Brief regering : Evaluatierapport ‘Het vormingsonderwijs in Nederland’ en voorhang van wijzigingsregeling
36 600 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2025
Nr. 178
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Ter griffie van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen op 3 juli 2025.
De wens om over de voorgenomen voordracht voor de vast te stellen ministeriële regeling
nadere inlichtingen te ontvangen kan door ten minste dertig leden van de Kamer te
kennen worden gegeven uiterlijk op 1 oktober 2025.
De voordracht voor de vast te stellen ministeriële regeling kan niet eerder worden
gedaan dan op 2 oktober 2025 dan wel binnen veertien dagen na het verstrekken van
de in de vorige volzin bedoelde inlichtingen.
Bij de termijnen is rekening gehouden met de recesperiode van de Tweede Kamer.
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 juli 2025
Op openbare scholen hebben ouders de mogelijkheid om voor hun kind vormingsonderwijs
aan te vragen. Dit onderwijs wordt gefaciliteerd door het Centrum voor Vormingsonderwijs
(CvV). Sinds 2019 ligt wettelijk verankerd dat het CvV structureel middelen ontvangt
vanuit het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Op vormingsonderwijs
was eerder een bezuiniging voorzien. Met het amendement Bontenbal zijn de middelen
voor het vormingsonderwijs weer opgenomen op de begroting.1 Over een dergelijke subsidie moet eens in de vijf jaar een verslag gepubliceerd worden
over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk.2 Hiervoor is in 2023–2024 een evaluatie uitgevoerd door het Verwey-Jonker Instituut.
De evaluatie was gericht op de invulling van vormingsonderwijs in de praktijk en de
doelmatigheid van de subsidie.
Via deze weg wordt uw Kamer het evaluatierapport aangeboden. De inzichten uit het
evaluatierapport zijn meegenomen bij het opstellen van de nieuwe subsidieregeling,
die per 1 augustus 2025 in werking moet treden. Bij deze brief ontvangt u het ontwerp
van een wijzigingsregeling.3
Belangrijkste uitkomsten evaluatieonderzoek
Het evaluatierapport toont aan dat met enige regelmaat het aanbod op verzoek van de
schoolleiding gerealiseerd wordt, waarbij de wens van ouders niet meegenomen of zelfs
niet uitgevraagd wordt. Dit terwijl de subsidieregeling gestoeld is op het keuzerecht
van ouders. Het rapport geeft tevens weer dat een groot deel van de zendende instanties4, schoolleiders en vakleraren overwegend positief is over hoe het CvV haar rol vervult.
Daarnaast is in de laatste jaren een verschuiving in aanbod te zien van het klassieke
model, waarbij leerlingen les krijgen over één denominatie door één vakleerkracht,
naar het carrouselmodel, waarbij leerlingen een lessenserie van meerdere denominaties
door meerdere vakleerkrachten aangeboden krijgen.
Wijzigingsregeling
Uit de evaluatie is gebleken dat in de onderwijspraktijk het vormingsonderwijs niet
altijd op verzoek van ouders gegeven wordt en via het carrouselmodel soms vermengd
wordt met onderwijs, waarvoor de verantwoordelijkheid bij de school ligt. Het rapport
geeft een aantal praktijkvoorbeelden weer, waaruit blijkt dat dit carrouselmodel op
sommige scholen geïntegreerd is in burgerschapsonderwijs en het reguliere onderwijs
over geestelijke stromingen. Op deze scholen wordt het carrouselmodel dan ook structureel
gegeven aan alle leerlingen, zonder dat ouders daar expliciet toestemming voor gegeven
hebben. Daarbij ontstaat het risico dat ouders niet meer het vormingsonderwijs van
hun voorkeur kunnen ontvangen. Dit is onwenselijk. Met de wijzigingsregeling wordt
daarom beoogd de positie van ouders te verstevigen en de doelmatigheid van de inzet
van middelen te vergroten. Voor al het aanbod – dus ook voor het carrouselmodel –
geldt dat het alleen kan worden aangeboden als dat op verzoek van ouders is. De volgende
evaluatie zal moeten uitwijzen of deze wijzigingen inderdaad hebben geleid tot een
doelmatiger inzet van de middelen voor vormingsonderwijs, waarbij de keuze van ouders
voor het vormingsonderwijs leidend is.
Voorhang van wijzigingsregeling
In de OCW-begroting is ook voor de komende jaren subsidie voorzien onder de naam «Humanistisch
vormend en godsdienstonderwijs». Om die reden is bijgevoegde wijzigingsregeling opgesteld
voor de subsidieverlening de komende jaren.
Deze regeling wordt hiermee bij uw Kamer voorgehangen en wordt niet eerder vastgesteld
dan 30 dagen na de datum van toezending van het ontwerp van deze regeling.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
M.L.J. Paul
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
M.L.J. Paul, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap