Brief regering : Wijziging Uitvoeringsregelgeving Meststoffenwet in verband met RENURE
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
33 037 Mestbeleid
Nr. 4200 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 november 2025
Op 19 september jl. heb ik uw Kamer geïnformeerd over het Europese Renure-voorstel
en de positieve uitslag van de stemming in het Nitraatcomité1. Daarbij heb ik aangegeven dat het voorstel nog wordt voorgelegd aan de Raad en het
Europees Parlement en dat dit nog zo’n drie maanden in beslag neemt. Ook worden de
benodigde aanpassingen in de Nederlandse regelgeving voorbereid zodat, na de definitieve
Europese goedkeuring en publicatie van het Renure-voorstel, zo spoedig mogelijk de
implementatie in Nederland kan plaatsvinden. In deze brief informeer ik u over de
op 10 november te starten internetconsultatie van het voorstel voor wijziging van
de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet in verband met het onder voorwaarden toestaan
van Renure boven de gebruiksnorm van dierlijke mest (hierna: de wijzigingsregeling).
Definitief Europees voorstel voor Renure
Het Commissievoorstel dat op 19 september jl. is goedgekeurd door het Nitraatcomité
maakt het mogelijk dat jaarlijks tot maximaal 80 kilogram stikstof per hectare aanvullend
op de 170 kilogram stikstof per hectare dierlijke mest mag worden aangewend, afkomstig
uit enkele Renure-producten. De Renure-producten betreffen mineralenconcentraat verkregen
uit omgekeerde osmose, ammoniumzouten afkomstig uit bijvoorbeeld stallucht en struviet
uit dierlijke mest.
In het Europese voorstel wordt een aantal voorwaarden gesteld aan implementatie in
de lidstaten. Lidstaten zijn niet verplicht Renure te implementeren, maar bij implementatie
moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Een aantal voorwaarden is in Nederland
al gereguleerd en vergt daarom geen aanvullende aanpassingen in nationale regelgeving.
Het gaat daarbij om de volgende voorwaarden:
– het aantal dieren en de mestproductie niet mag toenemen bij implementatie van Renure.
Hieraan wordt in Nederland onder andere voldaan door regulering met productierechten
en mestproductieplafonds in de Meststoffenwet;
– Renure moet emissiearm worden aangewend. In de Nederlandse regelgeving is dit reeds
verplicht voor Renure, omdat Renure een product is van dierlijke mest en derhalve
op grond van artikel 4.1199 van het Besluit activiteiten leefomgeving emissiearm moet
worden aangewend;
– er moet een goede landbouwpraktijk worden toegepast. Hieraan wordt invulling gegeven
door verplichtingen met betrekking tot de aanwending van dierlijke mest (onder andere
beperkingen in uitrijdperiodes) en bouwplanmaatregelen zoals het telen van vanggewassen;
– Renure moet worden voorzien van een etiket met daarbij vermeld de gehaltes van stikstof
en fosfaat. Dit komt overeen met de reeds bestaande verplichtingen voor transport
van dierlijke mest die ook van toepassing zijn op Renure;
– de emissies uit de opslag van Renure moet worden beperkt. In Nederland zijn via het
Besluit activiteiten leefomgeving reeds verplichtingen gesteld waarmee de emissies
uit dierlijke mest worden beperkt.
Daarnaast wordt in het Europese voorstel een aantal eisen gesteld aan de kwaliteit
en veiligheid van de Renure-producten. Zo worden eisen gesteld aan de maximale hoeveelheid
koper en zink en worden voor de aanwezigheid van pathogenen criteria gesteld. Ook
zijn er administratie- en registratievoorschriften. Deze voorschriften worden geïmplementeerd
in de wijzigingsregeling die nu voor internetconsultatie wordt voorgelegd. Gedurende
vier weken heeft eenieder daardoor de gelegenheid te reageren op de wijzigingsregeling.
Nationale implementatie Renure
In de wijzigingsregeling zijn bovengenoemde eisen nader ingevuld, zodat hiermee een
goed geborgde systematiek wordt uitgerold. In de wijzigingsregeling worden hiertoe
eisen gesteld ten aanzien van de registratie van de producenten van Renure. Dit kunnen
mestverwerkers zijn, maar ook de individuele agrariër die Renure produceert kan zich
laten registreren. De productstromen moeten worden bemonsterd en geanalyseerd en de
hoeveelheden geproduceerde Renure-producten moeten worden bijgehouden. Ten slotte
moet Renure worden verantwoord in de mestboekhouding.
In de afgelopen jaren is in nauwe samenwerking met enkele sectorpartijen (Cumela,
LTO en POV), het Nederlands Centrum voor Mestverwaarding en KIWA een certificeringsschema
opgesteld (genaamd RENUGARANT) waarmee Renure-producenten kunnen aantonen te voldoen
aan de kwaliteitseisen. Dit kwaliteitssysteem is opgesteld in samenwerking met het
Ministerie van LVVN, NVWA en RVO. Het kwaliteitssysteem is verregaand gereed om te
kunnen toepassen voor het toezicht op de toepassing van Renure. Om certificering te
kunnen verplichten is een grondslag nodig in de Meststoffenwet. Mijn voornemen is
om, zodra die grondslag is gerealiseerd, alle producenten van Renure te verplichten
gecertificeerd te zijn, zodat te zijner tijd via een certificeringsschema alle registratie-,
bemonsterings- en analyseresultaten kunnen worden gecontroleerd.
Omdat verplichte certificering op grond van de Meststoffenwet vooralsnog niet mogelijk
is en ik de implementatie van Renure toch spoedig wil laten verlopen, wordt tijdelijk
een registratie-, bemonstering en analyseverplichting voorzien waarbij de producent
deze informatie moet aanleveren bij RVO.
In de wijzigingsregeling is opgenomen dat een aantal verplichtingen die wel voor geregistreerde
producenten geldt niet van toepassing is voor producenten van Renure die zich nu reeds
vrijwillig laten certificeren op grond van het certificeringsschema RENUGARANT. De
nakoming van die verplichtingen is via de certificering geborgd.
Vervolg
Het streven is om de wijzigingsregeling in te laten gaan zo snel mogelijk nadat de
door de Commissie voorgestelde aanpassing van de Nitraatrichtlijn in werking treedt.
De Europese Commissie wordt daarbij op grond van de verplichting vanuit het Europese
Renure-voorstel geïnformeerd over deze implementatie in Nederland. Daarnaast ben ik
in gesprek met de sector om ervoor te zorgen dat de implementatie in Nederland voorspoedig
kan verlopen. De ervaringen die we hebben opgedaan met de pilot mineralenconcentraat
van de afgelopen tijd zullen hierbij worden betrokken, maar ook zal ik met alle betrokken
partijen verkennen hoe de opschaling van Renure in Nederland kan worden versneld.
De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselkwaliteit en Natuur, F.M. Wiersma
Ondertekenaars
F.M. Wiersma, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur