Brief regering : Fiche: Mededeling Apply AI-strategie
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 4206 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 14 november 2025
Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij 4 fiches die werden opgesteld
door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).
Fiche: Mededeling Apply AI-strategie;
Fiche: Richtsnoeren minderjarigen online (Kamerstuk 22 112, nr. 4207);
Fiche: LGBTIQ+ Equality Strategy 2026–2030 (Kamerstuk 22 112, nr. 4208);
Fiche: Mededeling Pact voor Middellandse Zeegebied (Kamerstuk 22 112, nr. 4209).
De Minister van Buitenlandse Zaken, D.M. van Weel
Fiche: Mededeling Apply AI-strategie
1. Algemene gegevens
a) Titel voorstel
Communication from the Commission to the European Parliament and the Council: Apply
AI Strategy
b) Datum ontvangst Commissiedocument
8 oktober 2025
c) Nr. Commissiedocument
COM(2025) 723
d) EUR-Lex
https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A52025DC0723
e) Nr. impact assessment Commissie en Opinie
Niet opgesteld
f) Behandelingstraject Raad
Raad voor Vervoer, Telecom en Energie (Telecom)
g) Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Economische Zaken
2. Essentie voorstel
Op 8 oktober 2025 heeft de Europese Commissie (hierna: de Commissie) de Apply AI-strategie gepresenteerd. De strategie beoogt het gebruik van artificiële intelligentie
(AI) in Europa te bevorderen en AI te integreren in Europese strategische industrieën
om de concurrentiekracht van die industrieën te vergroten.
De strategie introduceert sectorale vlaggenschipinitiatieven, adresseert sectoroverstijgende
uitdagingen en richt een governance in voor de strategie. De Commissie zal de aangekondigde acties tussen nu en 2027
uitvoeren en zal ongeveer 1 miljard euro uit haar financieringsprogramma’s inzetten
om de strategie uit te voeren. De strategie zal in de loop van de tijd worden doorontwikkeld
op basis van stakeholderinput.
De sectorale vlaggenschepen richten zich op het stimuleren van AI-gebruik in elf sectoren.
De elf sectoren zijn gezondheidszorg, robotica, maakindustrie en bouw, defensie, veiligheid
en ruimte, mobiliteit en transport, elektronische communicatie, energie, klimaat en
milieu, agrifood, cultuur en creatieve sector, en de publieke sector. Op basis van input van belanghebbenden
heeft de Commissie per sector vlaggenschipinitiatieven ontwikkeld die belangrijke uitdagingen voor AI-adoptie in die sector
adresseren.
De strategie adresseert daarnaast vier sectoroverstijgende uitdagingen met betrekking
tot AI-adoptie en innovatie. De eerste uitdaging is dat het mkb moeite heeft met AI-adoptie.
De Europese Digitale Innovatie Hubs (EDIHs) zullen zich daarom de komende jaren meer
richten op het praktisch ondersteunen van mkb’ers bij AI-adoptie. De Commissie komt
ook met een oproep aan Europese bedrijven om hun AI-modellen te delen met het EDIH-netwerk
zodat de EDIHs het gebruik van deze modellen kunnen bevorderen.
De tweede uitdaging is om werknemers voor te bereiden op de komst van AI. Om AI op
een verantwoordelijke en waardevolle manier te integreren in werk is het essentieel
dat werknemers de juiste vaardigheden hebben. Een AI-vaardighedenacademie zal trainingen
aanbieden gericht op specifieke sectoren en beroepen. Ook zal de Commissie met een
pact de betrokkenheid van de industrie bij deze uitdaging stimuleren. De Commissie
zal actief de impact van AI op de arbeidsmarkt monitoren om maatregelen waar nodig
tijdig bij te sturen.
De derde uitdaging is dat geavanceerde AI, zoals AI-modellen voor algemene doeleinden
en AI agents, belangrijke productiefactoren worden. De EU moet daarom haar positie
versterken in geavanceerde AI. De Commissie lanceert een «Frontier AI»-initiatief dat toonaangevende Europese partijen samenbrengt om grensverleggende AI-capaciteiten
te ontwikkelen. Daarnaast zal de Commissie gericht onderzoek doen naar innovatieve
AI-agents voor specifieke sectoren.
Daarnaast is het een uitdaging om vertrouwen in AI te bevorderen. De AI-verordening1 is hierin essentieel. Onzekerheid over de toepassing van de AI-verordening kan AI-adoptie
echter vertragen. Daarom zet de Commissie zich in op heldere en simpele implementatie
van de AI-verordening. De Commissie richt een AI Act Service Desk op met praktische tools voor naleving van de AI-verordening. Ook komen er aanvullende
richtlijnen.
Tot slot zal de Commissie voor de governance van de Apply AI-strategie de bestaande AI Alliance omvormen tot de Apply AI Alliance, waar stakeholders mee kunnen praten over de verdere ontwikkeling van de strategie.
Daarnaast zal er een AI-observatorium worden opgericht om de impact van AI op sectoren
en de arbeidsmarkt te meten en monitoren.
3. Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Het Nederlandse AI-beleid heeft tot doel om aan de welvaart en het welzijn van Nederland
bij te dragen door de maatschappelijke en economische kansen van AI te verzilveren,
terwijl de publieke belangen en waarden geborgd worden.2 Zoals bijvoorbeeld in de Strategie Digitale Economie (SDE) en voortgangsrapportages
hiervan3 is uitgewerkt, zet het kabinet in op een sterk AI-ecosysteem. Onder andere met het
AiNed-investeringsprogramma zet het kabinet zich in om de ontwikkeling en toepassing
van AI te versnellen en de kansen voor verantwoorde en mensgerichte AI aan te jagen.
Binnen AIC4NL verbinden zeven regionale AI-hubs het innovatieve mkb met kennisinstellingen
en andere organisaties om samenwerkingen op regionaal niveau te stimuleren. De AIC4NL
biedt daarnaast sectorale werkgroepen en positioneert Nederland internationaal als
één AI-ecosysteem.
Om AI-adoptie te stimuleren heeft Nederland sinds 2022 zes EDIH’s verspreid over het
land. De EDIH’s faciliteren trainingen, netwerkactiviteiten en toegang tot testfaciliteiten
en financiering. In de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) identificeert het
kabinet het bevorderen van verantwoord gebruik van AI door overheden als een mogelijke
inzet, bijvoorbeeld door het inrichten van een AI opschaalfaciliteit en het verkennen
van een overheidsbreed AI-competentiecentrum.
Het Actieplan Groene en Digitale Banen en de ambitie uit de SDE om te komen tot 1
miljoen digitaal geschoolde professionals vormen de basis voor het Nederlandse beleid
gericht op meer digitale professionals, waaronder AI-professionals. Het kabinet stimuleert
om- en bijscholing via sectorale ontwikkelpaden, verbetert de aansluiting tussen onderwijs
en arbeidsmarkt door samenwerkingsverbanden te stimuleren, en investeert in toekomstgericht
onderwijs met o.a. technologie en ICT.
Om de publieke belangen en waarden te borgen, stelt de AI-verordening eisen aan de
ontwikkeling en het gebruik van risicovolle AI-systemen zodat alleen veilige AI op
de Europese markt komt. Het kabinet zet erop in om de AI-verordening en het bredere
digitale regelgevingspakket zo te implementeren, dat het innovatie en groei mogelijk
maakt en de rechtszekerheid en bescherming worden versterkt.
b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het kabinet is positief over de voorgestelde strategie, maar heeft wel enkele aandachtspunten.
Het benadrukt dat de strategie, zoals de Commissie ook benoemt, nadrukkelijk de start
moet zijn van een nieuwe Europese strategische aanpak rondom AI-adoptie. Het integreren
van AI in de Europese economie en industrie is een belangrijke en urgente opgave.
Hoe succesvol de EU hierin is, is essentieel voor het concurrentievermogen en de open
strategische autonomie van de EU. Het kabinet steunt het overgrote deel van de acties
uit de strategie.
Desalniettemin is het de vraag of het totaal aan acties en het relatief beperkte budget
van de strategie voldoende zullen zijn om de ontwikkeling en integratie van AI in
de Europese economie wezenlijk te versnellen. Daarnaast ziet het kabinet graag dat
voor AI-innovatie scherpere keuzes worden gemaakt. Als Europa kunnen we niet leidend
worden in het ontwikkelen van alle geavanceerde AI. Het is daarom belangrijk te kiezen,
bijvoorbeeld voor niches waar we al goed in zijn of die essentieel zijn voor onze
open strategische autonomie.
De Commissie benadrukt dat de strategie continu zal worden doorontwikkeld en roept
lidstaten op hun nationale strategieën in lijn te brengen met de Apply AI-strategie. Het kabinet zal richting de Commissie haar steun uitdragen voor verdere
ontwikkeling van de strategie. Dit is nodig om de ambities van de strategie te verwezenlijken.
Daarbij is een belangrijk aandachtspunt dat de strategie ook inspeelt op nationale,
regionale en sectorale behoeften en dat de strategie en initiatieven in lidstaten,
regio’s en sectoren elkaar versterken. Het kabinet kan gezien haar demissionaire status
nu niet besluiten over een herijking van het nationale AI-beleid op basis van de Apply AI-strategie. Een volgend kabinet kan besluiten over aanpassing van het beleid rondom
AI-adoptie en eventuele aanvullende middelen daarvoor.
Het kabinet steunt dat de Commissie met de strategie per sector acties zal ondernemen
om de specifieke uitdagingen voor AI-adoptie in die sectoren te adresseren. Het verschilt
namelijk sterk per sector en subsector op welke manier AI waarde kan toevoegen en
welke kansen en uitdagingen er zijn om AI te integreren. Een gerichte aanpak is essentieel
om AI-adoptie te versnellen. Bovendien zal succesvolle toepassing in één sector kunnen
leiden tot positieve spillover-effecten naar andere sectoren. Wel ziet het kabinet
dat, bijvoorbeeld bij mobiliteit, de strategie maar een beperkt deel van de sector
bedient en beter kan aansluiten bij bestaande sectorale initiatieven. Ook hierom is
verdere ontwikkeling van de strategie noodzakelijk. Daarnaast volgt het kabinet met
interesse hoe er verdere invulling zal worden gegeven aan enkele specifieke sectorale
activiteiten van de Commissie in de Annex 3 zodat aansluiting met sectorspecifiek
beleid kan worden gevonden, zoals bijvoorbeeld voor het verminderen de administratieve
lasten met behulp van AI in de zorgsector.
Het kabinet onderschrijft de keuze om AI-adoptie in de publieke sector gericht te
ondersteunen en dat er een AI-toolbox voor de publieke sector komt. Het is hierin
belangrijk dat met name lokale overheden en kleine overheidsorganisaties concrete
ondersteuning krijgen, bijvoorbeeld bij implementatie van AI, inkoop en sourcing. Ook is het kabinet positief dat er in de strategie met betrekking tot energie en
klimaat zowel aandacht is voor de kansen die AI biedt als de noodzaak de energie-efficiëntie
van AI te vergroten om een toekomstbestendige economie te waarborgen.
Het kabinet is positief over de keuze van de vier sectoroverstijgende uitdagingen
die de Commissie met de strategie adresseert. Adoptie door mkb, vaardigheden, vertrouwen
in AI en ontwikkeling en adoptie van geavanceerde AI zijn belangrijke uitdagingen
voor innovatie in de brede economie. Wel heeft het kabinet vragen over de uitwerking
van sommige van de sectoroverstijgende acties. Het kabinet steunt dat er in de strategie
ook aandacht is voor de ontwikkeling van geavanceerde AI, maar heeft vragen over de
werking van het «Frontier AI»-initiatief.
Gezien de brede scope van het initiatief en de complexiteit en hoge kosten van ontwikkeling
van geavanceerde AI, vraagt het kabinet zich af of dit initiatief haar doelen zal
bereiken. Het kabinet zal hier opheldering over vragen.
Het kabinet steunt dat de EDIH’s zich meer op AI richten en daarmee het mkb ondersteuning
bieden bij AI-adoptie. Het kabinet is ook positief dat de Commissie via het EDIH-netwerk
AI-innovatie wil ondersteunen door de vraag vanuit het mkb te koppelen aan het aanbod
van Europese AI-ontwikkelaars. Het kabinet vraagt zich echter af of de oproep voor
bedrijven om hun modellen te delen met het AI-netwerk effectief zal zijn en zal daar
uitleg over vragen. Het kabinet zou meer initiatieven die de koppeling tussen AI-adoptie
en -innovatie maken, zoals het beoogde Agrifood AI Platform, steunen.
Het kabinet steunt de maatregelen die de Commissie neemt om vertrouwen in de Europese
markt voor AI te vergroten. Het kabinet vindt het belangrijk dat er praktische tools
en ondersteuning komen voor bedrijven en publieke instellingen om aan de AI-verordening
te voldoen.
Het kabinet is positief over de aandacht van de strategie voor het versterken van
AI-vaardigheden en het bevorderen van AI-geletterdheid in Europa. Tegelijkertijd staan
AI-vaardigheden niet op zichzelf en zijn brede digitale vaardigheden essentieel voor
verantwoord en effectief gebruik van AI. Het kabinet zet erop in dat de strategie
bestaande nationale, regionale en sectorale infrastructuren versterkt en voldoende
flexibiliteit biedt zodat het aansluit bij de Nederlandse sectorale behoeften, toegankelijkheid
voor mkb en kleinere (overheids)instellingen. Ook is het belangrijk dat de initiatieven
aandacht hebben voor geavanceerde AI-vaardigheden voor het ontwikkelen en implementeren
van AI.
Het kabinet is positief over de beoogde governance omtrent de strategie. Het is belangrijk om AI-adoptie, (neven)effecten en langere
termijn impact van AI goed te kunnen vaststellen, bijvoorbeeld in termen van productiviteit.
Monitoring van de effecten van AI op sectoren en de arbeidsmarkt en betrokkenheid
van een brede groep stakeholders zijn bovendien essentieel om de strategie effectief
te kunnen doorontwikkelen. Dat geldt zowel voor het bedrijfsleven als de overheid.
Tegelijkertijd is het van belang dat er coherentie is met andere monitoringsinstrumenten
van de Commissie, zoals bijvoorbeeld het observatorium voor critical technologies.4
c) Eerste inschatting van krachtenveld
De meerderheid van de lidstaten heeft initieel positief gereageerd op de strategie
en de voorgestelde sectorale aanpak daarin.
4. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële
gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
a) Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet is positief. Het voorstel heeft betrekking op vele
beleidsterreinen, waaronder onderzoek en technologische ontwikkelingsbeleid, industriebeleid,
interne markt en onderwijs. Op het terrein van interne markt is sprake van een gedeelde
bevoegdheid van de Unie en de lidstaten (artikel 4, lid 2, onder a, VWEU). Op het
terrein van onderzoek en technologische ontwikkeling is sprake van een parallelle
bevoegdheid van de EU en de lidstaten, waarbij geldt dat het optreden van de Unie
de lidstaten niet belet hun eigen bevoegdheid uit te oefenen (artikel 4, lid 3, VWEU).
Op het terrein van industriebeleid is sprake van een aanvullende bevoegdheid (artikel 6,
onder b, VWEU), dat wil zeggen dat de Unie bevoegd is om met betrekking tot de Europese
dimensie van het industriebeleid het optreden van de lidstaten te ondersteunen, te
coördineren of aan te vullen. Op het gebied van onderwijs en beroepsopleiding is sprake
van een aanvullende bevoegdheid van de Unie (artikel 6, onder e, VWEU), op grond waarvan
de Unie bevoegd is om met betrekking tot de Europese dimensie van dit onderwerp het
optreden van de lidstaten te ondersteunen, te coördineren of aan te vullen, echter
met volledige eerbiediging van de verantwoordelijkheid van de lidstaten voor de inhoud
van het onderwijs en de opzet van het onderwijsstelsel (artikel 165, lid 1, VWEU).
De Commissie is derhalve bevoegd om op dit terrein een mededeling te doen.
b) Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel om een strategische
aanpak voor AI-adoptie in Europa te bevorderen om het Europese concurrentievermogen
te versterken, de Europese economie te moderniseren en de open strategische autonomie
van de EU te versterken. Dit zijn grensoverschrijdende uitdagingen. Om deze uitdagingen
te adresseren is coördinatie nodig. Dit kan onvoldoende door lidstaten op centraal,
regionaal of lokaal niveau worden verwezenlijkt. Om die redenen is optreden op het
niveau van de EU gerechtvaardigd.
c) Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel AI-adoptie
in de EU te bevorderen. Het voorgestelde optreden is geschikt om deze doelstelling
te bereiken, omdat het acties presenteert die specifieke uitdagingen voor AI-adoptie
adresseren. Bovendien gaat het voorgestelde optreden niet verder dan noodzakelijk,
omdat het lidstaten ruimte laat om in aanvulling op de strategie en de aangekondigde
acties een eigen strategie en acties voor AI-adoptie te ontwikkelen.
d) Financiële gevolgen
De Commissie geeft aan dat het voor de strategie tot 2027 € 1 miljard zal aanwenden
uit haar financieringsprogramma’s, waaronder Horizon Europe, het Digital Europe Programme, EU4Health en Creative Europe. Het kabinet zal de Commissie vragen om verduidelijking over de financiële gevolgen
van de toekomstige voorstellen.
Nederland is van mening dat de benodigde EU-middelen gevonden dienen te worden binnen
de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting 2021–2027 en dat deze
moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting. Eventuele budgettaire
gevolgen op nationaal niveau worden ingepast op de begroting van de beleidsverantwoordelijke
departementen, conform de regels van de budgetdiscipline.
e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Het voorstel heeft naar verwachting geen gevolgen voor regeldruk aangezien het alleen
acties bevat om AI-adoptie en -innovatie te stimuleren. De strategie bevat ook acties
die erop zijn gericht het makkelijker te maken voor bedrijven om aan de AI-verordening
te voldoen.
Door AI-adoptie en -innovatie in de EU te stimuleren biedt de strategie kansen om
de concurrentiekracht van de EU te versterken. AI-adoptie en -innovatie zijn essentieel
voor de productiviteitsgroei en het toekomstig concurrentievermogen van de EU, maar
ook om relevant te blijven in mondiale waardeketens.
De strategie beoogt de afhankelijkheid van niet-Europese partijen in de AI-waardeketen
te verkleinen door Europese AI-toepassingen te promoten en de ontwikkeling van Europese
geavanceerde AI te stimuleren. Hiermee kan het voorstel bijdragen aan het versterken
van de weerbaarheid en de open strategische autonomie van de EU en Nederland.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken