Schriftelijke vragen : De berekeningen van SOMO met betrekking tot de overheidssubsidie van 10,8 miljard voor Tata Steel Nederland
Vragen van het lid Kostić (PvdD) aan de Minister van Klimaat en Groene Groei over de berekeningen van SOMO met betrekking tot de overheidssubsidie van 10,8 miljard voor Tata Steel Nederland (ingezonden 9 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het onderzoek van SOMO1, in opdracht van Milieudefensie, naar de extra financiering uit publieke middelen
die bovenop de subsidies van de maatwerkafspraak nodig zal zijn voor voor het Heracless
plan van Tata Steel Nederland (TSN)?
Vraag 2
Hoe beoordeelt u deze cijfers en kunt u bij uw beoordeling ook verwijzen naar de (onafhankelijke)
bronnen waar u zich op baseert?
Vraag 3
Welke componenten van de 10,8 miljard worden door het kabinet erkend en welke niet?
Kunt u dat nauwkeurig onderbouwen, met bijbehorende verwijzing naar bronnen?
Vraag 4
Kunt u een eigen berekening van de bijkomende kosten naar de Tweede Kamer sturen,
met onderbouwing en verwijzing naar de bijbehorende bronnen?
Vraag 5
Heeft u zelf eerder al een integrale berekening gemaakt van de directe en indirecte
kosten die gepaard zullen gaan met de toekomstige routes tot 2045 van TSN zoals die
worden vastgelegd in de maatwerkafspraak? Zo ja, op welk bedrag komt het kabinet uit
en hoe is dat precies onderbouwd? Zo nee, waarom niet?
Vraag 6
Hoe verhoudt de 10,8 miljard zich tot Europese staatssteun regels, (waaronder) de
CEEAG-richtlijnen?
Vraag 7
Tot welk jaar vindt u het gebruik van LNG voor de staalproductie van TSN acceptabel?
Zo ja, hoeveel en uit welke landen zal dat LNG komen? Wat doet dit met onze afhankelijkheid
van andere regimes? Is dit verenigbaar met de Nederlandse klimaatdoelen en het akkoord
van Parijs? Zo ja, op welke onafhankelijke bronnen baseert u zich?
Vraag 8
Erkent u dat er significante overheidsuitgaven nodig zijn om de plannen van TSN te
realiseren, terwijl de toekomstige baten volledig bij het bedrijf (een commerciële
instelling) liggen?
Vraag 9
Bent u het ermee eens dat door TSN bijvoorbeeld toegang te geven tot groene stroom
uit windparken op zee, andere bedrijven en huishoudens deze groene energie niet kunnen
gebruiken? Hoe verklaart u dat u prioriteit stelt bij dit bedrijf ten opzichte van
andere bedrijven en huishoudens bij de verdeling van schaarste duurzame energiebronnen?
Vraag 10
Hoeveel biomethaan heeft Tata Steel nodig? Kunt u een wetenschappelijke onderbouwing
geven over de haalbaarheid en duuzaamheid van deze keuze? Klopt het dat het ook uit
de vee-industrie mogelijk zal worden gehaald? Zo ja, hoe rijmt dat met duurzaamheid
en dierwaardigheid?
Vraag 11
Behalve de 200 miljoen euro die als lening wordt verstrekt en zal moeten worden terugbetaald,
welke garantie heeft de overheid dat TSN daadwerkelijk zal overstappen op groene waterstof
of biomethaan? Hoe vindt u dat het risico hierop verdeeld is tussen de marktpartij
en de overheid?
Vraag 12
Kunt u garanderen dat als de routes naar groene waterstof en biomethaan niet of niet
op tijd beschikbaar komen de Nederlandse Staat niet opnieuw subsidie zal (moeten)
verstrekken?
Vraag 13
Hoe reflecteert u in het licht van het eerdere rapport van de Algemene Rekenkamer
over de risicoverdeling bij het Porthos CCS project (waarin geconcludeerd wordt dat
het risico bijna volledig bij de overheid ligt, terwijl de baten naar de grootste
vervuilers gaan), op de risicoverdeling in het geval van de maatwerkafspraken met
TSN?
Vraag 14
Bent u bereid om alternatieve besteding van een bedrag van 10,8 miljard te onderzoeken,
bijvoorbeeld voor woningisolatie, en daarbij mee te nemen hoe de maatschappelijke
baten van deze besteding zich verhouden tot de steun aan TSN?
Vraag 15
Kunt u deze vragen afzonderlijk en uiterlijk binnen de geldende termijn beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei -
Indiener
Ines Kostić, Kamerlid