het afvalvraagstuk.
Daarnaast spelen er (dreigende) personeelstekorten in de zorg, het onderwijs en de
publieke veiligheid. Een deel van deze gevolgen zijn al kort gemarkeerd in de kabinetsreactie
op het AEF-onderzoek en de adviezen «Samen naar beter» en «Advies bekostiging infrastructurele
opgaven Caribisch Nederland» van respectievelijk de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur
(Rli) en de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB), die het kabinet op 7 november met uw
Kamer heeft gedeeld.2 Daarin heeft het kabinet aangegeven de signalen van de Rli en ROB, naast deze van
de Staatscommissie, ook echt de aandacht te geven. In deze paragraaf ga ik daar verder
op in.
1.1. Fysieke infrastructuur
Het onderzoek van AEF laat zien dat Bonaire, Sint Eustatius en Saba te maken hebben
met grote financiële investeringsopgaven op het terrein van de fysieke infrastructuur
die zij niet zelfstandig kunnen oplossen. In dit onderzoek zijn de cijfers uit de
scenario’s van Gerichte Groei meegenomen op basis van het middelste migratiescenario
per eiland. Dit scenario houdt een groeiverwachting in voor Bonaire van 27%, van 24.100
inwoners in 2023 naar 30.600 in 2050; Sint Eustatius van 27%, van 3.300 naar 4.200;
en Saba van 20%, van 2.000 naar 2.400. Structurele middelen voor investeringen, onderhoud
en vervanging van de fysieke infrastructuur zijn randvoorwaardelijk voor de economie
en leefbaarheid op alle drie de eilanden die te maken krijgen met vergrijzing, ontgroening,
migratie en de effecten daarvan op de publieke voorzieningen. De gevolgen voor het
sociale domein en de fysieke infrastructuur zijn hierbij ook niet los te zien van
elkaar. Voor de kwaliteit van publieke voorzieningen op het gebied van onder andere
zorg, kinderopvang en onderwijs zijn voldoende en passende gebouwen ook noodzakelijk.
De Rli doet op basis van haar analyse drie aanbevelingen. Ten eerste wordt het kabinet
geadviseerd om in samenspraak met Bonaire, Sint Eustatius en Saba per eiland ambitieniveaus
en te realiseren doelen voor het fysieke domein in 2050 te bepalen. Dit ambitieniveau
per eiland moet zowel gaan over de prioriteiten bij het aanpakken van achterstanden
als om de uitvoering van reguliere taken. Volgens de Rli kunnen de rapporten van AEF
en de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen Caribisch Nederland 20503 als een belangrijke bouwsteen hiervoor worden beschouwd. Ten tweede moet het opstellen
van ambitieniveaus volgens de Rli ook het startpunt zijn van een investering van het
Rijk in een langjarig en substantieel samenwerkingsprogramma tussen het Rijk en de
openbare lichamen, met aandacht voor het versterken van de uitvoeringscapaciteit en
financiële positie van de eilanden. Tot slot adviseert de Rli het kabinet om het principe
van comply or explain consequent en bij de start van de beleidscyclus toe te passen.
Het is, zoals in het kabinetsstandpunt ten aanzien van de ROB en Rli staat beschreven
urgent om met deze samenhangende adviezen te werk te gaan. Het is aan een nieuw te
vormen kabinet om invulling te geven aan de opvolging van de voorgestelde adviezen.
1.2. Groeiopgave Bonaire
In 2011 had het eiland ruim 15.000 inwoners. Op 1 januari 2025 waren dat er 26.552.4 De explosieve groei sinds 10-10-2010 wordt voornamelijk veroorzaakt door migratie
en volgens het «midden scenario» van de Staatscommissie zou het bevolkingscijfer in
2050 35.000 bedragen. De nieuwste prognose van het CBS gaat het middelste scenario
voor Bonaire al voorbij. Deze ontwikkeling zet op dit moment al grote druk op de fysieke
infrastructuur op het eiland en de reeds bestaande achterstanden vergroten dit probleem.
De bestaande subsidieregelingen kennen geen component om rekening te houden met bevolkingsgroei
en hierdoor neemt het effect van de subsidies af. In de afgelopen jaren is het afvalvraagstuk
op Bonaire boven aan de agenda komen te staan, maar ook deze problematiek moet in
relatie tot razendsnelle bevolkingsgroei en stijgende bezoekersaantallen worden gezien.
De hoeveelheid afval die het eiland moet verwerken zal alleen maar toenemen.
Naast het fysieke vraagstuk werkt de bevolkingsgroei door in het sociaal domein en
veiligheidsdomein. De explosieve bevolkingsgroei op Bonaire zet ook druk op de beschikbaarheid
van noodzakelijke zorg, kinderopvang en onderwijs. Het bestuurscollege van Bonaire
heeft herhaaldelijk zijn zorgen geuit over de groeiende ongelijkheid op het eiland
en de afnemende sociale cohesie. Zo kent Bonaire de afgelopen jaren een toename van
het aantal vuurwapenincidenten. De Raad voor de Rechtshandhaving wijst erop dat de
rechtshandhavingsketen nu al kampt met grote tekorten, zoals de beschikbare capaciteit
binnen het Korps Politie Caribisch Nederland, maar ook het tekort aan cellen bij de
Justitiële Inrichting Caribisch Nederland op Bonaire.5 Deze voorzieningen en normen zijn vastgesteld op basis van lagere inwonersaantallen
en zullen in het licht van de bevolkingsgroei moeten worden herzien.
Kortom, door de explosieve bevolkingsgroei zijn de leefbaarheid en beschikbaarheid
en toegankelijkheid van publieke voorzieningen op het eiland in het gedrang. Dit maakt
het opvangen van deze explosieve bevolkingsgroei een acuut vraagstuk dat verschillende
beleidsterreinen beslaat voor zowel het lokaal bestuur als het Rijk.
In het verkennen van mogelijke oplossingsrichtingen, heeft het kabinet het College
van Rijksbouwmeester en Rijksadviseurs voor de fysieke leefomgeving benaderd om mee
te denken over de omgang met de groei op Bonaire. Daarbij merkt het kabinet op dat
parallel aan het opvangen van de groei, er keuzes gemaakt moeten worden in welke mitigerende
maatregelen op zowel Rijks- als lokaal niveau noodzakelijk zijn. Dit wordt o.a. door
het Ministerie van Asiel en Migratie (AenM) en Economische Zaken (EZ) samen met het
eilandsbestuur voorbereid.
2. Integraal demografisch beleid: doorwerking in beleid
Vanuit het oogpunt van het vergroten van de zelfredzaamheid van Bonaire, Sint Eustatius
en Saba werkt het kabinet nu al aan het behouden en vergroten van de brede welvaart
en het op orde krijgen van de basis voorzieningen. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting
in de bestuurlijke afspraken met Bonaire, Sint Eustatius, en Saba, waarin onder andere
gewerkt wordt aan goed bestuur, digitalisering en de aanpak van het sociaal domein.6 Daarnaast werkt het Rijk samen met de eilandbesturen aan het borgen van essentiële
randvoorwaarden voor economische ontwikkeling.7 Ook zijn er in 2023 en 2024 Regio Deals toegekend aan Saba, Sint Eustatius en Bonaire
om ze in staat te stellen zelf incidentele investeringen te kunnen plegen. Dit zijn
belangrijke stappen maar uiteindelijk gaat het er om dat de eilanden in staat zijn
om structurele uitdagingen zelf aan te kunnen pakken. Tot slot zet dit kabinet in
op deugdelijk bestuur en rechtszekerheid en toekomstbestendige overheidsfinanciën.
Voor een nadere toelichting van de huidige inzet van het Rijk verwijs ik graag naar
de bijlage bij deze brief.
2.1. Opgaven op middellange en lange termijn
Vergrijzing
De effecten van vergrijzing zijn nu al zichtbaar – in bijvoorbeeld de toenemende tekorten
op de arbeidsmarkt of de vraag naar zorg – en zullen in de toekomst nog meer toenemen.
Om verdere gevolgen te mitigeren adviseert de Staatcommissie om de infrastructuur
voor te bereiden op toenemende vergrijzing, om te investeren in preventie en gezondheidsverbetering
en om de arbeidsmarkt voor te bereiden op toenemende krapte. Vergrijzing wordt als
factor meegewogen in de integrale fysieke agenda per eiland die momenteel wordt uitgewerkt.8 Op deze manier wordt er rekening gehouden met belangrijke thema’s bij vergrijzing,
zoals de beschikbaarheid van openbaar vervoer, toegankelijke infrastructuur en de
woonbehoeften van ouderen. Daarnaast krijgt vergrijzing als thema een plek in preventie-
en gezondheidsbeleidsmaatregelen die bijdragen aan een bevolking die gezonder oud
wordt. Dit staat verder uitgewerkt in de paragraaf «Publieke voorzieningen en kleinschaligheid».
Migratie
Het kabinet ziet risico’s maar ook kansen in de verschillende migratiestromen naar
Bonaire, Sint Eustatius en Saba en het Ministerie van AenM heeft daarom samen met
het lokaal bestuur een Integrale Beleidsvisie Caribisch Nederland 20359 opgesteld. Hierin worden doelen gesteld ten aanzien van migratiebeleid dat duurzame
economische ontwikkeling stimuleert en bevordert, maar ook aan een zorgvuldige en
efficiënte afhandeling van toelatingsaanvragen. Het is aan een volgend kabinet om
verder te werken aan deze doelstellingen, alsmede aan de aanvullende handelingsperspectieven
die de Staatscommissie aandraagt ten aanzien van migratie: een prettig vestigingsklimaat
voor migranten, goede arbeidsvoorwaarden en remigratie van de diaspora. De motie10 van het lid Van Nispen c.s. over nadere regulering van migratie naar Bonaire en hoe
een wijziging van de Wet toelating en uitzetting BES hieraan bij kan dragen, sluit
hier ook op aan. Het nieuwe kabinet wordt daarom gevraagd om deze motie te betrekken
bij de keuzes over beleids- en wetswijzigingen om migratiestromen in goede banen te
leiden.
Migratie biedt per eiland andere uitdagingen en kansen, hierdoor is maatwerk essentieel.
Aandachtspunten met betrekking tot migratie zijn het beleid en wetgeving omtrent de
migratie-procedures. Breder is het van belang de demografische impact van de lokale
arbeidsmarktvisie en -beleid in het oog te houden. Hierbij spelen het vestigingsklimaat
en remigratie van de diaspora een rol.
Publieke voorzieningen en kleinschaligheid
Om publieke voorzieningen in stand te houden voor een veranderend aantal en veranderende
samenstelling van eilandbewoners moet voldoende zorgcapaciteit beschikbaar zijn, regionale
samenwerking worden bevorderd en een uitgebreid onderwijsaanbod gericht op essentiële
beroepen worden gefaciliteerd. De Staatscommissie roept op tot het in acht nemen van
vergrijzing, migratie en de beperkte schaal van de eilanden bij het op peil houden
van publieke voorzieningen. Kleine verschillen kunnen op de eilanden grote impact
hebben.
Dit vraagt dan ook om een expliciete vertaling van demografische scenario’s in capaciteitsplanning
en beleidskeuzes op het gebied van zorg, onderwijs en huisvesting. In een vervolgbrief
geeft het kabinet nader aan wat de concrete beleidskeuzes worden.
Het Ministerie van VWS werkt op dit moment al aan het versterken van de inzet en het
maken van afspraken op de thema’s preventie en gezondheid, voldoende gekwalificeerd
zorgpersoneel, het verbeteren van medische uitzendingen en samenwerking. Ook wordt
samen met de ouderzorgketen geanticipeerd op vergrijzing en onderzoekt VWS samen met
zorgaanbieders hoe specifieke zorgpaden gedigitaliseerd kunnen worden.
Op de middellange- en langtermijn is het van belang de impact van demografische ontwikkelingen
op de zorgcapaciteit en regionale samenwerking op het gebied van zorg te blijven agenderen.
Ook het onderwijsbeleid en wetgeving zal hier gepaste aandacht aan moeten worden geven.
Zo zet het Ministerie van OCW met de onderwijsagenda’s per eiland in op de verdere
verbetering van het onderwijs in Bonaire, Saba en Sint Eustatius. Via onder andere
het Koninkrijksbrede programma Strategic Education Alliance (SEA) wordt er tevens
gewerkt aan een betere aansluiting van het lokale onderwijs op de arbeidsmarkt op
basis van uitgevoerde arbeidsmarktanalyses. Bij beleid en wetgeving met betrekking
tot voedselzekerheid en de basale nutsvoorziening als (drink)water en energie zullen
continu rekening moeten houden met de demografische ontwikkelingen.
Governance
Beleidsagenda’s van zowel het Rijk als lokaal bestuur reiken vaak niet verder dan
5 tot 10 jaar en politieke accenten kunnen met kabinetswisselingen veranderen. Ook
op Bonaire, Sint Eustatius en Saba kan een nieuw bestuurscollege andere keuzes maken.
Daarom is het van belang om ervoor te zorgen dat demografische ontwikkelingen op de
eilanden standaard meegewogen worden in Rijksbeleid en ook lokaal ingebed worden in
beleidsvorming.
In de afgelopen jaren is steeds meer data en kennis over onder andere de demografische
ontwikkelingen op Bonaire, Sint Eustatius en Saba beschikbaar gekomen. Dit heeft ook
geleid tot aanpassing van beleid, zoals de verhoging van de vrije uitkering uit het
BES-fonds. Ook heeft het CBS haar datamonitoring geïntensiveerd. Nu is het van belang
dat deze data structureel wordt bijgehouden en vertaald naar lokaal beleid. Het volgend
kabinet wordt geadviseerd om de mogelijkheden te onderzoeken voor structurele monitoring
van demografische ontwikkelingen op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Voorbeelden van
mogelijkheden zijn het verankeren van demografische data in eilandelijk beleid, in
Rijksbeleid, in de beleidscyclus. Ook het opstellen van een kennisagenda vormt hier
een onderdeel van.
Tot slot
Het kabinet signaleert dat er stevige keuzes nodig zijn in de omgang met de demografische
ontwikkelingen op Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zowel door het Rijk als de eilandbesturen.
Hierbij is het allereerst van belang om in gezamenlijkheid te werken aan een (middel)lange
termijn strategie en het verankeren van demografie als factor in ons beleid. Daarnaast
is het nodig om tot een aanpak te komen voor acute vraagstukken – de explosieve groei
van Bonaire en de fysieke infrastructuur. De voorbereiding hiervan wordt in gang gezet
en de verkenning hiervoor is al gestart, maar de keuze omtrent concrete handelingen
is aan een volgend kabinet.
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
E. van Marum
Indieners
-
Indiener
E. van Marum, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.