Brief regering : Voortgang beleidsindicatorensystematiek in de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)
36 600 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2025
Nr. 177
BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 juni 2025
Inleiding
In deze brief informeren we u over de voortgang van de implementatie van de beleidsindicatorensystematiek
in de begroting van het Ministerie van OCW. Deze brief is een vervolg op onze eerdere
brieven over de invoering van deze systematiek van 8 juni 2023, van 9 november 2022
en van 23 juni 20221.
Met deze brief geven we ook, zo ver als nu mogelijk, uitvoering aan de motie Martens-America
en de Kort2. Uw Kamer vroeg met deze motie om het leggen van de expliciete koppeling in de begrotingscyclus
tussen specifieke doelstellingen van beleid en publieke middelen. We geven in deze
brief aan op welke wijze we vanaf begroting 2026 via www.ocwincijfers.nl de koppeling tussen doelen, maatregelen, beleidsindicatoren en publieke middelen
nog inzichtelijker willen maken. En wat hierbij ook (nog) niet mogelijk is en waarom.
We willen nog beter kunnen monitoren en beoordelen of we onze beleidsdoelen halen,
niet alleen voor onszelf, maar ook voor uw Kamer én de samenleving. Dat is immers
de basis van goed, doeltreffend en doelmatig beleid en het kunnen anticiperen op maatschappelijke
en politieke ontwikkelingen. De beleidsindicatorensystematiek is initieel opgezet
om de voortgang op beleidsdoelstellingen te kunnen monitoren. Beleidsindicatoren worden,
na vaststelling van een prioritaire beleidsdoelstelling uit een regeerakkoord, geïdentificeerd
en ontwikkeld vanuit het departement. Deze beleidsindicatoren worden zo gekozen dat
deze zo goed mogelijk over de breedte inzicht geven in de voortgang op die prioritaire
beleidsdoelstellingen. Vervolgens worden deze beleidsindicatoren gekoppeld aan de
beleidsdoelstelling in de begrotingscyclus. In de beleidsagenda van de begroting beschrijven
we dan deze koppeling tussen doelstellingen en indicatoren om op die manier ook de
potentiële maatschappelijke meerwaarde te onderbouwen. In het jaarverslag verantwoorden
we dan over de voortgang. Op www.ocwincijfers.nl ontsluiten wij voortgangsdata voor beleidsindicatoren.
De werking en verdere implementatie van de systematiek is met uw Kamer doorgesproken.
In deze dialoog heeft uw Kamer aangegeven de beleidsindicatorensystematiek een goede
basis te vinden voor het monitoren van de voortgang van beleid. Maar niet de enige.
Middels beleidsbrieven informeren we uw Kamer ook over de voortgang op beleidsdoelstellingen
en voeren we daarover met uw Kamer een gesprek. Daarnaast gebruiken we monitorings-
en evaluatieonderzoeken uit de Strategische Evaluatieagenda (SEA) om de voortgang
van beleid te monitoren.
Voordelen aan de systematiek met beleidsindicatoren
Hoewel de implementatie van de systematiek goed op gang is, hebben wij de ambitie
om ons eigen beleid nóg beter te volgen en beter inzichtelijk te maken of en hoe we
de publieke middelen goed besteden. Dit doen we op basis van onze eigen bevindingen
van het werken met de bovengenoemde systematiek en hierbij worden de aanmoedigingen
en suggesties van uw Kamer meegenomen.
Er zijn vier duidelijke voordelen zichtbaar in de stapsgewijze implementatie van de
beleidsindicatoren. Ten eerste brengt de systematiek samenhang aan tussen de beleidsindicatoren
behorend tot dezelfde beleidsprioriteit en doelstelling in de begroting. Zo ontstaat
er over de breedte van het beleidsinstrumentarium inzicht in de voortgang. En daarmee
bereikt de systematiek dus het doel waarvoor het opgezet is. Ten tweede kunnen we
door de geïmplementeerde systematiek nu sneller anticiperen op beleidsmatige ontwikkelingen
met nieuwe of aangepaste indicatoren. Ten derde biedt www.ocwincijfers.nl, door beleidsindicatoren aan te bieden per begrotingsjaar, per beleidsprioriteit3 en per sector doorlopend inzicht in het behalen van meerjarige beleidsdoelstellingen.
Ten vierde stimuleert de werking van de systematiek het nader concretiseren van beleidsdoelstellingen
bij nieuwe regeerakkoorden. Het helpt ons immers de vraag te stellen welke data nodig
zijn om beleidsdoelstellingen te volgen (en welke data gebruikt mogen worden op basis
van wettelijke grondslagen). Deze vraag is belangrijk vanwege de afhankelijkheid van
data van derden en het kunnen toezien op de kwaliteit daarvan.
Huidige beperkingen aan de systematiek met beleidsindicatoren
De systematiek kent ook haar beperkingen. Deze beperkingen gelden niet alleen voor
OCW, maar betreffen rijksbrede uitdagingen in de begrotingscyclus. Het is niet altijd
mogelijk om concrete beleidsdoelstellingen te koppelen aan maatregelen én publieke
middelen. Dat moeten we onderkennen.
Immers, het is niet altijd mogelijk om resultaten van beleid toe te schrijven aan
één ingezette maatregel en daarvoor bestemde publieke middelen. Ook hebben maatregelen
geregeld invloed op meerdere doelstellingen, waardoor je gelden per maatregel niet
simpelweg kunt optellen. Voor complexe maatschappelijke vraagstukken is vaak een mix
aan maatregelen nodig. En hebben ook externe factoren invloed op de resultaten.
Een belangrijk kenmerk van de begroting binnen veel sectoren, en zo ook OCW, is dat
instellingen bewust veel autonomie hebben. Grondwettelijk is bijvoorbeeld geborgd
dat scholen en onderwijsinstellingen de vrijheid genieten om de inhoud van hun onderwijs
zelf vorm te geven. Ze kunnen vanuit die basis vaak niet-geoormerkt geld naar eigen
inzicht besteden. Dat vraagt natuurlijk om goede verantwoording. Daarbij moeten we
wel de balans blijven zoeken tussen de verantwoording voor het besteden van belastinggeld
en het vermijden van te grote administratieve en verantwoordingslasten.
Daarnaast is er vaak een lange adem nodig om beleidsresultaat meetbaar te realiseren.
Dit geldt zeker voor brede beleidsdoelstellingen die bijdragen aan het oplossen van
maatschappelijke opgaven. Door meerjarige evaluatie- en monitoringonderzoeken, zoals
de stelselrapportage hoger onderwijs, krijgen we meetbaar inzicht over meerdere jaren.
We ontwikkelen de systematiek door, rekening houdend met deze uitdagingen. Daar waar
mogelijk, voeren we vanaf begrotingsjaar 2026 al verbeteringen door. Bijvoorbeeld
door www.ocwincijfers.nl anders in te richten, zodat beleidsindicatoren ook kunnen worden benut om meerjarige
doelstellingen, over een begrotingsjaar heen, te monitoren.
Vervolgstappen vanaf begroting 2026
Per begroting 2026 zetten we extra stappen die beogen het inzicht te verbeteren in
de koppeling tussen doelstellingen, financiële middelen en resultaat.
Ten eerste kunnen gegevens doorlopend geüpdatet worden. Ten tweede krijgen we inzicht
in doelstellingen die langer nodig hebben om meetbaar te worden. Door over begrotingsjaren
heen te kijken, kan er op weg naar evaluatie- en monitoringsonderzoeken inzicht worden
geboden in de meerjarige ontwikkeling. Ten derde kunnen we eerder gefragmenteerde
informatie over doelstellingen, middelen en resultaat overzichtelijk samen presenteren
op www.ocwincijfers.nl. Juist de samenhang van de informatie geeft inzicht in doeltreffendheid en doelmatigheid
zie bijlages 1 en 2). Ten vierde maken we in de nieuwe beleidsagenda geen voorselectie
voor de beleidsindicatoren meer, maar verwijzen we naar het complete overzicht op
de website. Dit zorgt dat we in het jaarverslag ook over deze volledige set indicatoren
kunnen verantwoorden.
In de komende jaren gaan we in elk geval meer inzicht bieden in de voortgang op beleidsdoelstellingen
met een langere horizon. Wel moeten we over de complexiteit van doelstellingen en
de autonomie van instellingen met uw Kamer in dialoog te blijven.
Tot slot
De afgelopen jaren hebben we de systematiek met beleidsindicatoren verder ontwikkeld
vanuit het belang om de koppeling tussen doelen, maatregelen, financiële middelen
en resultaten van beleid te monitoren. In de begroting 2026 zetten we de ontwikkeling
van de systematiek door en voorzien we verdere verbeterslagen, ondanks de beperkingen
die er (rijks-breed) zijn. Het nog beter benutten van www.ocwincijfers.nl draagt bij aan beter inzicht in de voortgang op de meerjarige doelstellingen waaraan
wij ons gezamenlijk committeren.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
E.E.W. Bruins
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
M.L.J. Paul
Bijlage 1: Voorbeeld mogelijke nieuwe weergave op www.ocwincijfers.nl
Bijlage 2: Voorbeeld oude weergave op www.ocwincijfers.nl
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
E.E.W. Bruins, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Mede ondertekenaar
M.L.J. Paul, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap