Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Lammers over Nederlandse financiering van Palestijnse ngo’s die terrorisme legitimeren en aanmoedigen
Vragen van het lid Lammers (Groep Markuszower) aan de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over Nederlandse financiering van Palestijnse ngo’s die terrorisme legitimeren en aanmoedigen (ingezonden 30 juli 2026).
Antwoord van Minister Sjoerdsma (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking)
(ontvangen 9 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het rapport van NGO Monitor1 over Europese financiering van Palestijnse ngo’s die steun uitspreken voor «verzet
in al zijn vormen»?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Bent u bekend met de verklaring van 11 juli 2026, ondertekend door onder andere het
Al Mezan Center for Human Rights en het Palestinian Centre for Human Rights en waarbij
de Independent Commission for Human Rights als waarnemer staat vermeld, waarin steun
wordt uitgesproken voor «verzet in al zijn vormen»?
Antwoord 2
Ja.
Vraag 3
Bent u van mening dat «verzet in al zijn vormen» in deze context niets anders is dan
verhullende taal voor geweld en terrorisme en dat de betrokken organisaties daarmee
terrorisme legitimeren en aanmoedigen? Zo nee, welke vormen van geweld worden door
deze organisaties dan expliciet uitgesloten?
Antwoord 3
Nee, die mening deelt het kabinet niet. De betreffende zin in de verklaring luidt
als volgt: «Our resistance in all its forms to occupation, apartheid and colonisation
is being increasingly sanctioned, criminalized, undermined and delegitimized, despite
being rooted in international law.» Tevens roepen de ondertekenaars in de verklaring
de internationale gemeenschap op om Palestijnse maatschappelijke organisaties te steunen
in hun werk om een einde te maken aan het geweld waarmee ze te maken krijgen. Wat
het kabinet betreft is er geen sprake van legitimering of aanmoediging van geweld
of terrorisme in deze verklaring. Verder wijst het kabinet ook op bestaande kritiek
op de handelwijze van NGO Monitor, zoals benoemd in de beantwoording van eerdere Kamervragen
over NGO Monitor2 en de kabinetsreactie op andere rapporten van NGO Monitor3.
Vraag 4
Deelt u de mening dat het volstrekt onacceptabel en moreel verwerpelijk is dat Nederlands
belastinggeld terechtkomt bij organisaties die terrorisme legitimeren en aanmoedigen?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Het is evident dat Nederlands belastinggeld niet bedoeld is voor de ondersteuning
van organisaties die terrorisme legitimeren en aanmoedigen. Na de gebeurtenissen op
7 oktober 2023 zijn de due diligence-processen die ervoor moeten waken dat Nederlands
geld niet (in)direct ten goede komt van terroristische organisaties tegen het licht
gehouden. Daaruit bleek dat er geen signalen zijn dat geld voor Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp
voor de Palestijnse Gebieden terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen en dat
de processen op orde zijn, zoals gesteld in de brief die op 11 oktober 20234 met de Kamer is gedeeld, alsook in de beantwoording op de reeds gestelde Kamervragen
door Groep Markuszower.5
Vraag 5
Bent u ervan op de hoogte dat deze organisaties de door het kabinet gesteunde tweestatenoplossing
afwijzen vanuit een anti-Israël agenda en een strijd voeren tegen het bestaansrecht
van Israël? Zo ja, waarom verstrekt u deze organisaties Nederlands belastinggeld?
Antwoord 5
De betreffende organisaties hebben als doel om mensenrechten in de bezette Palestijnse
gebieden te bevorderen en te beschermen. Dit is in lijn met het kabinetsbeleid.
Vraag 6
Klopt het dat Nederland de Independent Commission for Human Rights tussen 2023 en
2027 rechtstreeks met ongeveer € 1,86 miljoen financiert en voor de periode 2024 tot
en met 2028 daarnaast € 22,85 miljoen heeft toegezegd aan het UNDP-programma Sawasya
III, waarbinnen Al Mezan en het Palestinian Centre for Human Rights tot december 2028
als ontvangers zijn aangemerkt?
Antwoord 6
Nederland verstrekt inderdaad de genoemde financiële bijdrage aan de Independent Commission for Human Rights (ICHR). De genoemde bijdrage aan het UNDP-programma Sawasya III is ook correct, maar
Al Mezan en het Palestinian Centre for Human Rights (PCHR) ontvingen alleen in de periode 2024–2025 financiering van dit programma. De
besluiten voor partnerorganisaties worden jaarlijks door middel van een aanbestedingsprocedure
genomen.
Vraag 7
Kunt u een volledig overzicht verstrekken van de Nederlandse financiering die via
Sawasya III reeds aan Al Mezan en het Palestinian Centre for Human Rights is verstrekt
en tot december 2028 nog zal worden verstrekt, uitgesplitst per organisatie en kalenderjaar
en met vermelding van de juridische grondslag, het uitvoerende of tussenliggende financieringskanaal
en de datum van iedere betaling, en daarbij tevens aangeven welke andere organisaties
die de verklaring hebben ondertekend of gesteund direct of indirect Nederlands belastinggeld
ontvangen?
Antwoord 7
Via het Sawasya III programma, uitgevoerd door een coalitie van UNDP, UNWomen en UNICEF
voor de periode 2024–2028, is er tot nu toe een totaalbedrag van USD 568.080 verstrekt
aan Al Mezan, de PCHR, en de Women's Centre for Legal Aid and Counselling. Toekomstige
financiering voor deze organisaties is nog niet bekend, gezien de jaarlijkse aanbestedingsprocedures.
Zie ook het antwoord op vraag 6.
Vraag 8
Welke conclusies heeft het onderzoek opgeleverd dat Nederland in 2025 instelde naar
de banden tussen de Independent Commission for Human Rights en Hamas?
Antwoord 8
De Independent Commission for Human Rights(ICHR) is de onafhankelijke nationale mensenrechteninstelling in de Palestijnse Gebieden
met het mandaat om als ombudsman op te treden. De ICHR monitort en rapporteert over
mensenrechtenschendingen van de zogenaamde plichtsdragers in de Palestijnse Gebieden,
te weten Israël, de Palestijnse Autoriteit en Hamas. In dat kader heeft de ICHR tussen
2020 en 7 oktober 2023 mensenrechtentrainingen verzorgd ten behoeve van de politie
in Gaza. Hoewel de politie in Gaza als organisatie geen onderdeel is van Hamas, oefent
Hamas als de facto autoriteit wel controle uit in de aansturing. Dit vormde aanleiding om bij de ICHR
navraag te doen. Op basis daarvan kon geconcludeerd worden dat de ICHR geen banden
heeft met Hamas. Ook heeft de ICHR individuele deelnemers gescreend op basis van EU
en VN terrorisme-listings. Daarbij is geconcludeerd dat deelnemers geen Hamasleden
waren. De ICHR heeft na 7 oktober 2023 besloten deze trainingen te stoppen.
Vraag 9
Kunt u uiteenzetten wat u wist over de banden tussen de Independent Commission for
Human Rights en Hamas en tussen Al Mezan en het Palestinian Centre for Human Rights
en de PFLP, hoeveel Nederlands belastinggeld sinds de start van het onderzoek nog
aan deze organisaties is verstrekt en waarom de financiering niet onmiddellijk is
stopgezet?
Antwoord 9
Er zijn voor zover bekend geen banden tussen de ICHR en Hamas of tussen Al Mezan en
het PCHR en de PFLP. Zie voor het overzicht van financiering het antwoord op vragen
7.
Vraag 10 en 11
Is het ondertekenen of ondersteunen van een verklaring waarin steun wordt uitgesproken
voor «verzet in al zijn vormen» volgens u verenigbaar met de geldende subsidievoorwaarden
en de regels ter voorkoming van terrorismefinanciering? Zo ja, wat zijn deze voorwaarden
en regels dan nog waard?
Bent u bereid alle directe en indirecte Nederlandse financiering aan de Independent
Commission for Human Rights, Al Mezan en het Palestinian Centre for Human Rights per
direct stop te zetten, binnen de UNDP hetzelfde te eisen en de reeds verstrekte middelen
terug te vorderen vanwege de genoemde banden met terroristische organisaties en het
legitimeren en aanmoedigen van terrorisme? Zo nee, waarom blijft u deze organisaties
financieren?
Antwoord 10 en 11
Nee. Zie het antwoord op vraag 2, 3, en 4.
Ondertekenaars
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking