Brief regering : Overzicht van de stand van zaken bij de implementatie van EU-richtlijnen in de Nederlandse wet- en regelgeving aan het einde van het derde kwartaal van 2025
21 109 Uitvoering EU-Richtlijnen
Nr. 275
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 november 2025
Hierbij bied ik u het periodieke overzicht aan van de stand van zaken bij de implementatie
van EU-richtlijnen in de Nederlandse wet- en regelgeving aan het einde van het derde
kwartaal van 2025.
In deze brief wordt eerst ingegaan op de geïmplementeerde richtlijnen gevolgd door
de implementatieachterstand zoals die op 1 oktober 2025 gold. Daarna worden de oorzaken
van deze achterstand behandeld en worden de richtlijnen die het volgende kwartaal
moeten worden geïmplementeerd genoemd. Vervolgens volgt een opsomming van de ingebrekestellingprocedures
die de Europese Commissie tegen Nederland is gestart als gevolg van niet-tijdige implementatie.
Mede op verzoek van uw Kamer zijn ook de lopende infracties wegens (vermeende) onjuiste
implementatie in het overzicht ingebrekestellingen per departement opgenomen.
Departement
Geimplementeerde richtlijnen
Geimplementeerde achterstallige richtlijnen
AenM
AZ
BuZa
BZK
Def
EZ
Fin
2
1
IenW
2
JenV
1
KGG
LVVN
2
1
OCW
SZW
VRO
VWS
Totaal
7
Huidige achterstand
De achterstand bij het begin van dit kwartaal bedroeg 14 richtlijnen t.o.v. 15 richtlijnen
in het vorige kwartaal.
De 14 achterstallige richtlijnen zijn aan de volgende ministeries toegedeeld: KGG (3),
FIN (3), SZW (1), AenM (1), IenW (1) en JenV (5).
De overschrijding van de implementatiedatum varieert sterk, van 1 tot 682 dagen. Een
exacte aanduiding van de overschrijding per richtlijn is te vinden in bijgevoegd kwartaaloverzicht.
Achterstanden en hun oorzaken
Wat betreft de oorzaken voor de implementatieachterstand ultimo tweede kwartaal 2025
speelt een aantal factoren een rol. Deze factoren worden hieronder per ministerie
toegelicht.
KGG
Richtlijn (EU) 2023/2413[A] van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023
tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, Verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn
98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking
van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad
Uiterste implementatiedatum: 1 juli 2024
Richtlijn (EU) 2023/2413 betreft een omvangrijke wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001
(Renewable Energy Directive/RED), waarbij verschillende implementatietermijnen gelden.
Voor een aantal van de zogenaamde «versnellingsartikelen» die er voor moeten zorgen
dat projecten voor hernieuwbare energie sneller uitgerold kunnen worden geldt een
uiterste implementatiedatum van 1 juli 2024. De Tweede Kamer is hierover geïnformeerd
bij brief van 7 juni 2024 (Kamerstukken II 31 239, nr. 396).
Deze artikelen zijn deels reeds omgezet in bestaande wet- en regelgeving en betreffen
deels feitelijk handelen waarvoor geen implementatie in wet- en regelgeving noodzakelijk
is. Voor de aanpassing van de vergunningsprocedure geldt dat de Nederlandse systematiek
(voor een groot deel) voldoet aan de gestelde eisen. Daar waar nodig worden deze artikelen
geïmplementeerd in de Omgevingswet, de daarop gebaseerde algemene maatregelen van
bestuur en de Wet Windenergie op Zee en de Algemene wet bestuursrecht. Het wetsvoorstel
is in juli 2025 aan de Afdeling advisering van de Raad van State aangeboden voor advies.
Na ommekomst van het advies zal het wetsvoorstel worden aangeboden aan de Tweede Kamer.
RICHTLIJN (EU) 2023/2413[B] VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 18 oktober 2023
tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, Verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn
98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking
van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad
Uiterste implementatiedatum: 21 mei 2025
Ook de artikelen van richtlijn (EU) 2023/2413 met een uiterste implementatiedatum
van 21 mei 2025 zijn deels reeds omgezet in bestaande wet- en regelgeving en betreffen
deels feitelijk handelen waarvoor geen implementatie in wet- en regelgeving noodzakelijk
is. De resterende implementatie op wetsniveau die noodzakelijk is in verband met de
implementatie wordt meegenomen in het wetsvoorstel Implementatiewet herziene gasrichtlijn
en uitvoering herziene gasverordening, waarvan de internetconsultatie op 30 september
jl. is gesloten.1 Na de uitvoerings- en handhavingstoets wordt het wetvoorstel volgens planning in
het voorjaar van 2026 voorgelegd aan de Raad van State.
RICHTLIJN (EU) 2024/1711 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 juni 2024 tot
wijziging van de Richtlijnen (EU) 2018/2001 en (EU) 2019/944 inzake het verbeteren
van de opzet van de elektriciteitsmarkt van de Unie
Uiterste implementatiedatum: 17 januari 2025
Richtlijn (EU) 2024/1711 vormt met twee verordeningen het in juni vorig jaar vastgestelde
Europese Electricity Market Design pakket (EMD-pakket). Het EMD-pakket is gericht
op verdere hervorming van de Europese elektriciteitsmarkt.
De uiterste datum voor implementatie is voor de meeste bepalingen uit de richtlijn
gesteld op 17 januari 2025. Voor artikel 2, punten 2) en 3), de bepalingen met betrekking
tot het recht op energiedelen en de vrije keuze van leverancier daarbij, is de uiterste
datum voor implementatie gesteld op 1 juli 2026.
Implementatie van het EMD-pakket vindt voornamelijk plaats in de nieuwe Energiewet
(Stb. 2025, nr. 12) en daarnaast, in verband met implementatie van energiedelen, de Wet belastingen
op milieugrondslag en de Wet op de accijns.
Begin juli is het wetsvoorstel met de resterende implementatie op wetsniveau van de
gehele richtlijn aanhangig gemaakt voor advies bij de Afdeling advisering van de Raad
van State. Het streven is om na de verwerking van het advies het wetsvoorstel voor
het kerstreces in te dienen bij de Tweede Kamer voor de parlementaire behandeling.
FIN
Verordening (EU) 2024/886 van het Europees Parlement en de Raad van 13 maart 2024
tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 260/2012 en (EU) 2021/1230 en Richtlijnen
98/26/EG en (EU) 2015/2366 wat betreft instantovermakingen in euro’s
Uiterste implementatiedatum: 9 april 2025
Verordening (EU) 2024/886 wijzigt twee richtlijnen die omgezet moeten worden in nationaal
recht. De implementatie hiervan vindt plaats in de Wet op het financieel toezicht
en het Besluit prudentiële regels Wft. De uiterste datum voor de wijzigingen aan de
richtlijnen bedraagt 9 april 2025. Er is een implementatietermijn van een jaar gegeven,
wat te kort is voor een wetswijziging.
De handhaving van de verordening is in werking getreden door middel van een Uitvoeringsbesluit
(Stb. 2025, nr. 53). Het implementatiewetsvoorstel is op 30 september jl. als hamerstuk afgedaan door
de Eerste Kamer. De Raad van State heeft op 24 september jl. een blanco advies uitgegeven
over het bijbehorende implementatiebesluit. Het nader rapport staat geagendeerd op
de ministerraad van 17 oktober jl. Daarna kan zowel de implementatiewet als het implementatiebesluit
worden gepubliceerd in het Staatsblad. Het streven is inwerktreding voor het einde
van oktober 2025.
RICHTLIJN (EU) 2023/2864 [B] VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 december
2023 tot wijziging van bepaalde richtlijnen wat betreft de oprichting en het functioneren
van het Europees centraal toegangspunt
De implementatie van artikel 3 van Richtlijn (EU) 2023/2864 van het Europees Parlement
en de Raad van 13 december 2023 tot wijziging van bepaalde richtlijnen wat betreft
de oprichting en het functioneren van het Europees centraal toegangspunt (hierna:
omnibusrichtlijn ESAP) is opgenomen in het wetsvoorstel implementatie Europees centraal
toegangspunt. Dit wetsvoorstel is geconsulteerd tot 13 oktober 2025 en de reacties
worden op dit moment verwerkt in het wetsvoorstel en de bijbehorende toelichting.
Gezien de complexiteit en duur van het Nederlandse wetgevingsproces en de relatief
dicht bij elkaar liggende implementatiedeadlines (10 juli 2025 voor artikel 3 en 10 januari
2026 voor de rest van de omnibusrichtlijn ESAP), is ervoor gekozen om het hele ESAP-pakket
(de omnibusrichtlijn ESAP, Verordening (EU) 2023/2859 en Verordening (EU) 2023/2869)
zoveel mogelijk integraal te implementeren.
De implementatie van het ESAP-pakket vindt in Nederland op wetsniveau plaats door
een wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Wet toezicht accountantsorganisaties,
Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, de Handelsregisterwet 2007, de Pensioenwet en de
Wet verplichte beroepspensioenregeling. Daarnaast wordt de volgende lagere regelgeving
aangepast: het Besluit openbare biedingen Wft, het Besluit gedragstoezicht financiële
ondernemingen, het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit EU-verordeningen Wft,
het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector, het Besluit elektronische deponering
handelsregister, het Implementatiebesluit richtlijn duurzaamheidsrapportering, het
Besluit rapportage betalingen aan overheden en de Regeling taakuitoefening toezichthouders
Wft. Deze wijzigingen vergen drie separate voorstellen: een wetsvoorstel, een voorstel
voor een algemene maatregel van bestuur en een voorstel voor een ministeriële regeling.
De implementatie heeft helaas vertraging opgelopen. Voor het wetsvoorstel implementatie
Europees centraal toegangspunt zal op korte termijn advies worden aangevraagd bij
de Raad van State. Afhankelijk van de tijd die de Raad van State nodig heeft, volgt
daarna de behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer en Eerste Kamer. De
algemene maatregel van bestuur zal tijdens deze behandeling aan de Raad van State
worden voorgelegd voor advies. De ministeriële regeling zal in de laatste fase van
het implementatietraject worden vastgesteld en gepubliceerd.
«RICHTLIJN (EU) 2024/790 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 28 februari 2024
tot wijziging van Richtlijn 2014/65/EU betreffende markten voor financiële instrumenten»
Uiterste implementatiedatum: 29 september 2025
Richtlijn 2024/790 wijzigt de richtlijn markten voor financiële instrumenten 2014
(MiFID II). De wijzigingen hebben tot doel het vergroten van de transparantie van
de Europese kapitaalmarkt door het wegnemen van belemmeringen voor het ontstaan van
centrale databases voor handelsdata (consolidated tapes) en het verbieden van betalingen voor het doorgeven van orderstromen naar een bepaald
handelsplatform (payments for order flow). Teneinde de transparantie op de financiële markten te vergroten en de volatiliteit
op die markten te verminderen worden de transparantievoorschriften voor de handel
in grondstoffenderivaten en van emissierechten afgeleide instrumenten gewijzigd en
worden de mogelijkheden tot onderbreking of beperking van de handel in financiële
instrumenten uitgebreid.
De omzetting van de richtlijn vindt plaats door middel van een wijziging van de Wet
op het financieel toezicht en enige op die wet gebaseerde lagere regelgeving.
Over het wetsvoorstel Implementatiewet herziening richtlijn markten voor financiële
instrumenten 2014 loopt momenteel een openbare consultatie. Ook is het wetsvoorstel
ter advisering en toetsing voorgelegd aan het Adviescollege toetsing regeldruk en
de Autoriteit Financiële Markten. Het streven is om het wetsvoorstel nog in 2025 voor
advies in te dienen bij de Raad van State.
I&W
«RICHTLIJN (EU) 2023/946 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 10 mei 2023
tot wijziging van Richtlijn 2003/25/EG met betrekking tot de toevoeging van verbeterde
stabiliteitsvereisten en de afstemming van die richtlijn op de door de Internationale
Maritieme Organisatie vastgestelde stabiliteitsvereisten»
Uiterste implementatiedatum: 5 december 2024
Deze richtlijn is geïmplementeerd door bestaand recht (dynamische verwijzing) met
uitzondering van het zevende en negende lid van artikel 1 van deze richtlijn. De gedeeltelijke
implementatie is abusievelijk niet tijdig bekendgemaakt en aan de Europese Commissie
medegedeeld. Door de gedeeltelijke implementatie kan al grotendeels uitvoering worden
gegeven aan de richtlijn.
Voor de volledige implementatie zal nog een wijziging van een ministeriële regeling
plaatsvinden waarbij voor het zevende en negende lid van artikel 1 van de richtlijn
voor de (juiste) omzetting zal worden zorggedragen. De omzetting zal naar verwachting
per 1 oktober 2025 zijn gerealiseerd. Deze implementatiedatum is niet gehaald in verband
met vertraging in het interne wijzigingsproces van de te wijzigen regelgeving. De
aanvankelijk beoogde wijzigingen in de nationale regelgeving zijn niet compleet gebleken.
Aanvullingen daarop zijn nodig. We hebben er alle vertrouwen in dat we de implementatie
voor het eind van het jaar rond hebben. De Commissie is hierover geïnformeerd.
JenV
RICHTLIJN (EU) 2019/1151[A] VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN 20 juni 2019
tot wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132 met betrekking tot het gebruik van digitale
instrumenten en processen in het kader van het vennootschapsrecht
Uiterste implementatiedatum: 1 augustus 2022
Zie toelichting onder richtlijn (EU) 2019/1151 [B].
RICHTLIJN (EU) 2019/1151[B] VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 20 juni 2019
tot wijziging van Richtlijn (EU) 2017/1132 met betrekking tot het gebruik van digitale
instrumenten en processen in het kader van het vennootschapsrecht
Uiterste implementatiedatum: 1 augustus 2023
De richtlijn 2019/1151 wijzigt richtlijn 2017/1132 met betrekking tot het gebruik
van digitale instrumenten en processen in het kader van het vennootschapsrecht. De
richtlijn maakt het mogelijk dat bij de bedrijvenregisters in de lidstaten online
een BV wordt opgericht, dat bijkantoren online kunnen worden geregistreerd en dat
online informatie en documenten kunnen worden ingediend door vennootschappen en bijkantoren.
De richtlijn bevat daarnaast een bepaling over bestuursverboden en de uitwisseling
van informatie daarover tussen lidstaten.
Een deel van de richtlijn wordt geïmplementeerd door middel van bestaand recht, in
de vorm van bepalingen in de Dienstenwet, de Handelsregisterwet 2007 en het Handelsregisterbesluit
2008. Implementatie van de overige nieuwe verplichtingen heeft plaatsgevonden in het
Burgerlijk Wetboek en in de Wet op het notarisambt. Deze wijzigingen zijn op 1 januari
2024 in werking getreden. Voor enkele technische bepalingen van de richtlijn wordt
door de Minister van EZ een wijziging van het Handelsregisterbesluit 2008 voorbereid.
Naar verwachting zal deze wijziging van het Handelsregisterbesluit 2008 in de eerste
helft van 2026 gepubliceerd kunnen worden en in werking kunnen treden.
Ondertussen werkt de Kamer van Koophandel (hierna: de KVK) in de praktijk al in overeenstemming
met de eisen uit de richtlijn. De implementatie bij de KVK was aanvankelijk vertraagd
doordat de verordening met de technische specificaties pas laat gereedkwam en vanwege
een overvolle ontwikkelkalender en capaciteitsbeperkingen bij zowel EZ als de KVK.
Voor enkele nog resterende aanpassingen, heeft KVK vanwege aanhoudende capaciteitsbeperkingen
aangegeven meer tijd nodig te hebben maar dit in 2025 alsnog grotendeels geïmplementeerd.
RICHTLIJN (EU) 2022/2464 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 14 december 2022
tot wijziging van Verordening (EU) nr. 537/2014, Richtlijn 2004/109/EG, Richtlijn
2006/43/EG en Richtlijn 2013/34/EU, met betrekking tot duurzaamheidsrapportering door
ondernemingen
Uiterste implementatiedatum: 6 juli 2024
Het ontwerp voor de algemene maatregel van bestuur over de rapportageverplichting
is op 12 juni 2024 overgelegd aan beide Kamers in het kader van de voorhang (Kamerstuk
26 485, nr. 437). Hierop zijn op 12 juli en op 25 september 2024 vragen ontvangen van de Tweede Kamer
respectievelijk Eerste Kamer. De beantwoording van deze vragen is eind december 2024
naar de beide Kamers gestuurd. Op 14 februari 2025 zijn nadere vragen van de Eerste
Kamer ontvangen, die op 12 september jl. zijn beantwoord.
Het wetsvoorstel is op 13 januari 2025 bij de Tweede Kamer ingediend (Kamerstuk 36 678). Op 27 juni 2025 heeft de Kamer het verslag ingediend (Kamerstuk 36 678, nr. 7), dat op 1 oktober jl. is beantwoord (Kamerstuk 36 678, nr. 8). Over het ontwerp voor de algemene maatregel van bestuur over de regels voor accountants(organisaties)
is de consultatie op 4 februari 2025 afgerond. Nadat de Tweede Kamer het eerdergenoemde
wetsvoorstel zal hebben aangenomen, zal het ontwerpbesluit voor advies aan de Raad
van State worden voorgelegd.
Inmiddels heeft de Europese Commissie op 26 februari 2025 twee voorstellen gepresenteerd
tot wijziging van de richtlijn. Het eerste voorstel voorziet in uitstel met twee jaar
voor ondernemingen die moeten rapporteren vanaf boekjaren 2025 en 2026. De onderhandelingen
over dit voorstel zijn afgerond.2 Naar de Tweede en de Eerste Kamer is een gewijzigde versie van het ontwerpimplementatiebesluit
en naar de Tweede Kamer is een nota van wijziging bij het wetsvoorstel gestuurd waarin
het uitstel met twee jaar is verwerkt. Het tweede richtlijnvoorstel3, waarover momenteel nog onderhandeld wordtbeperkt de reikwijdte van de richtlijn
tot grote ondernemingen met meer dan duizend werknemers en beperkt de informatie die
de rapporterende ondernemingen kunnen opvragen van ondernemingen in de waardeketen
die niet onder de rapportageverplichting vallen. Ook dit voorstel heeft gevolgen voor
de implementatie van de richtlijn. Het heeft de voorkeur van het kabinet om de implementatie
van dit voorstel mee te nemen in het implementatietraject voor de CSRD-richtlijn,
mits de onderhandelingen over dat voorstel voldoende voortgang boekt.4 De Europese Commissie heeft Nederland nogmaals herinnerd aan de noodzaak om de CSRD-richtlijn
op korte termijn te implementeren en heeft aangegeven dat er geen ruimte is voor uitstel.
RICHTLIJN (EU) 2022/2555 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 14 december 2022
betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de
Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972
en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn)
Uiterste implementatiedatum: 17 oktober 2024
Zie toelichting onder richtlijn (EU) 2022/2557.
RICHTLIJN (EU) 2022/2557 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 14 december 2022
betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn
2008/114/EG van de Raad (CER-richtlijn) Uiterste implementatiedatum: 17 oktober 2024
De NIS2-richtlijn en de CER-richtlijn dienden met ingang van 18 oktober 2024 te zijn
omgezet in nationale wet- en regelgeving. Hoewel de inspanningen er steeds op gericht
zijn geweest deze implementatietermijn te halen, heeft Nederland heeft deze richtlijnen
helaas niet tijdig kunnen omzetten. Dit komt doordat de omzetting naar nationale wetgeving
een omvangrijk en complex traject is, waarbij grote zorgvuldigheid is vereist. Die
grote zorgvuldigheid is vereist, omdat de wetten waarin de NIS2-richtlijn en CER-richtlijn
worden omgezet aanzienlijke impact hebben op Nederlandse organisaties, zowel in de
publieke als in de private sector. Er zijn ten opzichte van bestaande wetgeving meer
en nieuwe sectoren en significant meer organisaties die moeten voldoen aan de nieuwe
wetgeving. De toepasselijkheid op vele sectoren heeft er ook toe geleid dat interdepartementale
afstemming met bijna alle departementen vereist is.
In het licht van de vertraagde omzetting wordt ook gewezen op de keuze van Nederland
om, vanwege de hiervoor genoemde impact op organisaties, de implementatiewetsvoorstellen
en onderliggende amvb’s en ministeriële regelingen open te stellen voor internetconsultatie,
hoewel dit bij implementatiewetgeving niet verplicht is.
De NIS2-richtlijn wordt geïmplementeerd in de Cyberbeveiligingswet en de CER-richtlijn
wordt geïmplementeerd in de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten. De wetsvoorstellen
Cyberbeveiligingswet en Wet weerbaarheid kritieke entiteiten zijn begin juni 2025
ingediend bij de Tweede Kamer. De verslagen op deze wetsvoorstellen zijn begin september
2025 uitgebracht door de commissies die deze hebben behandeld. De regering streeft
er naar de nota’s naar aanleiding van deze verslagen in november 2025 naar uw Kamer
toe te zenden. Op dit moment zijn de inspanningen er op gericht dat beide wetsvoorstellen
zo snel als mogelijk tot wet worden verheven. Ondertussen wordt ook gewerkt aan de
onderliggende amvb’s en ministeriële regelingen. Het uitgangspunt is dat de wetten
en onderliggende regelgeving op hetzelfde moment in werking treden.
AenM
RICHTLIJN (EU) 2021/1883 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 20 oktober 2021 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen
van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan, en tot intrekking van
Richtlijn 2009/50/EG van de Raad
Uiterste implementatiedatum: 18 november 2023
Richtlijn (EU) 2021/1883 vervangt Richtlijn 2009/50/EG en daarmee de regeling voor
de Europese blauwe kaart. Bij de implementatie is zoveel mogelijk aansluiting gezocht
bij de nationale kennismigrantenregeling die op een aantal onderdelen gunstiger voorwaarden
bood. De implementatietermijn (18 november 2023) is inmiddels verstreken.
Eerder hebben onder meer de sensitiviteit van het onderwerp in de politieke verhoudingen
en de demissionaire status van het kabinet geleid tot vertragingen. Ook de betrokkenheid
van verschillende ministeries heeft gezorgd voor vertraging bij de implementatie.
Het besluit ter implementatie is in werking getreden en gereed gemeld bij de Commissie.
De omstandigheid dat het standpunt van het kabinet en de Tweede Kamer ten opzichte
van kennismigranten, en arbeidsmigratie als geheel, is gewijzigd maakt dat er met
andere ogen naar de reeds afgeronde implementatie per besluit wordt gekeken en heeft
ervoor gezorgd dat de parlementaire behandeling in de Tweede Kamer verdere vertraging
heeft opgelopen. Het wetsvoorstel ligt thans bij de Eerste Kamer. De Eerste Kamer
heeft om een uitvoeringstoets gevraagd op de verplichte arbeidsmarkttoets die bij
amendement aan het voorstel is toegevoegd. Deze uitvoeringstoets is nog niet aan de
Eerste Kamer verzonden.
SZW
RICHTLIJN (EU) 2022/2041 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 19 oktober 2022
betreffende toereikende minimumlonen in de Europese Unie
Uiterste implementatiedatum: 15 november 2024
De EU-richtlijn betreffende toereikende minimumlonen in de Europese Unie heeft betrekking
op de toereikendheid van en bescherming door het minimumloon en het bevorderen van
collectieve onderhandelingen. Het implementatievoorstel voorziet in een aantal wijzigingen
van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. De implementatietermijn (15 november
2024) is inmiddels verstreken. Reden hiervoor is dat het consultatieproces en het
parlementaire proces meer tijd in beslag hebben genomen.
Het wetsvoorstel is op 23 april 2024 ingediend bij de Tweede Kamer, op 8 oktober 2024
heeft de Tweede Kamer het voorstel aangenomen. De plenaire behandeling door de Eerste
Kamer vond plaats op 14 januari 2025.
Op 14 januari 2025 heeft advocaat-generaal van het EU Hof van Justitie een conclusie
gewezen in een zaak over deze richtlijn (zaaknummer: C-19/23), waarin de advocaat-generaal
concludeert dat de richtlijn geen rechtsbasis heeft en nietig zou moeten worden verklaard.
In verband hiermee heeft op 28 januari 2025 de voortzetting van het debat met de Eerste
Kamer plaatsgevonden. Tijdens dit debat heeft de Eerste Kamer een ordevoorstel aangenomen,
om de stemming uit te stellen tot het moment waarop er duidelijkheid is over de bevoegdheid
van de EU om de richtlijn vast te stellen.
Richtlijnen die in het volgende kwartaal moeten worden geïmplementeerd om overschrijding te voorkomen
FIN
«RICHTLIJN (EU) 2023/2225 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 18 oktober 2023
inzake kredietovereenkomsten voor consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2008/48/EG»
«RICHTLIJN (EU) 2023/2673 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 22 november 2023 tot wijziging van Richtlijn 2011/83/EU wat betreft op afstand
gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten, en tot intrekking van Richtlijn
2002/65/EG»
RICHTLIJN (EU) 2023/2226 VAN DE RAAD van 17 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn
2011/16/EU betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen»
«RICHTLIJN (EU) 2025/872 VAN DE RAAD
van 14 april 2025 tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU betreffende de administratieve
samenwerking op het gebied van de belastingen»
IenW
GEDELEGEERDE RICHTLIJN (EU) 2025/811 VAN DE COMMISSIE van 19 februari 2025 tot wijziging
van bijlage I bij Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft
de informatie die aan scheepsrapportagesystemen moet worden gemeld
RICHTLIJN (EU) 2024/2839 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 23 oktober 2024
tot wijziging van de Richtlijnen 1999/2/EG, 2000/14/EG, 2011/24/EU en 2014/53/EU wat
betreft bepaalde rapportagevereisten op het gebied van voedsel en voedselingrediënten, geluidsemissies buitenshuis, patiëntenrechten en radioapparatuur
«RICHTLIJN (EU) 2023/2661 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 22 november 2023
tot wijziging van Richtlijn 2010/40/EU betreffende het kader voor het invoeren van
intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met
andere vervoerswijzen»
JenV
«RICHTLIJN (EU) 2023/2123 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 4 oktober 2023
tot wijziging van Besluit 2005/671/JBZ van de Raad met het oog op de aanpassing ervan
aan de Unievoorschriften inzake de bescherming van persoonsgegevens»
RICHTLIJN (EU) 2023/2843 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 december 2023
tot wijziging van Richtlijnen 2011/99/EU en 2014/41/EU van het Europees Parlement
en de Raad, Richtlijn 2003/8/EG van de Raad en de Kaderbesluiten 2002/584/JBZ, 2003/577/JBZ,
2005/214/JBZ, 2006/783/JBZ, 2008/909/JBZ, 2008/947/JBZ, 2009/829/JBZ en 2009/948/JBZ
van de Raad, wat betreft de digitalisering van de justitiële samenwerking
KGG
RICHTLIJN (EU) 2023/1791 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 13 september 2023
betreffende energie-efficiëntie en tot wijziging van Verordening (EU) 2023/955 (herschikking)
VWS
RICHTLIJN (EU) 2024/1438 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 14 mei 2024 tot
wijziging van Richtlijn 2001/110/EG van de Raad inzake honing, Richtlijn 2001/112/EG
van de Raad inzake voor menselijke voeding bestemde vruchtensappen en bepaalde soortgelijke
producten, Richtlijn 2001/113/EG van de Raad inzake voor menselijke voeding bestemde
vruchtenjam of -confituur, -gelei en -marmelade, alsmede kastanjepasta en Richtlijn
2001/114/EG van de Raad inzake bepaalde voor menselijke voeding bestemde, geheel of
gedeeltelijk gedehydrateerde verduurzaamde melk
Ingebrekestellingen wegens te late implementatie
In het derde kwartaal van 2025 zijn er drie ingebrekestellingen wegens te late implementatie
van richtlijnen van de Europese Commissie ontvangen:
Van FIN, zaak 2025/0281, mbt RL 2023/2864 (Europees centraal toegangspunt)
Van KGG, zaak 2025/0236, mbt RL 2023/2413 (bevordering energie hernieuwbare bronnen),
Van LVVN, zaak 2025/0237, mbt RL 2024/3010 (lijst van plaagorganismen)
De Europese Commissie heeft in het derde kwartaal van 2025 een zaak wegens te late
implementatie geseponeerd:
Van JenV, zaak 2021/0475, RL 2019/1153 (voorkomen, opsporen, onderzoeken of vervolgen
van bepaalde strafbare feiten).
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel
Indieners
-
Indiener
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken