Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Abdi en Mohandis over juridische en financiële intimidatie van Rotterdamse politici
Vragen van de leden Abdi en Mohandis (beiden PRO) aan de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie en Veiligheid over juridische en financiële intimidatie van Rotterdamse politici (ingezonden 27 augustus 2026).
Antwoord van Minister Heerma (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), mede namens
de Minister van Justitie en Veiligheid (ontvangen 21 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Wim Beelen werkt aan miljoenenclaim tegen PRO en politici:
«Ze gaan door met mij kapot maken»»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het feit dat lokale politici vanwege hun politieke opvatting over
een politiek vraagstuk persoonlijk onder druk worden gezet casu quo geïntimideerd
en er gedreigd wordt met een financiele miljoenenclaim?
Antwoord 2
Wij keuren alle vormen van agressie, bedreiging en intimidatie richting decentrale
politici af. Decentrale volksvertegenwoordigers en bestuurders moeten vrij en veilig
hun werk kunnen doen. Hierbij kan de dreiging van een juridische procedure de vrije
meningsvorming onder druk zetten.
Tegelijkertijd heeft een burger recht op bescherming van de wet. Indien een burger
meent schade te lijden door uitspraken van een politicus die hem of zijn bedrijf treffen,
kan een burger deze schade aan een rechter voorleggen in een civiele procedure. Het
is niet aan het kabinet om over individuele casuïstiek te oordelen. Dat is aan de
rechter.
Vraag 3
Deelt u de zorgen dat dit soort (mogelijke) intimidatierechtszaken een «chilling effect»
heeft op het politieke handelen van gekozen volksvertegenwoordigers en bestuurders
en hiermee het democratische proces kan worden ondermijnd? Zo ja, welke stappen onderneemt
u om hierin op te treden en te normeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Het kan afschrikwekkend zijn als iemand die uit overtuiging voor het ambt van volksvertegenwoordiger
kiest en zijn of haar mening verkondigt, te maken krijgt met rechtszaken. Zeker als
dit ertoe leidt dat men zich anders of niet meer uit over een thema óf besluit zich
niet meer verkiesbaar te stellen. Dan wordt de democratische rechtsorde ondermijnd.
De Monitor Integriteit & Veiligheid2 laat zien dat bijna de helft (45%) van de decentrale politieke ambtsdragers met
enige vorm van agressie of intimidatie te maken krijgt. Raadsleden moeten vrij het
politieke debat kunnen voeren, zonder druk of beïnvloeding. Het gaat hier het grondrecht
van vrijheid van meningsuiting. Besluitvorming moet in volledige onafhankelijkheid
plaatsvinden, in een omgeving die veilig, respectvol en ondersteunend is. Intimidatie
richting raadsleden wordt niet getolereerd. Raadsleden wordt aangeraden aangifte te
doen als sprake is van bedreiging, agressie of intimidatie. Zo mogelijk wordt daar
strafrechtelijk tegen opgetreden. Zie voor andere maatregelen het antwoord op vraag
6.
Tegelijkertijd kan de toegang van de burger tot het recht niet worden geblokkeerd.
Burgers moeten in staat zijn om veronderstelde schade geleden uit een onrechtmatige
daad aan een rechter voor te leggen, ook als de onrechtmatige daad komt van een politicus.
Ook dit is een fundamenteel recht. Daarbij moet worden aangetekend dat leden van het
gemeentebestuur, dus ook raadsleden, niet kunnen worden vervolgd of aansprakelijk
gesteld voor de uitingen die zij in de raadsvergadering of in schriftelijke stukken
aan de raad hebben gedaan. Deze immuniteit geldt op grond van artikel 22 van de Gemeentewet.
Vraag 4
Kunt u toelichten in hoeverre er sprake is van een trend van dit soort intimidatie(rechts)zaken
in Nederland waarbij lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers onder druk worden
gezet? Wordt dit gemonitord en bijgehouden? Zo nee, waarom wordt dit niet bijgehouden,
gelet op de toegenomen (online) dreiging richting lokale bestuurders en politici en
de toenemende zorgen over ondermijning?
Antwoord 4
In de Monitor Integriteit en Veiligheid, die tweejaarlijks in opdracht van de Minister
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt uitgevoerd, wordt in kaart gebracht
in welke mate en op welke wijze politieke ambtsdragers in het decentraal bestuur te
maken krijgen met agressie, intimidatie en (vermoedens van) integriteitsschendingen.
Uit de Monitor Integriteit en Veiligheid 2024 blijkt dat van de decentrale politieke
ambtsdragers die in de twaalf maanden voorafgaand aan het onderzoek met agressie of
intimidatie te maken hebben gehad, 5% aangeeft dat deze agressie of intimidatie (mede)
tot uiting kwam door middel van een juridische procedure (pagina 35 van de monitor).
Vraag 5
Welke signalen ontvangt u over of en zo ja in hoeverre intimidatie en dreiging van
lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers leidt tot zelfcensuur, aangepast optreden
en/of zelfs een wijziging van beleid?
Antwoord 5
Agressie, bedreiging en intimidatie kunnen effect hebben op wie er politiek actief
wordt en blijft. Uit verschillende onderzoeken komt niet eenduidig naar voren dat
politieke ambtsdragers hun ambt neerleggen vanwege agressie, bedreiging en intimidatie.
Ook noemen politieke partijen agressie, bedreiging en intimidatie niet als de belangrijkste
reden waarom het lastig is om nieuwe kandidaten te vinden. Dergelijke ervaringen kunnen
wel leiden tot afnemend werkplezier en beïnvloeden de ambities voor de toekomst, maar
een direct verband is niet aangetoond.
Vraag 6
Welke landelijke en structurele ondersteuning is er voor lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers
die te maken krijgen met dit soort intimidatie(rechts)zaken die enkel en alleen het
doel dienen om critici het zwijgen op te leggen? Bent u bereid om met de belangenorganisaties
van lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers hierover in gesprek te gaan om te
bezien hoe zij zo nodig beter kunnen worden ondersteund?
Antwoord 6
Het programma weerbaar bestuur is een samenwerking door het Ministerie van BZK met
het Ministerie van JenV, beroeps- en belangenverenigingen, politieke partijen en andere
netwerkpartners die zich inzet voor goede preventie, reactie en nazorg bij agressie,
bedreiging en intimidatie richting decentrale politieke ambtsdragers. Zo is er het
Ondersteuningsteam Weerbaar Bestuur dat 24/7 bereikbaar is voor advies en ondersteuning
bij agressie, bedreiging en intimidatie. Ook verzorgen zij weerbaarheidssessies in
inmiddels al meer dan 200 gemeenteraden en alle provinciale staten om het collectieve
gesprek over omgang met agressie, bedreiging en intimidatie te faciliteren én hen
te helpen bij het opzetten of versterken van de organisatiestructuur om decentrale
ambtsdragers goed bij te staan op dit thema. Ik ben bereid om met politieke partijen
en de beroeps- en belangenverenigingen in het decentraal bestuur in gesprek te gaan
over de wijze waarop lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers aanvullend kunnen
worden ondersteund waar dat nodig is.
Vraag 7
Hoe wordt voorkomen dat de mate van bescherming tegen en ondersteuning bij dit soort
intimidatie(rechts)zaken afhankelijk is van de grootte, financiële middelen of bestuurskracht
van een gemeente, provincie of waterschap? En ziet u hierbij nog verschil in mate
van ondersteuning tussen bestuurders en volksvertegenwoordigers?
Antwoord 7
Het is aan de rechter om te beoordelen of er sprake is van een intimiderende rechtszaak
in de zin van een kennelijk ongegronde vordering of misbruik van recht, alsook om
te oordelen over de proceskostenvergoeding. Bij kennelijk ongegronde vorderingen en
misbruik van procesrecht zijn er verschillende mogelijkheden. Zo zal de rechter bij
een kennelijk ongegronde vordering de eiser niet ontvankelijk verklaren en de vordering
niet inhoudelijk behandelen. Daarmee kan de procedure snel tot een einde komen. Verder
kan de rechter bij misbruik van procesrecht de eiser veroordelen tot vergoeding van
de volledige proceskosten van de gedaagde. De recent in werking getreden wet ter implementatie
van de anti-SLAPP richtlijn voorziet in geval van een SLAPP (Strategic Lawsuit Against
Public Participation of te wel een strategische rechtszaak tegen publieke participatie)
daartoe in een expliciete bepaling.
Dit is onafhankelijk van de gemeentegrootte waar de volksvertegenwoordiger actief
is. Volksvertegenwoordigers en bestuurders kunnen beiden een beroep doen op de ondersteuning
van de eigen gemeente of provincie. Ook is het programma weerbaar bestuur actief voor
alle decentrale politieke ambtsdragers.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties -
Mede namens
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid