Brief regering : Ongewenste drone-activiteiten boven Defensieterreinen
30 806 Onbemande vliegtuigen (UAV)
Nr. 59 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 november 2025
Het afgelopen weekend zijn ongewenste drone-activiteiten waargenomen boven twee defensieterreinen.
Deze activiteiten hebben geleid tot de inzet van counterdrone-middelen van Defensie.
In deze brief lichten wij uw Kamer in over de recente ontwikkelingen. Daarnaast informeren
wij uw Kamer over de stappen die Defensie en partners ondernemen om ongewenste drone-activiteiten
tegen te gaan.
In het weekend van 21 en 22 november zijn boven de militaire vliegvelden Volkel en
Eindhoven ongewenste drone-activiteiten waargenomen. Het is tot op heden onbekend
welke herkomst de waargenomen drones hebben. Hiernaar zal verder onderzoek plaatsvinden,
onder andere door de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Het vliegen met drones
op en rondom (militaire) vliegvelden is niet toegestaan en vormt een bedreiging voor
de vliegveiligheid, de militaire veiligheid en potentieel de nationale veiligheid.
Het vliegverkeer van Eindhoven Airport is daarom enige tijd stilgelegd. Daarnaast
is overgegaan tot inzet van zowel elektronische als kinetische middelen. Hierbij is
een zorgvuldige inzet toegepast, teneinde risico’s op ongewenste neveneffecten tot
een minimum te beperken.
Los van bovenstaande incidenten heeft Defensie recent al substantieel geïnvesteerd
in zowel onbemenste capaciteiten als counterdrone-systemen (C-UAS), mede naar aanleiding
van de Russische agressieoorlog tegen Oekraïne, de verslechterde veiligheidssituatie,
en de organisatie van de NAVO-top. De aanvullende investeringen in zowel detectiesystemen
als C-UAS capaciteiten zullen versneld worden uitgevoerd. Uw Kamer wordt in de kamerbrieven
«Update investeringen in additionele C-UAS capaciteit» en «A-brief maritieme kinetische
counter-UAS» geïnformeerd over de aanvullende verwervingen die Defensie op korte termijn
wenst te doen om deze C-UAS capaciteiten nog verder te versterken. Defensie trekt
daarbij lessen uit de ervaringen uit Oekraïne.
Het effectief gebruiken van, en verdedigen tegen, onbemenste systemen is een kat-en-muis-spel
en vereist snelle stappen in innovatie en opschaling. Omdat deze innovatie- en productiecapaciteit
van strategisch belang is, heeft de Defensie Strategie voor Industrie & Innovatie
twee relevante technologiegebieden als prioritair aangemerkt: intelligente systemen
en sensoriek1. Met het Actieplan Productiezekerheid Onbemenste Systemen (APOS) geeft Defensie invulling
aan deze opgave voor wat betreft onbemenste systemen2. Dat houdt in dat Defensie naast de urgente verwervingen voor de operationele gereedheid,
ook de Nederlandse industrie uitdaagt om mee te denken over innovatieve oplossingen
voor de krijgsmacht. Recent publiceerde Defensie daarom een counter-strikedrone challenge, waarin de markt wordt gevraagd om snel nieuwe oplossingen te bedenken. Defensie
gaat de oplossingen samen met de markt testen in een operationele omgeving. Daarnaast
beziet Defensie hoe het op korte termijn nog meer middelen ten behoeve van waarneming
van drones kan verwerven.
Het voorkomen en tegengaan van ongewenste drone-activiteiten vereist een geïntegreerde
aanpak van alle betrokken ministeries en instanties. Dat wordt onderstreept door de
recent opgedane ervaring gedurende de NAVO-top in Den Haag. Defensie, de Nationaal
Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), de Nationale Politie en het
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) hebben hun operationele samenwerking
reeds versterkt. De komende periode versterken deze partijen de bestaande structuur
en afspraken rond ongewenste drone-activiteiten. Deze coördinatie en interdepartementale
aanpak is noodzakelijk. Daarbij is relevant om mee te wegen dat het gebruik van drones
naar verwachting verder zal toenemen, aangezien drones ook oplossingen bieden voor
verschillende maatschappelijke uitdagingen.3
Het versterken van de capaciteiten in dit domein doet Nederland niet alleen. Er wordt
actief gezocht naar internationale samenwerking met omringende landen en binnen de
NAVO en de EU, zodat geleerde lessen kunnen worden uitgewisseld en interoperabiliteit
kan worden versterkt. Binnen de EU neemt Nederland een voortrekkersrol in deze internationale
samenwerking. Zo is Nederland samen met Letland en Kroatië lead-nation op de priority capability area (PCA) drones &
counterdrones. Dit is onderdeel van de bredere Europese agenda om de defensiegereedheid te verhogen.
De drone-incidenten van de afgelopen dagen laten wederom zien dat deze agenda met
urgentie dient te worden uitgevoerd.
De Minister van Defensie, R.P. Brekelmans
De Staatssecretaris van Defensie, G.P. Tuinman
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R.P. Brekelmans, minister van Defensie -
Mede ondertekenaar
G.P. Tuinman, staatssecretaris van Defensie