Brief regering : Verslag van de Energieraad (formeel) van 20 oktober 2025 te Luxemburg
21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
Nr. 1166
BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 18 november 2025
Hierbij stuur ik u het verslag van de Energieraad (formeel) die op 20 oktober 2025
plaatsvond in Luxemburg.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
S.Th.M. Hermans
Verslag Energieraad 20 oktober 2025
Op 20 oktober jl. vond in Luxemburg de Energieraad plaats. Op de agenda stond het
bereiken van een algemene oriëntatie van de Raad ten aanzien van de REPowerEU-verordening
die voorziet in de volledige en permanente uitfasering van Russisch gas uit de EU.
Ook vond een beleidsdiscussie plaats over het Elektrificatie Actieplan en een gedachtewisseling
over de energiesituatie in Oekraïne en Moldavië. Tot slot werd een aantal diversenpunten
besproken.
Algemene oriëntatie REPowerEU
Tijdens de Energieraad is overeenstemming bereikt tussen de EU-lidstaten over het
wetgevende voorstel van de Europese Commissie (hierna: «Commissie») die de import
van Russische gas in de EU volledig en permanent verbiedt, uiterlijk tegen eind 2027.
Voor bestaande contracten gelden overgangstermijnen: voor kortlopende contracten (korter
dan één jaar, gesloten vóór 17 juni 2025) geldt het verbod vanaf 17 juni 2026 en voor
langlopende contracten (langer dan één jaar, gesloten vóór 17 juni 2025) vanaf 1 januari
2028. Voor alle gasimporten geldt een pre-autorisatieplicht, waarbij de bevoegde autoriteit
van de lidstaat vooraf goedkeuring moet geven, tenzij vrijstelling geldt op basis
van een lijst van veilige herkomstlanden die door de Commissie moet worden vastgesteld.
Naast het importverbod stelt de verordening ook eisen aan lidstaten om uiterlijk op
1 maart 2026 nationale diversificatieplannen op te stellen. Hierin dienen zij aan
te geven welke maatregelen zij nemen om gasimport uit Rusland uiterlijk per 2028 volledig
af te bouwen. De Commissie kan na notificatie aanbevelingen doen en lidstaten moeten
daarop hun plannen zo nodig aanpassen.
Met uitzondering van twee lidstaten spraken tijdens de Raad alle lidstaten hun steun
uit voor het voorstel en benadrukten het belang van een verbod op de import van Russisch
gas en een robuust juridisch kader. Veel landen wezen op het belang van een stapsgewijze
afbouw van Russisch gas waarbij rekening wordt gehouden met leveringszekerheid. Nederland
sprak haar volledige steun uit voor het voorstel; de ambitie om uiterlijk in 2027
een definitief einde te maken aan de invoer van Russisch gas sluit aan bij de Nederlandse
inzet. Nederland wees op de nationale maatregelen die reeds sinds 2022 zijn genomen
om Russische energie zo veel mogelijk uit te faseren, maar onderstreepte dat een effectief
Europees juridisch kader essentieel is om de volledige afbouw te realiseren. Gezien
de snelle implementatie benadrukte Nederland het belang van praktische uitvoerbaarheid,
en riep de Commissie op om daarom zo snel mogelijk richtsnoeren te publiceren die
in samenwerking met douaneautoriteiten zijn opgesteld. Ook benadrukte Nederland het
belang van blijvende gezamenlijke inzet op diversificatie van importbronnen, de ontwikkeling
van duurzame energieproductie binnen Europa, en een goed geïntegreerde interne energiemarkt.
In aanloop naar de Energieraad benadrukten enkele lidstaten het belang van duidelijkheid
ten aanzien van de samenloop van de REPowerEU-verordening met het 19e sanctiepakket van de EU tegen Rusland dat voorziet in een verbod op de import van
LNG uit Rusland per 1 januari 2027. In de uiteindelijke tekst van de REPowerEU-verordening
wordt de onafhankelijkheid van deze verordening bevestigd.
Nu de Raad tot een algemene oriëntatie is gekomen, zal de triloogonderhandeling met
het Europees Parlement beginnen. Het voorzitterschap streeft ernaar op korte termijn
tot een akkoord met het Parlement te komen.
Elektrificatie Actieplan
De Commissie is voornemens om het Elektrificatie Actieplan in het eerste kwartaal
van 2026 te publiceren. Dit actieplan heeft tot doel om bestaande knelpunten in de
elektrificatie van met name industriële processen aan te pakken.
Alle lidstaten benadrukten het belang van elektrificatie in de energietransitie. Velen
gaven hierbij ook aan dat de potentie voor elektrificatie in de industrie groot is,
maar dat tegelijkertijd niet alle industrie geëlektrificeerd kan worden, dus dat we
ook oplossingen nodig hebben als recycling en CCS. Veel lidstaten benadrukten het
belang van competitieve prijzen voor de industrie en riepen op tot voldoende financiering
voor elektrificatie in het kader van het versterken van ons concurrentievermogen en
onze open strategische autonomie.
Nederland benadrukte dat elektrificatie een cruciale pijler is onder het toekomstige
Europese energiesysteem. Tegelijkertijd constateerde Nederland dat de voortgang stagneert
en wees op het risico dat hierdoor ook de ontwikkeling van hernieuwbare energie, zoals
wind-op-zee, vertraagt. Nederland bracht de recente nationale beleidsagenda voor elektrificatie
van de industrie, de Actieagenda Elektrificatie Industrie, onder de aandacht en wees
in dit kader o.a. op de verkenning naar de inzet van «Contracts for Difference» aan
de vraagzijde (een contract dat het verschil tussen marktprijs en afgesproken referentieprijs
afdekt voor de afnemer) om elektriciteitskosten voorspelbaarder te maken en de investeringszekerheid
voor industriële elektrificatie te vergroten. Verder lichtte Nederland onze inzet
op vier pijlers toe: (1) consistent beleid, (2) de juiste financiële prikkels, (3) innovatie
en kennis en (4) flexibiliteit. Hierbij vroeg Nederland aan de Commissie om lidstaten
actief te ondersteunen bij het verminderen van netcongestie, het verkorten van wachttijden
voor netaansluitingen, het versnellen van vergunningverlening en een Europese aanpak
in de harmonisatie van nettarieven om een gelijk speelveld te bevorderen.
Energiesituatie Oekraïne en Moldavië
De Raad besprak de recente ontwikkelingen in Oekraïne en Moldavië in het licht van
de gevolgen van de aanhoudende Russische agressie voor de energievoorziening in beide
landen. Tijdens deze gedachtewisseling sloten vertegenwoordigers van zowel Oekraïne
als Moldavië aan bij de Raad en zij gaven een overzicht van de energiesituatie in
hun landen als gevolg van de Russische agressie. De Commissie presenteerde de stand
van zaken rond noodmaatregelen, EU-steun en de energie-integratie van Oekraïne en
Moldavië in de EU.
Vrijwel alle lidstaten spraken hun bezorgdheid uit over uit over de recente aanvallen
op de Oekraïense energie-infrastructuur. Nederland wees op de beschikbaar gestelde
steun voor Oekraïne in reactie op Russische aanvallen op energievoorzieningsfaciliteiten.
Nederland prees de voortgang van Oekraïne met het indienen van haar nationale energie-
en klimaatplan (NECP) en het Oekraïne Plan. Tegelijkertijd benadrukte Nederland het
belang van volledige implementatie van het EU-acquis op het gebied van energie, inclusief
regelgeving voor elektriciteit en gas, hernieuwbare energie en energie-efficiëntie.
Daarbij werd het belang onderstreept van nauwe samenwerking met de Commissie en de
EU-lidstaten.
Ten aanzien van Moldavië wees Nederland op het belang van structurele ondersteuning
bij het verminderen van de afhankelijkheid van Russische energie. Nederland verwees
hierbij naar concrete bijdragen. Nederland verwelkomde bovendien de aanleg van nieuwe
interconnecties tussen Moldavië en het Europese elektriciteitsnet, waarvan de eerste
eind 2025 in gebruik werd genomen.
Diversenpunten
Tijdens de Energieraad zijn verschillende diversenpunten besproken. Onder het eerste
punt presenteerde de Commissie haar voortgangsrapport over vereenvoudiging, implementatie
en monitoring binnen het energiebeleid. Commissaris Jørgensen kondigde onder meer
aan te werken aan een herziening van de governance-verordening en snellere vergunningverlening.
Verschillende lidstaten, waaronder Nederland, wezen op knelpunten bij de uitvoering
van de Methaanverordening. Nederland onderstreepte het belang van uitvoerbaarheid
met behoud van ambitie.
Ook presenteerde de Commissie haar mondiale klimaat- en energievisie. Deze visie benadrukt
het belang van de EU als industriële koploper in schone technologie en klimaatadaptatie,
onder andere door versterkte internationale partnerschappen.
Het derde diversenpunt van de Commissie betrof de voortgang van de zogeheten driedelige
(«tripartite») contracten – niet bindende contracten tussen lidstaten, de Commissie
en private partijen (producenten en afnemers) – die bijdragen aan investeringszekerheid
voor strategische sectoren in de energietransitie.
Onder het vierde punt kondigde de Commissie een Efficiency Action Forum 2030 aan om
uitvoering te geven aan de ambitie van de Energie-Efficiëntierichtlijn.
Tot slot vroeg Spanje om hervatting van de onderhandelingen over de afschaffing van
de zomer-wintertijd. Enkele lidstaten spraken hun steun uit, evenals de Commissie,
die vervolgonderzoek aankondigde. Eventuele hervatting van de onderhandelingen zal
plaatsvinden door de transportministers.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei