Brief regering : Reactie op brief van het COC waarin wordt verzocht tot het direct ‘schoon schip maken’ en het verbreden van het onderzoek naar ‘homolijsten’ naar de bejegening door de overheid van LHBTI’s in zijn algemeenheid
2018D60238
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 december 2018
Hierbij geef ik op uw verzoek mijn reactie op de aan u door het COC toegezonden brief
waarin wordt verzocht tot het direct «schoon schip maken» en het verbreden van het
onderzoek naar «homolijsten» naar de bejegening door de overheid van LHBTI’s in zijn
algemeenheid.
Met deze vraag loopt het COC vooruit op de uitkomsten van het historisch onderzoek
van empirische aard dat nu eerst moet plaatsvinden. In de aanpak van dit komende onderzoek
zal onder andere gekeken worden naar de archieven van de zedenpolitie. Het archiefonderzoek
zal uitwijzen hoe de overheid als werkgever dacht en handelde jegens LHBTI’s.
Vanuit haar vraag om schoon schip te maken vraagt het COC ook om een verbreding van
het onderzoek naar bejegening door de overheid anders dan als werkgever. Natuurlijk
zijn er meerdere aspecten van waaruit je naar het handelen van de overheid zou kunnen
kijken, maar de reden voor het komende onderzoek ligt in het denken en handelen van
de overheid als werkgever zoals bleek uit de opgedoken stukken uit het Amsterdamse
stadsarchief. Hoe die rol van de overheid als werkgever in de periode 1945–1971 ook
buiten Amsterdam werd vervuld is het onderzoeken waard.
Bij de eerstvolgende voortgangsrapportage actieplan discriminatie (voorjaar 2019)
zal ik u informeren over de stand van zaken.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren
Ondertekenaars
K.H. Ollongren, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties