Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Stultiens en Bushoff over mogelijke corruptie via Nederlandse brievenbusfirma’s bij Albanees resort van schoonzoon Trump
Vragen van de leden Stultiens en Bushoff (beiden PRO) aan de Minister en Staatssecretaris van Financiën over mogelijke corruptie via Nederlandse brievenbusfirma’s bij Albanees resort van schoonzoon Trump (ingezonden 15 juni 2026).
Antwoord van Minister Heinen (Financiën) (ontvangen 3 september 2026).
Vraag 1
Bent u op de hoogte van het corruptieonderzoek naar het Albanese resort dat leidt
naar Nederlandse brievenbusfirma’s?1
Antwoord 1
Ja, ik ben bekend met de berichtgeving hierover in de media.
Vraag 2
Deelt u de analyse dat de combinatie van grootschalige buitenlandse investeringen,
zwakke institutionele controle en complexe Nederlandse eigendomsstructuren een enorm
risico vormt voor de democratische controle?
Antwoord 2
Het kabinet onderschrijft in algemene zin het belang van transparantie over eigendomsstructuren
en geldstromen en van adequate waarborgen tegen witwassen en corruptie. Complexe eigendomsstructuren
zijn op zichzelf niet ongebruikelijk of onrechtmatig, maar kunnen het moeilijker maken
om inzicht te verkrijgen in de uiteindelijke begunstigden («UBO’s») en geldstromen.
Hiertegen heeft Nederland maatregelen genomen. Zo zijn juridische entiteiten verplicht
hun UBO's te registreren in het UBO-register. Daarnaast hebben financiële instellingen
en specifieke beroepsgroepen, waaronder trustkantoren, een poortwachtersfunctie en
zijn zij verplicht cliëntonderzoek uit te voeren. Dit cliëntonderzoek houdt onder
meer in dat de poortwachter de UBO verifieert en inzicht verkrijgt in de eigendoms-
en zeggenschapsstructuur. Het kabinet zet zich zowel nationaal als internationaal
in voor verdere versterking van de transparantie van eigendomsstructuren en uiteindelijk
belanghebbenden. Dit gebeurt onder meer via de implementatie van het Europese antiwitwaspakket2, waarin regels over onder meer cliëntenonderzoek en UBO-transparantie verder worden
geharmoniseerd.
Vraag 3 en 7
Deelt u de analyse dat Nederland als leverancier van brievenbusfirma’s een belangrijke
spil vormt bij het wegsluizen van buitenlands geld?
Bent u van mening dat de sector en de zelfregulering op dit moment voldoende functioneert
in het algemeen belang? Welke maatregelen heeft u de afgelopen jaren genomen om de
trustsector strenger te reguleren? Zijn de beoogde doelen bereikt?
Antwoord 3 en 7
Trustkantoren zijn gereguleerd via de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt 2018) en
hebben een poortwachtersfunctie om integriteitsrisico’s, waaronder witwasrisico’s,
te beheersen. Trustkantoren mogen uitsluitend met een door De Nederlandsche Bank (DNB)
verleende vergunning trustdiensten aanbieden en staan onder doorlopend toezicht van
DNB. Op 1 januari 2019 is de Wtt 2018 in werking getreden met als doelstelling een
betere beheersing van integriteitsrisico's in de trustsector ten opzichte van de voorloper
van de Wtt 2018.3 Dit doel was mede ingegeven door maatschappelijke zorgen naar aanleiding van onder
andere de Panama Papers, de parlementaire ondervragingscommissie Fiscale Constructies
en de toezichtspraktijk van DNB.4 De Wtt 2018 bevat, naast een vergunningsregime voor het verlenen van trustdiensten,
eisen aan een integere en beheerste bedrijfsvoering en het verrichten van cliëntenonderzoek,
en voorziet in toezicht- en handhavingsbevoegdheden voor DNB.
Het kabinet markeert dat om aan integriteitsrisico’s die aan trustdienstverlening
verbonden kunnen zijn de Wtt 2018 sinds de inwerkingtreding meerdere malen is gewijzigd,
waardoor de verplichtingen voor trustkantoren en het toezicht op de sector aanzienlijk
zijn aangescherpt. Zo is voor trustkantoren een algeheel verbod op het geven van belastingadvies5 en het optreden als doorstroomvennootschap6 ingevoerd om het faciliteren van ongewenste fiscale constructies voor belastingontwijking
tegen te gaan. Nederland heeft daarnaast de afgelopen jaren ook op fiscaal gebied
veel maatregelen genomen tegen belastingontwijking via doorstroomstructuren, zowel
internationaal als nationaal.7 Daarnaast is de Wtt 2018 in 2022 gewijzigd om sanctierisico’s beter te mitigeren,
waarbij het verboden is om trustdiensten te verlenen aan cliënten in de Russische
Federatie of Belarus. Het verbod om trustdiensten te verlenen is vervolgens uitgebreid
tot cliënten, doelvennootschappen en uiteindelijk belanghebbenden die zijn gevestigd
in een derde-hoogrisicoland of een land dat voorkomt op de Europese lijst van niet-coöperatieve
belastingjurisdicties.8 Voorts zijn maatregelen getroffen om ontwijking van de vergunningplicht tegen te
gaan en de handhaving daarvan te versterken. Daartoe is onder meer de definitie van
een specifieke trustdienst verduidelijkt en is de boete voor het omzeilen van trustdienstverlening,
bijvoorbeeld via «opknippen» van bepaalde diensten, verhoogd. Binnen het Financieel
Expertise Centrum (FEC)9 wordt daarnaast een project uitgevoerd naar illegale trustdienstverlening en is een
onderzoek afgerond naar het opknippen van trustdienstverlening.10 Er wordt daarnaast ook gehandhaafd. Zo heeft DNB recent bij tien bedrijven onderzoek
gedaan naar het illegaal opknippen van trustdiensten en is bij drie bedrijven een
overtreding vastgesteld. Bij vier bedrijven loopt het onderzoek nog, waarbij DNB handhavingsmaatregelen
niet uitsluit.11
In de eerste helft van 2026 is de Wtt 2018 geëvalueerd door een extern onderzoeksbureau.12 Uit de evaluatie blijkt dat de Wtt 2018 en de daaropvolgende aanscherpingen hebben
bijgedragen aan de versterking van de integriteit van de vergunninghoudende trustsector.
De wetgeving is daarmee doeltreffend gebleken in het beperken van de risico's op witwassen,
terrorismefinanciering en misbruik van trustdienstverlening binnen de gereguleerde
sector. De onderzoekers doen geen aanbevelingen om de Wtt 2018 inhoudelijk aan te
passen. Uit de evaluatie blijkt verder dat de (fiscale) maatregelen Nederland de afgelopen
jaren minder aantrekkelijk hebben gemaakt als vestigingsland voor doorstroomstructuren.
Dit blijkt onder meer uit een recente publicatie van DNB, waaruit volgt dat zowel
het aantal financiële holdings van multinationals als het aantal trustkantoren in
ongeveer tien jaar tijd bijna is gehalveerd.13 Ook blijkt de effectiviteit van de invoering van de bronbelasting op renten, royalty’s
en dividenden uit de afname van inkomensstromen vanuit Nederland naar laagbelastende
jurisdicties van € 37 miljard in 2019 naar € 6,5 miljard in 2024.14
Voor partijen die bedrijven alleen een vestigings- of correspondentieadres ter beschikking
stellen met eventueel wat kleine secretariaatswerkzaamheden (in de volksmond brievenbusfirma’s
genoemd), geldt dat zij de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme
(Wwft) moeten naleven. Deze adresverleners worden ook wel aangemerkt als domicilieverleners
en staan als poortwachters onder toezicht van de Dienst Financieel-Economische Integriteit
(DFEI). Tijdens de onderhandelingen over het nieuwe Europese antiwitwaspakket heeft
Nederland zich ingezet voor de invoering van een registratieplicht voor domicilieverleners.15 Dat is nu ook onderdeel geworden van dit pakket, dat Nederland momenteel implementeert.
Bij de implementatie van het pakket is het kabinet daarnaast voornemens om gebruik
te maken van een lidstaatoptie, zodat domicilieverleners en bredere trustdienstverleners
zogenoemd verscherpt cliëntenonderzoek moeten toepassen vanwege de inherente risico’s
die met deze dienstverlening gepaard gaat. Hierbij zal de noodzaak voor deze verscherpte
maatregelen enige tijd na inwerkingtreding geëvalueerd worden.16 De verwachting is dat het wetsvoorstel voor de implementatie van het anti-witwaspakket
voor het eind van het kalenderjaar bij uw Kamer wordt ingediend.
Vraag 4
Klopt het dat aandeelhouders zich niet bekend hoeven te maken omdat ze minder dan
25% van het project bezitten? Hoeveel beleidsvrijheid heeft Nederland om dit aan te
scherpen? Bent u bereid om dit aan te scherpen?
Antwoord 4
Een aandeelhouder met 25% of meer van de aandelen of stemrechten is uiteindelijke
begunstigde («UBO») van de juridische entiteit. Dat betekent niet dat personen met
minder dan 25% van de aandelen of stemrechten géén UBO zijn. Wanneer een persoon op
een andere manier zeggenschap heeft over een onderneming kan die persoon ook als UBO
worden aangemerkt. Hierbij kan worden gedacht aan statutaire bepalingen, een benoemingsrecht
of informele afspraken. Wanneer een persoon voldoet aan de eisen om als UBO te worden
aangewezen, moet diegene worden ingeschreven in het UBO-register. Deze regels gelden
nu al en worden aangescherpt door de nieuwe Europese antiwitwaswetgeving. In lijn
met de kabinetsinzet om administratieve lasten te verminderen is ervoor gekozen om
geen gebruik te maken van de lidstaatoptie om in geval van hoog risico-situaties het
percentage om als UBO te worden aangemerkt te verlagen naar 15%. Het toezicht op de
naleving van de UBO-regelgeving vindt risicogebaseerd plaats, zodat onnodige regeldruk
wordt voorkomen in situaties met een laag risico.
Vraag 5 en 6
Bent u bereid om proactief mee te werken aan het Albanese anticorruptie onderzoek
en te zorgen dat bekend wordt wie alle aandeelhouders zijn in deze constructies?
Kunt u een overzicht geven van de betrokken entiteiten met een Nederlandse link en
aangeven onder welke wetgeving zij vallen?
Antwoord 5 en 6
De Minister van Justitie en Veiligheid kan geen uitspraken doen over lopende (buitenlandse)
strafrechtelijke onderzoeken en mogelijke samenwerking en evenmin over entiteiten
en aandeelhouders. Nederland en Albanië onderhouden een goede rechtshulprelatie. In
het kader daarvan werken politie en het openbaar ministerie (OM) samen met de Albanese
anti-corruptiestructuur SPAK in de bestrijding van corruptie en georganiseerde criminaliteit
en corruptie. Eventuele rechtshulpverzoeken die in deze samenwerking worden gedaan,
worden beoordeeld en verwerkt door de Afdeling Internationale aangelegenheden en Rechtshulp
in Strafzaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, in samenwerking met het
OM.
Ondertekenaars
E. Heinen, minister van Financiën
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.