Brief regering : Fiche: Mededeling Europese strategie voor artificiële intelligentie in de wetenschap
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4215
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 28 november 2025
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij 2 fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche: Mededeling Strategie voor generatievernieuwing in de agrarische sector (Kamerstuk
22 112, nr. 4214).
Fiche: Mededeling Europese strategie voor artificiële intelligentie in de wetenschap.
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Fiche: Mededeling Europese strategie voor artificiële intelligentie in de wetenschap
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad: Een Europese strategie
voor artificiële intelligentie in de wetenschap. Voorbereidingen voor het instrument
voor AI-wetenschap in Europa (RAISE)
b) Datum ontvangst Commissiedocument
8 oktober 2025
c) Nr. Commissiedocument
COM(2025) 724
d) EUR-Lex
https://eur-lex.Europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=celex:52025DC0724
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie
N.v.t.
f) Behandelingstraject Raad
Raad voor Concurrentievermogen (RvC)1
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
2. Essentie voorstel
Op 8 oktober jl. publiceerde de Europese Commissie (de Commissie) een mededeling aan
de Raad met een Europese strategie voor Artificiële Intelligentie in de Wetenschap
(hierna: de strategie) en voorbereidingen voor het instrument voor AI-wetenschap in
Europa (RAISE). De aanleiding voor deze strategie is de transformerende factor van
AI voor het uitvoeren van onderzoek en de achterstand die Europa hierin heeft opgelopen
op mondiaal niveau. De strategie is gezamenlijk gepresenteerd met de Apply AI-strategie,
een plan voor het versnellen van het gebruik van AI in sleutelindustrieën en de publieke
sector2. De Europese strategie voor AI in Wetenschap en Apply AI-strategie zijn volgens de
Commissie een volgende stap in de ambitie die in het in april aangekondigde AI Continent Action Plan wordt geuit, namelijk Europa een mondiale leider op het gebied van AI maken.3
De strategie richt zich op het positioneren van de EU als koploper op het gebied van
AI-gedreven onderzoek, innovatie en excellentie. In deze strategie wordt de basis
gelegd voor een instrument voor AI-wetenschap in Europa, RAISE – de Resource for AI Science in Europe – een Europees virtueel instituut dat toptalent, rekenkracht, data en onderzoeksfinanciering
voor AI samenbrengt. RAISE zal in fases worden uitgerold, wat is begonnen met de lancering
van de pilotfase onder het Horizon Europa werkprogramma 2026–27 (€ 108 miljoen) tijdens
de eerste AI in Science Summit in Kopenhagen van 3-4 november jl. Verdere eerste stappen die de Commissie voorstelt
zijn het opzetten van RAISE coördinatie middels een Coordination and Support Action (CSA) onder Horizon Europa, het vormen van partnerschappen met lidstaten en private
partijen en het opzetten van een high-level academische adviesraad.
Om van RAISE een aanjager van wetenschappelijke excellentie op het gebied van AI te
maken en om het gebruik van AI in de Europese wetenschap in bredere zin mogelijk te
maken en te ondersteunen, bevat de strategie vier strategische acties die samen het
Actieplan voor AI in Wetenschap vormen: 1) het bevorderen van excellentie en aantrekken/behouden
van talent; 2) het opschalen van rekenkracht voor AI; 3) onderzoekers ondersteunen
bij het dichten van de datakloof, en het beheren en integreren van benodigde datasets
voor AI in de wetenschap; 4) het coördineren van onderzoeksfinanciering op een wendbare
en ondersteunende wijze. Deze strategische acties worden ondersteund door Europese
samenwerking met (start-ups en scale-ups in) de private sector, Europese beleidsafstemming en allianties met andere internationale
actoren.4
Voor excellentie en talent, de eerste strategische actie, zal de Commissie RAISE-proefprojecten
voor doctoraatnetwerken met betrekking tot AI in de wetenschap financieren om de volgende
generatie onderzoekers op te leiden en zullen er ook thematische netwerken van excellentie
op het gebied van AI in de wetenschap worden gefinancierd. Daarnaast zal de Commissie
de richtsnoeren voor het verantwoord gebruik van generatieve AI in onderzoek regelmatig
bijwerken en zal er een Joint Research Centre (JRC) Scientific AI Hub worden opgesteld om AI modellen en systemen voor wetenschappelijk onderzoek te monitoren
en evalueren, in nauwe coördinatie met het Europese AI-bureau.5
Voor rekenkracht, de tweede strategische actie, wordt voorgesteld dat de Commissie
voor specifieke toegang tot AI-gigafabrieken voor wetenschappers en start-ups uit de EU zorgt, onder meer ten behoeve van de specifieke doelstellingen van Horizon
Europa. Verder wordt voorgesteld dat de Commissie € 600 miljoen vanuit Horizon Europa
investeert in de RAISE-proefprojecten.
Daarnaast zal de Commissie AI rekenkracht voor wetenschappelijke doeleinden in de
AI Fabrieken blijven ontwikkelen.
Op het gebied van data, de derde strategische actie, wordt voorgesteld dat de Commissie
de ontwikkeling van de Data Labs zal ondersteunen en deze zal koppelen aan de gemeenschappelijke
Europese dataruimten, in het bijzonder de European Open Science Cloud (EOSC) om te zorgen voor beschikbare, herbruikbare data voor wetenschappelijk onderzoek.
Ook zal de Commissie ervoor zorgen dat onderzoekers gesteund worden in het verzamelen,
beheren en integreren van datasets via de RAISE Networks (RAISE-proefproject) en zal de Commissie bewijsmateriaal verzamelen over de noodzaak
om de toegang en het hergebruik van publiek gefinancierde onderzoeksresultaten en
het gebruik van publicaties en data voor wetenschappelijke doeleinden te verbeteren.
Voor onderzoeksfinanciering, de vierde strategische actie, zet de Commissie in op
het verdubbelen van de investeringen in AI vanuit Horizon Europa, waaronder het budget
voor AI in de wetenschap voor 2028. Daarnaast zal de Commissie investeren in een RAISE-proefproject
voor het stimuleren en coördineren van investeringen in AI in de wetenschap middels
een investeringsagenda in het 2026–2027 werkprogramma van Horizon Europa. Ook wordt
voorgesteld dat de Commissie de automatisering van wetenschappelijke laboratoria en
de ontwikkeling en actualisering van wetenschappelijke basismodellen, ook in industriële
omgevingen, zal financieren.
Naast RAISE, zal de Commissie zich ook inzetten om samenwerking met de particuliere
sector, coördinatie tussen de lidstaten en internationale samenwerking te versterken.
De Commissie zal AI in Wetenschap conferenties en vlaggenschipevenementen voor AI
in de wetenschap organiseren en een campagne opzetten om toezeggingen van particuliere
bedrijven voor AI in de wetenschap aan te moedigen. Daarnaast zal de Commissie de
implicaties van de AI-verordening op de wetenschappelijke gemeenschap analyseren.
Voor betere coördinatie, zal de Commissie verder inzetten op de ERA Action on AI in Science en het gebruik van AI in de wetenschap volgen aan de hand van indicatoren en maatstaven.
Voor internationale samenwerking, zal de Commissie de Europese normen en waarden voor
het verantwoord gebruik van AI in de wetenschap in relevante multilaterale fora en
internationale organisaties promoten en specifieke kwesties over AI in de wetenschap
adresseren in regionale beleidsdialogen.
De Commissie licht – zoals eerder genoemd in het AI Continent Action Plan – de geavanceerde materialenindustrie en biotechnologieën uit als Europese O&I prioriteiten
met een groot potentieel voor AI-ondersteunend wetenschappelijk onderzoek. Verder
wordt er verwezen naar sectoren die genoemd worden in de Apply AI-strategie: zorg
en farmaceutische industrie; robotica; productie, engineering en constructie; defensie,
veiligheid en ruimtevaart; mobiliteit, transport en auto-industrie; elektronische
communicatie; energie; klimaat en milieu; landbouw; culturele en creatieve sectoren,
en media; publieke sector.
3. Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Het algemene Nederlands AI-beleid heeft als doel om de maatschappelijke en economische
kansen van AI te verzilveren waarbij publieke belangen en waarden worden gewaarborgd.6 De snelle AI-ontwikkelingen en gebruik van AI in wetenschappelijk onderzoek vraagt
om meer rekenkracht, data en talent. Daarnaast zijn er relevante AI-faciliteiten,
expertise en ondersteuning voor onderzoekers nodig om talent te behouden en aan te
trekken in Nederland. Het is daarom essentieel om voldoende beschikbare rekenkracht,
data opslag, dataverwerking, netwerkconnectiviteit, AI-relevante faciliteiten (zoals
de AI-fabriek) en bijbehorende expertise en ondersteuning voor onderzoekers te hebben.7
Het kabinet heeft geen apart nationaal beleid voor AI in de wetenschap. Echter, het
kabinetsbeleid richt zich wel op de sterke basis voor digitale infrastructuur voor
onderzoek (ICT-infrastructuur), waaronder investeringen in rekenfaciliteiten, datafaciliteiten
en bijbehorende expertise en ondersteuning8, die een randvoorwaarde vormen voor het uitvoeren van hoogwaardige AI-gedreven onderzoek
en innovatie en om de ambities van open science9 te behalen.
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het kabinet steunt de Commissie in het streven om Europa te positioneren als koploper
op het gebied van verantwoord AI-gedreven onderzoek, innovatie en excellentie om de
economische positie en concurrentievermogen te versterken. Door de toenemende geopolitieke
uitdagingen is het belangrijk dat de EU op het gebied van AI in wetenschap minder
afhankelijk wordt en de digitale strategische autonomie wordt gewaarborgd.
Het kabinet is positief over de voorgestelde strategie, maar heeft wel een aandachtspunt.
De strategie is een stap in de goede richting om met een Europese aanpak van de Commissie
onderzoek op het gebied van AI (wetenschap voor AI) en de inzet van AI voor wetenschappelijke
vooruitgang in alle disciplines (AI in de wetenschap) te bevorderen. Echter is het
de vraag of het totaal aan acties en het relatief beperkte budget van de strategie
voldoende zullen zijn om de doelen wezenlijk te versnellen.
Het kabinet is voorstander van de pilotfase van RAISE en deelt de conclusie dat er
Europese coördinatie en investeringen nodig zijn om relevante bestaande en nieuwe
initiatieven en onderzoeksprojecten voor rekenkracht, data, excellentie/talent en
onderzoeksfinanciering voor AI samen te brengen en te stimuleren.
Het kabinet steunt de strategische actiepunten uit de mededeling, omdat het aansluit
bij de kansen en uitdagingen in nationaal beleid op digitalisering in en van de wetenschap.
Het kabinet is het eens dat excellentie en talent moeten worden bevorderd. Dit kan
door relevante bestaande nationale initiatieven zoals de ICAI Labs voor onderzoeksamenwerkingen
tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen op het gebied van AI, de ELSA
Labs voor ethische, juridische en maatschappelijke aspecten van verantwoorde ontwikkeling
en toepassing van AI en de AIC4NL Innovation Labs voor kennisoverdracht, ontwikkeling en implementatie van AI-tools. Ook moedigt het kabinet toegang tot meer AI-rekenkracht toe. Dit sluit aan bij de
Nederlandse inzet op Europese bilaterale samenwerkingen via de European High Performance Computing Joint Undertaking (EuroHPC) en de bijbehorende ambities en realisatie van een nationale AI-fabriek
in Groningen10. Daarnaast is het kabinet voorstander voor betere databeschikbaarheid door meer aandacht
voor toegang en hergebruik van data(sets) middels de naleving van de FAIR-principes11 en het verder bouwen op bestaande initiatieven zoals de inzet op de European Data Spaces en in het bijzonder in de European Open Science Cloud (EOSC). Ten slotte is het kabinet positief over de verdubbeling van Europese investeringen
in AI in wetenschap vanuit Horizon Europa om in Europa geavanceerd onderzoek op het
gebied van AI en de inzet van AI voor wetenschappelijke vooruitgang. Nederland benadrukt
dat AI geen doel op zich moet zijn maar een hulpmiddel om EU-prioriteiten te bevorderen.
Tevens is Nederland positief dat de EU aandacht besteedt aan de ethische aspecten
van AI door de European Group on Ethics om Science and New Technologies (EGE) om een mening te vragen. Nederland roept de Commissie op om ook gebruik te
maken van de kennis die de lidstaten opbouwen.
Het kabinet vindt het belangrijk dat er in de implementatie extra aandacht is voor
blijvende fragmentatie onder RAISE en de verbetering van juridische voorwaarwaarden
en ethische beoordelingskaders voor onderzoek bij het gebruik van AI. Ook moet er
rekening worden gehouden met dat veel lidstaten, waaronder Nederland, geen nationale
strategie (en geoormerkte middelen) voor AI in de wetenschap hebben. Ook merkt het
kabinet op dat verwijzingen naar het hergebruik en de doorontwikkeling van bestaande
Europese initiatieven en samenwerkingen, zoals de Alliantie voor Taaltechnologieën
(ALT-EDIC), het AI on Demand-platform en de Test- en Experimenteerfaciliteiten (TEF’s) voor AI, ontbreken in de
strategie.
c) Eerste inschatting van krachtenveld
De strategie kan rekenen op brede steun van de lidstaten en het Europees Parlement,
omdat deze strategie voortvloeit uit de aangenomen Raadsconclusies «Naar een EU Strategie
voor AI in de Wetenschap» en lidstaten breed steun hebben uitgesproken tijdens de
officiële lancering van de ERA Action AI in Science incl. RAISE-pilot tijdens de AI in Science Summit12.
4. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële
gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
a) Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet ten aanzien van de bevoegdheid is positief. De mededeling
heeft betrekking op de beleidsterreinen onderzoek en innovatie en interne markt. Op
het terrein van onderzoek en innovatie is sprake van een parallelle bevoegdheid tussen
de EU en de lidstaten (artikel 4, derde lid, van het VWEU). Op het terrein van interne
markt is sprake van een gedeelde bevoegdheid van de Unie en de lidstaten (artikel
4, tweede lid, onder a, VWEU).
b) Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet ten aanzien van subsidiariteit is positief. De mededeling
heeft tot doel om de EU als koploper op AI gedreven wetenschappelijk onderzoek, innovatie en excellentie te positioneren. Gezien het grensoverschrijdende
karakter van deze doelstelling, kan dit onvoldoende door de lidstaten op centraal,
regionaal of lokaal niveau zelf worden verwezenlijkt, daarom is een EU-aanpak nodig.
Door een Europese aanpak kunnen de grootste grensoverschrijdende problemen, zoals
de fragmentatie van middelen en onderzoeksprojecten, beperkte toegang tot rekenkracht,
en de mondiale concurrentiestrijd voor toptalent op het gebied van AI en wetenschap
worden aangepakt. Om die redenen is optreden op het niveau van de EU gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet ten aanzien van proportionaliteit is positief. De
mededeling heeft tot doel om de EU als koploper op AI gedreven wetenschappelijk onderzoek,
innovatie en excellentie te positioneren. Het voorgestelde optreden is geschikt om
deze doelstelling te bereiken, omdat de mededeling acties van de Commissie presenteert
die de uitdagingen en kansen in AI in de wetenschap adresseren en zodoende kunnen
bijdragen aan de versterking van de positie van de EU. De mededeling richt zich namelijk
op een gecoördineerde Europese strategie die versnippering van onderzoeksprojecten
en moeilijkheden bij de toegang tot rekenkracht en datasets vermindert en een gezamenlijke
aanpak voor het bepalen van benodigde ethische beoordelingskaders. Echter heeft het
kabinet wel een aandachtspunt. Het is de vraag of het totaal aan acties en het relatief
beperkte budget van de strategie voldoende zullen zijn om de doelen wezenlijk te versnellen.
Het voorgestelde optreden gaat niet verder dan noodzakelijk, omdat de mededeling zich
richt op een Europees antwoord op internationale uitdagingen en het verder voldoende
ruimte biedt aan de lidstaten om eigen nationale initiatieven te ontplooien.
d) Financiële gevolgen
Financiering voor de strategie komt uit het al lopende Horizon Europa programma. Voor
de lancering van het RAISE-programma (pilot) wordt € 108 miljoen voorzien.
Daarnaast wordt er voorgesteld dat er tot € 600 miljoen geïnvesteerd wordt voor structurele
toegang van wetenschappers en start-ups tot de AI Gigafabrieken. Ook wil de Commissie jaarlijkse investeringen voor AI in
de wetenschap in 2028 zelf verdubbeld hebben. Voor het huidige 2025 Horizon Europa
werkprogramma gaat het om € 700 miljoen voor AI in wetenschap. Verder geeft de Commissie
aan ernaar te streven om in het kader van het volgende meerjarig financieel kader
(MFK) aanzienlijke en specifieke financiële steun te verlenen, om vooruitgang te stimuleren
en de positie van Europa in de voorhoede van wetenschappelijke innovatie te versterken.
Nederland is van mening dat de benodigde EU-middelen gevonden dienen te worden binnen
de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting 2021–2027 en dat deze
moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting. Het kabinet wil
niet vooruit lopen op de integrale afweging van middelen na 2027. Het kabinet zal
de ontwikkeling rondom de exacte samenstelling van de financiering van deze initiatieven
nauw volgen. Eventuele budgettaire gevolgen worden ingepast op de begroting van het
beleidsverantwoordelijke departement, conform de regels van de budgetdiscipline.
e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Het vereenvoudigen van bestaande procedures is onderdeel van de strategie. In overeenstemming
met de EU-strategie voor start-ups en scale-ups zal de Commissie de regels van de Europese Innovatieraad vereenvoudigen als onderdeel
van bredere vereenvoudigingsinspanningen om de administratieve lasten voor bedrijven
te verminderen. Naar verwachting levert dit een vermindering van de regeldruk op.
Het verminderen van regeldruk is een van de prioriteiten van het kabinet. enet kabinet
verwelkomt daarom de inzet van de Commissie. Op basis van de informatie uit de strategie
is de impact op de regeldruk nu nog niet volledig te overzien en in te schatten. Het
kabinet let bij de implementatie van de strategie en de nieuwe voorstellen, plannen
en initiatieven op wat de eventuele gevolgen voor de regeldruk zijn.
De verwachte effecten van de mededeling op het concurrentievermogen van de EU zijn
positief. Het RAISE-initiatief zal wetenschappers ondersteunen bij het vertalen van
hun meest veelbelovende doorbraken naar toepassingen in de praktijk en nieuwe producten
en oplossingen. Hiermee wordt de basis gelegd voor een snelle industriële acceptatie
en bijdrage aan het toekomstige concurrentievermogen. Hierbij wordt verwezen naar
de recent gelanceerde AI-fabrieken en Gigafabrieken, al zijn deze nog in een te vroege
fase om hun effect op het concurrentievermogen te bepalen.
De strategie beoogt om via een gecoördineerde Europese aanpak voor AI in de wetenschap
bij te dragen aan de plek van de EU in het AI ecosysteem. Dit heeft als doel om de
innovatiekloof met niet-Europese partijen, die reeds veel investeren in AI in de wetenschap
en de daarvoor benodigde middelen, te dichten en zo de afhankelijkheden in de AI-waardeketen
te verminderen. Hiermee kan de mededeling bijdragen aan het versterken van de weerbaarheid
en de open strategische autonomie van de EU en Nederland.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken