Motie : Motie van het lid Van Brenk over de wettelijke bepalingen uit de Wmo en de Jeugdwet uniformeren met die in de Zvw en de Wlz
37 020 XVI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2027
Nr. 76
MOTIE VAN HET LID VAN BRENK
Voorgesteld 15 oktober 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat het voor de aanpak van zorgfraude essentieel is dat een uniforme aanpak
mogelijk is op de Zorgverzekeringswet, Wet langdurige zorg, Wet maatschappelijke ondersteuning
2015 en de Jeugdwet;
overwegende dat de uitvoering van Wmo en Jeugdwet in 2015 is gecentraliseerd naar
gemeenten en dat dit heeft gezorgd voor ongewenste verschillen in de uitvoering van
toezicht en handhaving tussen Rijk en gemeenten;
overwegende dat zorgfraude zich niet aan gemeentegrenzen houdt en dat het daarom nodig
is dat gemeenten een deugdelijke juridische basis hebben om hun toezichts- en handhavingstaken
uit te voeren en relevante informatie kunnen delen met andere gemeenten en toezichtspartners;
constaterende dat gemeenten op het gebied van toezicht en handhaving te maken hebben
met wettelijke belemmeringen met verschillende toezichts- en handhavingsbepalingen
in de Wmo en de Jeugdwet, die samen ook weer anders zijn dan de bepalingen in Zvw
en Wlz;
verzoekt de regering te onderzoeken hoe de wettelijke bepalingen in de Wmo en Jeugdwet
geüniformeerd kunnen worden en gesynchroniseerd met die in Zorgverzekeringswet en
Wet langdurige zorg, waardoor gemeenten beter toegerust worden om hun rechtmatigheidstoezicht
in te richten voor zowel de Wmo als de Jeugdwet en daarmee beter bij te dragen aan
de aanpak van zorgfraude en zorgcriminaliteit,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Brenk
Ondertekenaars
Corrie van Brenk, Tweede Kamerlid