Schriftelijke vragen : De strafonderbreking en regeling in Duitsland
Vragen van het lid Straatman (CDA) aan de Minister van Asiel en Migratie over de strafonderbreking en regeling in Duitsland (ingezonden 7 september 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de Nieuwsuurreportage «Duitsers zetten criminele statushouders uit,
Kamerleden willen zelfde aanpak hier?»1
Vraag 2
Bent u bekend met de pilot in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg, waarbij een speciaal
team van medewerkers van politie, justitie en gemeenten werken aan de uitzetting van
zware criminele vreemdelingen en statushouders?
Vraag 3
Bent u het eens met de stelling dat vreemdelingen en statushouders die zware misdrijven
hebben gepleegd zo snel mogelijk uitgezet moeten worden?
Vraag 4
Kunt u toelichten in hoeverre de Nederlandse regeling voor strafonderbreking («sob-regeling»)
toepasselijk is voor statushouders die misdrijven plegen?
Vraag 5
Kunt u aangeven of de toepasselijkheid van de Nederlandse sob-regeling bij alle gedetineerde
vreemdelingen en/of statushouders wordt getoetst en de mogelijkheid bij alle gedetineerde
vreemdelingen wordt voorgelegd? Zo nee, waarom niet?
Vraag 6
Kunt u inzicht geven in het aantal keren dat de Nederlandse regeling van de strafonderbreking
de afgelopen vijf jaar succesvol is toegepast en gedetineerde vreemdelingen en/of
statushouders via deze regeling succesvol zijn uitgezet? Kunt u daarbij inzichtelijk
maken wat (i) de aard van het misdrijf was waarvoor de betreffende vreemdeling en/of
statushouder is veroordeeld, (ii) wat de opgelegde gevangenisstraf was en (iii) of
sprake was van een vreemdeling of statushouder.
Vraag 7
Kunt u inzichtelijk maken in hoeverre de sob-regeling ook ingezet wordt om vrijwillige
terugkeer van gedetineerde vreemdelingen en/of statushouders uit landen buiten de
EU mogelijk te maken? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe vaak heeft dit de afgelopen
vijf jaren succesvol plaatsgevonden?
Vraag 8
Kunt u aangeven hoe in de huidige praktijk van de sob-regeling met de belangen van
slachtoffers rekening wordt gehouden? Worden slachtoffers geïnformeerd als gedetineerde
vreemdelingen en/of statushouders strafkorting krijgen en worden uitgezet?
Vraag 9
Gaat het toepassen van de sob-regeling standaard gepaard met een ongewenstverklaring
en/of inreisverbod? Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Ziet u binnen het huidige juridisch raamwerk van de sob-regeling mogelijkheden om
meer gedetineerde vreemdelingen en/of statushouders uit te zetten? Zo ja, wat is daarvoor
nodig en bent u daartoe bereid?
Vraag 11
Ziet u verbeteringen in de Duitse aanpak in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg
ten opzichte van de Nederlandse regeling van strafonderbreking? Zo ja, welke?
Vraag 12
Voor zover u verbeteringen ziet in de Duitse aanpak in de deelstaat Baden-Württemberg:
wat is nodig om die verbeteringen ook door te voeren in het Nederlandse terugkeerbeleid?
Vraagt dat een wetswijziging? Bent u bereid om die benodigde stappen te zetten?
Vraag 13
Ziet u, ten slotte, buiten de Nederlandse regeling andere mogelijkheden om de terugkeer
van criminele vreemdelingen en/of statushouders te bevorderen?
Indieners
-
Gericht aan
G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie -
Indiener
Jeltje Straatman, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.