Amendement : Amendement van het lid Ergin over middelen voor het tijdelijke Noodfonds Energie
36 915 XV Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Nr. 7 AMENDEMENT VAN HET LID ERGIN
Ontvangen 23 april 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel
2
Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet van de departementale begrotingsstaat worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag
verhoogd met € 50.000 (x € 1.000).
Toelichting
Het tijdelijke Noodfonds Energie ontving vorig jaar 151.000 aanvragen, maar kon vanwege
het beperkte budget slechts 40.000 huishoudens daadwerkelijk ondersteunen. De belangstelling
was zo groot dat de beschikbare middelen binnen één dag waren uitgeput. Dit onderstreept
dat de behoefte aan ondersteuning bij hoge energielasten nog altijd aanzienlijk is
en dat het huidige budget ontoereikend is om alle kwetsbare huishoudens te bereiken.
De economische gevolgen van de oorlog in Iran zullen naar verwachting nog geruime
tijd doorwerken, onder meer via hogere energieprijzen en bredere prijsstijgingen.
Hierdoor blijft de druk op huishoudens met een laag en middeninkomen onverminderd
hoog. Aangezien de regering niet kan garanderen dat bij de openstelling van het Noodfonds
Energie dit jaar alle aanvragers geholpen kunnen worden, acht de indiener het noodzakelijk
om het budget te verhogen. Met een aanvullende investering van € 50 miljoen kan een
groter deel van de doelgroep worden bereikt en wordt voorkomen dat opnieuw tienduizenden
huishoudens buiten de boot vallen.
De dekking van dit amendement zal worden gevonden in het minder verlagen van de overdrachtsbelasting
voor particuliere investeerders bij niet-bewoning. De indiener zal daartoe bij het
Belastingplan een separaat dekkingsamendement indienen. De indiener acht het gerechtvaardigd
om beschikbare middelen in te zetten voor directe ondersteuning van huishoudens die kampen met hoge energiekosten, in plaats van het verder verlagen van
lasten voor investeerders in vastgoed.
Ergin
Indieners
Doğukan Ergin, Kamerlid
Appreciatie (oordeel)
Ontraden
De minister of staatssecretaris is het niet eens met de motie en adviseert de Kamer om tegen de motie te stemmen. Bijvoorbeeld omdat hij of zij vindt dat de motie wettelijk niet klopt, te veel geld kost om uit te voeren, of helemaal niet uitvoerbaar is.
Stemmingsuitslagen
Verworpen met handopsteken
| Fracties | Zetels | Voor/Tegen |
|---|---|---|
| D66 | 26 | Tegen |
| VVD | 22 | Tegen |
| PRO | 20 | Voor |
| PVV | 19 | Voor |
| CDA | 18 | Tegen |
| JA21 | 9 | Tegen |
| FVD | 7 | Tegen |
| Groep Markuszower | 7 | Tegen |
| BBB | 3 | Tegen |
| ChristenUnie | 3 | Tegen |
| DENK | 3 | Voor |
| PvdD | 3 | Voor |
| SGP | 3 | Tegen |
| SP | 3 | Voor |
| 50PLUS | 2 | Voor |
| Keijzer | 1 | Tegen |
| Volt | 1 | Voor |